Rijksmonumentenregister · Netherlands
Woonhuis, Hoofdweg 244
Bellingwolde, Groningen, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Woonhuis
- Category
- onroerend gebouwd
- Built
- 1909
- Address
- Hoofdweg 244, 9695 AV Bellingwolde (Westerwolde 20)
- Place
- Bellingwolde
- Municipality
- Westerwolde
- Province
- Groningen
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 53.11883, 7.16671
- Monument number
- 520929
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
David Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesUniversity Library, Vrije Universiteit AmsterdamUniversity Library, Vrije Universiteit Amsterdam
3 historical maps cover this location, the earliest the 1870 map "Kaart van Westerwolde : zijnde het 6e schooldistrict in de Provincie Groningen" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
RENTENIERSWONING met aangebouwde (BIJ)KEUKEN gebouwd in 1909 in opdracht van de weduwe Heres Diddens in een Overgangsarchitectuur met Chaletstijl, Rationalistische en Art Nouveau elementen. Het pand is ontworpen door architect A.Th. van Elmpt, die rond de eeuwwisseling veel in de stad Groningen heeft gebouwd. In 1987 is aan de achterzijde van de (bij)keuken een nieuwe berging in overeenkomstige stijl aangebouwd. De berging komt echter wegens te geringe ouderdom niet voor bescherming van rijkswege in aanmerking.
De villa is monumentaal gelegen op een langgerekt perceel aan het lint van Bellingwolde, dat zal worden voorgedragen als beschermd gezicht. Het pand vormt in combinatie met het eveneens beschermde buurpand (Hoofdweg 242), dat ook door Van Elmpt is ontworpen, een fraai ensemble. In de diep tuin aan de achterzijde en aan de noordzijde staan monumentale beuken.
Omschrijving
RENTENIERSWONING met aangebouwde (BIJ)KEUKEN.
De twee verdiepingen hoge, deels onderkelderde RENTENIERSWONING op nagenoeg rechthoekige plattegrond is opgetrokken in een bruine bezande steen, die halverwege is witgepleisterd, op een trasraam van gesinterde bruinpaarse baksteen afgezet met oranje geglazuurde profielsteen, en wordt gedekt door een samengestelde kap waarop oranje geglazuurde tuiles du Nord; twee pirons; hoge gemetselde schoorsteen; overkragende houten goot op houten klossen; sierankers; bij de serre en aan de voorzijde gemetselde muurdammen afgedekt met natuursteen; voorgevel houten vakwerk-achtig fries. De gevels worden geleed door H-vensters met in de bovenlichten roedenverdeling en groen glas onder een boog van bruine bezande steen of een houten of natuurstenen latei; onderdorpel oranje geglazuurde profielsteen of hardsteen.
In de risalerende halsgevel aan de voorzijde (westgevel) een segmentvormige erker onder plat dak waarin vier H-vensters. Boven de erker een T-venster met negenruits zijlichten onder één houten latei. In de top een samengesteld driedelig venster met zesruits bovenlichten onder een segmentboog. De halsgevel wordt bekroond met een halfrond fronton waarin het bouwjaar 1909. De entree in uitgebouwd portiek is tegen het linker geveldeel aangebouwd. De entree bestaat uit een houten paneeldeur onder rollaag waarvoor een drie treden hoge hardstenen stoep met rood/zwarte tegelvloer. De portiek is opgebouwd uit een plat houten dak dat wordt gedragen door houten stijlen; hardstenen balustrade. Boven de portiek een vierdelig bovenlicht waarin gekleurd glas-in-lood onder een natuurstenen latei waarboven een samengesteld driedelig venster deels met roedenverdeling.
In het linker geveldeel van de noordgevel een samengesteld tweedelig T-venster met aan de onderzijde roedenverdeling en twaalfruits bovenlichten onder strek waaronder twee tweeruits keldervensters met diefijzers in een gemetselde koekoek afgedekt met een ijzeren rooster. Rechts van het T-venster een staand venster waarin gekleurd glas-in-lood en een staand tweedelig venster, beide onder rollaag. Halverwege de eerste verdieping een getoogd liggend tiendelig venster waarin gekleurd glas-in-lood onder een segmentboog met natuurstenen aanzetstenen. Op de eerste verdieping een getoogd venster en een liggend driedelig venster onder strek met roedenverdeling. Tegen de rechterzijde van dit geveldeel een uitbouw onder tentdak met in de schuine zijde een staand venster waarin gekleurd glas-in-lood onder rollaag. In het rechter geveldeel een staand tweedelig venster waarin gekleurd glas-in-lood onder rollaag.
Links in de achtergevel (oostzijde) een inpandig terras met houten balustrade en rood/zwarte tegelvloer waarachter een houten terrasdeur waarin glas met zij- en bovenlichten met roedenverdeling en groen glas onder strek; het dak wordt gedragen door houten stijlen met houten sleutelstukken. Boven het inpandige terras een loggia met houten balustrade waarachter een houten balkondeur waarin glas met bovenlicht; het dak wordt gedragen door houten stijlen met sleutelstukken; linkerzijde houten beschot. Aan de rechterzijde van de achtergevel is de schuur aangebouwd.
Tegen het linker geveldeel van de zuidgevel is een serre onder ruim overstekend afgeknot schilddak aangebouwd; zowel aan de voor- als linkerzijde een samengesteld driedelig venster met halfrond driedelig bovenlicht met omlijsting van oranje baksteen; aan de rechterzijde een houten terrasdeur waarin glas met zij- en driedelig halfrond bovenlicht en omlijsting van oranje baksteen. Voor de deur een terras met rood/zwarte tegelvloer waarvoor een vier treden hoge gemetselde stoep met aan de rechterzijde een gemetseld muurtje. Boven de serre een balkon (balustrade ontbreekt) waarachter dubbele houten balkondeuren waarin glas met bovenlichten met roedenverdeling. Boven het balkon, deels in het dak en deels in de gevelwand, een dakkapel onder zadeldak waarin een halfrond achtruits venster. In de risalerende topgevel met wolfeind rechts van de zuidgevel twee H-vensters onder strek. Op de eerste verdieping twee T-vensters onder strek waarboven twee staande achtruits vensters onder rollaag.
In het INTERIEUR zijn ondermeer van belang: de houten paneeldeuren met geprofileerde houten omlijsting deels met groen glas en roedenverdeling, in de vestibule de gekleurde tegellambrizering, het stucplafond en de houten tochtdeur waarin geëtst glas met zij- en bovenlichten waarin gekleurd glas-in-lood, in de hal de geel/rode tegelvloer, de gekleurde tegellambrizering, het stucplafond en de houten bordestrap met opengewerkte houten leuning met geometrische patronen, in het toilet de rood/zwarte tegelvloer en wit/blauwe tegellambrizering, in de salon en eetkamer het stucplafond, in de serre de schuine kastenwand, de geprofileerde houten omlijsting van de vensters en de houten schuifdeur waarin glas met zij- en bovenlichten waarin gekleurd glas-in-lood, in de kelder de troggewelven, de plavuizenvloer en de houten bewaarrekken, op de eerste verdieping de houten bordestrap, in de slaapkamers de balkenplafonds en de ingebouwde kasten, in de slaapkamer aan de zuidzijde de zwartmarmeren schouw.
De aangebouwde (BIJ)KEUKEN wordt gedekt door een schilddak waarop geglazuurde oranje tuiles du Nord. In de noordgevel een staand tweedelig venster onder rollaag en een houten paneeldeur met zesruits venster onder rollaag waarvoor een drie treden hoge gemetselde stoep. Tegen de oostgevel (achterzijde) een niet-originele aanbouw (niet beschermd). In de zuidgevel een klein staand venster en een niet-originele deur en raam.
Waardering
Rentenierswoning met aangebouwde (bij)keuken van algemeen belang vanwege architectuur- en cultuurhistorische waarde:
- als voorbeeld van een rentenierswoning uit 1909 in de provincie Groningen in een Overgangsarchitectuur met Chaletstijl, Rationalistische en Art Nouveau elementen
- vanwege de evenwichtige compositie en ambachtelijke detaillering
- vanwege de vrij hoge mate van gaafheid van zowel exterieur als delen van het interieur
- als opvallend voorbeeld binnen het oeuvre van architect Van Elmpt
- vanwege de hoge ensemblewaarde in combinatie met het buurpand Hoofdweg 242
- vanwege de monumentale ligging aan het lint van Bellingwolde, dat zal worden voorgedragen als beschermd gezicht
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
RENTIER'S RESIDENCE with attached (AUXILIARY) KITCHEN built in 1909 on commission of the widow Heres Diddens in a Transitional architecture with Chalet style, Rationalist and Art Nouveau elements. The building was designed by architect A.Th. van Elmpt, who built extensively in the city of Groningen around the turn of the century. In 1987 a new storage building in corresponding style was built on the rear side of the (auxiliary) kitchen. However, the storage building does not qualify for protection by the state owing to insufficient age.
The villa is monumentally situated on an elongated plot along the edge of Bellingwolde, which will be proposed as a protected townscape. The building forms, in combination with the similarly protected neighbouring building (Hoofdweg 242), which was also designed by Van Elmpt, a fine ensemble. In the deep garden on the rear side and on the north side stand monumental beeches.
Description
RENTIER'S RESIDENCE with attached (AUXILIARY) KITCHEN.
The two-storey, partly cellaraged RENTIER'S RESIDENCE on an approximately rectangular floor plan is built in brown sanded brick, which is rendered white halfway up, on a tuff base of sintered brown-purple brickwork set off with orange glazed moulded brick, and is covered by a composite roof truss structure topped with orange glazed tuiles du Nord; two chimneys; high brick chimney stack; overhanging wooden gutter on wooden corbels; ornamental wall anchors; beside the conservatory and on the front side brick wall damps topped with natural stone; front facade wooden half-timbered-like frieze. The facades are articulated by H-windows with glazing bars in the fanlights and green glass under an arch of brown sanded brick or a wooden or natural stone lintel; under-transom orange glazed moulded brick or hardstone.
In the projecting neck gable on the front side (west facade) a segmental bay window under flat roof in which four H-windows. Above the bay window a T-window with nine-pane side lights under one wooden lintel. At the top a composite three-part window with six-pane fanlights under a segmental arch. The neck gable is crowned with a half-round pediment in which the building year 1909. The entrance in an added porch is built against the left part of the facade. The entrance consists of a wooden panelled door under arch lintel in front of which a hardstone step three steps high with red/black tile floor. The porch is built up from a flat wooden roof carried by wooden posts; hardstone balustrade. Above the porch a four-part fanlight in which coloured leaded glass under a natural stone lintel above which a composite three-part window partly with glazing bars.
In the left part of the north facade a composite two-part T-window with glazing bars at the lower part and twelve-pane fanlights under straight lintel below which two two-pane cellar windows with anti-theft bars in a brick casing topped with an iron grille. Right of the T-window a standing window with coloured leaded glass and a standing two-part window, both under arch lintel. Halfway up the first storey a sprung lying ten-part window with coloured leaded glass under a segmental arch with natural stone spur stones. On the first storey a sprung window and a lying three-part window under straight lintel with glazing bars. Against the right side of this part of the facade an outbuilding under tent roof with in the sloping side a standing window with coloured leaded glass under arch lintel. In the right part of the facade a standing two-part window with coloured leaded glass under arch lintel.
On the left in the rear facade (east side) an indoor terrace with wooden balustrade and red/black tile floor behind which a wooden terrace door with glass with side and fanlights with glazing bars and green glass under straight lintel; the roof is carried by wooden posts with wooden keystones. Above the indoor terrace a loggia with wooden balustrade behind which a wooden balcony door with glass with fanlight; the roof is carried by wooden posts with keystones; left side wooden boarding. On the right side of the rear facade the shed is built on.
Against the left part of the south facade a conservatory under generously projecting truncated hipped roof is built on; on both the front and left side a composite three-part window with half-round three-part fanlight with border of orange brick; on the right side a wooden terrace door with glass with side and three-part half-round fanlight and border of orange brick. In front of the door a terrace with red/black tile floor in front of which a brick step four steps high with on the right side a brick wall. Above the conservatory a balcony (balustrade missing) behind which double wooden balcony doors with glass with fanlights with glazing bars. Above the balcony, partly in the roof and partly in the gable wall, a roof dormer under gabled roof with a half-round eight-pane window. In the projecting gable with half-hip on the right of the south facade two H-windows under straight lintel. On the first storey two T-windows under straight lintel above which two standing eight-pane windows under arch lintel.
In the INTERIOR are amongst others of importance: the wooden panelled doors with moulded wooden surround partly with green glass and glazing bars, in the vestibule the coloured tile wainscot, the stucco ceiling and the wooden draught door with etched glass with side and fanlights with coloured leaded glass, in the hall the yellow/red tile floor, the coloured tile wainscot, the stucco ceiling and the wooden staircase with open wooden balustrade with geometric patterns, in the toilet the red/black tile floor and white/blue tile wainscot, in the salon and dining room the stucco ceiling, in the conservatory the sloping cabinet wall, the moulded wooden surround of the windows and the wooden sliding door with glass with side and fanlights with coloured leaded glass, in the cellar the barrel vaults, the tile floor and the wooden storage racks, on the first storey the wooden staircase, in the bedrooms the beam ceilings and the built-in cupboards, in the bedroom on the south side the black marble fireplace.
The attached (AUXILIARY) KITCHEN is covered by a hipped roof topped with glazed orange tuiles du Nord. In the north facade a standing two-part window under arch lintel and a wooden panelled door with six-pane window under arch lintel in front of which a brick step three steps high. Against the east facade (rear side) a non-original extension (not protected). In the south facade a small standing window and a non-original door and window.
Valuation
Rentier's residence with attached (auxiliary) kitchen of general importance owing to architectural and cultural-historical value:
- as an example of a rentier's residence from 1909 in the province of Groningen in Transitional architecture with Chalet style, Rationalist and Art Nouveau elements
- owing to the balanced composition and crafted detailing
- owing to the relatively high degree of integrity of both exterior and parts of the interior
- as a striking example within the oeuvre of architect Van Elmpt
- owing to the high ensemble value in combination with the neighbouring building Hoofdweg 242
- owing to the monumental siting along the edge of Bellingwolde, which will be proposed as a protected townscape
Nearby in the register
- Woonhuis, Hoofdweg 242Woonhuisunder 1 mi
- Schuur(M), Hoofdweg bij 242Boerderijunder 1 mi
- Woonhuis, Hoofdweg 221Woonhuisunder 1 mi
- Pastorie(K), Hoofdweg 223Dienstwoningunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.