TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Huis Diepenheim

Diepenheim, Overijssel, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Kasteel, buitenplaats
Function
Landhuis
Category
onroerend gebouwd
Built
1648
Address
Stedeke 1, 7478 RV Diepenheim (Hof van Twente 23)
Place
Diepenheim
Municipality
Hof van Twente
Province
Overijssel
Country
Netherlands
Coordinates
52.20139, 6.54507
Part of complex
528082
Monument number
528083

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries

5 historical maps cover this location, the earliest the 1636 map "Ditio Trans Isulana." (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Omschrijving onderdeel 1

Het huis Diepenheim is half tegen de oude kasteelbelt aangebouwd. Het HOOFDGEBOUW, opgetrokken op rechthoekige grondslag, dateert in hoofdzaak uit 1648. Het gebouw is opgetrokken uit rode baksteen, heeft met zandsteen beklede onderdelen en wordt afgesloten door een met leien gedekt, omlopend schilddak. Schoorstenen op de hoeken. Een architect is niet bekend. Het middenstuk van de achtergevel werd in 1925 verhoogd naar ontwerp van de architecten M. en H. Meyerink uit Zwolle. In 1707 werden twee lage, verdiepingsloze zijvleugels toegevoegd. Alleen het rechtergedeelte is nog in situ. Het gedeelte met de traptoren onder tentdak tussen de rechterzijgevel en het hoofdgebouw werd in 1904 opgetrokken. De zeven traveeën brede bakstenen voorgevel met souterrain of benedenverdieping, bel-etage en kapverdieping is versierd met hoekblokken, plint, cordonlijst, architraaf, kroonlijst en lateien van zandsteen, naast een geheel in zandsteen uitgevoerde, drie traveeën brede, middenpartij. Deze middenpartij vertoont op een souterrain van bossagewerk ter hoogte van de bel-etage een stelling van vier Toscaanse pilasters die een driehoekig fronton met een rond licht dragen. Boven het venster op de bel-etage in de middentravee (oorspronkelijk de ingang) een gebroken segmentboogvormig fronton, waarin wapens Bentinck en Van Bloemendaal. Hieronder in Romeinse cijfers het MDCXLVIII (1648) en daaronder de tekst: 'Int jaer 1707 verandert'. Smeedijzeren balkon uit 1707. De vensters worden afgesloten met zandstenen lateien. Bij het souterrain zijn die grotendeels verdwenen (in 1707?) bij het vergroten van de openingen. In het dakvlak twee dakkapellen. Tegen de voorgevel hangt aan de rechterzijde onder een metalen klokkenstoel een klok uit 1790 met opschrift 'D. Bentinck tot Diepenheim landdrost tot Twenthe 1790 Me Fudit J.B. Voigt'. Het (De in 1925 hoger opgetrokken) achtergedeelte achtergevel heeft geen souterrain wegens de ligging van het huis in en tegen de kasteelbelt. Deuren en vensters met een kleine roedeverdeling (1925). Over drie traveeën van het middengedeelte bevindt zich op de verdieping een fors balkon op consoles, gekoppelde hoekpilasters van zandsteen en een driehoekig fronton met rond licht en een aansluitende balustrade ter afsluiting. Rechterzijvleugel van een bouwlaag onder schilddak.

De indeling van het inwendige is grotendeels (weer) die uit 1648 en 1707. De indeling van het souterrain is als volgt: aan de voorzijde bevindt zich aan de linkerkant een woonkamer met een in 1925 geplaatste schouw uit het begin van de 18de eeuw met een geprofileerde zandstenen schoorsteenmantel, waarboven een (fraaie, maar niet bijpassende) boezembetimmering met spiegel. Samengestelde balklaag evenwijdig aan de voorgevel. Op de plaats waar de kamer is verlengd is een scheiding die gemarkeerd wordt door Dorische kolommen. Openslaande deuren naar de formele tuin en twee deuren naar de vestibule. De vestibule met zandstenen trap en dito balusters (17de eeuw) ligt in het midden van het huis. De rechtervoorkamer of eetkamer heeft een in de hoek schuin in de hoek kwam geplaatste vroeg 18de-eeuwse een schoorsteen (1904 geplaatst) met een gesneden boezem van eikenhout. Opzetstuk met festoenen aan een ring, versierd met kwasten, eikels, vogels en korenaren. De boezem rust op zandstenen consoles. Papier maché behang van imitatiegoudleder uit 1904. Achter de eetkamer loopt een gang met een kastenwand en met marmeren platen belegd, die de verbinding vormt met de rechterzijvleugel. Hierin zijn de dienkamer, de keuken en de voormalige zitkamer voor het personeel ondergebracht. Keuken en dienkamer hebben een (doorlopend) tongewelf. De keuken heeft een grote schouw tegen de rechterzijmuur. Daarnaast een doorgang naar de, eveneens overwelfde, voormalige zitkamer van het personeel. De dienkamer is via een doorgeefluik verbonden met de eetkamer. Het achterste gedeelte van het souterrain ligt in de kasteelbelt en wordt door kelders ingenomen. Zij zijn overwelfd met ribloze kruisgewelven op bakstenen pijlers met geprofileerde zandstenen imposten. In de hoek tussen de keuken en de achterzijde van het souterrain bevindt zich de aanbouw van 1904 waarin een bijkeuken en een kamer met wenteltrap voor het personeel naar boven. Via de zandstenen trap van één vlucht die zich na een bordes halverwege splitst in twee vluchten in neo 18de-eeuwse trant bereikt men de bel-etage of hoofdverdieping. Daar bevinden zich aan de linkervoorzijde de Zaal, in het midden de traphal en logeerkamer met badkamer (voorheen Zitsen kamer of Boudoir) en rechts een zit-slaapkamer (voorheen Tapijtkamer). Het achterste gedeelte wordt ingenomen door een kleine bibliotheek, de grote bibliotheek (voorheen Tuinkamer of Groene kamer), een slaapkamer (voorheen Rode kamer) en een badkamer (voorheen met de Rode kamer één zaal). De Zaal werd in 1925 gedecoreerd in vroeg 18de-eeuwse stijl met een stucplafond met een ruitmotief en laurierbladlijsten, lambriseringen en deuren met versierde panelen, alles in de trant van Daniël Marot. Tegen de achterwand een vroeg 18de-eeuwse marmeren schouw, voorzien van een gesneden boezembetimmering met porseleinconsoles tegen de hoekpilasters. In de salon aan de rechtervoorkant een schoorsteen met witmarmeren Empire mantel. Boezem met gesneden vaas en keizerkoppen in tondi, versierd met putti en festoenen aan een strik. De bibliotheek is van een houten betimmering voorzien. Boekenkasten met hoekpilasters voorzien van composietkapitelen. De Tuinkamer heeft een schouw met rijk geornamenteerde rococoboezem met grijs marmeren schoorsteenmantel.stoel. In de boezem een spiegel met daarboven een schilderij met een Vanitasmythologische voorstelling van een schedel en een gedoofde kaars. Stucplafond met rocailles met bloemvazen in de hoeken In de salon een schouw met witmarmeren mantel met een geschilderde boezembetimmering. Tegen de hoekpilasters porseleinen consoles. Zaal, 1925: Hier werd een laat-18de-eeuwse schouw geplaatst met marmeren mantel en een houten boezembetimmering., onderling verbonden door rozenguirlandes. De aanbouw van 1904 bevat twee traptorens met ijzeren wenteltrappen. Op de verdieping aan de achterzijde ligt het in 1925 tot stand gekomen appartement. Daarvoor langs loopt een gang die met bogen opent op de vestibule met het trappenhuis. Aan de voorzijde bevinden zich de zolders waar kamertjes zijn afgetimmerd voor het personeel.

Waardering

Het HOOFDGEBOUW (huis Diepenheim), behorend tot de historische buitenplaats Diepenheim is van bijzonder cultuurhistorisch en architectonisch belang

- wegens de ouderdom

- wegens de 17de-eeuwse architectuur

- wegens de gaafheid

- wegens de plaats die het inneemt binnen het 17de-eeuwse Hollands classicisme

- wegens de aan- en verbouwingen van 1904 en 1925 in de stijl van het huis

- wegens de vrijwel gaaf bewaarde indeling van het interieur

- wegens een aantal met name genoemde interieuronderdelen

- wegens de ensemblewaarde als onderdeel van de buitenplaats.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Description of component 1

The house Diepenheim is built half against the old castle rampart. The MAIN BUILDING, erected on a rectangular ground plan, dates mainly from 1648. The building is constructed of red brick, has components clad with sandstone and is closed off by a hipped roof covered with slate and running all around. Chimneys at the corners. No architect is known. The middle section of the rear facade was heightened in 1925 according to a design by architects M. and H. Meyerink from Zwolle. In 1707 two low, single-storey side wings were added. Only the right section is still in situ. The section with the stair towers under a tent roof between the right side facade and the main building was erected in 1904. The seven-bay wide brick front facade with a basement or ground floor, piano nobile and attic storey is decorated with corner blocks, plinth, cordon moulding, architrave, cornice and sandstone lintels, alongside a centre section entirely executed in sandstone, three bays wide. This centre section shows at basement level with ashlar work at the height of the piano nobile a set of four Tuscan pilasters bearing a triangular pediment with a round opening. Above the window on the piano nobile in the middle bay (originally the entrance) a broken segmental arch pediment, in which coats of arms Bentinck and Van Bloemendaal. Below it in Roman numerals MDCXLVIII (1648) and below that the text: 'In the year 1707 altered'. Wrought-iron balcony from 1707. The windows are closed off with sandstone lintels. At the basement these are largely lost (in 1707?) when the openings were enlarged. In the roof plane two roof dormers. Against the front facade hangs a bell on the right side under a metal bell cote from 1790 with the inscription 'D. Bentinck tot Diepenheim landdrost tot Twenthe 1790 Me Fudit J.B. Voigt'. The (heightened in 1925) rear section rear facade has no basement due to the location of the house in and against the castle rampart. Doors and windows with a small glazing bar division (1925). Over three bays of the middle section there is on the storey a substantial balcony on consoles, coupled corner pilasters of sandstone and a triangular pediment with round opening and an adjacent balustrade to close it off. Right side wing of one storey under a hipped roof.

The layout of the interior is largely (again) that of 1648 and 1707. The layout of the basement is as follows: at the front on the left there is a living room with a fireplace placed in 1925 from the early 18th century with a moulded sandstone fireplace surround, above which a (fine but not matching) wainscoting with mirror. Compound beam structure parallel to the front facade. Where the room was extended is a partition marked by Doric columns. French doors to the formal garden and two doors to the vestibule. The vestibule with sandstone stair and matching balusters (17th century) is located in the middle of the house. The right front room or dining room has an early 18th-century fireplace placed diagonally in the corner (placed in 1904) with a carved overmantel of oak wood. Superstructure with festoons on a ring, decorated with tassels, acorns, birds and ears of corn. The overmantel rests on sandstone consoles. Papier-mâché wallpaper of imitation gilded leather from 1904. Behind the dining room runs a corridor with a wall-mounted cabinet and laid with marble tiles, which forms the connection with the right side wing. In it are housed the serving room, the kitchen and the former sitting room for the staff. Kitchen and serving room have a (continuous) barrel vault. The kitchen has a large fireplace against the right side wall. Next to it a passage to the equally vaulted former staff sitting room. The serving room is connected to the dining room via a hatch. The rear section of the basement lies in the castle rampart and is occupied by cellars. They are vaulted with rib-less cross vaults on brick pillars with moulded sandstone imposts. In the corner between the kitchen and the rear of the basement is the extension of 1904 containing a scullery and a room with a spiral staircase for the staff upstairs. Via the sandstone stair of one flight which after a landing halfway splits into two flights in neo-18th-century manner one reaches the piano nobile or main storey. There on the left front are the Hall, in the middle the stair hall and guest room with bathroom (formerly Sitting room or Boudoir) and right a sitting-bedroom (formerly Tapestry room). The rear section is occupied by a small library, the large library (formerly Garden room or Green room), a bedroom (formerly Red room) and a bathroom (formerly with the Red room one hall). The Hall was decorated in 1925 in early 18th-century style with a stucco ceiling with a lattice motif and laurel leaf friezes, wainscotings and doors with decorated panels, all in the manner of Daniel Marot. Against the rear wall an early 18th-century marble fireplace, provided with a carved overmantel with porcelain consoles against the corner pilasters. In the salon on the right front a fireplace with white marble Empire mantelpiece. Overmantel with carved vase and caesars' heads in tondi, decorated with putti and festoons on a ribbon. The library is provided with wooden wainscoting. Bookcases with corner pilasters provided with Composite capitals. The Garden room has a fireplace with richly ornamented rococo overmantel with grey marble fireplace surround. In the overmantel a mirror with above it a painting with a Vanitas mythological representation of a skull and an extinguished candle. Stucco ceiling with rocailles with flower vases in the corners. In the salon a fireplace with white marble mantelpiece with a painted overmantel wainscoting. Against the corner pilasters porcelain consoles. Hall, 1925: Here a late-18th-century fireplace was placed with marble mantelpiece and wooden overmantel wainscoting, interconnected by rose garlands. The extension of 1904 contains two stair towers with iron spiral stairs. On the storey at the rear lies the apartment created in 1925. Along it runs a corridor which opens in arches to the vestibule with the stairwell. At the front are the attics where small rooms have been fitted out for the staff.

Valuation

The MAIN BUILDING (house Diepenheim), belonging to the historic country estate Diepenheim is of particular cultural-historical and architectural importance

- due to its age

- due to the 17th-century architecture

- due to its integrity

- due to the place it occupies within 17th-century Dutch classicism

- due to the additions and alterations of 1904 and 1925 in the style of the house

- due to the virtually intact preservation of the interior layout

- due to a number of specifically named interior components

- due to its ensemble value as part of the country estate.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map