Rijksmonumentenregister · Netherlands
Hoeve Dorpszicht
Barendrecht, Zuid-Holland, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Boerderij
- Function
- Boerderij(M1)
- Category
- onroerend gebouwd
- Built (approximately)
- 1790 - 1815
- Address
- Dorpsstraat 177, 2992 AA Barendrecht
- Place
- Barendrecht
- Province
- Zuid-Holland
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 51.85861, 4.53094
- Monument number
- 520879
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
Leiden University LibrariesUniversity Library, Vrije Universiteit AmsterdamDavid Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesDavid Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesDavid Rumsey Map Collection, Stanford Libraries
5 historical maps cover this location, the earliest the 1787 map "[Kaart figuratif van alle de operatien en marssen den K. Pruissichen troupes... van Woesel aff tot binnen de provintie van Hollandt en Amsterdam in d. j. 1787 enz.] COLLBN Port 4 N 75 sheet 1" (Leiden University Libraries).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
BOERDERIJ ('Dorpzicht') voor gemengd bedrijf van het zijlangsdeeltype. De van oorsprong veel oudere boerderij is in 1891 herbouwd, waarbij de in Neo-Classicistische stijl uitgevoerde delen van het laat achtiende of vroeg negentiende - eeuwse interieur gehandhaafd zijn. Het huidige aanzien van de hoeve is karakteristiek voor veel negentiende - eeuwse boerderijen, die zijn gebouwd in een Traditioneel-ambachtelijke bouwstijl. Aan de entree tot het erf een TOEGANGSHEK met gietijzeren, negentiende - eeuwse hekpijlers en draaihekken.
Omschrijving
In gele (woongedeelte) en rode baksteen (bedrijfsgedeelte), vanuit twee rechthoekige bouwdelen samengestelde boerderij onder met gesmoorde Hollandse pannen (woongedeelte) en kruispannen (bedrijfsgedeelte) gedekte zadeldaken met wolfseinden. De gevelopeningen in het woongedeelte zijn rechtgesloten, die in het bedrijfsgedeelte hebben verschillende vormen.
De met de noklijn evenwijdig aan de weg staande boerderij heeft een voorgevel van het type ingezwenkte lijstgevel. De symmetrische gevel is voorzien van onder hanekammen van rode baksteen staande gevelopeningen. De centraal geplaatste, van omstreeks 1930 daterende voordeur heeft een zesruits-bovenlicht en aan weerszijden een venster met roedenverdeling in de schuiframen. De zolderverdieping bevat twee vierruits vensters met schuiframen en ertussen een gevelsteen met herbouwdatum (1891) en een op een ingemetseld fronton gelijkend, gepleisterd driehoekig spaarveld met wapenschilden. De gevel heeft inzwenkingen met uitgemetselde, met zink beklede deklijsten en wordt op de schouders bekroond door hardstenen voluten. De gevel heeft een gevelbeëindiging in de vorm van een entablement met eenvoudige versieringen in het fries en een geprofileerde, uitkragende kroonlijst. De rechter zijgevel heeft een gepleisterde plint en bevat twee grote, onder strekken staande vensters met roedenverdeling in de schuiframen voor de opkamer. De met luiken behangen keldervensters hieronder zijn voorzien van diefijzers. De twee vensters met zesruits-schuiframen rechts in de gevel staan eveneens onder strekken. Tussen deze vensters en de dakgoot bevindt zich een luik. De geprofileerde gootlijsten rusten op smeedijzeren klampen. De linker zijgevel is voorzien van twee grote vensters met roedenverdeling in de schuiframen, die staan onder strekken. Boven een niet oorspronkelijk venster links hiervan bevindt zich een luik. In de iets lagere gevel van het bedrijfsgedeelte staan een niet originele deur en een getoogd gietijzeren venster met roedenverdeling. De vlakke dakgoot van het woonhuis rust ook hier op smeedijzeren klampen. uit het dakschild hierboven steekt een tegen de voorgevel van de schuur leunende smalle schoorsteen.
Alle gevels van het jongere bedrijfsgedeelte hebben een aangesmeerde plint. De voorzijde van de schuur, rechts van het woonhuis, bevatte oorspronkelijk dubbele mendeuren, die zijn vervangen door een roldeur. De gevelopening is voorzien van hardstenen schampstenen en staat onder een rollaag en een boogvenster met een radiale roedenverdeling in de vorm van een rijzende zon. De gevel is voorzien van windveren en een gietijzeren roosvenster onder het wolfseind.
De rechter langsgevel bevat twee kleine, halfronde stalvensters met gietijzeren ramen, een stel toegevoegde schuifdeuren en geheel rechts een uit een onder- en bovendeur samengestelde staldeur onder vierruits bovenlicht. De dakgoot rust op houten klampen.
De achtergevel bevat van links naar rechts drie getoogde stalvensters met gietijzeren ramen, een deur en een vierde identiek stalvenster. De grote vierkante gevelopening rechts in de gevel is niet origineel. Ongeveer ter hoogte van de dakvoet is een reeks schieters aan de gevel bevestigd. Ook deze kopgevel is voorzien van windveren en een rond venster met ijzeren raam onder het wolfsend.
De linker langsgevel is voor een deel aan het gezicht onttrokken door een in 1998 toegevoegde aanbouw, die het negentiende - eeuwse karnhuis heeft vervangen. Het nog zichtbare deel van de gevel links van de aanbouw bevat drie getoogde vensters met ijzeren ramen. De dakgoot rust ook hier op houten klampen.
Het inwendige van het woongedeelte bevat nog achttiende en negentiende - eeuwse en mogelijk nog oudere onderdelen. De vloer van de gang en de hal achter de voordeur is bedekt met diagonaal gelegde, uit zwarte en witte marmeren tegels samengesteld patroon. De plafonds zijn van geprofileerd stucwerk en hout en de wanden zijn voorzien van gemarmerde deur- en boogomlijstingen en deels gehoute houten wanden en pilasters. De boogdoorgang naar achteren, zowel als die van de trap hebben een geprofileerde gemarmerde omlijsting met kapiteeltjes en een sluitstuk met acanthusbladmotieven. De bogen staan tussen met een kapiteel bekroonde pilasters. De bogen vormen het onderstel van een gehout entablement met geometrische motieven in het fries en een geprofileerde kroonlijst. Hierboven bevinden zich twee door een houten penant van elkaar gescheiden ramen onder een profiellijst. Het linker raam maakt deel uit van een dienstboden- of knechtenkamertje, het rechter raam maakt deel uit van de trapopgang. De opkamer rechts van de hal bevat onder meer een schouw met een deels houten schouwmantel, waarop een geprofileerde toog staat. De boezem wordt verlevendigd door een reliëf van takken met bladeren en een adelaar en bekroond door een rijk bewerkt entablement met een uitkragende kroonlijst. De kelder onder de opkamer is waarschijnlijk het oudste deel van de boerderij. De grote, dubbele kelder is onder meer voorzien van een hardstenen drempel, traptreden met natuurstenen tegels, vloeren met plavuizen en tongewelven. Een nog oudere derde kelder bevat onder meer zeer oude, handgeschilderde tegels, estrikken en een put. De gang naar achteren met onder meer gehoute deuren met imitatiepanelen en gemarmerde profiellijsten komt uit in een halletje met onder meer paneeldeuren en een convex gewelfde wand met eveneens convex gewelfde paneeldeuren. De steektrap achter de rechter boogdoorgang is voorzien van gemarmerde treden en trapbomen en voert naar de zolder via een tussenbordes met tussendeur, waarachter een scheluwe trap verder naar boven voert. De zolder is onder meer voorzien van een appelhok en een schoorsteen met achter de luiken ruimte voor het roken van vleeswaren. De achterzolder boven de keuken is afgetimmerd met houten wanden en bevat onder meer nog een bedstee. De kap heeft een gangbare constructie met Hollandse spanten. Het driebeukige bedrijfsgedeelte is voor een deel verbouwd. De veestallen zijn niet meer aanwezig en ook andere oorspronkelijke ruimtes en onderdelen zijn vervangen of verdwenen.
Het toegangshek bestaande uit twee gietijzeren hekpalen en de ermee verbonden hekwerken aan de entree tot het erf vallen eveneens onder de bescherming.
Waardering
De boerderij met bijbehorend toegangshek is van algemeen belang vanwege de cultuurhistorische en de architectuurhistorische waarde.
- De boerderij is van cultuurhistorisch belang als een bijzonder voorbeeld van een voor de streek karakteristiek type.
- De boerderij heeft architectuurhistorische waarde vanwege de bijzondere vormgeving en de detaillering en vanwege de samenhang tussen in- en exterieur.
- De boerderij heeft ensemblewaarde vanwege de bijzondere samenhang met het ernaast staande, niet onder de bescherming vallende woonhuis nr. 175.
- De boerderij is tevens van belang vanwege de herkenbaarheid en de redelijke mate van gaafheid van zowel het exterieur als delen van het interieur.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
FARMHOUSE ('Dorpzicht') for mixed agricultural use of the side-passage-share type. The originally much older farmhouse was rebuilt in 1891, whereby the interior elements executed in Neo-Classical style from the late eighteenth or early nineteenth century were retained. The current appearance of the farm is characteristic of many nineteenth-century farmhouses, which were built in a Traditional-craft building style. At the entrance to the farmyard a GATE with cast-iron, nineteenth-century gate posts and swing gates.
Description
In yellow (residential section) and red brick (business section), composed of two rectangular building elements, the farmhouse is covered with suppressed Dutch tiles (residential section) and cross tiles (business section) with gabled roofs with half-hipped ends. The gable openings in the residential section are straight-sided; those in the business section have various forms.
The farmhouse, with its ridge line parallel to the road, has a front facade of the cornice-topped facade type. The symmetrical facade is provided with gable openings standing under roof ridges of red brick. The centrally placed front door, dating from approximately 1930, has a six-pane fanlight and on either side a window with glazing bars in the sash frames. The attic storey contains two four-pane windows with sash frames and between them a stone tablet with the rebuild date (1891) and a plastered triangular spandrel resembling an embedded pediment, with coats of arms. The facade has inward angles with projecting drip mouldings clad with zinc and is crowned at the shoulders by ashlar volutes. The facade has a termination in the form of an entablature with simple ornaments in the frieze and a profiled, projecting cornice. The right side facade has a plastered plinth and contains two large windows standing under lintels with glazing bars in the sash frames for the reception room. The shutter-hung cellar windows below are fitted with theft bars. The two windows with six-pane sash frames on the right in the facade also stand under lintels. Between these windows and the roof gutter is a shutter. The profiled gutter mouldings rest on wrought-iron cramps. The left side facade is provided with two large windows with glazing bars in the sash frames, which stand under lintels. Above a non-original window to the left of these is a shutter. In the somewhat lower facade of the business section stand a non-original door and an arched cast-iron window with glazing bars. The flat roof gutter of the residential house also rests here on wrought-iron cramps. From the roof plate above protrudes a narrow chimney leaning against the front facade of the barn.
All facades of the younger business section have a rendered plinth. The front of the barn, to the right of the residential house, originally contained double entrance doors, which have been replaced by a roller door. The gable opening is provided with hardstone quoins and stands under a roll moulding and an arched window with radial glazing bars in the form of a rising sun. The facade is provided with wind braces and a cast-iron grille window under the half-hipped end.
The right long facade contains two small, semi-circular stable windows with cast-iron frames, a pair of added sliding doors and at the far right a stable door composed of an upper and lower section under a four-pane fanlight. The roof gutter rests on wooden cramps.
The rear facade contains from left to right three arched stable windows with cast-iron frames, a door and a fourth identical stable window. The large square gable opening on the right in the facade is not original. Approximately at the height of the roof edge is a series of shingles attached to the facade. This gable facade too is provided with wind braces and a round window with iron frame under the half-hipped end.
The left long facade is partly hidden from view by an extension added in 1998, which replaced the nineteenth-century churn house. The still-visible part of the facade to the left of the extension contains three arched windows with iron frames. The roof gutter also rests here on wooden cramps.
The interior of the residential section still contains eighteenth and nineteenth-century and possibly even older components. The floor of the hallway and the hall behind the front door is covered with a pattern composed of black and white marble tiles laid diagonally. The ceilings are of profiled stucco and wood and the walls are provided with marbled door and arch mouldings and partly wooden walls and pilasters. The arched passage to the rear, as well as that of the stair have a profiled marbled moulding with small capitals and a keystone with acanthus leaf motifs. The arches stand between pilasters topped with a capital. The arches form the base of a wooden entablature with geometric motifs in the frieze and a profiled cornice. Above this are two windows separated by a wooden pendant under a profile moulding. The left window is part of a servants' or farmhands' room, the right window is part of the stair passage. The reception room to the right of the hall contains among other things a fireplace with a partly wooden mantelpiece, on which stands a profiled lintel. The breast is enlivened by a relief of branches with leaves and an eagle and crowned by a richly worked entablature with a projecting cornice. The cellar under the reception room is probably the oldest part of the farmhouse. The large, double cellar is provided among other things with a hardstone threshold, stair treads with natural stone tiles, floors with paving tiles and barrel vaults. An even older third cellar contains among other things very old, hand-painted tiles, beaten earth, and a well. The passage to the rear with among other things wooden doors with imitation panels and marbled profile mouldings leads into a small hall with among other things panel doors and a convexly vaulted wall with likewise convexly vaulted panel doors. The steep stair behind the right arched passage is provided with marbled treads and stair strings and leads to the attic via an intermediate landing with an intermediate door, behind which a narrow stair continues further up. The attic is provided among other things with a fruit store and a chimney with space behind the shutters for smoking meat products. The rear attic above the kitchen is boarded with wooden walls and contains among other things a bed alcove. The roof truss has a common structure with Dutch roof trusses. The three-aisle business section has been partly rebuilt. The cattle stalls are no longer present and other original spaces and components have also been replaced or removed.
The entrance gate consisting of two cast-iron gate posts and the associated gate works at the entrance to the farmyard are also subject to protection.
Valuation
The farmhouse with its associated entrance gate is of general importance because of its cultural-historical and architectural-historical value.
- The farmhouse is of cultural-historical importance as a particularly characteristic example of a type typical of the region.
- The farmhouse has architectural-historical value because of its distinctive design and detailing and because of the coherence between interior and exterior.
- The farmhouse has ensemble value because of its particular relationship with the adjacent residential house no. 175, which does not fall under protection.
- The farmhouse is also of importance because of the recognizability and the reasonable degree of integrity of both the exterior and parts of the interior.
Nearby in the register
- Boerderij, Dorpsstraat 168Boerderijunder 1 mi
- Woonhuis, Doormanplein 6Woonhuisunder 1 mi
- Nutsbedrijf, Dorpsstraat 152Industrieunder 1 mi
- Woonhuis, Dorpsstraat 141Woonhuisunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.