TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

H. Annakerk

Rosmalen, Noord-Brabant, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Kerk en kerkonderdeel
Function
Kerk
Category
onroerend gebouwd
Built
1909 - 1910
Address
Hintham 43, 5246 AC Rosmalen ('s-Hertogenbosch 30)
Place
Rosmalen
Municipality
's-Hertogenbosch
Province
Noord-Brabant
Country
Netherlands
Coordinates
51.70007, 5.33973
Monument number
522463

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

3 historical maps cover this location, the earliest the 1904 map "Bl. 25 's-Hertogenbosch, 1904" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding.

De PAROCHIEKERK Heilige Anna ligt met de voorgevel enkele meters achter de rooilijn van Hintham. Rechts van de kerk strekt zich het kerkplein uit, tussen de kerk en het linkerperceel leidt een smalle oprijlaan naar de achterzijde.

De kerk werd gebouwd in 1909-1910 door de architect W. Th. van Aalst uit Den Bosch in neogotische stijl. In het torenportaal een (herplaatste) eerste steen met tekst: 'DEN 26 JULI 1909 / FEESTDAG VAN DE H. MOEDER ANNA / PATRONES DER KERK / WERD DEZE STEEN GEPLAATST DOOR / C.A.M. VAN THIEL PAST.' Het kerkontwerp getuigt van de invloed van E.E. Viollet-le-Duc in Nederland. Het is een in plattegrond en verschijningsvorm (de keuze van de steensoort en enkele architectonische details daargelaten) vrij getrouwe kopie van Viollet-le-Ducs kerk in Aillant-sur-Tholon (Yonne, Frankrijk) uit 1861-1865. Deze was bedoeld als model voor neogotische dorpskerken. De kerk is op onderdelen hersteld en gerestaureerd, laatstelijk in 1989. Door enige aanbouwen ter weerszijden van het koor (vallen buiten de bescherming) zijn enkele vensters gedicht. Het oorspronkelijk deels gepolychromeerde interieur is in een egaal grijs-witte tint geschilderd. De inventaris en vloer zijn versoberd. Er is een tochtportaal ingebouwd en de bovenliggende zangerstribune is gemoderniseerd. Ook het torenportaal is gemoderniseerd.

Omschrijving.

Driebeukige, op het zuiden gerichte kruisbasiliek met opzij geplaatste toren aan de westzijde. Toren met octogonale naaldspits met windvaan. Op het schip, de transeptarmen en twee kapellen aan het linker transept een zadeldak, op het lagere koor een aankappend zadeldak met omlopend driedelig schilddak, op de zijbeuken een lessenaarsdak. Torenspits en daken gedekt met blokleien in Maasdekking. In de torenspits kleine dakkapellen onder schilddakje met piron. Op het nokeinde van het schip een hardstenen kruis; op het nokeinde van het koor, van de koorsluiting, van het linker transept evenals de hierop aansluitende kapellen gestileerde kruisbloemen.

Het gebouw is opgetrokken uit in kruisverband gemetselde baksteen met toepassing van profielsteen voor de plint; hardsteen voor lijsten, afzaten, onderdorpels, aanzetstukken, zuilschachten en zuilbases, dekplaten op topgevels en de versnijdingen van steunberen; verder zandsteen voor vensters en kapitelen.

Het schip telt drie traveeën; het transept één travee met aansluitend aan de linkertravee twee uitgebouwde kapellen en aan de rechtertravee de toren; het koor één travee met vijf achtste sluiting. Schip, transept, koor, koorsluiting en zijbeuken met uitkragende bloktandlijst waarop omlopende bakgoten. Onderlangs het gebouw een projecterende plint. De vensters zijn voorzien van gekleurd, deels geometrisch en deels figuratief, glas-in-lood. Symmetrische voorgevel met driedelige opstand. Begane grond met driedelig, door zich verjongende steunberen van elkaar gescheiden portaal.

Middenbeuk met licht uitstekend hoofdportaal, afgesloten met wimberg waarop kruisbloem en bestaande uit dubbele houten klampdeur met decoratief smeedijzeren beslagwerk en handgreep waarboven spitsbogig bovenlicht met vierpas voorzien van glas-in-lood met bakstenen archivolten rustend op dubbele zuiltjes. Ter weerszijden van het hoofdportaal blinde spitsboognissen. Portalen in de zijbeuken met soortgelijke detaillering. Boven het hoofdportaal een verdiept in het muurvlak gelegen roosvenster onder een rondboog ondersteund met zuiltjes en in de topgevel een dito venster met bovendorpel van twee gekoppelde driepassen onder een spitsboog. In het schip, het transept (schip- en koorzijde) en het koor een rondvenster. In de sluiting van de linker transeptarm twee gekoppelde lancetten onder een rondvenster in een verdiept liggend spitsbogig veld met daarboven in de topgevel een venster zoals in de voorgevel. Op de begane grond twee kapellen met lancetvensters onder topgeveltjes. Zijbeuken met per travee een lancetvenster, deels versoberd. Kopgevels van de zijbeuken met rondvensters. Koorsluiting met oorspronkelijk per travee twee boven elkaar geplaatste lancetten, nu op de begane grond deels gedicht.

Aan het rechter transept de toren die vier geledingen telt, door lijsten van elkaar gescheiden. De eerste bevat de ingang met bakstenen archivolten, de tweede vensters zoals in de sluiting van het linker transept met aan de noordzijde een traptoren met kegeldak, de derde een uurwerk en de vierde twee spitsboogvormige, gekoppelde galmopeningen. Haakse, zich verjongende steunberen. Naaldspits geflankeerd door vier overhoeks geplaatste pinakels met balustrade. Inwendig hebben schip, transept en koor een driedelige opstand waarbij per travee van boven naar beneden het voornoemde rondvenster, een blind triforium met twee door een midden-colonnet gekoppelde rondboognissen en (onder een omlopende lijst) afgeplatte, spitsbogige scheibogen die rusten op eenvoudige zware pijlers met loofkapitelen. Vanaf de pijlers schieten schalken op die de gewelfribben en gordelbogen ondersteunen. De kerk is overwelfd met gestucte kruisribgewelven. Viering met bundelpijlers. In het linker transept openen twee rondboogvormige scheibogen naar de kapellen. De lagere koorsluiting, met omlopende horizontale lijsten onder de vensters en ranke schalken, telt eveneens een driedelige opstand. Van het interieur en de inventaris zijn onder meer van belang: deels originele kerkvloer met zwart-witte tegels; afgebiljoende paneeldeur in torenportaal; (deels gekleurde) glas-in-loodramen; gebrandschilderde glas-in-loodramen in de kapellen van het linker transept met de Heilige Augustinus en Maria uit het atelier van J. Menke uit Goch (1910); gebrandschilderde glas-in-loodramen in de koorsluiting met op de begane grond de kruisafname geflankeerd door de symbolen van de vier evangelisten (rechter venster hersteld in 1991) en op de verdieping scènes uit het leven van Anna en Maria; verder een bronzen calvariegroep en een dito (herplaatste) plaquette met het Laatste Avondmaal van de uit Utrecht afkomstige edelsmid Brom (1937); een witmarmeren doopvont en een één-klaviers mechanisch orgel gemaakt door H. Vermeersch in 1850, afkomstig uit Luijksgestel.

Waardering.

De parochiekerk is van algemeen belang. Het object heeft cultuurhistorische waarden als bijzondere uitdrukking van de ontwikkeling en het emancipatiestreven van de rooms-katholieke kerk. Daarnaast als getuigenis van de invloed van E. Viollet-le-Duc op de neogotische kerkenbouw in ons land. Verder omdat het object, als interpretatie en navolging van het als model voor dorpskerken bedoelde Franse voorbeeld in Aillant-sur-Tholon, met opzij geplaatste toren en lagere koorsluiting, in typologisch opzicht van belang is voor de (internationale) ontwikkeling en verspreiding van dit type dorpskerk. Het object heeft architectuurhistorische waarde vanwege de esthetische kwaliteiten van de detaillering in met name de voorgevel en de toren met pinakels. Het object heeft ensemblewaarden als essentieel onderdeel van een historisch gegroeid religieus ensemble, voorts bestaande uit de belendende pastorie en de erachter, aan de C. Kannemansstraat gelegen begraafplaats. Daarnaast als beeldbepalend element in Hintham op grond van het markante silhouet.

Het object is van belang wegens de gaafheid van de architectonische hoofdvorm en delen van het interieur en de inventaris.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction.

The PARISH CHURCH of Saint Anna is situated with its front facade several metres behind the building line of Hintham. To the right of the church extends the church square, between the church and the left plot a narrow access lane leads to the rear.

The church was built in 1909-1910 by architect W. Th. van Aalst from Den Bosch in neo-gothic style. In the tower portal a (relocated) foundation stone with text: 'ON 26 JULY 1909 / FEAST DAY OF THE HOLY MOTHER ANNA / PATRONESS OF THE CHURCH / THIS STONE WAS LAID BY / C.A.M. VAN THIEL PASTOR.' The church design testifies to the influence of E.E. Viollet-le-Duc in the Netherlands. It is a fairly faithful copy in ground plan and appearance (the choice of stone type and certain architectural details aside) of Viollet-le-Duc's church in Aillant-sur-Tholon (Yonne, France) from 1861-1865. This was intended as a model for neo-gothic village churches. The church has been repaired and restored in parts, most recently in 1989. Through certain extensions on either side of the choir (falling outside protection) some windows have been filled in. The originally partly polychrome interior has been painted in an even grey-white tone. The furnishings and floor have been simplified. A draught portal has been installed and the overlying gallery is modernised. The tower portal has also been modernised.

Description.

Three-aisled, south-facing cruciform basilica with offset tower on the west side. Tower with octagonal needle spire with weathervane. On the nave, the transept arms and two chapels on the left transept a gabled roof, on the lower choir an abutting gabled roof with encircling hipped roof, on the side aisles a lean-to roof. Tower spire and roofs covered with block slate in Maas covering. In the tower spire small roof dormers under hipped roof with piron. On the ridge end of the nave a hardstone cross; on the ridge end of the choir, of the choir closure, of the left transept as well as the adjoining chapels stylised cross flowers.

The building is constructed of brick laid in English bond with profiled brick used for the plinth; hardstone for mouldings, offsets, sub-sills, setting pieces, column shafts and column bases, cappings on gable ends and the junctions of buttresses; furthermore sandstone for windows and capitals.

The nave comprises three bays; the transept one bay with adjoining to the left bay two built-out chapels and to the right bay the tower; the choir one bay with five-eighths closure. Nave, transept, choir, choir closure and side aisles with projecting dentil moulding with encircling brick guttering. Below the building a projecting plinth. The windows are provided with coloured, partly geometric and partly figurative, leaded glass. Symmetrical front facade with three-part composition. Ground floor with three-part, separated by gradually diminishing buttresses, portal.

Central aisle with slightly projecting main portal, closed with a canopy in which a cross flower and consisting of double wooden clamped door with decorative wrought-iron ironwork and handle above which a pointed-arch fanlight with quatrefoil provided with leaded glass with brick archivolt resting on double small columns. On either side of the main portal blind pointed-arch recesses. Portals in the side aisles with similar detailing. Above the main portal a deeply recessed rose window under a round arch supported with small columns and in the gable end a similar window with upper sill of two coupled trefoils under a pointed arch. In the nave, the transept (nave and choir side) and the choir a round window. In the closure of the left transept arm two coupled lancets under a round window in a deeply recessed pointed-arch field with above it in the gable end a window as in the front facade. On the ground floor two chapels with lancet windows under gable ends. Side aisles with per bay a lancet window, partly simplified. Gable ends of the side aisles with round windows. Choir closure with originally per bay two lancets placed one above the other, now on the ground floor partly filled in.

On the right transept the tower which has four storeys, separated by mouldings. The first contains the entrance with brick archivolt, the second windows as in the closure of the left transept with on the north side a staircase tower with conical roof, the third a clock and the fourth two pointed-arch-shaped, coupled sound openings. Right-angled, gradually diminishing buttresses. Needle spire flanked by four diagonally placed pinnacles with balustrade. Internally the nave, transept and choir have a three-part composition whereby per bay from top to bottom the aforementioned round window, a blind triforium with two round-arch recesses coupled through a central colonette and (under an encircling moulding) flattened, pointed-arch wall arches that rest on simple heavy piers with foliage capitals. From the piers spring brackets that support the vault ribs and transverse arches. The church is vaulted with stuccoed cross-rib vaults. Crossing with cluster piers. In the left transept two round-arch-shaped wall arches open onto the chapels. The lower choir closure, with encircling horizontal mouldings under the windows and slender brackets, likewise has a three-part composition. Of particular importance from the interior and furnishings are: partly original church floor with black-and-white tiles; relieved panel door in tower portal; (partly coloured) leaded-glass windows; stained-glass windows in the chapels of the left transept depicting Saint Augustine and Mary from the workshop of J. Menke from Goch (1910); stained-glass windows in the choir closure with on the ground floor the Deposition of the Cross flanked by the symbols of the four evangelists (right window restored in 1991) and on the upper floor scenes from the life of Anna and Mary; furthermore a bronze calvary group and a (relocated) bronze plaque with the Last Supper by the goldsmith Brom from Utrecht (1937); a white marble baptismal font and a one-manual mechanical organ made by H. Vermeersch in 1850, originating from Luijksgestel.

Appraisal.

The parish church is of general importance. The object has cultural-historical values as a particular expression of the development and emancipation aspirations of the Roman Catholic church. Furthermore as evidence of the influence of E. Viollet-le-Duc on neo-gothic church construction in our country. Moreover because the object, as an interpretation and emulation of the French example in Aillant-sur-Tholon intended as a model for village churches, with offset tower and lower choir closure, is of typological importance for the (international) development and distribution of this type of village church. The object has architectural-historical value because of the aesthetic qualities of the detailing in particular the front facade and the tower with pinnacles. The object has ensemble values as an essential component of a historically developed religious ensemble, further consisting of the adjoining rectory and the cemetery located behind it on C. Kannemansstraat. Moreover as a visually defining element in Hintham on account of its distinctive silhouette.

The object is of importance because of the integrity of the principal architectural form and parts of the interior and furnishings.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map