TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Fort, vesting en -onderdelen, Werken aan de Karnemelksloot Naarden (Gooise meren 27)

Naarden, Noord-Holland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Fort, vesting en -onderdelen
Category
onroerend gebouwd
Address
Werken aan de Karnemelksloot Naarden (Gooise meren 27)
Place
Naarden
Municipality
Gooise meren
Province
Noord-Holland
Country
Netherlands
Coordinates
52.28505, 5.14267
Part of complex
531362
Monument number
531363

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries

5 historical maps cover this location, the earliest the 1637 map "The Bishoprick of Ultraiectum. Ultraiectum Dominium" (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Cluster 9. Damsluis.

NIEUWE HOLLANDSE WATERLINIE

Inleiding

Laat-18de-eeuwse, maar in de Nieuwe Hollandse Waterlinie, vanaf 1815, opnieuw gebruikte DAMSLUIS, als essentieel onderdeel van het inundatiesysteem rond en nabij de Vesting Naarden. Naarden ligt op de hoge gronden tussen het Naardermeer en de Zuiderzee, die een acces vormden tot Amsterdam. Het was één van de belangrijkste vestingsteden van de Oude Hollandse Waterlinie. De waterlinie was primair gebaseerd op inundatie van laag gelegen gronden om zo de vijand de doorgang te beletten. Naarden lag echter op de hoge uitlopers van het Gooi, waardoor inundaties werden bemoeilijkt. Besloten werd de hoge gronden af te graven. De werken aan de Karnemelksloot zijn een onderdeel van de pogingen water rond te vesting Naarden vast te houden. In 1787 werd een damsluis aangelegd in de Karnemelksloot, die in rechtstreekse verbinding stond met de oostelijke vestinggracht van Naarden, op ongeveer een kilometer afstand daarvan. De Karnemelksloot stond weer in verbinding met de 's-Gravelandsche Vaart. Zonder de damsluis zou het inundatiewater rechtstreeks vanuit de Karnemelksloot afvloeien in de richting van de 's-Gravelandsche Vaart en van daaruit in de rivier de Vecht. Ter bescherming van de damsluis kwamen, eveneens in 1787, twee kleine, omgrachte, aarden lunetten tot stand aan weerszijden van de Karnemelksloot. Behalve ter verdediging van de sluis dienden zij ook om de vijand te beletten Naarden aan de zuidzijde te passeren. De damsluis en de lunetten, in 1873-1875 vergroot tot batterijen, zijn vanaf 1815 opgenomen in de Nieuwe Hollandse Waterlinie en tot en met de mobilisatieperioden van 1914-1919 en 1939-1940 gebruikt.

Het verdedigingssysteem van de Nieuwe Hollandse Waterlinie was in de eerste plaats gebaseerd op het gecontroleerd onder water zetten van (grote) terreinoppervlakken. Door middel van een ingenieus systeem van sluizen, duikers, dammen, keerkaden, dijkcoupures enzovoort, kon het noodzakelijke waterpeil snel en binnen nauwe grenzen gesteld en gehandhaafd worden. Deels werd daarvoor gebruik gemaakt van bestaande civiele waterhuishoudkundige bouwwerken. Soms werden de werken (sterk) aangepast aan de militaire eisen. Een beperkt deel van de werken werd speciaal ten behoeve van de Nieuwe Hollandse Waterlinie gebouwd. De damsluis in de Karnemelksloot dateert in oorsprong uit de tijd van de Oude Hollandse Waterlinie, maar is vernieuwd in 1873. Een damsluis wordt ook wel schotbalksluis genoemd. Deze sluizen kunnen drie functies vervullen: 1. Het verzorgen van een tijdelijke afsluiting om het toegevoerde inundatiewater op te stuwen, 2. Voorkomen dat het water de inundatievelden uitstroomt 3. Voorkomen dat een te groot gebied onder water wordt gezet. De damsluis aan de Karnemelksloot was vooral bedoeld voor functie 2. Met damsluizen kan het inundatiepeil nauwkeurig worden beheerst en kan, in combinatie met keerkades, de omvang van de inundatievelden zeer nauwkeurig worden bepaald.

Omschrijving

DAMSLUIS, in oorsprong uit 1787, is aangepast in het begin van de 19de eeuw, herbouwd in 1873 en in de 20ste eeuw gerestaureerd. De sluis bestaat uit twee bakstenen keermuren (lengte 9.00 m) op ca. 4.00 m afstand van elkaar, met schuin geplaatste vleugelmuren en gelegen tussen twee lunetten (later batterijen) ter weerszijden van de Karnemelksloot. In het midden van de keermuren zijn met 1.50 á 2.00 meter afstand twee in hardsteen uitgevoerde schotbalkensponningen aanwezig en ernaast aan de noord- en zuidzijde een korte hardstenen sponning met twee ijzeren ringen voor het ophangen van deuren. In een van de vleugelmuren is een peilschaal aangebracht. Schotbalken en deuren zijn niet (meer) aanwezig.

Waardering

De DAMSLUIS, in oorsprong uit 1787 en vernieuwd in 1873, is van algemeen belang vanwege:

* Cultuurhistorische waarden als onderdelen van de Nieuwe Hollandse Waterlinie zoals deze is ontworpen door C.R.T. Kraijenhoff en in eerste aanleg vanaf 1815 door hem, Jan Blanken en majoor-ingenieur Willem Offerhaus is gerealiseerd en daarna door anderen gedurende ongeveer 125 jaar is versterkt en verbeterd.

* Architectuurhistorische waarden, in het bijzonder als uiting van de militair-strategische bouwkunde, die gebaseerd is op: a. het systeem van inundatie en accesverdediging (19de eeuw)

Het onderdeel is een voorbeeld van een aan de militair-strategische bouwkunde gerelateerde uiting van historische waterbouwkunde dienende als damsluis en het dateert uit 1787, maart is herbouwd 1873.

* Ensemblewaarde en situationele waarden als onderdeel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Tevens vanwege de functionele en fysieke samenhang met de overige onderdelen van het complex en vanwege de afsluitende positie in de Karnemelksloot.

* Het onderdeel is representatief (karakteristiek) als voorbeeld van een damsluis in de omgeving van Naarden met als functie inundatiewater vast te houden op de hoge gronden in deze omgeving. De sluis dateert uit de periode van de Oude Hollandse Waterlinie, maar is aangepast en uitgebreid in de periode van de Nieuwe Hollandse Waterlinie.

* Het onderdeel is gaaf bewaard omdat de 18de - en 19de-eeuwse sluis als zodanig nog geheel aanwezig en herkenbaar is, hoewel schotbalken ontbreken.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Cluster 9. Damsluis.

NIEUWE HOLLANDSE WATERLINIE

Introduction

Late 18th-century, but in the Nieuwe Hollandse Waterlinie, from 1815 onwards, re-used DAMSLUIS (dam sluice), as an essential component of the inundation system around and near the Fortress Naarden. Naarden lies on the high grounds between the Naardermeer and the Zuiderzee, which formed an access to Amsterdam. It was one of the most important fortified towns of the Oude Hollandse Waterlinie. The waterline was primarily based on inundation of low-lying grounds to prevent the enemy passage. However, Naarden lay on the high slopes of the Gooi, which hindered inundations. It was decided to excavate the high grounds. The works on the Karnemelksloot are part of the attempts to keep water around the Fortress Naarden in place. In 1787 a dam sluice was constructed in the Karnemelksloot, which was in direct connection with the eastern fortress ditch of Naarden, at approximately one kilometre distance from it. The Karnemelksloot was in turn connected with the 's-Gravelandsche Vaart. Without the dam sluice the inundation water would flow directly from the Karnemelksloot in the direction of the 's-Gravelandsche Vaart and from there into the river Vecht. For protection of the dam sluice, likewise in 1787, two small, ditched, earthen lunettes were constructed on either side of the Karnemelksloot. Apart from serving to defend the sluice, they also served to prevent the enemy from passing Naarden on the south side. The dam sluice and the lunettes, enlarged in 1873-1875 into batteries, have been incorporated into the Nieuwe Hollandse Waterlinie from 1815 onwards and were used until and including the mobilisation periods of 1914-1919 and 1939-1940.

The defence system of the Nieuwe Hollandse Waterlinie was in the first place based on the controlled inundation of (large) land areas. By means of an ingenious system of sluices, culverts, dams, weirs, dike cuts and so forth, the necessary water level could be quickly and precisely set and maintained. Partly for this purpose use was made of existing civil water management structures. Sometimes the works were (substantially) adapted to military requirements. A limited part of the works was specially constructed for the benefit of the Nieuwe Hollandse Waterlinie. The dam sluice in the Karnemelksloot dates in origin from the time of the Oude Hollandse Waterlinie, but was renewed in 1873. A dam sluice is also called a shutter-beam sluice. These sluices can fulfil three functions: 1. Providing a temporary closure to dam up the supplied inundation water, 2. Preventing the water from flowing out of the inundation fields 3. Preventing too large an area from being inundated. The dam sluice at the Karnemelksloot was especially intended for function 2. With dam sluices the inundation level can be precisely controlled and can, in combination with weirs, the extent of the inundation fields be determined very precisely.

Description

DAMSLUIS, in origin from 1787, was adapted in the early 19th century, rebuilt in 1873 and restored in the 20th century. The sluice consists of two brick retaining walls (length 9.00 m) at approximately 4.00 m distance from each other, with angled wing walls and located between two lunettes (later batteries) on either side of the Karnemelksloot. In the middle of the retaining walls there are two shutter-beam grooves executed in hard stone with 1.50 to 2.00 metre spacing and adjacent to this on the north and south side a short hard stone groove with two iron rings for hanging doors. A gauge scale has been affixed in one of the wing walls. Shutter beams and doors are no longer present.

Valuation

The DAMSLUIS, in origin from 1787 and renewed in 1873, is of general importance because of:

* Cultural-historical values as components of the Nieuwe Hollandse Waterlinie as designed by C.R.T. Kraijenhoff and initially realised from 1815 onwards by him, Jan Blanken and major-engineer Willem Offerhaus and subsequently strengthened and improved by others over approximately 125 years.

* Architectural-historical values, particularly as an expression of military-strategic building construction, which is based on: a. the system of inundation and access defence (19th century)

The component is an example of an expression of historical water engineering related to military-strategic building construction serving as a dam sluice and dates from 1787, was rebuilt in March 1873.

* Ensemble value and situational values as part of the Nieuwe Hollandse Waterlinie. Also because of the functional and physical coherence with the other components of the complex and because of the closing position in the Karnemelksloot.

* The component is representative (characteristic) as an example of a dam sluice in the vicinity of Naarden with the function of retaining inundation water on the high grounds in this area. The sluice dates from the period of the Oude Hollandse Waterlinie, but was adapted and expanded during the period of the Nieuwe Hollandse Waterlinie.

* The component is well preserved because the 18th- and 19th-century sluice as such is still entirely present and recognisable, although shutter beams are lacking.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map