TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Nutsbedrijf, Dorpsstraat 152

Barendrecht, Zuid-Holland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Industrie
Function
Nutsbedrijf
Category
onroerend gebouwd
Built
1912
Address
Dorpsstraat 152, 2992 BE Barendrecht
Place
Barendrecht
Province
Zuid-Holland
Country
Netherlands
Coordinates
51.85831, 4.53370
Monument number
520878

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

3 historical maps cover this location, the earliest the 1904 map "Bl. 24 Dordrecht, 1904" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding

De WATERTOREN is ten behoeve van de drinkwatervoorziening gebouwd in 1912 naar een ontwerp van de bouwkundige Roelof Kuipers. De 36 meter hoge toren heeft een betonnen skelet met een vulling van baksteen. De toren is gebouwd in een Overgangsstijl met elementen uit de Italiaanse Renaissance en is voorzien van een voor de bouwtijd vrij gangbaar betonnen vlakbodemreservoir met een inhoud van 120 m3. De thans niet meer voor de drinkwatervoorziening in gebruik zijnde toren wordt vergezeld door een op twee niveaus met de toren verbonden kleinere toren. Dit torentje had de functie van filtergebouw en was voorzien van drie filterketels en een reinwaterkelder.

Omschrijving

Vanuit een vierkante plattegrond in deels gepleisterde baksteen, kunststeen en beton opgetrokken en onder een kegeldak staande watertoren. De toren is gekoppeld aan een kleine toren van baksteen, die een ronde plattegrond heeft en met een octogonaal kegeldak wordt afgesloten. Beide daken hadden oorspronkelijk een pannendekking. De watertoren heeft een met schijnvoegen verlevendigde onderbouw van beton en/of aangesmeerde baksteen, die aan drie zijden is voorzien van een driezijdige erker. De vierde zijde bevat de hoog in de gevel staande entree. Deze staat boven een symmetrische dubbele bordestrap, die aan de voorzijde op de begane grond is voorzien van een deur en verder bestaat uit een steektrap aan weerszijden van het bordes en opengewerkte balustrades. Vanaf het bordes voert een korte derde steektrap naar een rondboogdeur, die staat tussen deels overhoeks geplaatste borstweringen, die de zelfde detaillering hebben als de trapbalustrades en aansluiten op de erkers aan weerszijden. De deur staat binnen een bloklijst, die aan de bovenzijde is verbonden met kraagstukken en een lijst die wordt bekroond door het wapen van de gemeente Barendrecht. De erkers zijn voorzien van een segmentboogvormig venster met een roedenverdeling in het bovenraam van het gewijzigde rechter erkervenster en een roedenverdeling in het originele ijzeren raam van het linker erkervenster. De erkers dragen een balustrade als die aan weerszijden van de deur. De derde erker sluit aan op het tussenlid dat de toren met de kleine toren verbindt. Boven elke erker staat een getoogd venster met roedenverdeling in het stalen raam. De met de bakstenen gevelvelden contrasterende hoeken van de toren zijn van blokken beton en lopen door tot de bovenste geleding van de toren. Het middendeel van de toren bevat aan alle zijden smalle, boven elkaar staande vensters met getrapte keperboogjes. De licht gekleurde bovenste torengeleding met het reservoir heeft boven de balkons een afwijkend plattegrond met convex gewelfde gevels, die gezamelijk een door de hoeken onderbroken cirkel vormen. De brede balkons accentueren aan alle zijden de overgang tussen het middendeel van de toren en de bovenste geleding met het reservoir. De vier identieke balkons rusten op consoles van uitgemetselde baksteen. Ze zijn voorzien van balustrades van opengewerkt metselwerk. De balkons zijn bereikbaar via terugliggende rondboogdeuren met een omlijsting van baksteen die wordt bekroond door een fronton met een geprofileerde omlijsting. De toren wordt beëindigd door een profielrand en hoger opgaande hoekaccenten. Het platte verbindingslid met de kleine ronde toren bevat een niet oorspronkelijke deur met zijlichten en getoogd bovenlicht.

Hierboven bevindt zich een tweede verbinding tussen de torens in de vorm van een betonnen, met baksteen beklede loopbrug met eveneens betonnen onderbouw. De loopbrug bevat per zijde twee smalle, getoogde vensters met roedenverdeling in de stalen ramen, waarvan ook een reeks op de begane grond en onder de uitgemetselde gevelrand van de sobere kleinere toren is te vinden. Het inwendige van de toren is voor een belangrijk deel in de oorspronkelijke staat bewaard gebleven. De hoeken van de toren bestaan uit vierkante betonnen kolommen met overhoekse verbindingen naar de muren. De betonnen vloeren in de toren rusten op gekruiste koppelbalken van beton die zijn verbonden met de hoekkolommen. De vloeren zijn met elkaar verbonden door houten steektrappen met bordessen op de lagere niveaus en houten ladders ter hoogte van het reservoir. Op de derde etage bevindt zich een rechthoekige betonnen bak, waarboven twee "lekvloertjes" liggen en zich een hoge, lege ruimte bevindt. Deze ruimte wordt beëindigd door de vloer van een lage ruimte met de deuren naar de balkons. De koppelbalken in deze ruimte zijn aan de binnenzijde afgerond toegesneden voor een goede afvoer van de druk van het gewicht van het vlakbodemreservoir op de hoekolommen. Het gesloten ronde reservoir heeft in het midden een ronde pijp met een ijzeren ladder, die onder de kap uitkomt. Op de tweede etage van de toren bevindt zich de loopbrugverbinding met een betonnen trap naar de kleine toren, die oorspronkelijk diende als filtergebouw. Het torentje heeft in het bovenste gedeelte een rond reservoir van beton met een eveneens betonnen trechterpijp, die werd gebruikt voor de filtering van het water. Het onderste deel van het torentje bevatte drie filterketels, die zijn verwijderd, nadat de watertoren zijn functie kwijtraakte.

Waardering

De watertoren is van algemeen belang vanwege de cultuurhistorische, de architectuurhistorische en de stedebouwkundige waarde.

- De watertoren heeft cultuurhistorische waarde als een bijzonder voorbeeld van een ontwikkeling in de bouw van watertorens voor de drinkwatervoorziening.

- De watertoren heeft stedebouwkundige waarde als een belangrijk, beeldbepalend element in het dorpsbeeld en als een bijzonder oriëntatiepunt.

- De watertoren heeft architectuurhistorische waarde vanwege de bijzondere vormgeving, de toegepaste stilistische motieven en het gecombineerde gebruik van de materialen beton en baksteen.

- De watertoren is tevens van belang vanwege de herkenbaarheid en de grote mate van gaafheid van het exterieur en belangrijke delen van het interieur.

- Als een van de weinige torens in Nederland met een ermee verbonden tweede toren heeft de watertoren tevens typologische zeldzaamheidswaarde

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction

The WATER TOWER was built in 1912 for the purpose of drinking water supply according to a design by the building engineer Roelof Kuipers. The 36 metre high tower has a concrete skeleton with a brick filling. The tower is built in a Transitional style with elements from the Italian Renaissance and is furnished with a flat-bottomed concrete reservoir, which was fairly common for the construction period, with a capacity of 120 m3. The tower, which is no longer in use for drinking water supply, is accompanied by a smaller tower connected to the tower on two levels. This small tower had the function of a filter building and was furnished with three filter boilers and a clean water cellar.

Description

A water tower rising from a square ground plan constructed partly of rendered brick, artificial stone and concrete and topped with a conical roof. The tower is coupled to a small tower of brick, which has a round ground plan and is completed with an octagonal conical roof. Both roofs originally had a tile covering. The water tower has an understorey of concrete and/or adhered brick enlivened with simulated joints, which is furnished with a three-sided oriel on three sides. The fourth side contains the entrance, located high in the facade. This stands above a symmetrical double flight stoop, which at the front on the ground floor is furnished with a door and further consists of a flight of steps on either side of the landing and open-worked balustrades. From the landing a short third flight of steps leads to a round-arched door, which stands between partly corner-placed breastworks, which have the same detailing as the stair balustrades and connect to the oriels on either side. The door stands within a block frame, which at the top is connected with corbels and a cornice which is crowned by the coat of arms of the municipality of Barendrecht. The oriels are furnished with a segmental arch-shaped window with glazing bars in the fanlight of the modified right oriel window and a glazing bar division in the original iron frame of the left oriel window. The oriels carry a balustrade like that on either side of the door. The third oriel connects to the connecting section that joins the tower with the small tower. Above each oriel stands an arched window with glazing bars in the steel frame. The corners of the tower, contrasting with the brick facade fields, are of concrete blocks and run through to the uppermost section of the tower. The middle section of the tower contains on all sides narrow, vertically stacked windows with stepped soldier-arch brickwork. The light-coloured upper tower section with the reservoir has above the balconies a different ground plan with convexly vaulted facades, which together form a circle interrupted by the corners. The wide balconies emphasize on all sides the transition between the middle section of the tower and the upper section with the reservoir. The four identical balconies rest on consoles of mortared brick. They are furnished with balustrades of open-worked brickwork. The balconies are accessible via recessed round-arched doors with a brick surround which is crowned by a pediment with a profiled frame. The tower is finished by a profiled cornice and higher projecting corner accents. The flat connecting section with the small round tower contains a non-original door with side panels and an arched fanlight.

Above this is a second connection between the towers in the form of a concrete walkway clad with brick and also with a concrete superstructure. The walkway contains on each side two narrow, arched windows with glazing bars in the steel frames, a series of which is also to be found on the ground floor and below the mortared facade cornice of the austere smaller tower. The interior of the tower has been preserved in its original condition to a significant extent. The corners of the tower consist of square concrete columns with corner bracing connections to the walls. The concrete floors in the tower rest on crossed coupling beams of concrete which are connected to the corner columns. The floors are connected to each other by wooden flights of steps with landings on the lower levels and wooden ladders at the height of the reservoir. On the third storey there is a rectangular concrete tank, above which two "leakage floors" are located and a high, empty space is found. This space is terminated by the floor of a low room with doors to the balconies. The coupling beams in this room are rounded off on the interior for good drainage of the pressure from the weight of the flat-bottomed reservoir on the corner columns. The closed round reservoir has in the centre a round pipe with an iron ladder, which emerges below the roof. On the second storey of the tower is the walkway connection with a concrete staircase to the small tower, which originally served as a filter building. The small tower has in its upper section a round concrete reservoir with an also concrete funnel pipe, which was used for the filtration of the water. The lower part of the small tower contained three filter boilers, which were removed after the water tower lost its function.

Valuation

The water tower is of general importance because of its cultural-historical, architectural-historical and urban planning value.

- The water tower has cultural-historical value as a particular example of a development in the construction of water towers for drinking water supply.

- The water tower has urban planning value as an important, image-defining element in the village townscape and as a particularly distinctive landmark.

- The water tower has architectural-historical value because of its distinctive design, the applied stylistic motifs and the combined use of the materials concrete and brick.

- The water tower is furthermore of importance because of the recognizability and the high degree of integrity of the exterior and important parts of the interior.

- As one of the few towers in the Netherlands with a second tower connected to it, the water tower also has typological rarity value

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map