Rijksmonumentenregister · Netherlands
Pakhuis, Korenmarkt 29
Arnhem, Gelderland, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Opslag
- Function
- Pakhuis
- Category
- onroerend gebouwd
- Built
- 1895
- Address
- Korenmarkt 29, Locatie: Centrum, 6811 GW Arnhem
- Place
- Arnhem
- Province
- Gelderland
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 51.98233, 5.90433
- Monument number
- 516862
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
David Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesUniversity Library, Vrije Universiteit AmsterdamUniversity Library, Vrije Universiteit Amsterdam
3 historical maps cover this location, the earliest the 1894 map "Het Koninkrijk der Nederlanden / bew. door I. Dornseiffen ; get. door E. de Geest" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding:
Karakteristiek GRAANPAKHUIS, gebouwd in 1895 voor graanhandelaar Const. Reijers wellicht door architect J.W. Boerbooms. Het pand is gelegen in de zuidelijke gevelwand van de Korenmarkt, een rechthoekig plein waarvan het beeld nog altijd gedomineerd wordt door de 19de eeuwse gevels van pakhuizen aan de noord- en de zuidzijde en door de laat 19de eeuwse korenbeurs midden op het plein. De pakhuizen, waarvan dit exemplaar één van de gaafst bewaarde en meest imposante is, bewaren de herinnering aan de vroegere handelsfunctie van de Korenmarkt. Dit pakhuis is uitgevoerd in eclectische stijl, waarin de invloed van de Hanzegotiek de boventoon voert. Deze bouwstijl, voorkomend in middeleeuwse woon- en pakhuisarchitectuur in de steden, welke behoorden tot het Hanzeverbond o.a. Lübeck, Hamburg, maar ook bijvoorbeeld de Nederlandse steden Kampen, Zwolle, Deventer, Zutphen, Doesburg, en Arnhem, kenmerkt zich ondermeer door gebruik van baksteen, ook voor de decoratieve onderdelen, en een geleding van de voorgevel door middel van hoge, over meerdere verdiepingen tot aan de topgevel doorgetrokken nissen, afgesloten door spits-, rond-, of korfbogen. In deze nissen bracht men per verdieping vensters of luikopeningen aan. De topgevels hadden vaak ook een nissengeleding. Ze waren vrijwel uitsluitend van het trapgeveltype, soms met doorgestoken pinakels. De Hanzegotiek was aan het eind van de 19de eeuw, zeker in het oosten van Nederland, populair bij de architecten en ze pasten deze toe bij pakhuizen en soms woonhuizen. Mogelijk wilde men de bloeitijd van de Oostnederlandse Hanzesteden verbinden met de nieuwe bloei in de handel in de late 19de eeuw, welke ondermeer door de nieuwe pakhuizen tot uitdrukking moest worden gebracht. De laat 19de eeuwse bakstenen pakhuizen aan de Korenmarkt bezitten in hun gevelarchitectuur onmiskenbaar elementen uit de Hanzegotiek. De Arnhemse architect J.W. Boerbooms, die zelf overigens op Korenmarkt 16 woonde, ontwierp in dezelfde periode voor een handelaar in de Ooipoortstraat te Doesburg ook een pakhuis in de stijl van de Hanzegotiek. Hij is mogelijk als ontwerper betrokken geweest bij de bouw van sommige van de pakhuizen aan de Korenmarkt.
Omschrijving:
Halfvrijstaand PAKHUIS gebouwd naast een steegje. Drie bouwlagen en een zolderverdieping, opgetrokken in in kruisverband gemetselde baksteen vanaf een rechthoekige plattegrond onder een hoog afgeplat zadeldak, gedekt met later aangebrachte mastiekleien. Symmetrische vlakke VOORGEVEL van rode baksteen, beëindigd door een getrapte gevel met in de top een brede gemetselde schijnbalustrade. De treden zijn afgedekt door een gemetselde schilden. De hoektrap is aan beide zijden iets hoger doorgetrokken ten opzichte van de trede van de tweede trap. Op de hoeken van de bakstenen balustrade en in het midden een overhoeks geplaatste doorgestoken bakstenen pinakel op natuurstenen kraagsteentjes en voorzien van een natuurstenen sterk inzwenkende bekroning. De middelste pinakel is thans niet meer compleet en mist haar bekroning met een windwijzer, voorstellende een schip onder vol zeil (blijkens beschrijving van 1989 toen nog voorhanden). Onder de balustrade zijn in de gevel twee natuurstenen plaquettes aangebracht waarop het bouwjaar staat vermeld: "A-D" en "1895". De symmetrische gevelindeling omvat drie traveeën, die zijn aangegeven door een drietal brede, hoge, van de begane grond tot in de topgevel doorgetrokken spaarvelden of nissen. De velden op de hoeken sluiten af met een korfboog. Het middelste veld is iets hoger doorgetrokken en sluit af met een rondboog. Het middelste veld bevat op iedere verdieping een hoge, door een segmentboog afgesloten laaddeuropening. Deze laaddeuropeningen zijn binnen het spaarveld weer in zijn geheel gevat in een hoge nis, welke bovenin afsluit met een driepasboog. De beide spaarvelden op de hoeken bevatten op iedere verdieping twee kleine vensteropeningen. Deze luikopeningen sluiten af met een segmentboog. Met uitzondering van de luikopeningen van de zolderverdieping zijn deze openingen elk afzonderlijk weer geplaatst in een rondboognis. De sterk schuin aflopende gemetselde afzaten van deze openingen zijn onderling verbonden. De dagkanten van de spaarvelden, nissen en luik- en laaddeuropeningen zijn gemetseld met gebakken profielstenen met een afgeschuind profiel. De gevel is verder per bouwlaag onder en boven versierd door middel van banden in gele verblendsteen. Boven de afsluiting van de bovenste laaddeuropening en tevens vlak onder de driepasboog van de laaddeurennis bevindt zich een zware hijsbalk met een overhuiving voorzien van een zinken dakje met piron. Het middelste spaarveld bevat verder bovenin aan weerszijden van de driepasboog van de laaddeurennis een smalle lichtspleet, die diende ter verlichting van de hijsradinstallatie. Aan weerszijden van de rondboog van het middelste spaarveld bevindt zich verder een blinde oculus met bakstenen tracering, links in de vorm van een Davidster, rechts ruitpatronen gevormd door twee keer twee elkaar kruisende diagonale stijlen. Tussen de tweede en de derde verdieping is in natuurstenen platen de oorspronkelijke functie en eigenaar aangegeven: "GRAANHANDEL" in het linker spaarveld en "CONST. REIJERS" in het rechter spaarveld. De uitgehakte letters zijn rood geschilderd.
In iedere luikopening en ook in de laaddeuropeningen zijn groen geschilderde dubbele opgeklampte luiken met kraaldelen geplaatst met grote wit geschilderde gehengen. In ieder luik en laaddeur is een kleine ruitvormige lichtopening aangebracht. De muurankers op de dammen en in de spaarvelden zijn staafvormig met boven een omkrullende kleine vorksplitsing.
De onderpui is, ondanks een gewijzigd indeling van de ingang, nog volledig intact. In het midden van de gevel bevindt zich een zeer brede getoogde opening. Aan weerszijden hiervan zijn twee hoge vensteropeningen. Deze hebben een zwaar doorlopend hardstenen kalf en een hardstenen onderdorpel vormt de koppeling tussen beide vensters. De later aangebrachte, met de architectuur detonerende serre is los voor de voorgevel geplaatst.
Links van het pand bevindt zich een steeg die leidt naar een gebouw achter het pakhuis (Korenmarkt 28). De LINKERZIJGEVEL is eveneens opgetrokken in baksteen in kruisverband. De banden van gele verblendsteen van de voorgevel lopen over deze gevel door. De gevel is ingedeeld in vier traveeën met per travee op elke bouwlaag een rondboognis met geprofileerde dagkanten. De twee middentraveeën bezitten in deze nissen in de tweede en derde bouwlaag luikopeningen onder segmentbogen. De nissen in de eerste bouwlaag en die van de buitenste traveeën zijn blind uitgevoerd. De houten bakgoot wordt gedragen door een uitgemetselde tandlijst. De gevel is verder voorzien van reeksen staafankers.
De vlak uitgevoerde ACHTERGEVEL is eveneens gemetseld in baksteen in kruisverband, echter zonder banden in gele verblendsteen. Deze gevel heeft een topgevel van hetzelfde type als voor, maar zonder trappen en met een gesloten uitgevoerde balustrade. De topgevel en balustrade zijn afgedekt met een bakstenen deklijst. De gevel is verdeeld in drie traveeën met in elke travee per bouwlaag en in de topgevel twee rondboognissen met daarin door een segmentboog afgesloten luikopeningen met groene opgeklampte luiken. De sterk schuin aflopende bakstenen afzaten zijn per groep van twee nissen onderling verbonden. Bij de buitenste traveeën ontbreekt in de topgevel de rondboognis. Hier zijn de luiken geplaatst in een diepe segmentboogopening. De rondboognissen met luikopeningen van de linker helft van de middentravee zijn in een later stadium elk verder naar beneden toe doorgebroken ten behoeve van de plaatsing van deuren voor een tegen deze strook geplaatste brandtrap. In de topgevel bevindt zich een oculus. De achtergevel heeft ter hoogte van de verdiepingsscheidingen telkens een reeks van zeven staafankers. In het INTERIEUR bevindt zich nog de complete, dragende houtconstructie, per verdieping bestaande uit een tweetal tussen de voor en achtergevel opgelegde zware moerbalken, per balk ondersteund door drie zware standvinken met korbelen. Hierdoor zijn per verdieping driebeukige ruimten ontstaan. Haaks op de moerbalken liggen weer tussen de zijgevels opgelegde balken met daarop de vloeren. De zijgevels zijn binnen voorzien van grote gepleisterde spaarnissen. Het afgeplatte zadeldak heeft een kapconstructie bestaande uit een drietal boogspanten (laminaatspanten) met doorgestoken makelaars en gordingen met korbelen bevestigd aan zware muurdammen.
De oorspronkelijke hijsradinstallatie op de zolder is nog voorhanden, met in de vloeren uitgespaarde doorvoeren voor de kabels.
De kelder is door de huidige gebruiker volgestort.
Uit interieuronderzoek is gebleken dat men bij de bouw geen gebruik heeft gemaakt van een oudere kern, zoals bouwmuren, kelders en dergelijke. Het gaat hier om een nieuwe invulling, waarschijnlijk echter wel op een reeds eerder in deze omvang bestaand ouder perceel.
Waardering:
GRAANPAKHUIS uit 1895 van J.W. Boerbooms.
- Van cultuurhistorisch belang als bijzondere uitdrukking van de graanhandel op de Korenmarkt rond de eeuwwisseling, waarbij door middel van de bouwstijl de oude glorie van de Hanzestad Arnhem in herinnering wordt geroepen.
- Van architectuurhistorisch belang als voorbeeld van een vrij gaaf bewaard gebleven pakhuis in een historiserende stijl geïnspireerd door de Hanzegotiek.
- Van stedebouwkundige waarde vanwege de ligging temidden van andere pakhuizen aan de Korenmarkt tegenover de voormalige korenbeurs.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction:
Characteristic GRAIN WAREHOUSE, built in 1895 for grain merchant Const. Reijers, possibly by architect J.W. Boerbooms. The building is located in the southern facade of the Korenmarkt, a rectangular square whose appearance is still dominated by the 19th-century facades of warehouses on the north and south sides and by the late 19th-century grain exchange in the middle of the square. The warehouses, of which this example is one of the best preserved and most imposing, preserve the memory of the former trading function of the Korenmarkt. This warehouse is executed in eclectic style, in which the influence of Hanseatic Gothic predominates. This building style, found in medieval residential and warehouse architecture in the cities which belonged to the Hanseatic League, such as Lübeck, Hamburg, but also for example the Dutch cities Kampen, Zwolle, Deventer, Zutphen, Doesburg, and Arnhem, is characterized among other things by the use of brick, also for decorative elements, and an articulation of the front facade by means of tall, spanning multiple storeys up to the top gable, recessed fields or niches, closed off by pointed, round, or basket arches. In these niches, windows or shutter openings were placed per storey. The top gables often also had a niche articulation. They were almost exclusively of the stepped gable type, sometimes with pierced pinnacles. Hanseatic Gothic was popular at the end of the 19th century, certainly in the east of the Netherlands, among architects and they applied it to warehouses and sometimes residential houses. Possibly they wanted to link the heyday of the East Dutch Hanseatic cities with the new flourishing of trade in the late 19th century, which was to be expressed among other things through the new warehouses. The late 19th-century brick warehouses at the Korenmarkt undeniably possess elements of Hanseatic Gothic in their facade architecture. The Arnhem architect J.W. Boerbooms, who himself lived at Korenmarkt 16, designed a warehouse in the style of Hanseatic Gothic in the same period for a merchant in the Ooipoortstraat in Doesburg. He may have been involved as designer in the construction of some of the warehouses at the Korenmarkt.
Description:
Semi-detached WAREHOUSE built next to an alley. Three storeys and an attic storey, built in stretcher bond brick from a rectangular ground plan under a high mansard roof, covered with later applied mastic tiles. Symmetrical flat FRONT FACADE of red brick, terminated by a stepped gable with at the top a broad brick mock balustrade. The steps are covered by brick slabs. The corner staircase is drawn up slightly higher on both sides relative to the step of the second staircase. On the corners of the brick balustrade and in the middle a diagonally placed pierced brick pinnacle on natural stone corbels and provided with a natural stone strongly curved crowning. The middle pinnacle is now no longer complete and lacks its crowning with a weathervane, depicting a ship under full sail (according to a description of 1989 when still present). Below the balustrade are two natural stone plaques on the facade on which the year of construction is noted: "A-D" and "1895". The symmetrical facade articulation comprises three bays, which are indicated by three broad, tall, spanning from ground level to the top gable recessed fields or niches. The fields on the corners close with a basket arch. The middle field is drawn up slightly higher and closes with a round arch. The middle field contains on each storey a tall loading door opening closed by a segmental arch. These loading door openings are within the recessed field encompassed as a whole in a tall niche, which closes at the top with a trifoil arch. The two recessed fields on the corners contain on each storey two small window openings. These shutter openings close with a segmental arch. With the exception of the shutter openings of the attic storey, these openings are each individually placed in a round arch niche. The steeply sloping brick sills of these openings are connected to one another. The edges of the recessed fields, niches and shutter and loading door openings are built with baked moulded bricks with a bevelled profile. The facade is further decorated per storey above and below by means of bands in yellow facing brick. Above the closure of the uppermost loading door opening and also directly below the trifoil arch of the loading door niche is a heavy lifting beam with a canopy provided with a zinc roof with a hook. The middle recessed field contains further at the top on both sides of the trifoil arch of the loading door niche a narrow light slot, which served to light the pulley system. On both sides of the round arch of the middle recessed field is further a blind oculus with brick tracery, on the left in the form of a Star of David, on the right diamond patterns formed by two times two crossing diagonal lines. Between the second and third storey the original function and owner are indicated in natural stone slabs: "GRAIN MERCHANT" in the left recessed field and "CONST. REIJERS" in the right recessed field. The carved letters are painted red.
In each shutter opening and also in the loading door openings are green painted double clamped shutters with beaded parts placed with large white painted hinges. In each shutter and loading door is a small diamond-shaped light opening. The wall anchors on the beams and in the recessed fields are rod-shaped with above a curling small fork split.
The ground floor, despite a modified layout of the entrance, is still completely intact. In the middle of the facade is a very broad arched opening. On both sides of this are two tall window openings. These have a heavy continuous limestone threshold and a limestone sill forms the coupling between both windows. The later added conservatory, which clashes with the architecture, is placed loosely in front of the front facade.
To the left of the building is an alley leading to a building behind the warehouse (Korenmarkt 28). The LEFT SIDE FACADE is also built in stretcher bond brick. The bands of yellow facing brick from the front facade run across this facade. The facade is divided into four bays with per bay on each storey a round arch niche with moulded edges. The two middle bays possess in these niches on the second and third storeys shutter openings under segmental arches. The niches in the first storey and those of the outer bays are executed blind. The wooden gutter is supported by a tooled tooth moulding. The facade is further provided with series of rod anchors.
The flat executed REAR FACADE is likewise built in stretcher bond brick, however without bands in yellow facing brick. This facade has a top gable of the same type as the front, but without steps and with a closed balustrade. The top gable and balustrade are covered with a brick coping. The facade is divided into three bays with in each bay per storey and in the top gable two round arch niches with in them shutter openings closed by a segmental arch with green clamped shutters. The steeply sloping brick sills are per group of two niches connected to one another. At the outer bays the round arch niche is missing in the top gable. Here the shutters are placed in a deep segmental arch opening. The round arch niches with shutter openings of the left half of the middle bay are in a later stage each further broken downwards for the placement of doors for a fire escape placed against this section. In the top gable is an oculus. The rear facade has at the level of storey separations each a series of seven rod anchors. In the INTERIOR the complete, load-bearing timber structure is still present, per storey consisting of a pair of heavy principal beams laid between the front and rear facade, per beam supported by three heavy posts with corbels. Thereby per storey three-aisled spaces have been created. Perpendicular to the principal beams lie beams laid between the side facades again with floors on them. The side facades are furnished internally with large plastered recessed fields. The mansard roof has a roof truss structure consisting of three arch trusses (laminate trusses) with pierced connectors and beams with corbels fastened to heavy wall beams.
The original pulley system on the attic is still present, with cut-outs in the floors for the cables.
The basement has been filled in by the current user.
From interior investigation it has been established that no use was made of an older core during construction, such as load-bearing walls, basements and the like. This is a new filling, though probably on an older plot that already existed in this size.
Evaluation:
GRAIN WAREHOUSE from 1895 by J.W. Boerbooms.
- Of cultural-historical importance as a distinctive expression of the grain trade on the Korenmarkt around the turn of the century, whereby through the building style the old glory of the Hanseatic city of Arnhem is recalled.
- Of architectural-historical importance as an example of a fairly well preserved warehouse in a historicizing style inspired by Hanseatic Gothic.
- Of urban planning value due to its location among other warehouses at the Korenmarkt opposite the former grain exchange.
Nearby in the register
- Kerk, Korenmarkt 26Kerk en kerkonderdeelunder 1 mi
- Winkelwoning, Rijnstraat 20Werk-woonhuisunder 1 mi
- Overheidsgebouw, Willemsplein 36Overheidsgebouwunder 1 mi
- Sociale zorg, liefdadigheid, Rijnstraat 71Sociale zorg, liefdadigheidunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.