Rijksmonumentenregister · Netherlands
Poortgebouw, Warnsveldseweg 107
Zutphen, Gelderland, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Begraafplaats en -onderdelen
- Function
- Poortgebouw
- Category
- onroerend gebouwd
- Built (approximately)
- 1850 - 1900
- Address
- Warnsveldseweg 107, 7204 BC Zutphen
- Place
- Zutphen
- Province
- Gelderland
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 52.14227, 6.21422
- Part of complex
- 523402
- Monument number
- 523404
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
TU Delft LibraryDavid Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesDavid Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesDavid Rumsey Map Collection, Stanford Libraries
4 historical maps cover this location, the earliest the 1843 map "06. Zutphen (1843)" (TU Delft Library).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Redengevende omschrijving onderdeel 4
POORTGEBOUW met HEKWERK (1902) naar ontwerp van de architect Ludewig uit Arnhem in overgangsarchitectuur, gebouwd als entreegebouw voor de Katholieke Begraafplaats met doodgravers woning en wachtkamer. Het poortgebouw is gesitueerd aan de Warnsveldseweg.
Het poortgebouw met rechthoekige plattegrond bestaat uit een hoog, licht risalerend middendeel afgesloten door een achtzijdig tentdak gedekt met gesmoorde kruispannen met op de begane grond een rondboogvormige doorgang afgesloten door een smeedijzeren hekwerk. Het tentdak wordt bekroond door een houten koepelvormige dakruiter. Aangekapt aan het middendeel bevindt zich aan weerszijden een lager eenlaags bouwvolume, afgesloten met een zadeldak aan de voorzijde gedekt met kruispannen. De kap van het linker bouwvolume is hoger dan dat van het rechter bouwvolume. De gevels met licht risalerend trasraam, afgesloten door een afgeschuinde rollaag, zijn opgetrokken in kruisverband versierd met geglazuurde baksteenbanden (koppen- en streklaag).
Op de begane grond van het CENTRALE BOUWDEEL bevindt zich de rondboogvormige doorgang met natuurstenen aanzetsteen. Aan weerszijden bevindt zich een kleine, smalle, staande raamopening met natuurstenen lekdorpel en latei. De voor- en de achtergevel van het centrale bouwdeel is voorzien van drie spaarvelden afgesloten door een natuurstenen rondboogfries. In de buitenste brede spaarvelden bevindt zich een rechthoekig raam met roedenverdeling afgesloten door een natuurstenen latei waarboven een rollaag. Het centrale gesitueerde blinde spaarveld wordt afgesloten door twee rondbogen in plaats van drie. De rondbogen zijn voorzien van Christelijke symbolen met aan de voorzijde van links naar rechts: vis, twee kruisjes, alpha en omega, Chi Rho-teken en anker. Aan de achterzijde: een duif, alziend oog, een hand en centraal geplaatst het bouwjaar '19' en '02'. De afgeschuinde hoeken zijn voorzien van natuursteen, gedecoreerd met wijdingskruisjes. De gevels van dit bouwdeel worden beëindigd door een tandlijst, een geglazuurde koppenlaag en een keellijst. Door de afgeschuinde hoeken van de gevels is een achtzijdig grondplan ontstaan voor het evenzoveel dakvlakken tellende tentdak. Het koepeltje op de kruin rust op een overhoeks geplaatste voet. De kepers van het dak zijn bekleed met zinkslabben
De binnenmuren van de poort, waar zich op de hoeken schampstenen bevinden, bevatten in het trasraam ventilatieroostertjes en een verhoogde paneeldeur met kraalprofiel. Deze wordt voorafgegaan door een gemetseld trapje. Het kozijn bevat natuurstenen neuten en dito dorpel. De deur wordt ontlast door een rollaag en streklaag. De rechterzijde van de doorgang bevat aan de poortzijde een identieke deur. De deur aan de zijde van de grafvelden is soortgelijk maar breder en in zes panelen onderverdeeld. Tussen beide deuren bevindt zich een (modern) raam waarvan het kozijn rust op een rollaag en boven eveneens wordt afgesloten door een rollaag boven een metsellaag. De zoldering van de poort bestaat uit een balkenplafond met kraalprofieldelen. In de poortdoorgang bevindt zich een smeedijzeren DRAAIHEK met Jugendstilvormen. De twee openslaande vleugels van het hek worden over een in het klinkerpad gelegde rails geleid. De spijlen van het hek lijken met draad omwonden en worden door een gestileerde lelie om en om bekroond die onderling door sierlijke takken zijn verbonden.
In de voorgevel van het LINKER BOUWVOLUME bevindt zich een niet oorspronkelijk raam afgesloten door een latei waarboven een segmentboog. De boogtrommel bestaat uit sier metselwerk. In het rechter bouwvolume bevindt zich een gekoppeld raam dat op eenzelfde wijze aan de bovenzijde wordt afgesloten. In de linker zijgevel van het linker bouwvolume bevindt zich links een kelderraampje, waarboven aan weerszijden van het uitgemetselde, door uitkragende consoles ondersteunde, rookkanaal twee identieke draairaampjes zonder segmentboog. De schoorsteen is uitgerust met een geglazuurde sierband en hoger aangebracht overhoeks geplaatste siermetselwerk. De achtergevel van dit deel is voorzien van een aanbouw met doorgetrokken zadeldak. De achterzijde van het rechter bouwvolume is voorzien van een dubbele deur. De rails waarover deze naar buiten werd geleid is nog in het, in keperverband belegde klinkerpad aanwezig. De linkerhoek is met een soort steunbeer evenwijdig aan de gevel geplaatst, versterkt. In de rechter zijgevel komen drie steekraampjes voor en een dubbele geglazuurde sierband ter hoogte van de bovendorpel. Onder de puntgevel is een rondvenster geplaatst, waarin een lekdorpel, omgord door een rollaag.
In het nauwelijks gewijzigde eenvoudige INTERIEUR zijn van de oorspronkelijke onderdelen hoofdzakelijk de paneeldeuren bewaard gebleven. In de linker vleugel bevindt zich een kelder met troggewelven. Van de rechtervleugel zijn enkele ruimten afgetimmerd met board.
Waardering POORTGEBOUW met HEKWERK (1902) van algemeen belang:
- Als goed en gaaf voorbeeld van een traditioneel poortgebouw in Overgangsarchitectuur van rond 1900
- Vanwege de zorgvuldige detaillering, materiaalgebruik en constructie.
- Vanwege de situering en markering van de entree tot het katholieke deel van de begraafplaats.
- vanwege de herinnering aan het besluit van de katholieke geloofsgemeenschap zorg te dragen voor het eigen gedeelte van de begraafplaats.
- Vanwege de typologie van het gebouw van belang voor de Nederlandse grafcultuur, waar de functie van doodgraverswoning, wachtkamer en koetshuis is gecombineerd.
- Vanwege de functioneel ruimtelijke relatie van het poortgebouw met de overige complexonderdelen, de katholieke begraafplaats in het bijzonder.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Descriptive justification component 4
GATEHOUSE with IRONWORK (1902) designed by architect Ludewig from Arnhem in transition architecture, built as entrance building for the Catholic Cemetery with gravedigger's dwelling and waiting room. The gatehouse is situated on the Warnsveldseweg.
The gatehouse with rectangular ground plan consists of a tall, slightly projecting central section closed off by an octagonal tent roof covered with pantiles with on the ground floor a round-arched passage closed off by wrought-iron ironwork. The tent roof is crowned by a wooden cupola-shaped roof lantern. Attached to the central section is on either side a lower single-storey building volume, closed off with a gabled roof on the front covered with pantiles. The roof of the left building volume is higher than that of the right building volume. The facades with slightly projecting travertine frame, closed off by a bevelled roll moulding, are built in English bond adorned with glazed brick bands (headers and stretchers).
On the ground floor of the CENTRAL BUILDING SECTION is the round-arched passage with natural stone ashlar. On either side is a small, narrow, vertical window opening with natural stone drip moulding and lintel. The front and rear facade of the central building section is provided with three spandrels closed off by a natural stone round-arched frieze. In the outer wide spandrels is a rectangular window with glazing bars closed off by a natural stone lintel above which a roll moulding. The centrally situated blind spandrel is closed off by two round arches instead of three. The round arches are provided with Christian symbols with on the front from left to right: fish, two crosses, alpha and omega, Chi Rho sign and anchor. On the rear: a dove, all-seeing eye, a hand and centrally placed the year of construction '19' and '02'. The bevelled corners are provided with natural stone, decorated with consecration crosses. The facades of this building section are terminated by a dentil course, a glazed header course and a cyma recta moulding. Through the bevelled corners of the facades an octagonal ground plan has been created for the equally many roof planes of the tent roof. The small cupola on the ridge rests on a corner-placed foot. The roof rafters are covered with zinc sheets.
The inner walls of the passage, where chamfered stones are located at the corners, contain in the travertine frame ventilation grilles and a raised panelled door with beading. This is preceded by a built-up small flight of steps. The frame contains natural stone mullions and likewise drip moulding. The door is relieved by a roll moulding and stretcher course. The right side of the passage contains on the gate side an identical door. The door on the side of the cemetery plots is similar but wider and divided into six panels. Between both doors is a (modern) window whose frame rests on a roll moulding and above is likewise closed off by a roll moulding above a course of brickwork. The ceiling of the passage consists of a beam ceiling with beading elements. In the passage is a wrought-iron REVOLVING GATE with Art Nouveau forms. The two opening wings of the gate are guided along a rail laid in the clinker path. The bars of the gate appear wrapped with wire and are crowned alternately by a stylised lily which are interconnected by ornamental branches.
In the front facade of the LEFT BUILDING VOLUME is a non-original window closed off by a lintel above which a segmental arch. The arch drum consists of decorative brickwork. In the right building volume is a coupled window which is closed off in the same manner at the top. In the left side facade of the left building volume is on the left a basement window, above which on either side of the built-up, supported by projecting corbels, chimney stack two identical casement windows without segmental arch. The chimney is equipped with a glazed decorative band and higher placed corner-positioned decorative brickwork. The rear facade of this section is provided with an extension with continuing gabled roof. The rear of the right building volume is provided with a double door. The rails along which it was drawn outward is still present in the, laid in herringbone bond clinker path. The left corner is reinforced with a kind of buttress placed parallel to the facade. In the right side facade are three small windows and a double glazed decorative band at the height of the upper lintel. Under the pointed gable is a round window placed, in which a drip moulding, encircled by a roll moulding.
In the barely altered simple INTERIOR the panelled doors have mainly been preserved from the original components. In the left wing is a cellar with barrel vaults. Of the right wing some rooms are partitioned off with boarding.
Valuation GATEHOUSE with IRONWORK (1902) of general importance:
- As a good and authentic example of a traditional gatehouse in transition architecture from around 1900
- Because of the careful detailing, use of materials and construction.
- Because of the siting and marking of the entrance to the Catholic section of the cemetery.
- Because of the memory of the decision of the Catholic congregation to care for their own section of the cemetery.
- Because of the typology of the building of importance to Dutch cemetery culture, where the function of gravedigger's dwelling, waiting room and coach house is combined.
- Because of the functional spatial relationship of the gatehouse with the other complex components, the Catholic cemetery in particular.
Nearby in the register
- Katholieke begraafplaatsBegraafplaats en -onderdelenunder 1 mi
- Poortgebouw, Warnsveldseweg 105Begraafplaats en -onderdelenunder 1 mi
- Algemene BegraafplaatsBegraafplaats en -onderdelenunder 1 mi
- Woonhuis, Rijksstraatweg 1Woonhuisunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.