Rijksmonumentenregister · Netherlands
Kerk, Vluchtheuvellaan 16
Zetten, Gelderland, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Kerk en kerkonderdeel
- Function
- Kerk
- Category
- onroerend gebouwd
- Built (approximately)
- 1880
- Address
- Vluchtheuvellaan 16, 6671 DN Zetten (Overbetuwe 25)
- Place
- Zetten
- Municipality
- Overbetuwe
- Province
- Gelderland
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 51.93136, 5.71403
- Part of complex
- 523909
- Monument number
- 523910
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
University Library, Vrije Universiteit AmsterdamUniversity Library, Vrije Universiteit AmsterdamDavid Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesUniversity Library, Vrije Universiteit Amsterdam
4 historical maps cover this location, the earliest the 1875 map "Niederlande Und Belgien." (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Omschrijving
De N.H. kerk (A) is gebouwd als zaalkerk ca. 1870/1880 in een aan het neo-classicisme verwante stijl, die later met een westelijke dwarsarm, die bijna even breed is als de langszijde, in dezelfde stijl werd uitgebreid. Het kerkgebouw is van een rechthoekig grondplan tot een T-vormige plattegrond uitgegroeid en vanaf dat moment met het liturgisch centrum naar het oosten gericht. In 1936 werden tegen de ingangen lage aanbouwen geplaatst. Het kerkgebouw wordt gedekt door een met vernieuwde shingles belegd zadeldak. De gevels zijn gepleisterd en boven de plint van schijnvoegen voorzien die blokken natuursteen suggereren. De gevel wordt boven afgesloten door een hoofdgestel waarin naast gepaarde zolderraampjes ook verdiepte velden voorkomen. De gevels worden in beslag genomen door rondboogvormige vensters met door roeden verdeelde stalen ramen en kleinere vensters die in rondboogvormig afgesloten spaarvelden zijn geplaatst. De ramen hier zijn gevat in een door een staafprofiel vergezelde neg en rusten op gepleisterde uitkragende lekdorpels. In een van de drie symmetrisch ingedeelde eindgevels is het triplet vensters blind uitgevoerd. In de eindgevels vormen verticale verdiepte velden met lichtspleten de beëindiging van de topgevels. In het midden van de vijf vensterassen tellende oostelijke langszijde van het oorspronkelijke zaalkerkje komt in de kop van het spaarveld een roosvenster voor met gekleurd glas. Oorspronkelijk waren alle kerkramen in de kop van de rondboog voorzien van een roosraam.
Als VOORGEVEL wordt de westzijde aangemerkt met in de centrale as rondboogvormige vleugeldeuren onder 2x2-ruits bovenlichten. Ter weerszijden komen drie gekoppelde rechtgesloten lichtspleten op een lekdorpel voor. De architectonische onderdelen in de licht risalerende middenpartij zoals het raam onder de waterlijst (die zich uit de omlopende kroonlijst hier voortzet) waarop spaarvelden onder de schuine zijden van het dak rusten, zijn ten opzichte van hun flankerende varianten hoger geplaatst en leiden als het ware reeds de vorm van de topgevel in. De gevels van de linker en rechterzijkant (noord- en zuidzijde) van deze transeptarm zijn identiek en bestaan uit drie vensterassen van het eerder omschreven type.
Aan de NOORDZIJDE, bevindt zich één van de eindgevels met de oorspronkelijke entree van het zaalkerkje. Deze gevel is bijna gelijk aan de hiervoor besproken gevel waar alleen de lichtspleten ontbreken ter weerszijden van de hier voorkomende lage uitbouw. De gevel bezit op de topgevel een gemetselde klokkenstoel die door een windvaan met een hand en wijzende vinger naar boven, wordt bekroond. Het van een geprofileerde bakgoot voorziene, door een zadeldak met schubleien gedekte voorportaal bevat aan de voorzijde een vierruits vleugelpaneeldeur. Het gevelveld boven de waterlijst is blind uitgevoerd. De zijkanten van het portaaltje bevatten elk een paneeldeur met drie lichtspleten. De rechter zijkant van de eindgevel wordt gevormd door één vensteras in de hoek met de transeptarm.
De OOSTZIJDE bestaat uit de in takt gebleven langszijde van het oorspronkelijke zaalkerkje en telt vijf vensterassen. In de hoekrisalieten is een venster opgenomen in elk spaarveld. Van de drie in het midden voorkomende vensternissen is het middelste op een roosvenster in de kop na, blind uitgevoerd. Onder deze vensternis komt een in natuursteen gehakte tekst voor.
De eindgevel van de ZUIDZIJDE is in opzet, behoudens de schijnvensters, gelijk aan de noordzijde. Het lage voorportaal bevat aan de voorzijde terugliggende vierruits vleugelpaneeldeuren onder vier als lichtspleten uitgevoerde bovenlichten. Op de beide hoeken is een lichtspleet aangebracht met een afgeschuinde lekdorpel. De geveltop van deze uitbouw is evenals de top van de eindgevel voorzien van spaarvelden met in de middelste drie spaarvelden een lichtspleet. In de zijkanten van het voorportaal bevindt zich een gedeeld draairaam in stalen kozijn onder een eveneens afgeschuinde lekdorpel.
Het INTERIEUR valt op door zijn hoge mate van gaafheid en waardevolle onderdelen. Het kerkschip bevat twee rijen banken op een plankier. De banken bezitten open rugleuningen, opklapbare zittingen, een ijzeren voetenplank en de zijden worden per rij afgesloten door een schot met voluten bekroonde bankeinden. Tegen de oostelijke gevel is het (modern) verhoogde liturgisch centrum gesitueerd met fraai gesneden preekstoel onder de grafsteen van de stichter Ottho Heldring die is bevestigd aan het schijnvenster met als enig gespaard roosraam. In de eindgevels van de noord- en zuidzijde bevinden zich herenbanken met voorschot en luifel, waarvan die in de zuidzijde is geplaatst onder een galerij, de voormalige orgeltribune. De huidige plaats van het moderne (niet beschermde) orgel, sinds de bouw van de westelijke dwarsarm haaks op het zaalkerkje, bevindt zich eveneens op een tribune op ijzeren van een kapiteel voorziene kolommen boven de westelijke entree. Bijzondere ijzeren kroonluchters hangen aan de door een vlak plafond gedekte T-vormige kerkruimte met steekkappen boven de vensters. De opmerkelijk ruime zoldering bevat Philibertspanten.
Waardering
KERK, gebouwd in ca 1870/80.
- Van architectuurhistorische waarde als goed en gaaf voorbeeld van een vluchtkerk uitgevoerd in een voor Nederland unieke verschijningsvorm waarin neo-classicistische invloeden zijn gekoppeld aan de z.g. Rundbogenstil. Het interieur bezit waardevolle elementen.
- Van stedenbouwkundige waarde vanwege zijn ligging op een kunstmatige heuvel en de relatie met de samenstellende complexonderdelen.
- Van cultuurhistorische waarde als uitdrukking van de Réveil-beweging, een sociale en geestelijke ontwikkeling met Groen van Prinsterer als wegbereider in Nederland. Deze humanitaire stroming heeft mede geleid tot het ontstaan van de maatschappelijke hulpverlening in Nederland.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Description
The N.H. church (A) was built as a hall church ca. 1870/1880 in a style related to neo-classicism, which was later expanded with a western transverse arm, which is almost as wide as the longitudinal side, in the same style. The church building has grown from a rectangular plan to a T-shaped plan and from that point onwards is oriented with the liturgical centre towards the east. In 1936, low annexes were placed against the entrances. The church building is covered by a gabled roof laid with renewed shingles. The facades are plastered and above the plinth are provided with false joints suggesting blocks of natural stone. The facade is closed above by a main cornice in which, in addition to paired attic windows, recessed panels also occur. The facades are occupied by round-arched windows with steel frames divided by glazing bars and smaller windows which are placed in round-arched closed sparing panels. The windows here are set in a reveal accompanied by a bar profile and rest on plastered projecting drip mouldings. In one of the three symmetrically arranged end facades, the triplet of windows is executed blind. In the end facades, vertical recessed panels with light slits form the termination of the gable tops. In the middle of the eastern longitudinal side of the original hall church, which counts five window bays, a roof window with coloured glass comes in the head of the sparing panel. Originally all church windows in the head of the round arch were provided with a roof window.
The FRONT FACADE is the west side with round-arched double doors under 2x2-pane fanlights in the central axis. On either side there are three coupled upright light slits on a drip moulding. The architectural elements in the lightly projecting central section, such as the window under the drip moulding (which continues here from the surrounding cornice) upon which sparing panels rest under the sloping sides of the roof, are placed higher than their flanking variants and thus, as it were, already lead into the form of the gable top. The facades of the left and right side (north and south side) of this transept arm are identical and consist of three window bays of the type described earlier.
On the NORTH SIDE, there is one of the end facades with the original entrance of the hall church. This facade is almost the same as the one discussed earlier, only the light slits are missing on either side of the low extension occurring here. The facade has on the gable top a brick belfry which is crowned by a weathervane with a hand and pointing finger upwards. The vestibule, fitted with a profiled brick gutter and covered by a gabled roof with slates, contains a four-pane double-leaf panel door on the front side. The facade panel above the drip moulding is executed blind. The sides of the vestibule each contain a panel door with three light slits. The right side of the end facade is formed by one window bay in the corner with the transept arm.
The EAST SIDE consists of the intact longitudinal side of the original hall church and has five window bays. In the corner risalits a window is included in each sparing panel. Of the three window openings occurring in the middle, the middle one is executed blind except for a roof window in the head. Under this window opening comes text carved in natural stone.
The end facade of the SOUTH SIDE is in layout, except for the blind windows, the same as the north side. The low vestibule contains recessed four-pane double-leaf panel doors on the front side under four fanlights executed as light slits. On both corners a light slit is provided with a bevelled drip moulding. The gable top of this annex is, like the top of the end facade, provided with sparing panels with in the middle three sparing panels a light slit. In the sides of the vestibule there is a divided casement window in a steel frame under an equally bevelled drip moulding.
The INTERIOR stands out for its high degree of intactness and valuable components. The church nave contains two rows of benches on a wooden floor. The benches have open backrests, hinged seats, an iron footrail and the sides are closed per row by a partition with volute-crowned bench ends. Against the eastern facade the (modern) raised liturgical centre is situated with a finely carved pulpit under the gravestone of the founder Ottho Heldring which is affixed to the blind window with the only preserved roof window. In the end facades of the north and south side there are gentlemen's benches with foreclosure and canopy, of which the one on the south side is placed under a gallery, the former organ gallery. The present location of the modern (unprotected) organ, since the construction of the western transverse arm perpendicular to the hall church, is also on a gallery on iron columns furnished with a capital above the western entrance. Special iron chandeliers hang from the T-shaped church space covered by a flat ceiling with barrel vaults above the windows. The remarkably spacious ceiling contains Philibert trusses.
Valuation
CHURCH, built ca 1870/80.
- Of architectural-historical value as a good and intact example of a refugee church executed in a form unique to the Netherlands in which neo-classical influences are combined with the so-called Rundbogenstil. The interior possesses valuable elements.
- Of urban-planning value because of its location on an artificial hill and the relationship with the component parts of the complex.
- Of cultural-historical value as an expression of the Réveil movement, a social and spiritual development with Groen van Prinsterer as a pioneer in the Netherlands. This humanitarian current also led to the development of social welfare in the Netherlands.
Nearby in the register
- Grafzerk, Vluchtheuvellaan bij 8Begraafplaats en -onderdelenunder 1 mi
- Waterloop, Vluchtheuvellaan bij 8Waterweg, werf en havenunder 1 mi
- Hek, Vluchtheuvellaan bij 8Erfscheidingunder 1 mi
- Kerktoren, Kerkstraat 11Kerk en kerkonderdeelunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.