Rijksmonumentenregister · Netherlands
Woonhuis, Rustoordlaan 35
Eefde, Gelderland, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Woonhuis
- Category
- onroerend gebouwd
- Built (approximately)
- 1910
- Address
- Rustoordlaan 35, 7211 AV Eefde (Lochem 25)
- Place
- Eefde
- Municipality
- Lochem
- Province
- Gelderland
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 52.16010, 6.22128
- Monument number
- 516402
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
TU Delft LibraryUniversity Library, Vrije Universiteit Amsterdam
2 historical maps cover this location, the earliest the 1889 map "05. Zutphen (1889)" (TU Delft Library).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
De vrijgelegen VILLA is gesitueerd aan de noordzijde van het Twentekanaal, aan het begin van de Rustoordlaan. De villa toont sterke verwantschap met de ernaast gesitueerde villa aan de Rustoordlaan 37. Het pand is rond 1910 gebouwd in zogenaamde Overgangsarchitectuur met sterke invloeden van de Art Nouveau. Opvallend is onder andere de rijk geaccentueerde ingangspartij en de rijke geveldetaillering met verschillende kleuren verblendsteen. Het door een kleine tuin omgeven pand wordt van de straat gescheiden door een eenvoudig smeedijzeren hek.
Omschrijving
De in kruisverband gemetselde bakstenen VILLA is opgetrokken op nagenoeg vierkante grondslag en heeft twee bouwlagen. Het uitspringende rechterdeel van de villa is voorzien van een aan de voorzijde afgewolfd zadeldak met zinken piron gedekt door rode kruispannen. Boven de topgevel bevindt zich een geprofileerde gootlijst welke zich voortzet in de windveren, die eindigen met een Art Nouveau -spiraal. Het linker terugspringende deel heeft een plat dak. De bouwmassa's worden geaccentueerd door twee vertikale stroken rode verblendsteen over het hele gevelvlak. Beide dakpartijen hebben een omlopende geprofileerde houten bakgoot op gesneden klossen, welke is voorzien van een decoratief gesneden druiplijst. Het pand heeft een omlopende gepleisterde plint. Daarboven zijn de gevels voorzien van speklagen (voor- en achtergevel 7, zijgevels 6), van gele verblendsteen, die ook is toegepast voor verschillende accenten in de gevel, zoals de uitgekraagde consoles waarop de gesneden klossen van de bakgoot rusten. De hoeken van de villa zijn geaccentueerd door het gebruik van rode verblendsteen. Boven de afsluitende strekken van de vensters op de verdieping hebben de gevels een rode strook verblendsteen met daarboven een blokmotief van gele verblendsteen. De vensters die worden afgesloten door een gemetselde segmentboog met afwisselend aangebrachte strekken en gele verblendstenen koppen, waaronder een sluitsteen bestaande uit twee gele verblendstenen strekken, zijn voorzien van Art Nouveau motieven in stempelwerk. De andere vensters worden aan de bovenzijde afgesloten door steense strekken afgewisseld met gele verblendstenen koppen. Alle vensters hebben gepleisterde lekdorpels.
De a-symmetrisch ingedeelde VOORGEVEL heeft op de begane grond aan de linkerzijde een portiek die wordt afgesloten door een Moorse boog, die gedeeltelijk rust op twee uitgekraagde pseudo-kapitelen. De portiek wordt voorafgegaan door hardstenen treden. De boog van het portiek wordt doorgezet in de gebogen roeden van de 3-ruits zijlichten naast de oorspronkelijke voordeur. Deze paneeldeur is aangebracht in een kozijn met gesneden kalf in bloktandmotief, dat rust op hardstenen neuten en dorpel en is voorzien van een 24-ruits bovenlicht. De wanden aan de binnenzijde van de portiek zijn betegeld met witte tegels en worden afgesloten door stroken groene tegels. Onder deze de afsluitende strook aan de bovenzijde bevindt zich een strook reliëftegels. Rechts van de portiek loopt het gevelvlak over in een driehoekige gemetselde erker. Het muurwerk van de afgeschuinde hoeken van de erker is voorzien van verticaal geplaatste stroken rode verblendsteen. De erker heeft aan iedere zijde rechthoekige vensters afgesloten door strekken. Hierin zijn enkelruits schuiframen aangebracht met 20-ruits bovenlichten. Het iets bredere venster van de voorzijde van de erker is voorzien van een enkelruits schuifraam met 32-ruits bovenlicht. De gevels van de erker worden afgesloten door een groen geverfde geprofileerde daklijst met daarboven een houten balustrade voor het balkon. Boven het portiek heeft de verdieping een rechthoekig venster, afgesloten door een strek. Hierin bevindt zich een 2-ruits schuifraam met 8-ruits bovenlicht, uitgevoerd met geel kathedraalglas (verder omschreven als kathedraalglas). Achter het balkon heeft de gevel op de verdieping een sierlijk uitgevoerd venster dat wordt afgesloten door een segmentboog. Dit venster is voorzien van een kozijn met twee centraal aangebrachte balkondeuren met 8-ruits bovenlicht voorzien van kathedraalglas. De balkondeuren worden geflankeerd door twee halfrond afgesloten enkelruits zijlichten met 6-ruits bovenlicht voorzien van kathedraalglas. Boven dit venster is het gevelvlak van de topgevel voorzien van een rechthoekig venster met twee stolpramen en 4-ruits bovenlichten met kathedraalglas. Onder het dakoverstek van de topgevel is een sierlijk uitgekraagd klimmend fries aangebracht. Dit fries is gemetseld in rode- en gele verblendsteen en rust aan de onderzijde op de vertikale stroken rode verblendsteen.
De LINKER ZIJGEVEL is boven de plint op de begane grond voorzien van twee vensters, afgesloten door een segmentboog. Het linker venster is voorzien van een 4-ruits schuifraam met 8-ruits bovenlicht met kathedraalglas. Rechts van dit venster bevindt zich een klein venster met enkelruits klapraam. Het venster aan de rechterzijde is dichtgemetseld. De verdieping van de gevel telt drie identieke rechthoekige vensters, afgesloten door een strek. Het middelste venster heeft een 2-ruits schuifraam met 8-ruits bovenlicht. De vensters aan de buitenzijden zijn dichtgemetseld.
De RECHTER ZIJGEVEL heeft aan de linkerzijde een ruime serre op een gemetselde borstwering. De zijgevels van de serre hebben boven de borstwering kozijnen, met aan de onderzijde twee stroken van vijf gekoppelde ruitjes van kathedraalglas. Hierboven bevinden zich twee enkele ramen met 8-ruits bovenlichten eveneens met kathedraalglas. De voorzijde van de erker bevat een kozijn met centraal geplaatste schuifdeuren, voorzien van enkele ramen met daaronder stroken van vier vierkante ruitjes van kathedraalglas. Boven de deuren bevindt zich een 12-ruits bovenlicht met kathedraalglas. De deuren worden voorafgegaan door twee hardstenen treden en geflankeerd door enkelruits ramen met daaronder stroken van vijf gekoppelde vierkante ruitjes van kathedraalglas. De ramen hebben 8-ruits bovenlichten eveneens met kathedraalglas. De kozijnen van de erker hebben een gesneden kalf met bloktandmotief. Boven een geprofileerde bakgoot op klossen bevinden zich korte bolle dakschilden met zinkbeslag. Hierboven bevindt zich een eenvoudig houten balkonhek met zeven eenvoudig gesneden balusters. Rechts van de serre bevindt zich een groot rechthoekig venster afgesloten door een segmentboog. Hierin bevindt zich een groot enkelruits schuifraam met 32-ruits bovenlicht. Op de verdieping heeft de gevel twee rechthoekige vensters afgesloten door een strek. Hierin bevinden zich aan de linkerzijde boven de serre twee openslaande deuren met 8-ruits bovenlicht van kathedraalglas en aan de rechterzijde een 2-ruits schuifraam met 8-ruits bovenlicht eveneens van kathedraalglas.
De ACHTERGEVEL heeft boven de plint aan de linkerzijde, voorafgegaan door twee gepleisterde treden, een ondiepe houten veranda met vier gesneden houten stijlen aan de voorzijde, met daarachter een tegelvloer met bloemmotieven en een bovenliggend balkon. Centraal in de veranda bevinden zich schuifdeuren die zijn voorzien van enkele ramen met 12-ruits bovenlichten. Ze zijn afgesloten met een strek. De rechtergevel van de veranda bestaat uit een gemetselde muurdam, terwijl de linkergevel geheel in hout is uitgevoerd. De linkergevel heeft boven een verticaal beschoten onderzijde een groot segmentboogvormig afgesloten venster. Dit venster is aan de onderzijde voorzien van een strook van negen vierkante ruitjes van kathedraalglas. Boven een open gedeelte met twee vertikale roeden bevindt zich een segmentboogvormig 12-ruits bovenraam eveneens voorzien van kathedraalglas. Boven een aan de onderzijde decoratief gezaagde beschieting bevindt zich een omlopende geprofileerde gootlijst met daarboven een eenvoudige, niet oorspronkelijke balustrade. Boven de veranda heeft de gevel een grote rechthoekige muuropening, die wordt afgesloten door een segmentboog. Hierin bevinden zich gekoppelde paneeldeuren met enkelruits ramen. Boven de deuren bevindt zich een 10-ruits bovenlicht. Boven een extra speklaag is de punt van de topgevel voorzien van een rond venster omgeven door een decoratief gemetselde rollaag van gele en rode verblendsteen. Hierin bevindt zich een klein rond raam met diagonale roedenverdeling. De topgevel wordt afgesloten door een dakoverstek met decoratief gesneden windveer.
Rechts van de veranda bevindt zich een houten verticaal beschoten uitbouw met daarin de achterdeur van het huis. De aanbouw heeft een plat dak, waarboven nog net een 3-ruits bovenlicht zichtbaar is van een oorspronkelijk in de achtergevel aangebracht raamvenster. Ook dit venster heeft een Art Nouveau decoratie in het boogveld onder de segmentboog. Op de verdieping heeft het rechterdeel van de gevel een rechthoekig venster afgesloten door een strek. Het venster is voorzien van een 2-ruits schuifraam met 8-ruits bovenlicht. Boven het venster bevindt zich een strook rode verblendsteen met daarboven een decoratief blokpatroon in gele verblendsteen.
Het INTERIEUR heeft nog de oorspronkelijke indeling en omvat waardevolle elementen zoals onder andere een marmeren vloer in de hal, een voor- en achterkamer gescheiden door schuifdeuren met glas-in-lood, schuifdeuren voor de toegang tot de erker en veranda en een fraaie trap met rijk gesneden trappaal. Naast eenvoudige stucplafonds met cirkelmotief en randprofiel bevat het pand nog twee rijk gedecoreerde stucplafonds in kamers op de verdieping. Een bijzonder detail is de voortzetting van de Moorse boog van het portiek aan de binnenzijde van de toegangsdeur.
Waardering
VILLA in Overgangsarchitectuur gebouwd rond 1910.
- van architectuurhistorische waarde als gaaf bewaarde villa in Overgangsarchitectuur met fraaie Art Nouveau decoraties. De villa valt op door hoogwaardige esthetische kwaliteiten in in- en exterieur, zoals het geavanceerde materiaalgebruik en de rijke ornamentiek. Karakteristiek zijn onder meer de ingangpartij, de serres en veranda, de gesneden kozijnonderdelen en het gebruik van twee kleuren verblendsteen in de gevels.
- van stedenbouwkundige waarde door de prominente situering aan het begin van de Rustoordlaan, naast een soortgelijke villa. De Rustoordlaan bevat nog een aantal vrij gaaf bewaarde historische panden, die tezamen met het beschreven object een waardevol straatbeeld vormen.
- van cultuurhistorische waarde als belangrijk element van de historisch gegroeide bebouwing aan de Rustoordlaan.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
The detached VILLA is situated on the north side of the Twentekanaal, at the beginning of the Rustoordlaan. The villa shows strong affinity with the similarly situated villa at Rustoordlaan 37. The building was constructed around 1910 in so-called Transitional Architecture with strong influences from Art Nouveau. Striking features include, among others, the richly accentuated entrance section and the rich facade detailing with different colours of facing brick. The building, surrounded by a small garden, is separated from the street by a simple wrought-iron fence.
Description
The VILLA is constructed in Flemish bond brickwork on an approximately square plan and has two storeys. The projecting right section of the villa is provided with a front-curved gabled roof covered with zinc ridge tiles and red interlocking tiles. Above the gable apex is a profiled gutter list which continues in the wind braces, which terminate with an Art Nouveau spiral. The left recessed section has a flat roof. The building masses are accentuated by two vertical strips of red facing brick across the entire facade surface. Both roof sections have a running profiled wooden gutter on carved brackets, which is provided with a decorative carved drip moulding. The building has a running rendered plinth. Above this the facades are provided with speckwork (front and rear facades 7, side facades 6), of yellow facing brick, which is also applied for various accents in the facade, such as the corbelled consoles on which the carved brackets of the gutter rest. The corners of the villa are accentuated by the use of red facing brick. Above the closing stretches of the windows on the upper storey the facades have a red strip of facing brick with above it a block motif of yellow facing brick. The windows which are closed by a segmental arch of masonry with alternately applied stretches and yellow facing brick heads, under which a keystone consisting of two yellow facing brick stretches, are provided with Art Nouveau motifs in stamped work. The other windows are closed at the top by stone stretches alternated with yellow facing brick heads. All windows have rendered sill drips.
The asymmetrically arranged FRONT FACADE has on the ground floor on the left side a porch which is closed by a Moorish arch, which partially rests on two corbelled pseudo-capitals. The porch is preceded by ashlar steps. The arch of the porch is continued in the curved glazing bars of the 3-pane sidelights beside the original front door. This panel door is set in a frame with carved calf in block-tooth motif, which rests on ashlar plinths and sill and is provided with a 24-pane fanlight. The walls at the inner side of the porch are tiled with white tiles and are closed by strips of green tiles. Below the closing strip at the top is a strip of relief tiles. To the right of the porch the facade surface continues into a triangular masonry bay. The masonry of the bevelled corners of the bay is provided with vertically placed strips of red facing brick. The bay has rectangular windows on each side closed by stretches. Single-pane sash windows with 20-pane fanlights are installed in these. The slightly wider window of the front of the bay is provided with a single-pane sash window with 32-pane fanlight. The facades of the bay are closed by a green painted profiled roof line with above it a wooden balustrade for the balcony. Above the porch the upper storey has a rectangular window closed by a stretch. In it is a 2-pane sash window with 8-pane fanlight, executed with yellow cathedral glass (hereinafter referred to as cathedral glass). Behind the balcony the facade on the upper storey has an elegantly executed window which is closed by a segmental arch. This window is provided with a frame with two centrally placed balcony doors with 8-pane fanlight provided with cathedral glass. The balcony doors are flanked by two semi-circular closed single-pane sidelights with 6-pane fanlight provided with cathedral glass. Above this window the facade surface of the gable apex is provided with a rectangular window with two tilt windows and 4-pane fanlights with cathedral glass. Under the roof overhang of the gable apex an elegantly corbelled climbing frieze is installed. This frieze is masonry in red and yellow facing brick and rests at the underside on the vertical strips of red facing brick.
The LEFT SIDE FACADE above the plinth on the ground floor is provided with two windows closed by a segmental arch. The left window is provided with a 4-pane sash window with 8-pane fanlight with cathedral glass. To the right of this window is a small window with single-pane tilt window. The window on the right side is bricked up. The upper storey of the facade has three identical rectangular windows closed by a stretch. The middle window has a 2-pane sash window with 8-pane fanlight. The windows on the outer sides are bricked up.
The RIGHT SIDE FACADE has on the left side a spacious conservatory on masonry parapet. The side facades of the conservatory have above the parapet frames, with at the underside two strips of five coupled small panes of cathedral glass. Above these are two single windows with 8-pane fanlights also with cathedral glass. The front of the bay contains a frame with centrally placed sliding doors, provided with single windows with beneath them strips of four square panes of cathedral glass. Above the doors is a 12-pane fanlight with cathedral glass. The doors are preceded by two ashlar steps and flanked by single-pane windows with beneath them strips of five coupled square panes of cathedral glass. The windows have 8-pane fanlights also with cathedral glass. The frames of the bay have carved calf with block-tooth motif. Above a profiled gutter on brackets are short barrel roof tiles with zinc cladding. Above this is a simple wooden balcony rail with seven simply carved balusters. To the right of the conservatory is a large rectangular window closed by a segmental arch. In this is a large single-pane sash window with 32-pane fanlight. On the upper storey the facade has two rectangular windows closed by a stretch. In these are on the left side above the conservatory two French doors with 8-pane fanlight of cathedral glass and on the right side a 2-pane sash window with 8-pane fanlight also of cathedral glass.
The REAR FACADE has above the plinth on the left side, preceded by two rendered steps, a shallow wooden veranda with four carved wooden uprights at the front, behind which is a tile floor with flower motifs and an overlying balcony. Centrally in the veranda are sliding doors which are provided with single windows with 12-pane fanlights. They are closed with a stretch. The right facade of the veranda consists of a masonry wall dam, while the left facade is entirely executed in wood. The left facade has above a vertically boarded underside a large segmental arch-shaped closed window. This window is at the underside provided with a strip of nine square panes of cathedral glass. Above an open section with two vertical glazing bars is a segmental arch-shaped 12-pane top window also provided with cathedral glass. Above decoratively sawn boarding at the underside is a running profiled gutter list with above it a simple, non-original balustrade. Above the veranda the facade has a large rectangular wall opening which is closed by a segmental arch. In this are coupled panel doors with single-pane windows. Above the doors is a 10-pane fanlight. Above an extra speckwork the apex of the gable is provided with a round window surrounded by a decoratively masonry roll moulding of yellow and red facing brick. In this is a small round window with diagonal glazing bars. The gable apex is closed by a roof overhang with decoratively carved wind brace.
To the right of the veranda is a wooden vertically boarded extension containing the rear door of the house. The addition has a flat roof, above which a 3-pane fanlight of an originally installed window in the rear facade is just visible. This window also has Art Nouveau decoration in the arch field under the segmental arch. On the upper storey the right section of the facade has a rectangular window closed by a stretch. The window is provided with a 2-pane sash window with 8-pane fanlight. Above the window is a strip of red facing brick with above it a decorative block pattern in yellow facing brick.
The INTERIOR retains the original layout and comprises valuable elements such as a marble floor in the hall, a front and back room separated by sliding doors with leaded glass, sliding doors for access to the bay and veranda and a fine staircase with richly carved newel. Alongside simple stucco ceilings with circular motif and edge profile the building still contains two richly decorated stucco ceilings in rooms on the upper storey. A particular detail is the continuation of the Moorish arch of the porch on the inner side of the entrance door.
Valuation
VILLA in Transitional Architecture built around 1910.
- of architectural-historical value as a well-preserved villa in Transitional Architecture with fine Art Nouveau decorations. The villa stands out due to high-quality aesthetic qualities in both interior and exterior, such as the advanced use of materials and the rich ornamentation. Characteristic features include, among others, the entrance section, the conservatories and veranda, the carved frame components and the use of two colours of facing brick in the facades.
- of urban design value due to the prominent siting at the beginning of the Rustoordlaan, beside a similar villa. The Rustoordlaan still contains a number of fairly well-preserved historic buildings, which together with the described object form a valuable streetscape.
- of cultural-historical value as an important element of the historically developed built-up area on the Rustoordlaan.
Nearby in the register
- Tuinkoepel, Damlaan bij 3 ATuin, park en plantsoenunder 1 mi
- Tuinmuur, Damlaan bij 3Tuin, park en plantsoenunder 1 mi
- 't KlaphekTuin, park en plantsoenunder 1 mi
- Tuinmanswoning(L), Damlaan 10Bijgebouwen kastelen enz.under 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.