TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Bankgebouw, Spuistraat 172

Amsterdam, Noord-Holland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Handel en kantoor
Function
Bankgebouw
Category
onroerend gebouwd
Built
1906 - 1908
Address
Spuistraat 172, Locatie: Binnenstad, 1012 VT Amsterdam (and others)
Place
Amsterdam
Province
Noord-Holland
Country
Netherlands
Coordinates
52.37283, 4.88941
Monument number
518453

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

4 historical maps cover this location, the earliest the 1904 map "[Amsterdam]" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding

BANKGEBOUW met eerste bouwfase in de periode 1906-1908. Deze oudste bebouwing kwam naar een ontwerp van de architect F.W.M. Poggenbeek tot stand in opdracht van de bank Labouchère Oyens en Co. Stijlkenmerken uit verschillende architectuurperioden. Zo verwijzen de deels gegroefde pilasters met de bewerkte bekroningen naar het classicisme, terwijl de vormgeving van met name de bovenste verdieping en de topgevel wijzen in de richting van een Berlagiaans getinte sobere Nieuwe Kunst. Na overname van de bank door de Rotterdamsche Bankvereeniging werd het pand in 1914 betrokken door de Kas-Vereeniging. Dit bedrijf fuseerde in 1929 met de Ontvang- en Betaalkas . Mede als gevolg van deze fusie ontstond binnen de instelling een grote behoefte aan kantoor- en kluisruimte. Na verwerving van het aangrenzende huizencomplex tot aan de Paleisstraat kreeg het architectenbureau C.B. Posthumus Meyjes jr. en J. van der Linden in december 1930 opdracht voor uitbreiding van de bestaande vestiging. Na sloop van de belendende bebouwing werd de bouw van dit deel van het complex in 1932 voltooid.

Reeds in 1920-1921 werd aan het Singel aan de rechterzijde van het in de periode 1906-1908 tot stand gekomen deel, een smal en in stijl onafhankelijk bouwdeel naar ontwerp van het architectenbureau C.B. Posthumus Meyjes & Zn. toegevoegd. Hierin bevonden zich grote kluizen.

Omschrijving

Het deel uit de eerste bouwfase is ontworpen op een grondplan in de vorm van een samengesteld parallellogram en bestaat uit vier bouwlagen: een lage begane grond en drie verdiepingen onder een kap. Schuinopgaande dakschilden. De voorgevel aan de zijde van de Spuistraat is tien traveeën breed; de achtergevel aan de zijde van het Singel telt acht traveeën. Ook het deel uit de tweede bouwfase is ontworpen op een grondplan in de vorm van een parallellogram en bestaat uit vijf bouwlagen. Afgeknot schilddak met rechtsdekkende pannen. Voorgevel aan de zijde van de Spuistraat is veertien traveeën breed; de zijgevel aan de Paleisstraat heeft vijf vensterassen, waarnaast aan de linkerzijde nog het geveldeel van het trappehuis.

Bebouwing uit de eerste fase (1906-1908): De voorgevel is opgetrokken uit Udelfangener zandsteen en tufsteen. De sokkel bestaat voor een deel uit bossering met ruw behakte hardsteen. Aan de bovenzijde afgesloten met een zware cordonlijst. Verder een gefrijnde plint. In de sokkel vensteropeningen met traliewerk en met decoratieve bovendorpel met afhangende zijden, waaronder figuratief bouwbeeldhouwwerk. Het vijf traveeën brede linkerdeel toont pilasters over de hoofd- en eerste verdieping. Bij de tweede verdieping rusten korte lisenen op de kapitelen van die pilasters. Segmentboogvormige gevellijsten boven de vensters van de tweede verdieping. Vensters van de hoofd- en tweede verdieping hebben een uitgewerkte benedendorpel. De vensteropeningen hebben een verticale driedeling en kalf. De zijramen zijn lager dan het middenraam. De bovendorpel volgt deze treden. Ook hier afhangende zijden met figuratief bouwbeeldhouwwerk. Afgebeeld worden koppen van dieren en mensen, dier- en mensfiguren en bladmotieven. Rechte gevelbeëindiging met gootlijst op consoles. vijf dakkapellen met geleed venster en halfrond fronton. Aan de linkerzijde een smal geveldeel met smallere vensters. Dit deel heeft een torenopbouw met gootlijst op consoles en tentdak met shingles. Vensteropening in verdiept veld, drievoudige bovenlichten. Het vier traveeën brede rechterdeel heeft een vlakke gevelbehandeling en eindigt in een geveltop. De brede centrale toegang is verdiept geplaatst in afgeschuind portaal met flankerende gedrongen zuilen met fantasiekapitelen met diermotieven. Decoratie op de overgang van gevelvlak en archivolt. In de zwikken medaillons met afbeelding van een leeuw. Lijst waarboven vijf openingen met gedrongen posten met gebiljoende zijden. Reliëf in de centrale opening. Bovendorpel volgt de treden en heeft afhangende zijden met figuratief bouwbeeldhouwwerk. De overige vensters zijn overeenkomstig. De vensters op de tweede verdieping hebben een dieper geplaatst kalf, maar missen de kenmerkende bovendorpel. Gevellijst waaronder kleine rechthoekige gevelopeningen. Geveltop met oplopend tandfries en akroterie op de schouders; op de top een sculptuur van een arend. In het gevelvlak drie vensters met middenpost. Venster in het midden heeft gekoppelde en getoogde lichten boven de bovendorpel. Aan weerszijden attiekzone met drie vierkante vensteropeningen. Attiek heeft rechte gevelbeëindiging. De achtergevel heeft een zes traveeën breed middendeel. Aan de linkerzijde een hoger opgetrokken geveldeel met rechte gevelbeëindiging; aan de rechterzijde een hoger opgetrokken geveldeel onder top. Schuinopgaand dakschild met shingles en zes dakkapellen als omschreven. Sokkel, vensters, bovendorpels en pilasters gelijk aan die van de voorgevel. In de sokkel eenvoudige toegangen met beslag. Travee aan de rechterzijde van het middendeel heeft bredere vensters. Hoger opgetrokken deel aan de linkerzijde van de achtergevel heeft een uitgewerkt venster en opgemetselde hoeken. Geveldeel aan de rechterzijde heeft meervoudig gelede vensterpartij over twee verdiepingen ter verlichting van het trappenhuis.

Interieur In de wand achter de bordestrap zijn eenvoudig gebrandschilderde ramen aangebracht, voorzien van onder meer wapens van steden en van dieren. De hal telt vijf overspanningen in de lengte en twee in de breedte. De overspanningen worden gedragen door rechthoekige pijlers. De crèmekleurige tegelvloer is aan de randen voorzien van golf- en gestileerde meandermotieven. Imposant is de glazen overkapping in de hal. De originele kap is versierd met de wapens van binnen- en buitenlandse steden waar de bank Labouchère Oyens en Co. bijkantoren of belangrijke correspondentschappen gevestigd had. De balies van de rondom de hal gegroepeerde kantoorruimten zijn van summier witgeaderd zwart marmer, de pijlers ten dele bekleed met grijs marmer. De aan de pijlers bevestigde lampen waren omstreeks 1914 al aanwezig en zijn hoogstwaarschijnlijk origineel. De grote zitbank werd na de uitbreiding van 1932 in de hal geplaatst. De houten bank is in het midden voorzien van een verwarmingselement en heeft aan weerszijden twee schrijfbalies van zwart marmer. Rechts in de hal is in de muur een tegeltableau opgenomen met afbeeldingen van de panden waar de Associatie Cassa sinds de oprichting opeenvolgend kantoor hield. Het tableau werd vervaardigd bij Plateelbakkerij De Distel. Voorin de hal staat een drie meter hoge klok op een voetstuk van rood marmer. De klok is evenals het beslag op het voetstuk gemaakt van brons. Eveneens van brons is het beeld van Mercurius. Het beeld is geplaatst op een piëdestal van rood- en roodgrijs marmer. De hangklok achterin de hal is gemaakt van brons en marmer en wordt ondersteund door drie kleine olifanten. Rondom de klok zijn gebeeldhouwde mensfiguren aangebracht. De klok werd ontworpen door C.A. Lion Cachet en het beeldhouwwerk is van de hand van L. Zijl.

Uitbreiding (1920-1921) van de bebouwing uit de eerste fase: Aanbouw bestaande uit vier bouwlagen. Afgesloten met een rechte gevelbeëindiging waarna plat dak. Voorgevel aan de zijde van het Singel (ongd.). Gesloten en donkere sokkelzone met opliggend band- en stijlwerk. Op de eerste verdieping een serie van vier smalle vensters. Op de tweede verdieping een groot negenruits geleed venster. Op de derde verdieping een zesruits geleed venster. Lisenen op de hoeken en iets uitkragend fries. Lichtgekleurde gevelbekleding. Op de begane grond en de eerste verdieping bevonden zich de kluizen.

Bebouwing uit de tweede fase (1930-1932): De voorgevel heeft een sokkel met eveneens bossering uit ruw behakte blokken en verder een gefrijnde plint. De zeven vensteropeningen in de sokkelzone hebben scheidende posten. Boven een cordonlijst gevelvlak met drie verdere bouwlagen en veertien traveeën. Kruisvensters met benedendorpel. Boven een uitkragende gevellijst een mezzanino met verdiept geplaatste rechthoekige vensters. Afsluiting met een eenvoudige natuurstenen gootlijst. In geveldeel tussen derde en vierde verdieping letters 'KAS-ASSOCIATIE'.

De zijgevel heeft een sokkelzone met twee vensteropeningen en drie verdere bouwlagen met kruisvensters in vijf traveeën. Gevellijst, mezzanino met vijf vensters en afsluitende kroonlijst. Samengestelde dakkapel met drie kleine steile en ingestoken zadeldaken gedekt met keramische shingles. Achtruits ramen in de vensters en kleine goten en waterspuwers. Aan de linkerzijde een recht afgesloten geveldeel met geheel links een hoger opgetrokken deel. Risalering met op iedere verdieping een venster met drie ramen ter verlichting van het trappehuis. Op de begane grond de toegang met kleine luifel en tekst 'KAS ASSOCIATIE / 1932'.

Waardering

Kantoorgebouw van algemeen belang vanwege de architectuur- en cultuurhistorische waarde. Van historisch belang als voorbeeld van een gebouw als bijzondere uitdrukking van een financieel-economische ontwikkeling. Het bijzondere interieur van de centrale hal alsmede het grotendeels gaaf bewaard gebleven exterieur met het vele bouwbeeldhouwwerk vormen een toegevoegde waarde.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction

BANK BUILDING with first construction phase in the period 1906-1908. This oldest structure was built to a design by architect F.W.M. Poggenbeek, commissioned by the bank Labouchère Oyens en Co. Stylistic features from different architectural periods. Thus the partly fluted pilasters with worked capitals refer to classicism, while the design of in particular the upper storey and the gable point in the direction of a Berlage-influenced sober Art Nouveau. After takeover of the bank by the Rotterdamsche Bankvereeniging, the building was occupied in 1914 by the Kas-Vereeniging. This company merged in 1929 with the Ontvang- en Betaalkas. Partly as a result of this merger, a large need arose within the institution for office and vault space. After acquisition of the adjacent housing complex extending to the Paleisstraat, the architectural office C.B. Posthumus Meyjes jr. and J. van der Linden received a commission in December 1930 for extension of the existing premises. After demolition of the adjoining buildings, construction of this part of the complex was completed in 1932.

Already in 1920-1921, on the Singel on the right side of the part built in the period 1906-1908, a narrow and stylistically independent building component was added to a design by the architectural office C.B. Posthumus Meyjes & Zn. This contained large vaults.

Description

The part from the first construction phase is designed on a ground plan in the form of a composite parallelogram and consists of four storeys: a low ground floor and three storeys under a roof. Sloping roof panels. The front façade on the Spuistraat side is ten bays wide; the rear façade on the Singel side has eight bays. The part from the second construction phase is also designed on a ground plan in the form of a parallelogram and consists of five storeys. Hipped roof with right-laid tiles. Front façade on the Spuistraat side is fourteen bays wide; the side façade on the Paleisstraat has five window axes, beside which on the left side is the façade part of the stairwell.

Construction from the first phase (1906-1908): The front façade is built of Udelfangen sandstone and tufa. The base consists in part of rustication with roughly dressed granite. Closed at the top with a heavy string course. Further a shaped plinth. In the base window openings with grilles and with decorative upper lintel with pendant sides, beneath which figurative sculptural work. The five bays wide left part shows pilasters over the main and first storeys. At the second storey short lesenes rest on the capitals of these pilasters. Segmental arch-shaped façade lines above the windows of the second storey. Windows of the main and second storeys have an elaborate lower lintel. The window openings have a vertical three-part division and calf. The side lights are lower than the central light. The upper lintel follows these steps. Also here pendant sides with figurative sculptural work. Depicted are heads of animals and people, animal and human figures and leaf motifs. Straight façade termination with gutter line on corbels. Five roof dormers with articulated window and semi-circular pediment. On the left side a narrow façade part with narrower windows. This part has a tower structure with gutter line on corbels and pitched roof with shingles. Window opening in recessed field, triple fanlight. The four bays wide right part has a flat façade treatment and ends in a gable. The broad central entrance is recessed in a chamfered portal with flanking squat columns with fantasy capitals with animal motifs. Decoration on the transition of façade surface and archivolt. In the spandrels medallions with depiction of a lion. Moulding above five openings with squat posts with billeted sides. Relief in the central opening. Upper lintel follows the steps and has pendant sides with figurative sculptural work. The other windows are corresponding. The windows on the second storey have a deeper placed calf, but lack the characteristic upper lintel. Façade line below small rectangular window openings. Gable with rising toothed frieze and acroterion on the shoulders; at the top a sculpture of an eagle. In the façade surface three windows with central post. Window in the centre has coupled and arched lights above the upper lintel. On either side attic zone with three square window openings. Attic has straight façade termination. The rear façade has a six bays wide middle section. On the left side a higher façade part with straight termination; on the right side a higher façade part under gable. Sloping roof panel with shingles and six roof dormers as described. Base, windows, upper lintels and pilasters the same as those of the front façade. In the base simple entrances with fittings. Bay on the right side of the middle section has wider windows. Higher façade part on the left side of the rear façade has an elaborate window and built-up corners. Façade part on the right side has manifold articulated window arrangement over two storeys for lighting of the stairwell.

Interior In the wall behind the dogleg staircase simple stained-glass windows have been installed, provided with among other things coats of arms of cities and of animals. The hall has five spans in length and two in width. The spans are supported by rectangular piers. The cream-coloured tile floor is provided at the edges with wave and stylized meander motifs. Impressive is the glass roof covering in the hall. The original roof is decorated with the coats of arms of domestic and foreign cities where the bank Labouchère Oyens en Co. had branch offices or important correspondences. The counters of the office spaces grouped around the hall are of simple white-veined black marble, the piers partly clad with grey marble. The lamps attached to the piers were already present around 1914 and are most probably original. The large seating bench was placed in the hall after the 1932 extension. The wooden bench is provided in the middle with a heating element and has on either side two writing counters of black marble. On the right in the hall a tile tableau is incorporated in the wall with depictions of the buildings where the Associatie Cassa since its foundation had successively held office. The tableau was made at Plateelbakkerij De Distel. At the front of the hall stands a three-metre-high clock on a pedestal of red marble. The clock is, like the fittings on the pedestal, made of bronze. Also of bronze is the statue of Mercury. The statue is placed on a pedestal of red and red-grey marble. The hanging clock at the back of the hall is made of bronze and marble and is supported by three small elephants. Around the clock sculpted human figures are placed. The clock was designed by C.A. Lion Cachet and the sculpture is by L. Zijl.

Extension (1920-1921) of the construction from the first phase: Annex consisting of four storeys. Closed with a straight façade termination after which flat roof. Front façade on the Singel side (undated). Closed and dark base zone with overlying band and post work. On the first storey a series of four narrow windows. On the second storey a large nine-light articulated window. On the third storey a six-light articulated window. Lesenes on the corners and slightly projecting frieze. Light-coloured façade cladding. On the ground floor and first storey the vaults were located.

Construction from the second phase (1930-1932): The front façade has a base with also rustication of roughly dressed blocks and further a shaped plinth. The seven window openings in the base zone have dividing posts. Above a string course façade surface with three further storeys and fourteen bays. Cross windows with lower lintel. Above a projecting façade line a mezzanine with recessed placed rectangular windows. Closure with a simple natural stone gutter line. In façade section between third and fourth storey letters 'KAS-ASSOCIATIE'.

The side façade has a base zone with two window openings and three further storeys with cross windows in five bays. Façade line, mezzanine with five windows and closing cornice. Composite roof dormer with three small steep and inset gabled roofs covered with ceramic shingles. Rear-hung windows in the windows and small gutters and waterspouts. On the left side a straight-ended façade part with on the far left a higher raised part. Risalit with on each storey a window with three lights for lighting of the stairwell. On the ground floor the entrance with small canopy and text 'KAS ASSOCIATIE / 1932'.

Valuation

Office building of general importance because of its architectural and cultural-historical value. Of historical importance as an example of a building as a particular expression of a financial-economic development. The special interior of the central hall as well as the largely well-preserved exterior with the considerable sculptural work form added value.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map