TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Villa Solheim

Delft, Zuid-Holland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Woonhuis
Category
onroerend gebouwd
Built
1932
Address
Ruys de Beerenbrouckstraat 47, 2613 AS Delft
Place
Delft
Province
Zuid-Holland
Country
Netherlands
Coordinates
52.01319, 4.34537
Monument number
525323

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

2 historical maps cover this location, the earliest the 1907 map "37 Rotterdam" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding

"Villa Solheim", vrijstaand WOONHUIS met bijbehorende TUIN en ERAFSCHEIDING. De villa is gebouwd in 1932 in opdracht van de president-directeur van de Nederlandsche Gist- en Spiritusfabriek, Ir. W.H. van Leeuwen (1887-1960). Het ontwerp in de stijl van het Kubistisch Expressionisme is van architect A.H. Wegerif Gzn. (1888-1963). Van Leeuwen bewoonde voorheen een pand vlakbij het Agnetapark, dat in 1882 in opdracht van van zijn fabriek was aangelegd. In 1930 besloot hij een nieuw huis voor zichzelf te bouwen. Na een gezamenlijke studiereis van architect en opdrachtgever naar Zweden en Berlijn, ontwierp Wegerif een functionalistische villa. Het ontwerp werd slechts met moeite goedgekeurd door de Delftse Schoonheidscommissie, die sterk onder invloed van de ideeën van Granpré Molière stond. De architectuur van het huis wordt gekenmerkt door de vele in- en uitspringende kubische volumes en zorgvuldige detaillering van metselverbanden en aansluitingen van gevels en daken. Het interieur met specifieke kleurstellingen is ontstaan in nauwe samenwerking met de van oorsprong Noorse mevrouw Van Leeuwen-Issaachsen. De gebrandschilderde glas-in-loodramen van de hand van kunstenaar Jaap Gidding (1887-1955) verbeelden verhalen uit de Scandinavische Edda-sagen. Bovendien zijn er Noorse symbolen in de glazen verwerkt, zoals fjorden, de poolster, de Noorse vlag, naast Nederlandse symbolen als koeien, molens en zeilschepen. In de rijk versierde schoorstenen zijn mozaïeken geplaatst met onder meer het huis Solheim ("zonnehuis") tegen de achtergrond van een zon. De vloeren van gewapende baksteen waren een noviteit in Nederland. De tuin, die nauwe samenhang vertoont met het huis, is aangelegd door tuinarchitect H. Roeters van Lennep (1889-1971). Het aan de zuidzijde later toegevoegde tuindeel behoort niet tot deze oorspronkelijke aanleg en valt buiten de bescherming.

In WOII was de villa het hoofdkwartier van Delft en omstreken van de Duitse bezetter. Het pand is momenteel in bezit van de Stichting Delftsche Studenten Huisvesting en werd in 1986 verbouwd ten behoeve van de huisvesting van 24 studenten. De oorspronkelijke indeling is hierbij aangetast. Tegelijkertijd is de villa gerenoveerd, waarbij alle stalen kozijnen van de Delftse fabrikant Braat zijn vervangen door dubbel glas in aluminium kozijnen en de glas-in-loodramen zijn voorzien van voorzetramen.

Omschrijving

Villa Solheim is gelegen aan een bocht van de Ruys de Beerenbrouckstaat, op het punt waar de De Kempenaerstraat op deze straat uitkomt. Destijds lag de villa in een nog vrijwel onbebouwd gebied.

De villa bestaat uit een asymmetrische, samengestelde bouwmassa en is opgetrokken vanuit een samengestelde plattegrond, te omschrijven als een aaneenschakeling van kubische volumes van verschillende oppervlakte en hoogte, variërend van één bouwlaag tot drie bouwlagen. Het hoogste element wordt gevormd door het grote trappenhuis, dat ruim drie bouwlagen telt. Het trappenhuis vormt in de noordgevel de scheiding tussen het voormalige personeelsgedeelte en het woonhuis. De sobere, eenvoudige en gesloten noord- en oostgevel zijn gerelateerd aan het personeelsgedeelte; de veel rijker gedecoreerde en opener zuid- en westgevel behoren tot het woonhuis. Tussen de dienstvleugel en het woonhuis liggen op de begane grond de centrale hal en de eetkamer. Op de verdiepingen scheiden de grote slaapkamer en het atelier de woon- en dienstruimten van elkaar. De villa is opgetrokken uit een constructie van gewapend beton, met eveneens gewapende holle baksteen vloeren, gemaskeerd door gevels van zeer harde, goudgele baksteen, gemetseld in Noors verband, met verdiepte lintvoegen en zonder rollagen, hetgeen de horizontaliteit van de gevel versterkt. De (thans grotendeels vervangen) stalen ramen verschillen per volume van formaat en roedenverdeling. Symmetrische en asymmetrische verdelingen worden gevormd door een spel van horizontale en verticale roeden. Daarnaast zijn er vensters met glas-in-loodramen aangebracht met voorstelling uit de Noorse mythologie.

De platte daken zijn uitgevoerd met zwaar gedimensioneerde dubbele dakranden, met banden van geglazuurde tegels in blauw en oranje en een profilering met antracietkleurige loodgeglazuurde, ijzeraarden vormstenen. De evenzo gedetailleerde randen van het dakterras en het balkon zijn afgesloten met een grèsrand. Hierop waren oorspronkelijk stalen hekwerken bevestigd. De penanten zijn vervaardigd van glas-porceleinen granulaat: blauw voor de zuidgevel, groen voor de noordgevel en rood voor de terraskolom.

In de oorspronkelijke indeling zijn het personeelsgedeelte en het woonhuis scherp gescheiden, en beide voorzien van een eigen trap. Aan de dienstvleugel lag de dubbele garage. In het interieur zijn onder meer van belang de trap met mozaïeken in de aantreden, de hal met haard en glas-in-loodlichten, de halvloer met Noorse lei, meerdere haarden met door mozaïeken verrijkte schoorsteenmantels, een haard met rouge norvégienne (marmer) en eikenhout, de glas-in-loodramen, de lambrizering van de eetkamer met een zilverkleur verkregen door schoperen van gezandstraald hout met tin, de lambrisering in andere vertrekken en de kubistische plafonds, waarbij indirecte lichtbronnen worden toegepast.

De tuinaanleg wordt begrensd door een hekwerk naar ontwerp van Wegerif uit de bouwtijd. De tuin wordt gekenmerkt door een deels geometrische opzet die sterk gerelateerd is aan de architectuur van het huis. Een groot terras en een tuinpad van rode zandsteen maken deel uit van de tuin, waarin ook een waterloop met vierkante vijver, bekleed met ultramarijn glas-porcelein is opgenomen. De vijver wordt gevoed via een waterspuwer onder het venster van de woonkamer. De tuin bestaat verder uit gazon en heeft veel bijzondere gewassen en boomsoorten, zoals een Noorse berk.

Waardering

Villa Solheim met bijbehorende tuin en erfafscheiding is van algemeen belang vanwege de cultuurhistorische, de architectuurhistorische en de stedenbouwkundige waarde.

De villa heeft cultuurhistorische waarde als een bijzondere uitdrukking van representatieve woonhuisarchitectuur voor welgestelden uit het tweede kwart van de twintigste eeuw en vanwege de relatie met de geschiedenis van de Delftse Gist- en Spiritusfabriek.

De villa heeft architectuurhistorische waarde als een bijzonder voorbeeld van het Kubistisch Expressionisme, als representatief voorbeeld van een particulier woonhuis uit het oeuvre van de architect A.H. Wegerif en vanwege de kwaliteit van het ontwerp, het materiaalgebruik en de detaillering. De villa kent een sterke samenhang tussen in- en exterieur, en tussen het huis en de omringende tuinaanleg, die een goed voorbeeld vormt van moderne villatuinarchitectuur uit het tweede kwart van de twintigste eeuw.

De villa is tevens van belang vanwege de redelijke mate van gaafheid van ex- en interieur.

De villa heeft stedenbouwkundige waarde vanwege de beeldbepalende ligging aan de Ruys de Beerenbrouckstraat en, in samenhang met tuin en erfscheiding, de ruimtelijk-functionele en visuele relatie met de omringende bebouwing.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction

"Villa Solheim", detached DWELLING with associated GARDEN and BOUNDARY FENCE. The villa was built in 1932 on commission of the managing director of the Nederlandsche Gist- en Spiritusfabriek, Ir. W.H. van Leeuwen (1887-1960). The design in the style of Cubist Expressionism is by architect A.H. Wegerif Gzn. (1888-1963). Van Leeuwen previously inhabited a property near the Agnetapark, which had been laid out in 1882 at the instigation of his factory. In 1930 he decided to build a new house for himself. Following a joint study trip by architect and client to Sweden and Berlin, Wegerif designed a functionalist villa. The design was approved only with difficulty by the Delft Beauty Commission, which was strongly influenced by the ideas of Granpré Molière. The architecture of the house is characterized by the many projecting and recessed cubic volumes and careful detailing of bond patterns and connections of facades and roofs. The interior with specific colour schemes was created in close collaboration with the originally Norwegian Mrs Van Leeuwen-Issaachsen. The stained glass windows by artist Jaap Gidding (1887-1955) depict stories from the Scandinavian Edda sagas. Moreover, Norwegian symbols are incorporated in the glass, such as fjords, the polar star, the Norwegian flag, alongside Dutch symbols such as cows, mills and sailing ships. In the richly decorated chimneys are mosaics placed depicting among others the house Solheim ("sun house") against the background of a sun. The floors of reinforced brick were a novelty in the Netherlands. The garden, which shows close relationship with the house, was laid out by garden architect H. Roeters van Lennep (1889-1971). The garden section added to the south side at a later date does not belong to this original layout and falls outside the protection.

In World War II the villa was the headquarters of Delft and surroundings of the German occupier. The property is currently owned by the Stichting Delftsche Studenten Huisvesting and was converted in 1986 for the accommodation of 24 students. The original layout was compromised in this process. At the same time the villa was renovated, with all steel windows from the Delft manufacturer Braat being replaced by double glazing in aluminium windows and the stained glass windows being provided with secondary glazing frames.

Description

Villa Solheim is located at a bend in the Ruys de Beerenbrouckstraat, at the point where the De Kempenaerstraat meets this street. At the time the villa was located in a still largely undeveloped area.

The villa consists of an asymmetrical, composite building mass and is constructed from a composite floor plan, to be described as a succession of cubic volumes of varying floor area and height, ranging from one storey to three storeys. The highest element is formed by the large stairwell, which is over three storeys in height. The stairwell forms in the north facade the division between the former staff quarters and the dwelling. The austere, simple and closed north and east facades are related to the staff quarters; the much more richly decorated and open south and west facades belong to the dwelling. Between the service wing and the dwelling lie on the ground floor the central hall and the dining room. On the upper storeys the large bedroom and the studio separate the living and service rooms from each other. The villa is constructed from a reinforced concrete framework, with likewise reinforced hollow brick floors, masked by facades of very hard, golden-yellow brick, laid in Norwegian bond, with recessed mortar joints and without rubbed mortar courses, which reinforces the horizontality of the facade. The (now largely replaced) steel windows differ per volume in format and glazing bars. Symmetrical and asymmetrical divisions are formed by a play of horizontal and vertical glazing bars. Furthermore, windows with stained glass are installed with representations from Norse mythology.

The flat roofs are executed with heavily dimensioned double roof edges, with bands of glazed tiles in blue and orange and a profiling with anthracite-coloured leadglazed earthenware moulded bricks. The equally detailed edges of the roof terrace and balcony are finished with a stoneware edge. Originally steel railings were fixed onto these. The pilasters are made of glass-porcelain granulate: blue for the south facade, green for the north facade and red for the terrace column.

In the original layout the staff quarters and the dwelling are sharply separated, and both provided with their own staircase. At the service wing lay the double garage. In the interior are notably: the staircase with mosaics in the treads, the hall with fireplace and stained glass windows, the half-storey with Norwegian slate, several fireplaces with chimney mantels enriched with mosaics, a fireplace with rouge norvégienne (marble) and oak wood, the stained glass windows, the wainscoting of the dining room with a silver colour obtained by sanding sandblasted wood with tin, the wainscoting in other rooms and the cubist ceilings, with indirect light sources being used.

The garden layout is bounded by a fence to the design of Wegerif from the time of construction. The garden is characterized by a partly geometric design which is strongly related to the architecture of the house. A large terrace and a garden path of red sandstone are part of the garden, which also includes a watercourse with square pond, lined with ultramarine glass-porcelain. The pond is fed via a waterspout under the window of the living room. The garden further consists of lawn and has many special plants and tree species, such as a Norwegian birch.

Valuation

Villa Solheim with associated garden and boundary fence is of general interest on account of its cultural-historical, architectural-historical and urban planning value.

The villa has cultural-historical value as a special expression of representative residential architecture for the wealthy from the second quarter of the twentieth century and on account of the relationship with the history of the Delft Yeast and Spirits Factory.

The villa has architectural-historical value as a remarkable example of Cubist Expressionism, as a representative example of a private dwelling from the oeuvre of architect A.H. Wegerif and on account of the quality of the design, the use of materials and the detailing. The villa shows a strong coherence between interior and exterior, and between the house and the surrounding garden design, which forms a good example of modern villa garden architecture from the second quarter of the twentieth century.

The villa is furthermore of importance on account of the reasonable degree of integrity of exterior and interior.

The villa has urban planning value on account of its image-determining location on the Ruys de Beerenbrouckstraat and, in conjunction with garden and boundary fence, the spatial-functional and visual relationship with the surrounding built environment.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map