TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Opheem

Heelsum, Gelderland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Woonhuis
Category
onroerend gebouwd
Built (approximately)
1920
Address
Bloemenlaan 2, 6866 DW Heelsum (Renkum 25)
Place
Heelsum
Municipality
Renkum
Province
Gelderland
Country
Netherlands
Coordinates
51.98278, 5.76087
Monument number
523659

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

3 historical maps cover this location, the earliest the 1914 map "Verklaring van het algemeen nut der onteigening van eigendommen in de gemeente Horssen, noodig voor den aanleg van eene wetering door het waterschap "de Gecombineerde waterlossing der polderdistricten Rijk van Nijmegen en Maas en Waal"" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding

De VILLA, genaamd OPHEEM', is waarschijnlijk in 1920 gebouwd voor de papierfabrikant C.F.D. Beuker naar ontwerp in Gooise landhuisstijl van architect P.J.W.J. van der Burgh in samenwerking met ing. F. Eschauzier. Het huis had oorspronkelijk een nagenoeg vierkant grondplan. In opdracht van de heer Beuker is het huis in 1929 in noordwestelijke richting en in stijl uitgebreid naar ontwerp van architect H.C. Dorlas jr. uit Renkum. Kenmerkend voor deze villa zijn o.a. de gevarieerde hoofdvorm met het samengestelde rieten dak; enkele markante schoorstenen; erkers, balkons en terrassen als schakels tussen huis en tuin; de variatie qua grootte en type van de glas-in-loodramen; de gevarieerde plattegrond met vertrekken van verschillende grootte en specialisatie van functies.

Het huis bevindt zich in een kleine villawijk in het noordoosten van de dorpskern Heelsum (uitbreidingsplan van Jos Cuypers uit 1920). In het hart van deze wijk en op het hoogste punt van het geaccidenteerde terrein staat een hotel. Vanuit dit middelpunt is in westelijke richting een radiaal stratenpatroon aangelegd. De Bloemenlaan fungeert als belangrijkste entree tot het wijkje (kruising met Bennekomseweg en Utrechtseweg) en rechte oprijlaan naar het hotel. De vrijstaande villa "Opheem" is gesitueerd aan het begin van de Bloemenlaan.

Omschrijving

Onderkelderde VILLA van één bouwlaag en rieten kap (waarin een verdieping en/of een zolderverdieping) op nagenoeg rechthoekig grondplan. Het samengestelde en gebroken schilddak is met riet gedekt en heeft aankappingen van verschillende grootte en nokhoogte ter plaatse van risalieten, balkon en uitbouwen. Op de nokken zijn rode rietvorsten gemetseld. Boven de hoofdingang is in de rietdekking de naam OPHEEM' aangebracht. Het silhouet wordt gedomineerd door drie forse schoorstenen. De keuken-schoorsteen tegen de rechter zijgevel is vanaf de grond opgemetseld. De schachten zijn voorzien van decoratief reliëfmetselwerk. Ter hoogte van de zolderverdieping (linker bouwdeel) zijn drie dakkapellen aangebracht met elk een drieruits halfrond raam.

De bakstenen gevels met trasraam zijn in halfsteensverband gemetseld. Op enkele plaatsen is een tot de eerste verdieping reikende steunbeer toegepast. De uitgespaarde vensteropeningen hebben verschillende formaten en zijn voorzien van groen geschilderde enkelvoudige-, samengestelde- of kruiskozijnen. De wit geschilderde ramen (vast, draai, stolp) hebben transparant glas-in-lood. De lekdorpels zijn uitgevoerd in baksteen. Op de begane grond kunnen de ramen worden afgesloten door paneelluiken (donkerrood paneel, zwarte rand).

Een uitgebouwd en geheel open portaal (houten luifel met draadglas op gemetselde pijlers) leidt naar de voordeur ongeveer in het midden van de lange VOORGEVEL aan de Bloemenlaan. De eikenhouten paneeldeur is voorzien van een kijkraampje met smeedijzeren rooster. De deur wordt aan weerszijden geflankeerd door smalle en hoge zijlichten in houten omlijstingen. Boven deze entree is in de rietdekking de eerder genoemde naam OPHEEM' aangebracht. Boven dit opschrift bevindt zich op de verdieping een brede boogvormig afgesloten dakkapel met samengesteld venster. De entree wordt aan weerszijden geflankeerd door een over twee bouwlagen opgetrokken afgewolfde geveltop met houten erker. De plint van de erker is uitgevoerd in baksteen en de panelen tussen de begane grond en de verdieping zijn gepotdekseld. De symmetrisch ingedeelde LINKER ZIJGEVEL heeft op de begane grond twee dubbele tuindeuren met zij- en bovenlichten en markiezen. Ter hoogte van de eerste verdieping is in de rieten kap is een boogvormig afgesloten loggia uitgespaard. In de zolderverdieping zijn de twee eerder genoemde halfronde dakkapellen aangebracht. De asymmetrisch ingedeelde ACHTERGEVEL heeft aan de rechter zijde een brede over twee bouwlagen opgetrokken afgewolfde geveltop met houten erker (identiek aan die van de voorgevel). Links hiervan bevindt zich de eetkamer met een aan de erker verwante uitbouw (samengesteld kozijn op stenen plint met dubbele terrasdeur en glas-in-lood ramen). Het terras is overdekt: houten plat dak op dito stijlen. Het balkon op de verdieping wordt afgesloten door een afgewolfde aankapping. De begane grond van de links hierop aansluitende dienstafdeling is iets minder hoog. Dit gedeelte heeft een de hoek omgaand dakschild met plat. Een gepotdekselde houten dakkapel met plat midden op het dak verlicht het trappenhuis. In de RECHTER ZIJGEVEL bevindt zich een rondboogvormig afgesloten dienstingang met dito paneeldeur tussen twee vensters. De uitgemetselde schoorsteen links hiervan is vanaf de grond opgetrokken en voorzien van reliëfmetselwerk. De RUIMTELIJKE INDELING van de begane grond bestaat uit circulatieruimtes in het midden aan de voorzijde (vestibule annex garderobe, hall annex trappenhuis) en een eetkamer in het midden aan de achterzijde; links van het midden de woonvertrekken herenkamer en woonkamer en rechts van het midden de dienstvertrekken keuken, bijkeuken en bergplaats. De provisie- en kolenkelder bevinden zich onder het dienstgedeelte. De afzonderlijke wijnkelder is onder de hall gesitueerd. Het INTERIEUR bezit een zeer rijk uitgevoerde vestibule annex garderobe in Art Deco-stijl. De zogenaamde Spaanse tegelvloer is rood met een lijst rondom en rozetten in diverse grijstinten, zwart en geel. De wanden zijn ongeveer voor driekwart betegeld in de kleuren groen voor de plint en drie tinten beige voor de indeling in velden daarboven. Tussen de verschillende kleuren zijn biezen van zwarte tegel(-strips) aangebracht. De open doorgang tussen vestibule en garderobe wordt geflankeerd door afgeronde en zich naar boven toe verjongende muurdammen. In de kop van deze muurdammen zijn lampen verwerkt met gebrandschilderde glas-in-loodkappen (gestileerde bloem- en bladmotieven). Onderdeel van de garderobe vormen: een paraplubak, een marmeren wastafel, een wandspiegel met een omlijsting van glas-in-lood, een toilet. Overigens bezit het interieur onder andere parketvloeren en (mahonie-) houten schoorsteenmantels in de herenkamer en woonkamer; parketvloer en eikenhouten bordestrap in de hall; houten paneeldeuren en marmeren vensterbanken.

Waardering

VILLA "OPHEEM" , uit omstreeks 1920 met een uitbreiding uit 1929.

- Van architectuurhistorische waarde als representatief en vrijwel gaaf voorbeeld van een villa in Gooise landhuisstijl naar ontwerp van architect P.J.W.J. van der Burgh in samenwerking met ir. F. Eschauzier (eerste bouwfase) en architect H.C. Dorlas jr. (uitbreiding). Het huis is van belang wegens de hoogwaardige esthetische kwaliteiten van het ontwerp, zoals deze tot uitdrukking komen in de voor deze bouwtrant kenmerkende gevarieerde hoofdvorm, het schilderachtige silhouet en de vrije plattegrond. Het pand heeft een bijzonder interieur met een vrije plattegrond, een grote differentiatie aan vertrekken/functies, en rijk uitgevoerde onderdelen zoals de vestibule annex garderobe in Art Deco-stijl.

- Van stedenbouwkundige waarde als onderdeel van een in de jaren twintig op een geaccidenteerd terrein aangelegd sub-urbaan villawijkje met een radiaal stratenpatroon naar ontwerp van architect Jos. Cuypers, waarin het pand een beeldbepalende rol speelt vanwege de markante ligging aan het begin van de Bloemenlaan.

- Van cultuurhistorische waarde als bijzondere uitdrukking van een voor de gemeente Renkum kenmerkende sociaal-maatschappelijke ontwikkeling tussen 1850 en 1940, namelijk de immigratie van (nieuwe) welgestelden naar fraaie landelijke gebieden in de omgeving van een stad; in casu een aanzienlijk woonhuis in een sub-urbaan villawijkje in de zuidelijke Veluwezoom, dat bovendien van belang is voor de typologische ontwikkeling van het landhuis in Nederland gedurende het interbellum.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction

The VILLA, named 'OPHEEM', was probably built in 1920 for paper manufacturer C.F.D. Beuker after a design in Gooise country house style by architect P.J.W.J. van der Burgh in collaboration with ing. F. Eschauzier. The house originally had an approximately square ground plan. At the instigation of Mr Beuker, the house was extended in a north-westerly direction and in style in 1929 after a design by architect H.C. Dorlas jr. from Renkum. Characteristic of this villa are among others the varied roof form with the composite thatched roof; several striking chimneys; bay windows, balconies and terraces as links between house and garden; the variation in size and type of leaded light windows; the varied ground plan with rooms of different sizes and specialisation of functions.

The house is situated in a small villa district in the north-east of the village centre of Heelsum (expansion plan by Jos Cuypers from 1920). In the heart of this district and at the highest point of the uneven terrain stands a hotel. From this centre point a radial street pattern was laid out in a westerly direction. Bloemenlaan serves as the main entrance to the district (intersection with Bennekomseweg and Utrechtseweg) and straight approach road to the hotel. The detached villa "Opheem" is situated at the beginning of Bloemenlaan.

Description

Partly-cellared VILLA of one storey and thatched roof (containing a first floor and/or an attic storey) on an approximately rectangular ground plan. The composite and broken hipped roof is thatched and has abutments of various sizes and ridge height at the location of risalits, balcony and projecting sections. Red thatch ridges are mortared on the ridges. Above the main entrance the name 'OPHEEM' is incorporated in the thatch covering. The silhouette is dominated by three substantial chimneys. The kitchen-chimney against the right side gable is mortared from ground level. The shafts are provided with decorative relief brickwork. At the level of the attic storey (left building section) three roof dormers are provided, each with a three-light semicircular window.

The brick facades with cement mortar are mortared in half-brick bond. In several places a buttress extending to the first storey is employed. The recessed window openings are of various sizes and are provided with green-painted single, composite or cross windows. The white-painted windows (fixed, casement, pivot) have transparent leaded light glass. The drip moulds are executed in brick. On the ground floor the windows can be closed by panel shutters (dark red panel, black border).

An extended and completely open porch (wooden canopy with wire glass on mortared pillars) leads to the front door approximately in the middle of the long FRONT FACADE on Bloemenlaan. The oak panel door is provided with a spy window with wrought iron grille. The door is flanked on both sides by narrow and tall side lights in wooden frames. Above this entrance the aforementioned name 'OPHEEM' is incorporated in the thatch covering. Above this inscription is located on the first floor a broad arch-shaped roof dormer with composite window. The entrance is flanked on both sides by a rounded off gable top drawn up over two storeys with wooden bay window. The plinth of the bay window is executed in brick and the panels between the ground floor and the first storey are puttied over. The symmetrically arranged LEFT SIDE FACADE has on the ground floor two double garden doors with side and fanlight and awnings. At the level of the first storey in the thatched roof a loggia with arch-shaped closure is omitted. In the attic storey the two aforementioned semicircular roof dormers are provided. The asymmetrically arranged REAR FACADE has on the right side a broad rounded off gable top drawn up over two storeys with wooden bay window (identical to that of the front facade). To the left of this is located the dining room with an extension related to the bay window (composite window on stone plinth with double terrace door and leaded light windows). The terrace is covered: wooden flat roof on like posts. The balcony on the first storey is enclosed by a rounded off abutment. The ground floor of the service section adjoining to the left is somewhat lower in height. This section has a corner-wrapping roof dormer with flat. A puttied-over wooden roof dormer with flat in the middle of the roof lights the stairwell. In the RIGHT SIDE FACADE is located a rounded arch-shaped service entrance with like panel door between two windows. The mortared chimney to the left of this is drawn up from ground level and provided with relief brickwork. The SPATIAL ARRANGEMENT of the ground floor consists of circulation spaces in the middle at the front (vestibule annex cloakroom, hall annex stairwell) and a dining room in the middle at the rear; to the left of the middle the living rooms smoking room and living room and to the right of the middle the service rooms kitchen, scullery and storage place. The provision and coal cellar are located beneath the service section. The separate wine cellar is situated beneath the hall. The INTERIOR possesses a very richly executed vestibule annex cloakroom in Art Deco style. The so-called Spanish tile floor is red with a border around and rosettes in various shades of grey, black and yellow. The walls are approximately three-quarters tiled in colours green for the plinth and three shades of beige for the panel division above. Between the different colours strips of black tile(-strips) are incorporated. The open passage between vestibule and cloakroom is flanked by rounded walls tapering towards the top. In the head of these walls lamps are incorporated with stained leaded light caps (stylised flower and leaf motifs). Part of the cloakroom form: an umbrella stand, a marble washbasin, a wall mirror with a leaded light frame, a toilet. Otherwise the interior possesses among others parquet floors and (mahogany) wooden chimneypieces in the smoking room and living room; parquet floor and oak straight staircase in the hall; wooden panel doors and marble window sills.

Valuation

VILLA "OPHEEM", from circa 1920 with an extension from 1929.

- Of architectural historical value as a representative and virtually intact example of a villa in Gooise country house style after a design by architect P.J.W.J. van der Burgh in collaboration with ir. F. Eschauzier (first building phase) and architect H.C. Dorlas jr. (extension). The building is of importance because of the high aesthetic qualities of the design, as these are expressed in the varied roof form characteristic of this building tradition, the picturesque silhouette and the open ground plan. The building has a particularly fine interior with an open ground plan, a great differentiation of rooms/functions, and richly executed components such as the vestibule annex cloakroom in Art Deco style.

- Of urban planning value as part of a sub-urban villa district laid out on uneven terrain in the nineteen-twenties with a radial street pattern after a design by architect Jos. Cuypers, in which the building plays an image-defining role because of its striking location at the beginning of Bloemenlaan.

- Of cultural historical value as a particular expression of a social and societal development characteristic of the municipality of Renkum between 1850 and 1940, namely the immigration of (newly) wealthy people to beautiful rural areas in the surroundings of a city; in this case a substantial residence in a sub-urban villa district in the southern Veluwezoom, which is furthermore of importance for the typological development of the country house in the Netherlands during the interwar period.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map