TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Landhuis Zonnewende

Moergestel, Noord-Brabant, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Woonhuis
Category
onroerend gebouwd
Built
1922
Address
Tilburgseweg 54, 5066 BV Moergestel (Oisterwijk 30)
Place
Moergestel
Municipality
Oisterwijk
Province
Noord-Brabant
Country
Netherlands
Coordinates
51.54769, 5.16371
Monument number
519983

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

TU Delft Library

2 historical maps cover this location, the earliest the 1930 map "Handelskaart van Nederland / naar de nieuwste officiëele gegevens bewerkt" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding.

Het LANDHUIS Zonnewende is in 1922 als bestek 148 naar plannen van K.P.C. de Bazel gebouwd voor de fabrikant Adolf van den Bergh, de oprichter van de textielfabriek AaBee te Tilburg. Het terrein nabij het Galgenven was al sinds 1811 in bezit van de oorspronkelijk uit Dordrecht afkomstige familie. Het pand is uitgevoerd in een stijl die een mengeling is van Traditionalisme en Rationalisme. Na een brand in 1937 is het huis dat oorspronkelijk van een rieten dak was voorzien volgens de bestaande tekeningen in de oude trant herbouwd. Het gebouw is ca. 1990 uitgebreid met een nieuwe vleugel in de trant van het bestaande huis. Deze vleugel welke ter plaatse van de voormalige keuken op het hoofdgebouw aansluit valt buiten de bescherming. Een aan de linkerzijde van het huis gelegen kassencomplex, door een loopgang ermee verbonden, was al eerder afgebroken. Het gebouw ligt in een groots opgezet park in Engelse landschapsstijl met oprijlaan en aan de achterzijde gazons, dat aan de westzijde door middel van een vijver en groepen van oudere beuken, eiken en linden overgaat in het cultuurland.

Omschrijving.

Tweelaags landhuis onder samengesteld schilddak met daktegels gedekt en voorzien van een dakruiter. Het huis heeft een symmetrische opbouw met een noord-zuid gericht hoofdblok onder hoog schilddak en aan de oostelijke voorgevel en de westelijke achtergevel uitspringende hoekrisalieten met lagere schilddaken. De noordelijke risaliet aan de achtergevel heeft een zevenzijdige sluiting, welke terugkeert in de risaliet aan de zuidelijke zijgevel. Rechts van de voorgevel is de noordelijke hoekrisaliet breder uitgebouwd tot een tweelaags dienst- en keukenvleugel, die sinds de uitbreiding haast naadloos overgaat in de in dezelfde trant opgetrokken omvangrijke noordelijke zijvleugel.

Het in Vlaams verband in imitatie handvorm baksteen opgetrokken huis heeft een granieten plint met rustica bewerking en dito cordonlijst onder de ramen van de verdieping. Het schilddak heeft een breed overstek met mastgoot en dakkapellen onder schilddakjes met bolkozijnen. De dakruiter is achthoekig en heeft een meloenkoepel met windwijzer als bekroning. Op de hoeken van het dak hoge schoorstenen in gegroefde baksteen. De ramen bestaan in het hoofdblok en de risalieten deels uit smalle en hoge kloosterkozijnen gevuld met spiegelglas en glas-in-lood in de bovenlichten. In de keukenvleugel en in de hoekrisaliet aan de achterzijde zijn deze ramen deels gekoppeld tot twee- en drielichten. In de ingangsrisaliet en midden in de achtergevel zijn ze gecombineerd met openslaande balkondeuren. De ramen bestaan uit houten schuiframen met aan de binnenzijden houten rolluiken, welke geplaatst zijn in rolluikkasten boven de kozijnen en aan de buitenzijde messing ramen waarvan de onderlichten naar boven scharnieren. De voorgevel heeft een middenrisaliet met in het dakvlak een hoge topgevel met ruitvormige gemetselde siermotieven in dunne daktegels. Voor de risaliet een oorspronkelijk open entreeportaal met dubbele baksteenkolommen en rondbogen die een graatgewelf dragen. Bij de verbouwing is dit portaal voorzien van glazen tochtdeuren, waarachter de dubbele openslaande voordeur gehandhaafd is. Links en rechts is de ruimte tussen portaal en hoekrisalieten opgevuld met blokvormige spreekkamers met tweedelige kozijnen en iets lagere tussenleden met witte houten bekleding. De keukenvleugel heeft zijn functie verloren en is aan de voorzijde voorzien van een nieuwe driedelige erker met schilddak. Aan de achterzijde is het middengedeelte geaccentueerd door een tussen de risalieten geplaatst terras waarboven een balkon. In het midden hier een driedelige erker met breed middenraam en toegangsdeuren, alles uitgevoerd in messing en granieten lijsten en banden. Op twee aan twee gekoppelde bakstenen kolommen rusten in kiezelbeton uitgevoerde lateien die de borstwering van het balkon dragen. Over de gehele breedte een met granieten trap en keermuren in het park overlopend terras geplaveid met flagstones.

Inwendig is het gedeeltelijk onderkelderde huis voorzien van een betonvloer op de begane grond en houten balklagen op de verdiepingen. Het geheel is grotendeels intact gebleven. Vele ruimten hebben parketvloeren, lambriseringen, paneeldeuren en stucplafonds, naar ontwerpen van de architect. In de kelder een uit 1937 daterende luchtbevochtigings- en koelinstallatie die nog steeds functioneert en door middel van een electromotor van Meichinger en Cie. aangedreven wordt. Vestibule voorzien van zeshoekige marmeren vloertegels en lambrisering met symmetrisch geplaatste zeshoekige panelen van wit geaderd marmer met in zwart marmer uitgevoerde plinten. Zeshoekige geajoureerde openingen voor de verwarming. Links en rechts toiletgroep en garderobe met marmeren lambrisering en glas-in-loodramen. Originele wastafel met kranen. Centrale hal met driedelige indeling, fraai gesneden dubbele deuren, parketvloer, plafond met eiken moer- en kinderbinten, haardpartij en smeedijzeren wijzerplaat, verbonden met de windwijzer op het dakruitertje. Brede erker, uitziend op het terras door middel van een in de borstwering te verzinken raam. Vanuit deze hal en de ervoor gelegen gang zijn de overige kamers en het trappenhuis te bereiken. Links aan de voorzijde de voormalige kinderkamer met veelhoekige erker, natuurstenen haardpartij en dubbele schuifdeuren die respectievelijk van ingelegde houten panelen en van glas-in-lood zijn voorzien en toegang geven tot de ruime huiskamer met haardpartij en bankjes. Rechts aan de voorzijde de voormalige thans verbouwde keuken. Aansluitend aan de middenhal de langgerekte veelhoekig gesloten eetkamer en aansluitend de herenkamer met erker. Beide ruimten hebben betimmeringen in diverse houtsoorten en zijn voorzien van ingebouwde kasten met glasdeuren en haardpartijen in natuursteen. De op de eetkamer aansluitende keuken is thans niet meer aanwezig. De grote kamers op de verdieping waren oorspronkelijk bestemd als slaap-, kinder- en logeerkamer. Ze zijn bereikbaar via een trappenhuis in de rechtervleugel, zijn door middel van scheidingswanden verkleind, maar behielden daarbij de parketvloeren, stucplafonds en in donkere houtsoorten uitgevoerde betimmeringen van radiatoren, raamomlijstingen, plinten en deuren. Boven de entree de vroegere kamer van mevrouw met deur met dredelig bovenlicht in glas-in-lood, lambrisering en driedelige getraceerde houten kastnis en boekenkast. In de linker voorkamer een nis met originele wastafel. De kamers zijn toegankelijk door een H-vormig gangenstelsel. Op zolder enkele kamers met houten binnenluikjes.

Waardering.

Het landhuis is van algemeen belang. Het heeft cultuurhistorische waarde als uitdrukking van de sociaal-economische en landschappelijke ontwikkeling, als vertegenwoordiger van een door een rijke fabrikant gebouwde buitenplaats in een landelijk dorp in de nabijheid van de industriestad Tilburg. Het gebouw heeft architectuurhistorische waarde vanwege het de plaats in het late werk van de architect K.P.C. de Bazel en is tevens van belang vanwege het bijzondere materiaalgebruik en de bijzondere samenhang tussen exterieur en interieur. Het heeft ensemblewaarden vanwege de kwaliteit van de bebouwing en de historisch-ruimtelijke relatie met de omliggende groenvoorzieningen, waaronder met nadruk het ruime park moet worden genoemd. Het is gaaf bewaard gebleven.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction.

The COUNTRY HOUSE Zonnewende was built in 1922 as specification 148 according to plans by K.P.C. de Bazel for manufacturer Adolf van den Bergh, the founder of the textile factory AaBee in Tilburg. The plot near the Galgenven had been owned by the family, originally from Dordrecht, since 1811. The building is executed in a style that is a mixture of Traditionalism and Rationalism. Following a fire in 1937, the house, which was originally provided with a thatched roof, was rebuilt according to the existing drawings in the traditional manner. The building was extended around 1990 with a new wing in the style of the existing house. This wing, which connects to the main building at the location of the former kitchen, falls outside the protected area. A greenhouse complex located on the left side of the house, connected to it by a passage, had already been demolished earlier. The building is situated in a grandly laid out park in English landscape style with a drive and, at the rear, lawns, which on the west side transitions into agricultural land by means of a pond and groups of older beeches, oaks and lindens.

Description.

Two-storey country house under a composite hipped roof covered with roof tiles and provided with a roof lantern. The house has a symmetrical structure with a north-south oriented main block under a high hipped roof and projecting corner risalits on the eastern front facade and the western rear facade with lower hipped roofs. The northern risalit on the rear facade has a seven-sided termination, which recurs in the risalit on the southern side facade. To the right of the front facade, the northern corner risalit is extended wider to form a two-storey service and kitchen wing, which since the extension transitions almost seamlessly into the extensive northern side wing executed in the same manner.

The house, constructed in Flemish bond in imitation handmade brick, has a granite base with rustic working and similar cordon line beneath the windows of the upper storey. The hipped roof has a wide overhang with gutter and roof dormers under small hipped roofs with arched windows. The roof lantern is octagonal and has a melon dome with weathervane as crowning. On the roof corners high chimneys in fluted brick. The windows in the main block and the risalits consist partly of narrow and tall cloister windows filled with mirror glass and stained glass in the fanlights. In the kitchen wing and in the corner risalit at the rear, these windows are partly coupled to form two- and three-light windows. In the entrance risalit and in the middle of the rear facade, they are combined with French windows. The windows consist of wooden sash windows with wooden shutters on the inside, which are placed in shutter boxes above the frames, and brass windows on the outside, the lower lights of which pivot upwards. The front facade has a central risalit with a high gable roof in the roof slope featuring diamond-shaped decorative brick motifs in thin roof tiles. In front of the risalit an originally open entrance portal with double brick columns and round arches carrying a groin vault. During renovation, this portal was provided with glazed storm doors, behind which the double opening front door was retained. To the left and right, the space between the portal and corner risalits is filled with block-shaped waiting rooms with two-part windows and slightly lower intermediate sections with white wooden cladding. The kitchen wing has lost its function and is provided on the front side with a new three-part bay window with hipped roof. On the rear side, the central section is accentuated by a terrace placed between the risalits, above which a balcony. In the middle here a three-part bay window with broad central window and access doors, all executed in brass and granite frames and bands. On two pairs of coupled brick columns rest lintels executed in gravel concrete, which carry the balustrade of the balcony. Across the entire width a terrace paved with flagstones and overlooking the park with granite stairs and retaining walls.

Internally, the partially basement house is provided with a concrete floor on the ground floor and timber floor structures on the upper storeys. The whole has largely remained intact. Many rooms have parquet floors, wainscoting, panel doors and plaster ceilings, designed by the architect. In the basement a humidification and cooling installation dating from 1937 that still functions and is driven by an electric motor from Meichinger and Cie. Vestibule provided with hexagonal marble floor tiles and wainscoting with symmetrically placed hexagonal panels of white-veined marble with black marble executed plinths. Hexagonal perforated openings for heating. Left and right toilet and cloakroom with marble wainscoting and stained glass windows. Original washbasin with taps. Central hall with three-part arrangement, finely carved double doors, parquet floor, ceiling with oak main and secondary beams, fireplace and wrought-iron dial plate, connected to the weathervane on the roof lantern. Wide bay window, overlooking the terrace by means of a window that can be lowered into the balustrade. From this hall and the passage in front of it, the other rooms and the staircase can be reached. On the left at the front the former children's room with polygonal bay window, natural stone fireplace and double sliding doors, which are respectively provided with inlaid wooden panels and stained glass, and give access to the spacious living room with fireplace and benches. On the right at the front the former now converted kitchen. Adjacent to the central hall the elongated polygonally enclosed dining room and adjoining the gentlemen's room with bay window. Both rooms have wainscoting in various types of wood and are provided with built-in cupboards with glass doors and fireplaces in natural stone. The kitchen adjoining the dining room is no longer present. The large rooms on the upper storey were originally intended as bedroom, children's and guest rooms. They are accessible via a staircase in the right wing, are reduced in size by means of partition walls, but retained the parquet floors, plaster ceilings and wainscoting executed in dark types of wood of radiators, window frames, plinths and doors. Above the entrance the former lady's room with door with three-part stained glass fanlight, wainscoting and three-part tracered wooden cupboard niche and bookcase. In the left front room a niche with original washbasin. The rooms are accessible through an H-shaped corridor system. On the attic some rooms with wooden interior shutters.

Valuation.

The country house is of general interest. It has cultural-historical value as an expression of socio-economic and landscape development, as a representative of a country house built by a wealthy manufacturer in a rural village in the vicinity of the industrial city of Tilburg. The building has architectural-historical value because of its place in the late work of architect K.P.C. de Bazel and is also important because of the special use of materials and the special coherence between exterior and interior. It has ensemble values because of the quality of the building and the historical-spatial relationship with the surrounding green provisions, which notably must be the extensive park. It has been preserved intact.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map