Rijksmonumentenregister · Netherlands
Woonhuis, Harlingerstraatweg 41
Leeuwarden, Fryslân, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Woonhuis
- Category
- onroerend gebouwd
- Built
- 1922 - 1923
- Address
- Harlingerstraatweg 41, 8913 AC Leeuwarden
- Place
- Leeuwarden
- Province
- Fryslân
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 53.20431, 5.78135
- Part of complex
- 519822
- Monument number
- 519832
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
University Library, Vrije Universiteit AmsterdamStanford Libraries
2 historical maps cover this location, the earliest the 1904 map "Bl. 3 Leeuwarden, 1904" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
VILLA Harlingerstraatweg 41 deel uitmakend van een COMPLEX van tien villa's in houtskeletbouw, Harlingerstraatweg 29-41 en Engelsestraat 2-6, gebouwd in de winter van 1922-'23 in de Chalet-stijl. De ontwikkelaar was K. Wits, directeur van de N.V. Maatschappij tot huizenexploitatie Frisia en J. Scheltema de uitvoerende en toezichthoudende architect. De woningen werden als bouwpakket uit Oostenrijk betrokken, voor Leeuwarden een vroeg voorbeeld van standaardbouw voor dit type woning. Het ontwerp werd geleverd door de producent, de 'Vereinigte Möbel- & Holtzwarenfabriken u. Sägewerke Schönthaler - Silva' uit Wenen. Wel hebben er vergeleken bij de tekening van de bouwaanvraag enkele wijzigingen plaatsgevonden. Op de tekening is de kap aan de voorzijde afgewolfd; uitgevoerd zijn topgevels met flink overstekend zadeldak. Bovendien kregen alle woningen aan de zijkant bij de achterkamers trapeziumvormige erkers met balkons voor de verdieping. Het kunnen wijzigingen van Scheltema zijn. De bouwsom van de in Oostenrijk geprefabriceerde en in elementen naar de bouwplaats vervoerde villa's bedroeg, inclusief transportkosten, per stuk iets meer dan f 9000,-. Van binnen is de woning vooral op de begane grond verbouwd; het exterieur is nog nagenoeg gaaf.
Omschrijving
EXTERIEUR: De villa is gebouwd in houtskelet met houten wanden. De vooral liggende houten delen, met veer en groef in elkaar gestoken, zijn in stijl- en regelwerk opgenomen. Met het flink overstekende zadeldak heeft de villa een duidelijk uitheemse Chalet-stijl.
De woning heeft een rechthoekige plattegrond en is twee volledige lagen en een ruime kap hoog, aan de achterzijde is over de volle breedte een volume van één laag met een lezenaarskap aangebouwd, waarin de serre (in het ontwerp veranda genoemd) en de bijkeuken zijn ondergebracht. In de oorspronkelijke achtergevel zijn drie vensters met kleine roeden en een glasdeur vervangen door een glaspui. Het zadeldak heeft aan voor- en achterzijde flinke overstekken en is gedekt met rode, gegolfde Friese pannen. Op de dakschilden staan aan beide zijden vrij gesloten, houten dakkapellen met kleine kruisvenstertjes. Aan de voorzijde op de begane grond is in het midden een trapeziumvormige erker uitgebouwd, waarop voor de verdiepingen een balkon kwam. Ook aan de zijkant van de achterkamer is zo'n erker met balkon uitgebouwd. In de geveltoppen zijn de houten delen verticaal verwerkt in de topjes en de zijkanten. Voor- en achtergevels zijn met ruime vensters geopend, beneden stolpramen met bovenlichten voorzien van kruislingse roeden. Op de verdieping staan tweelichtsvensters met kleine roedenverdeling; de balkondeuren worden geflankeerd door enkelvoudige vensters van dit type. Hier zijn ze voorzien van luiken. De zijgevels hebben een onregelmatige geleding met grote en kleine vensters, eveneens voorzien van kleine roedenverdelingen. In een aantal woningen zijn de roedenverdelingen verdwenen, maar alle hebben nog de bovenlichten met kruislingse roeden.
Op de ingekleurde ontwerptekening is het houtwerk in licht bruin en donker beige aangegeven; oude (zwart-wit) foto's doen vermoeden dat de woning inderdaad in middentonen geschilderd is geweest. Thans zijn de wanden donkerbruin; het stijl- en regelwerk is wit en de kozijnen, ramen, luiken en deuren wit/donkergroen. Die aanpak in grote lijnen is op onderdelen levendig gedetailleerd. De balkons bezitten platte, vaasvormige balusters en ballen op de hekpalen. In de voorgeveltop eindigen de verticale delen in schijfvormen, mogelijk voor de afdrup, die bij de meeste woningen contrastrijk zijn geschilderd. In de voorgeveltop zijn aan de zijkanten op de punt staande vierkante ornamenten aangebracht en in de top dergelijke ornamenten die een ruitje kregen.
Achter staat aan de westkant een lange houten aanbouw met bijkeuken en tuinkamer met drie deuren, vierruitsvensters en een oranjerood pannendak tegen het hoofdvolume. Deze aanbouw is vermoedelijk oorspronkelijk. Dat geldt ook voor de tuininrichting met aan twee zijden een door een keermuur van rode steen begrensd, betegeld terras.
INTERIEUR: De woningindeling op de beganegrond bestaat oorspronkelijk aan de voorkant uit een kleine vestibule, een hal waar trappenhuis en garderobe/toilet op uitkomen. De vestibule is weggehaald en bij de gang getrokken. Naast de toegangspartij ligt een brede voorsalon. De suitepui is verdwenen en de ruimtelijke indeling is niet meer te ervaren omdat de achterkamer en keuken verbonden zijn. De achterkamer opende zich oorspronkelijk naar de serre met opnieuw suitedeuren tussen kasten; ook die is verdwenen en de ruimte bij de achterkamer getrokken, maar nog wel herkenbaar door de koof in het plafond. De venstertjes van de bijkeuken zijn in de nieuw gevormde keuken te herkennen. De opmerkelijk gemakkelijke, luie trap leidt naar de verdieping; de trap is net als het overloop en de trap naar de tweede verdieping voorzien van leuningen met balusters. Op de verdieping zijn drie slaapkamers ondergebracht; de twee die in elkaars verlengde liggen hebben oorspronkelijk een verbindingsdeur in een kastenwand. De tussenwand met verbinding is veranderd. Op de verdieping zijn de oorspronkelijke paneeldeuren nog aanwezig. Onder de kap liggen twee slaapkamers.
WAARDERING
De houten villa is van algemeen historisch, architectuurhistorisch en stedenbouwkundig belang
- vanwege de voor die tijd zeldzaam voorkomende, uit het buitenland geïmporteerde houten systeembouw, die waarschijnlijk verband houdt met de krapte en duurte van baksteenmateriaal;
- vanwege de daardoor in het bestaande architectonische beeld opmerkelijk exotische Chalet-Stijl van de uitwendig gave - inclusief de aanbouw en het terras van de tuin -, inwendig meestal aangepaste woningen;
- als element in de levendige, maar niet onrustige stedenbouwkundige groepering van de tien villa's op en nabij een ruim kruispunt.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
VILLA Harlingerstraatweg 41 forming part of a COMPLEX of ten villas in timber-frame construction, Harlingerstraatweg 29-41 and Engelsestraat 2-6, built in the winter of 1922-'23 in the Chalet style. The developer was K. Wits, director of the N.V. Maatschappij tot huizenexploitatie Frisia and J. Scheltema the executing and supervising architect. The dwellings were obtained as building kits from Austria, for Leeuwarden an early example of standardised construction for this type of dwelling. The design was provided by the manufacturer, the 'Vereinigte Möbel- & Holtzwarenfabriken u. Sägewerke Schönthaler - Silva' from Vienna. However, some modifications were made compared to the building application drawing. In the drawing the roof at the front is hipped; executed are gabled tops with substantially projecting gabled roofs. Moreover, all dwellings received trapezoidal bays with balconies on the upper floor at the side near the rear rooms. These may be modifications by Scheltema. The building cost of the villas, prefabricated in Austria and transported in elements to the building site, was, including transport costs, per unit somewhat more than f 9000,-. Internally the dwelling has been substantially renovated, particularly on the ground floor; the exterior is still nearly intact.
Description
EXTERIOR: The villa is built in timber-frame with wooden walls. The mainly horizontal wooden components, slotted together with tongue and groove, are incorporated into the framework of uprights and rails. With the substantially projecting gabled roof the villa has a clearly foreign Chalet style.
The dwelling has a rectangular floor plan and is two full storeys and a spacious attic high, on the rear side a volume of one storey with a lean-to roof has been constructed over the full width, in which the conservatory (called veranda in the design) and the scullery are housed. In the original rear facade three windows with small glazing bars and a glass door have been replaced by a glass wall. The gabled roof has substantial projections on front and rear and is covered with red, corrugated Frisian tiles. On the roof slopes dormer windows stand freely spaced on both sides, small wooden dormers with small cross windows. On the front on the ground floor a trapezoidal bay has been built out in the middle, above which a balcony came for the upper storeys. Similarly, a such a bay with balcony has been built out at the side of the rear room. In the gable tops the wooden components are worked vertically in the tops and the sides. Front and rear facades are opened with ample windows, below casement windows with fanlights provided with cross-runnered glazing bars. On the storey above are two-light windows with small glazing bar divisions; the balcony doors are flanked by single windows of this type. Here they are provided with shutters. The side facades have an irregular arrangement with large and small windows, likewise provided with small glazing bar divisions. In a number of dwellings the glazing bar divisions have disappeared, but all still have the fanlights with cross-runnered glazing bars.
On the coloured design drawing the woodwork is indicated in light brown and dark beige; old (black and white) photographs suggest that the dwelling was indeed painted in mid-tones. Now the walls are dark brown; the framework of uprights and rails is white and the frames, windows, shutters and doors white/dark green. This approach in broad strokes is elaborated in lively detail in parts. The balconies possess flat, vase-shaped balusters and balls on the fence posts. In the front gable top the vertical components end in disc shapes, possibly for the drip edge, which in most dwellings are painted in contrasting colours. In the front gable top square ornaments standing at the point are attached at the sides and at the top similar ornaments which received a small pane.
To the rear on the west side stands a long wooden extension with scullery and garden room with three doors, four-paned windows and an orange-red tile roof against the main volume. This extension is presumably original. The same applies to the garden arrangement with a tiled terrace bounded on two sides by a retaining wall of red brick.
INTERIOR: The dwelling layout on the ground floor originally consists at the front of a small vestibule, a hall where the staircase and cloakroom/toilet lead into. The vestibule has been removed and incorporated into the corridor. Next to the entrance area lies a broad front room. The suite door opening has disappeared and the spatial arrangement is no longer perceptible because the rear room and kitchen are connected. The rear room originally opened into the conservatory with suite doors again between cupboards; these too have disappeared and the space has been pulled towards the rear room, but still recognisable through the cove in the ceiling. The small windows of the scullery can be recognised in the newly formed kitchen. The remarkably easy, lazy staircase leads to the upper storey; the staircase, like the landing and the staircase to the second storey, is provided with railings with balusters. On the storey above are three bedrooms; the two that are in line with each other originally had a connecting door in a cupboard wall. The intermediate wall with connection has been altered. On the storey above the original panelled doors are still present. Under the roof are two bedrooms.
VALUATION
The timber villa is of general historical, architectural-historical and urban planning importance
- on account of the rarely occurring wooden system construction imported from abroad at that time, which probably relates to the scarcity and expense of brick material;
- on account of the thereby remarkably exotic Chalet style in the existing architectural image of the externally intact - including the extension and the garden terrace - internally usually modified dwellings;
- as an element in the lively, but not restless urban planning grouping of the ten villas on and near a spacious road junction.
Nearby in the register
- Woonhuis, Harlingerstraatweg 39Woonhuisunder 1 mi
- Woonhuis, Harlingerstraatweg 37Woonhuisunder 1 mi
- Woonhuis, Harlingerstraatweg 45Woonhuisunder 1 mi
- Woonhuis, Harlingerstraatweg 35Woonhuisunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.