TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Bloemenlust

Aalsmeer, Noord-Holland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Handel en kantoor
Function
Bloemenveiling
Category
onroerend gebouwd
Built
1921 - 1922
Address
Oosteinderweg 247, 1432 AT Aalsmeer
Place
Aalsmeer
Province
Noord-Holland
Country
Netherlands
Coordinates
52.28212, 4.78444
Part of complex
524237
Monument number
524238

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

2 historical maps cover this location, the earliest the 1906 map "Rijnland" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding

Voormalig BLOEMENVEILINGGEBOUW, hoofdonderdeel van het complex "Bloemenlust", gebouwd in 1921/1922 naar het ontwerp van M. de Klerk (zaal I), uitgebreid in 1926/1927 naar het ontwerp van J.F. Staal (pakzalen) en in 1928/1930 naar het ontwerp van ir. J.F. Berghoef (zaal II) in de stijl van de Amsterdamse School.

Omschrijving

Het voormalige bloemenveilinggebouw op rechthoekige plattegrond is in drie te onderscheiden bouwfasen tot stand gekomen en ligt teruggerooid ten opzichte van de Oosteinderweg. De gevels zijn opgetrokken in rode baksteen. De dakvlakken zijn gedekt met rode verbeterde Hollandse pannen. Zaal I, onder zadeldak met de noklijn haaks op de weg en met klokkentoren aan de zuidoostzijde, wordt aan weerszijden geflankeerd door paklokalen onder lager gelegen horizontale afsluiting. Aan de noordoostzijde bevinden zich een tribune en een oorspronkelijk open steiger onder lessenaarsdak. Uit het lessenaarsdak stijgt het vierkante volume van de tribune op, geheel met pannen gedekt en aansluitend aan het zadeldak van de hal.

De voorgevel (ZO) heeft een topgevel met zijvleugels onder plat dak en rechte gootlijst. Op de begane grond bevinden zich drie boogvormige openingen met in oorsprong dubbele houten toegangsdeuren. Geheel links en rechts is een venster geplaatst. In de topgevel bevindt zich een expressionistisch in metsel- werk uitgevoerd relief, verwijzend naar de naam en oorspronkelijke functie van het gebouw. Het bovenste gedeelte van het reliëf stelt de boeg van een schuit vol snijbloemen voor. Daaronder zijn de naam en het bouwjaar aangegeven:"BLOEMEN/ANNO MCMXXI/LUST/DOMINO MCMXXII". Tussen twee kleine vierkante vensters zijn de woorden "cooper/veilings/vereen" uitgevoerd. Op de tweede bouwlaag is een reeks vensters geplaatst, oorspronkelijk met stalen ramen. De rechter zijgevel (NO) bevat enkele deur- en vensteropeningen achter de steiger. De noordoostgevel van de tribunevleugel bevat acht smalle vensters. De topgevel aan de achterzijde (NW) bevat een groot venster. De uitbreiding van de voormalige zaal I, twee paklokalen aan de linkergevel (ZW), bevindt zich gedeeltelijk onder ver overstekend lessenaarsdak, dat ook als luifel dienst doet en gedekt is met rode verbeterde Hollandse pannen, en gedeeltelijk onder horizontale afsluiting. In de zuidwestgevel bevinden zich van links naar rechts drie lichtopeningen, bestaande uit twee naast elkaar geplaatste houten vensters met roedenverdeling, een dubbele houten deur, drie lichtopeningen en een dubbele houten deur.

Op de zuidhoek is in de jaren vijftig een volume toegevoegd, opgetrokken in rode baksteen op rechthoekige plattegrond onder horizontale afsluiting. De gevels zijn voorzien van siermetselwerk in kruisvorm. De gevels eindigen in gekartelde vorm onder pannen.

Zaal II van het voormalige bloemenveilinggebouw, op rechthoekige plattegrond, is noordoost-zuidwest georiënteerd en aan de noordzijde van zaal I geplaatst. De gevels zijn opgetrokken in rode baksteen. De dakvlakken zijn gedekt met rode verbeterde Hollandse pannen. De veilinghal wordt afgesloten door een zadeldak met de noklijn evenwijdig aan de weg. Op de nok is een lichtkap geplaatst.

De pakplaatsen aan de zuidwestzijde worden horizontaal afgesloten, die aan de noordwestzijde door sheddaken. De pakplaatsen, kantoren en nevenruimten tussen zaal I en II bevinden zich onder horizontale afsluiting.

Aan de noordoostzijde bevinden zich de botenlosplaats en de tribunes. De aangekapte tribunevleugel sluit aan de linkerzijde van de oostelijke topgevel aan en bevindt zich onder schildkap met glazen shedkappen aan de rechterzijde.

Het ingangsportaal bevindt zich op de zuidhoek. In de zuidoostgevel is een dubbele houten toegangsdeur geplaatst onder boogvormig bovenlicht, terugliggend in boogvormige opening. In de gevels zijn ter hoogte van de begane grond oranje bakstenen banden ingemetseld.

De linker zijgevel (ZW) bevat in de topgevel een smal toogvormig venster.

De rechter zijgevel (NO) bevat aan weerszijden van de op bakstenen schoren uitgebouwde tribune een gemetselde schoorsteen (de rechter schoorsteen is later toegevoegd). Tussen de schoren kleine vensters met roedenverdeling (één venster is vervangen door een dubbele deur). Op de verdieping bevinden zich acht paarsgewijs geplaatste schuifvensters met roedenverdeling. In de noordwest-en zuidoostgevel van de tribunevleugel zijn op de verdieping zijn smalle vensters tussen ver uitgemetselde penanten geplaatst. In de topgevel bevindt zich een ruitvormig venster.

De noordoostgevel van de voormalige botenlosvleugel bevat links en rechts een venster en in het midden twee poorten met licht met roedenverdeling, oorspronkelijk onder lessenaarsdak. De pakplaats aan de rechterzijde bevatte in de noordoostgevel oorspronkelijk een klein venster met roedenverdeling.

Het interieur van het voormalige bloemenveilinggebouw is vrijwel geheel in oorspronkelijke staat.

De dakconstructie van zaal I bestaat uit houten vakwerkkniespanten met daarover gordingen. De langsgevels bevatten driehoekige kozijnen tussen de vakwerkconstructie met ramen met horizontale roeden; daaronder bevindt zich de originele verwarming.

De tribune is trapsgewijs omhoog gebouwd, de radiatoren zijn rood geverfd.

Zaal I wordt verder gekenmerkt door boogvormige openingen met getrapte afwerking, boogvormige houten dubbele deuren met boogvormige lichten met roedenverdeling, stalen ramen, originele radiatoren en een houten balkon aan de zuidoostzijde.

De dakconstructie van zaal II bestaat uit houten vakwerkspanten - waarvan drie grote scharnierspanten waarover gordingen - met dakbeschot op sporen. De topscharnierstukken zijn tegen knikken verzekerd door middel van trekstangen. Langsverbanden zijn geconstrueerd onder de lichtkap en achter de lichtstrook. De gordingen en de houten steunen rusten op hardstenen blokken. De langsgevels bevatten rechthoekige staande kozijnen, waarbij een driehoekige ondersteunende verbinding tussen de spanten is toegepast. De vloer bevat gele en zwarte tegels.

De tribune op de begane grond bevat de gondel, een houten draaicirkel en afwerkingen in zwarte baksteen. De tribune op de verdieping bevat de ondersteuning van de gondel en een metalen draaicirkel.

Zaal II wordt verder gekenmerkt door rechte openingen, rechte dubbele deuren met rechthoekige lichten met roedenverdeling, klapdeuren, toepassing van gele baksteen en detaillering in zwarte (geglazuurde) steen, hardsteen rond boven- en onderdorpels en op overgang tussen gevelsteen en pleisterwerk en stalen banden op muren.

Waardering

Het voormalig bloemenveilinggebouw "Bloemenlust" is van algemeen belang vanwege cultuur- en architectuurhistorisch waarde als historisch-functioneel hoofdonderdeel van het omschreven complex en als gaaf (exterieur én interieur) bewaard gebleven voorbeeld van een bloemenveilinggebouw, uit de periode 1921-1930 gebouwd in fasen in de stijl van de Amsterdamse School naar het ontwerp van de architecten M. de Klerk, J.F. Staal en J.F. Berghoef.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction

Former FLOWER AUCTION BUILDING, main component of the complex "Bloemenlust", built in 1921/1922 to the design of M. de Klerk (hall I), extended in 1926/1927 to the design of J.F. Staal (storage rooms) and in 1928/1930 to the design of ir. J.F. Berghoef (hall II) in the style of the Amsterdam School.

Description

The former flower auction building on a rectangular plan was built in three distinguishable construction phases and is set back in relation to the Oosteinderweg. The facades are built in red brick. The roof planes are covered with red improved Dutch tiles. Hall I, under a gabled roof with the ridge line perpendicular to the road and with a bell tower on the southeast side, is flanked on either side by storage rooms under a lower horizontal roof. On the northeast side are a tribune and an originally open loading platform under a lean-to roof. From the lean-to roof rises the square volume of the tribune, completely covered with tiles and adjoining the gabled roof of the hall.

The front facade (SE) has a stepped gable with side wings under a flat roof and straight guttering. On the ground floor are three arched openings with originally double wooden entrance doors. At the far left and right is a window. In the stepped gable is an expressionist relief executed in brickwork, alluding to the name and original function of the building. The upper part of the relief depicts the bow of a boat full of cut flowers. Below this are the name and building year indicated: "BLOEMEN/ANNO MCMXXI/LUST/DOMINO MCMXXII". Between two small square windows are the words "cooper/veilings/vereen" executed. On the second storey is a row of windows, originally with steel frames. The right side facade (NE) contains several door and window openings behind the loading platform. The northeast facade of the tribune wing contains eight narrow windows. The stepped gable on the rear (NW) contains a large window. The extension of the former hall I, two storage rooms on the left facade (SW), is situated partly under a far overhanging lean-to roof, which also serves as a canopy and is covered with red improved Dutch tiles, and partly under a horizontal roof. In the southwest facade are, from left to right, three light openings consisting of two wooden windows placed side by side with glazing bars, a double wooden door, three light openings and a double wooden door.

On the south corner a volume was added in the 1950s, built in red brick on a rectangular plan under a horizontal roof. The facades are provided with ornamental brickwork in cross form. The facades end in a crenellated form under tiles.

Hall II of the former flower auction building, on a rectangular plan, is oriented northeast-southwest and is placed on the north side of hall I. The facades are built in red brick. The roof planes are covered with red improved Dutch tiles. The auction hall is enclosed by a gabled roof with the ridge line parallel to the road. A rooflight is placed on the ridge.

The storage places on the southwest side are horizontally enclosed, those on the northwest side by shed roofs. The storage places, offices and ancillary rooms between hall I and II are situated under a horizontal roof.

On the northeast side are the loading platform and the tribunes. The adjoining tribune wing connects to the left side of the eastern stepped gable and is situated under a hipped roof with glass shed roofs on the right side.

The entrance portico is situated on the south corner. In the southeast facade is a double wooden entrance door placed under an arched fanlight, set back in an arched opening. In the facades, orange brick bands are laid in at ground floor level.

The left side facade (SW) contains in the stepped gable a narrow arched window.

The right side facade (NE) contains on either side of the tribune built out on brick corbels a brick chimney (the right chimney was added later). Between the corbels small windows with glazing bars (one window has been replaced by a double door). On the first floor are eight sash windows with glazing bars placed in pairs. In the northwest and southeast facades of the tribune wing are narrow windows placed between far protruding pilasters on the first floor. In the stepped gable is a diamond-shaped window.

The northeast facade of the former loading platform wing contains left and right a window and in the middle two doors with lights with glazing bars, originally under a lean-to roof. The storage place on the right side contained in the northeast facade originally a small window with glazing bars.

The interior of the former flower auction building is virtually entirely in its original state.

The roof structure of hall I consists of wooden braced knee trusses with purlins over them. The long facades contain triangular frames between the timber frame construction with windows with horizontal glazing bars; below this is the original heating.

The tribune is built up in steps, the radiators are painted red.

Hall I is further characterised by arched openings with stepped finish, arched wooden double doors with arched lights with glazing bars, steel windows, original radiators and a wooden balcony on the southeast side.

The roof structure of hall II consists of wooden braced trusses - of which three large hinge trusses over purlins - with roof boarding on purlins. The top hinge pieces are secured against buckling by means of tie rods. Longitudinal bracing is constructed under the rooflight and behind the light strip. The purlins and wooden supports rest on hardstone blocks. The long facades contain upright rectangular frames, with a triangular supporting connection between the trusses applied. The floor contains yellow and black tiles.

The tribune on the ground floor contains the gondola, a wooden turntable and finishes in black brick. The tribune on the first floor contains the support of the gondola and a metal turntable.

Hall II is further characterised by straight openings, straight double doors with rectangular lights with glazing bars, folding doors, use of yellow brick and detailing in black (glazed) stone, hardstone around upper and lower sills and on the transition between facade stone and plasterwork and steel bands on walls.

Valuation

The former flower auction building "Bloemenlust" is of general importance because of its cultural and architectural-historical value as a historically-functional main component of the described complex and as a well-preserved example (exterior and interior) of a flower auction building, built in stages in the period 1921-1930 in the style of the Amsterdam School to the design of the architects M. de Klerk, J.F. Staal and J.F. Berghoef.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map