Rijksmonumentenregister · Netherlands
Villa Jacoba
Heerde, Gelderland, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Woonhuis
- Category
- onroerend gebouwd
- Built
- 1883
- Address
- Dorpsstraat 55, 8181 HN Heerde
- Place
- Heerde
- Province
- Gelderland
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 52.38642, 6.03783
- Monument number
- 520211
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
University Library, Vrije Universiteit AmsterdamUniversity Library, Vrije Universiteit AmsterdamDavid Rumsey Map Collection, Stanford Libraries
3 historical maps cover this location, the earliest the 1875 map "Niederlande Und Belgien." (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
VILLA, genaamd 'Villa Jacoba' met KOETSHUIS. De villa is gebouwd in 1883 in eclectische stijl. De villa is gelegen aan de noordzijde van de dorpskern van Heerde en is tegenwoordig in gebruik als museum en als kantoor voor diverse organisaties. Het pand wordt aan de voorzijde gescheiden van de weg die naar de dorpskern leidt, door een grindpad en lage struiken. Op het perceel komen enkele oude bomen voor. Van een ontworpen aanleg is niet echt sprake en de tuinaanleg valt dan ook niet onder de rijksbescherming.
Omschrijving
De twee bouwlagen en een verdieping tellende villa bezit een samengestelde plattegrond en is geheel van gepleisterde gevels voorzien. Op de hoeken van de gevels komen in de eerste bouwlaag gebosseerde hoekblokken voor waar, boven de omlopende kordonlijst een gecanneleerde pilaster aansluit. Onder de geprofileerde bakgoot die alleen in de voorgevel door rijkuitgevoerde klossen wordt ondersteund, zet een gekorniste kroonlijst zich over alle gevels voort. Alleen in de voorgevel komt een door een fronton afgesloten middenrisaliet voor. De van een bladornament voorziene geprofileerde omlijstingen rond de vier vensters op de begane grond bevatten schuiframen met getoogde bovenlichten die rusten op een omlopende gecementeerde lekdorpel. Van de oorspronkelijke T-schuiframen met bovenlichten in de eerste bouwlaag zijn enkele ramen in stolpramen gewijzigd. De rechthoekige vensteromlijstingen zijn boven uitgerust met stucornamenten, in de hoeken bladmotieven, in de sluitsteen een diamantkop. De omlijstingen zijn op een omlopende waterlijst geplaatst boven een kordonlijst waartussen zich spaarvelden onder de vensters bevinden. Het platgedekte schilddak is belegd met gesmoorde geglazuurde tuiles du Nord met platte wel.
De VOORGEVEL telt vijf vensterassen waarvan de met horizontale insnijdingen voorziene middenrisaliet waarin een portiek en balkon door een fronton wordt beëindigd, de gevel in twee gelijke delen verdeelt. Een hardstenen trap, geflankeerd door gemetselde zijkanten die door natuurstenen blokken worden voorafgegeaan, leidt naar de terugliggende dubbele glaspaneeldeuren onder enkelruits getoogd bovenlicht. De deuren zijn uitgerust met een zeer forse weldorpel en een naald die rijk is bewerkt met een omwonden rietbundel. Het bovenliggende balkon dat door zware zwanehals korbelen wordt gedragen, bevat onderaan een gezaagde lijst en als borstwering, gietijzeren opengewerkte platen. De dubbele balkondeuren zijn onder een enkelruits bovenlicht geplaatst. In het veld van het fronton is een vierpuntige ster geplaatst gevat in een rondvenster. Rechts van de portiek een gevelsteen: 'DE EERSTE STEEN GELEGD/ DOOR/ ELISABETH JOHANNA CREZÉE/ 25 MEI 1883'.
De LINKER ZIJGEVEL bevat begane gronds links en rechts dubbele paneel schuifdeuren, met bovenlicht met vast kalf, waarop vermoedelijk een (niet meer bestaande) serre of veranda aansloot. Tesamen met de vensters op de verdieping zijn deze van het standaardtype als in de voorgevel vermeld. Met uitzondering van de voorgevel waren alle gevels oorspronkelijk van persiënnes voorzien.
De ACHTERGEVEL bezit een uitbouw waarvan een gedeelte uit een bouwlaag bestaat met afgeplat, omlopend schilddak en een aansluitend gedeelte van twee bouwlagen onder een plat dak. Van de achtergevel van het hoofdhuis is enkel rechts een vensteras zichtbaar die op de hier ontbrekende sluitstenen na, identiek is aan die voorkomt in de voorgevel.
De achtergevel van de uitbouw die is voorzien van een vanuit het hoofdhuis omlopende plint, bevat in het eenlaagse gedeelte links een raam en rechts dubbele glaspaneeldeuren die bereikbaar zijn via een hardstenen trap met eenvoudige buisleuning. De deuromlijsting is als enige vensteras in de achter- en rechterzijde van de uitbouw uitgerust met een sluitsteen. Het raam rechts bestaat uit een stolpraam en bevat evenals de hiervoor genoemde gevelopeningen een tweeruits getoogd bovenlicht. In de verdieping komt een afwijkend type venster voor zonder gestucte omlijsting, rechthoekig, rustend op een houten dorpel, uitgevoerd als gekoppeld drievoudig raam. De rechterzijde van de uitbouw (evenwijdig aan de linker zijgevel van het hoofdgebouw) bevat een venster en deur van het standaardtype, waarbij de deur is voorzien van een ijzeren rijkbewerkt rooster. De hardstenen trap is evenwijdig aan de gevel geplaatst. In de verdieping komt ter weerszijden van een glas in loodraampje een stolpraam voor, overeenkomstig het type als het drievoudige raam, hiervoor besproken.
De linker gevel van de uitbouw heeft twee gevelopeningen. Rechts een venster van het standaardtype, links een niet-oorspronkelijke deur.
De van schijnblokken voorziene gevel van de uitbouw die evenwijdig ligt aan de voorgevel maar ten opzichte hiervan ruim is teruggelegen bezit dubbele glaspaneeldeuren onder een getoogd bovenlicht dat is voorzien van een stucwerk bladornament in de omlijsting. De deuren zijn voorzien van soortgelijke deurroosters als in de rechterzijde van de uitbouw met de dwarsgeplaatste trap voorkomt, maar bevatten hier links, een medaillon met een afbeelding van een vrouw en rechts van een man, beide ten voeten uit. De deur bezit een identieke weldorpel en naald als de voordeur van het hoofdhuis.
De RECHTER ZIJGEVEL wordt door een houten rechthoekige, door een zinken roevendak gedekte serre gedomineerd die links geplaatst is en rust op de, de villa rondlopende plint. De voorzijde bevat vijf vensterstroken met houten lambrizering waarin balustermotieven zijn gesneden. De vensterstroken met in het midden twee glasdeuren, worden van elkaar gescheiden door gebiljoeneerde stijlen die boven onder de gezaagde dakrand, eindigen in rijkgesneden consoles. De zijkanten van de serre tellen twee gekoppelde tweeruits ramen. Alle ramen worden boven afgesloten door enkelruits bovenlichten. De rechterzijde van de gevel van het hoofdgebouw bevat een modern stolpraam. Evenals de twee vensters in de verdieping (stolpramen) zijn de gevelopeningen van het type zoals dat voorkomt in de voorgevel.
Het INTERIEUR bezit nagenoeg de oorspronkelijke ruimtelijke indeling en zowel paneeldeuren als stucplafonds zijn gaaf bewaard gebleven. Na de vestibule met marmeren vloer, een beschilderd stucplafond en muurschilderingen, die van de hal wordt afgescheiden door deuren met mousselineglas, volgt een hal waarop links en rechts een kamer en suite aansluit en de (scheluwe) bordestrap is geplaatst. De beide voorkamers zijn van stucplafonds voorzien en bezitten binnen luiken. In de twee kamers in de rechtervleugel bevinden zich rijk uitgevoerde schouwen en van pilasters en kapitelen voorziene schoorsteenmantels. Op de hal boven komen vijf kamers uit met veelal eenvoudigere stucplafonds. Van de tweelaags uitbouw is de verdieping met interieur-onderdelen uitgevoerd in Amsterdamse school stijl waarbij houten lambrizeringen en amandelvormige profielen als accenten zijn aangebracht.
Het KOETSHUIS is gelegen aan de achterzijde van de villa en staat ten opzichte van de achtergevel met de nokas van het met gesmoorde verbeterde Hollandse pannen gedekte zadeldak, hier haaks op. Het gebouw bezit een rechthoekige plattegrond en is voorzien van gepleisterde gevels met verdiepte velden.
De VOORGEVEL bezit links een gietijzeren zesruits raam op een gecementeerde lekdorpel en rechts hiervan een opgeklampte paneeldeur met kraalprofieldelen. In het rechts ervan gelegen spaarveld komt een kleine variant van het eerdergenoemde zesruits raampje voor. Op de hoek van de gevel zijn dubbele (kraalprofiel) deuren geplaatst. De LINKER ZIJGEVEL is op een margriet-raampje in de geveltop na blind uitgevoerd. De ACHTERGEVEL is in drie blinde verdiepte velden onderverdeeld. De RECHTER ZIJGEVEL bevat in het middelste veld boven de gekoppelde ramen met bovenlichten een dichtgezet luik. De spaarvelden ter weerszijden worden boven door een klimmend druppelmotief beëindigd. Een eenvoudige windveer sluit de dakvlakken af.
Waardering
VILLA met KOETSHUIS
- Van architectuurhistorische waarde als goed en gaaf bewaard voorbeeld van een villa uit de tweede helft 19de eeuw, die gebouwd is in eclectische stijl. De villa valt op door bijzondere esthetische kwaliteiten in het in- en exterieur zoals gave verhoudingen en een fraaie detaillering. Het interieur bezit diverse waardevolle onderdelen zoals paneeldeuren, geornamenteerde (beschilderde) stucplafonds, marmeren vloeren en schouwen. Het koetshuis valt op door zijn gave hoofdvorm en goede verhoudingen. Met de villa vormt het koetshuis een fraai ensemble.
- Van stedenbouwkundige waarde als voorbeeld van een villa met koetshuis die als ensemble onderdeel uitmaken van een historisch gegroeid stedelijk gebied. Villa en koetshuis spelen daarin een beeldbepalende rol.
- Van cultuurhistorische waarde als herkenbaar element uit een maatschappelijke ontwikkeling. De villa met koetshuis vormt met de nabijgelegen villa's, een goed voorbeeld van huisvesting van een kapitaalkrachtige elite die zich in het dorpscentrum vestigde.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
VILLA, named 'Villa Jacoba' with COACH HOUSE. The villa was built in 1883 in eclectic style. The villa is located on the north side of the village centre of Heerde and is currently in use as a museum and as an office for various organisations. The building is separated from the front from the road leading to the village centre by a gravel path and low shrubs. There are several old trees on the plot. There is no real designed layout and the garden design is therefore not subject to national monument protection.
Description
The villa, which has two storeys and an upper floor, has a composite floor plan and is provided entirely with plastered facades. On the corners of the facades, bossed corner blocks appear in the first storey, above which a channelled pilaster adjoins the running cornice. Under the profiled gutter, which is supported only on the front facade by richly executed corbels, a corniced cornice extends over all facades. Only on the front facade is there a central risalit terminated by a pediment. The profiled framings around the four windows on the ground floor, furnished with leaf ornament, contain sash windows with arched fanlights resting on a running cemented drip moulding. Some windows of the original T-sash windows with fanlights on the first storey have been altered to casement windows. The rectangular window framings are equipped above with stucco ornaments, leaf motifs in the corners, a diamond head in the keystone. The framings are placed on a running drip moulding above a cornice with spare panels beneath the windows. The flat-roofed hipped roof is covered with smoked glazed tuiles du Nord with flat ridge.
The FRONT FACADE has five window bays, of which the central risalit with horizontal incisions, containing a portico and balcony terminated by a pediment, divides the facade into two equal parts. A hard stone staircase, flanked by masoned sides preceded by natural stone blocks, leads to the recessed double glass panel doors under single-pane arched fanlight. The doors are equipped with a very substantial drip moulding and a pin richly worked with a coiled reed bundle. The upper balcony, carried by heavy swan-neck corbels, contains a sawn list at the bottom and, as a balustrade, open-work cast iron plates. The double balcony doors are placed under a single-pane fanlight. In the field of the pediment is a four-pointed star placed set in a round window. To the right of the portico a facade stone: 'THE FIRST STONE LAID/ BY/ ELISABETH JOHANNA CREZÉE/ 25 MAY 1883'.
The LEFT SIDE FACADE contains on the ground floor left and right double panel sliding doors with fanlight with fixed panel, presumably adjoined by a (no longer existing) conservatory or veranda. Together with the windows on the upper floor these are of the standard type as mentioned on the front facade. With the exception of the front facade, all facades were originally provided with venetian blinds.
The REAR FACADE has an extension, part of which consists of one storey with flattened, running hipped roof and an adjoining part of two storeys under a flat roof. Of the rear facade of the main house only to the right is a window bay visible which, apart from the missing keystones here, is identical to that found on the front facade.
The rear facade of the extension, which is provided with a plinth running from the main building, contains on the one-storey part on the left a window and on the right double glass panel doors accessible via a hard stone staircase with simple tubular railing. The door framing is, as the only window bay on the rear and right side of the extension, equipped with a keystone. The window to the right consists of a casement window and, like the aforementioned facade openings, contains a two-pane arched fanlight. On the upper floor there is a different type of window without stucco framing, rectangular, resting on a wooden drip moulding, executed as a coupled triple window. The right side of the extension (parallel to the left side facade of the main building) contains a window and door of the standard type, the door being provided with an iron richly worked grille. The hard stone staircase is placed parallel to the facade. On the upper floor on either side of a leaded window there is a casement window, corresponding to the type of the triple window discussed above.
The left facade of the extension has two facade openings. On the right a window of the standard type, on the left a non-original door.
The facade of the extension, which is provided with false ashlar and which lies parallel to the front facade but is considerably recessed relative to it, has double glass panel doors under an arched fanlight provided with stucco leaf ornament in the framing. The doors are provided with similar door grilles as occur on the right side of the extension with the cross-placed staircase, but here contain on the left a medallion with an image of a woman and on the right of a man, both full-length. The door has an identical drip moulding and pin as the front door of the main house.
The RIGHT SIDE FACADE is dominated by a wooden rectangular conservatory covered with a zinc frame roof, positioned on the left and resting on the plinth running around the villa. The front contains five window strips with wooden cladding in which baluster motifs are carved. The window strips with two glass doors in the middle are separated from each other by embossed mullions which end above under the sawn roof edge in richly carved consoles. The sides of the conservatory have two coupled two-pane windows. All windows are closed above by single-pane fanlights. The right side of the main building facade contains a modern casement window. As with the two windows on the upper floor (casement windows), the facade openings are of the type as found on the front facade.
The INTERIOR has almost the original spatial layout and both panelled doors and stucco ceilings have been well preserved. After the vestibule with marble floor, a painted stucco ceiling and wall paintings, which is separated from the hall by doors with muslín glass, follows a hall to which on the left and right a connecting room opens and the (sloped) dog-leg staircase is placed. Both front rooms are provided with stucco ceilings and have interior shutters. In the two rooms on the right wing there are richly executed fireplaces and mantels provided with pilasters and capitals. On the upper hall five rooms open, mostly with simpler stucco ceilings. The upper floor of the two-storey extension is executed in Amsterdam School style with wooden cladding and almond-shaped profiles as accents.
The COACH HOUSE is located at the rear of the villa and stands with respect to the rear facade with the roof ridge of the gabled roof covered with smoked improved Dutch tiles, perpendicular here. The building has a rectangular floor plan and is provided with plastered facades with recessed fields.
The FRONT FACADE has on the left a cast iron six-pane window on a cemented drip moulding and to the right of it an attached panel door with beaded profile parts. In the spare field located to the right of this appears a small variant of the aforementioned six-pane window. Double (beaded profile) doors are placed on the corner of the facade. The LEFT SIDE FACADE is executed blind except for a small round-pane window in the gable top. The REAR FACADE is subdivided into three blind recessed fields. The RIGHT SIDE FACADE contains in the middle field above the coupled windows with fanlights a closed shutter. The spare fields on either side are terminated above by a climbing drip motif. A simple wind vane closes off the roof surfaces.
Valuation
VILLA with COACH HOUSE
- Of architectural historical value as a well and carefully preserved example of a villa from the second half of the 19th century, built in eclectic style. The villa stands out for exceptional aesthetic qualities in the interior and exterior such as fine proportions and beautiful detailing. The interior has various valuable components such as panelled doors, ornamented (painted) stucco ceilings, marble floors and fireplaces. The coach house stands out for its well-preserved main form and good proportions. The coach house forms a beautiful ensemble with the villa.
- Of urban planning value as an example of a villa with coach house that together form an ensemble part of a historically developed urban area. The villa and coach house play a dominant role in the townscape.
- Of cultural historical value as a recognizable element of a social development. The villa with coach house forms, together with the nearby villas, a good example of housing for a capital-rich elite that settled in the village centre.
Nearby in the register
- Hek, Dorpsstraat bij 31Erfscheidingunder 1 mi
- H. JohannesKerk en kerkonderdeelunder 1 mi
- Woonhuis, Eperweg 28Woonhuisunder 1 mi
- Kerk, Bonenburgerlaan 68Kerk en kerkonderdeelunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.