TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Woonhuis, Driehuizenpark 1

Lisse, Zuid-Holland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Woonhuis
Category
onroerend gebouwd
Built (approximately)
1930
Address
Driehuizenpark 1, 2163 KV Lisse (and others)
Place
Lisse
Province
Zuid-Holland
Country
Netherlands
Coordinates
52.26792, 4.55836
Monument number
516108

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

3 historical maps cover this location, the earliest the 1917 map "24 Hillegom" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding

Oorspronkelijk de bollenwekerij het 'Hollandse Bloembollen Huis', bestaande uit een BOLLENSCHUUR met aangebouwd KANTOOR. Het ensemble is gebouwd in 1922, in opdracht van de firma Gebr. Driehuizen, naar een ontwerp van de in de bollenstreek bekende architect Leen Tol uit Lisse. Het complex is gebouwd in een stijl die verwant is aan de architectuur van de Nieuwe Haagse School, een strakke variant van de Amsterdamse School. De grote schuur is van het type bollenschuur met vide. Van dit type komen nog enkele in de Bollenstreek voor, maar deze hebben niet meer hun oorspronkelijke functie. Dit kwekerijcomplex is sinds 1981 niet meer als zodanig in gebruik. Het fungeert sindsdien als onderkomen voor een antiekhandel.

Omschrijving

Het gebouw heeft een symmetrisch vooraanzicht met een op de weg georiënteerd eenlaags kantoorgedeelte met daarachter de hoog opgaande schuur. Het geheel is samengesteld uit kubische bouwdelen onder platte daken. De gevels met trasraam zijn opgetrokken in schone baksteen en worden verlevendigd door decoratieve metselverbanden. Alle gevelopeningen zijn rechtgesloten. De meeste vensters in de bollenschuur zijn nog aanwezig maar grotendeels aan de binnenkant dichtgezet.

Het kantoor, onder een uitkragend plat dak, heeft een symmetrisch ingedeelde voorgevel met in het midden een onder een rechte strek met sluit- en aanzetstenen staand portiek met schuine wanden, samengesteld uit boven een natuurstenen plint staande, trapsgewijs verspringende "archivolten". Hiertussen een dubbele glasdeur onder een met glas-in-lood ingevuld bovenlicht. Aan weerszijden een reeks van drie vensters met glas-in-lood in de bovenramen en doorgetrokken, hardstenen onderdorpels; in de muurdelen boven de gevelopeningen decoratieve metselverbanden. In de linker gevel van het kantoor een reeks vensters, vergelijkbaar met die in de voorgevel. De rechter gevel bevat drie vensters.

Het kantoor is met de schuur verbonden door middel van een laag, onder plat dak staand bouwdeel (tussenlid) met in een brede, overhoekse gevelpartij twee grote glasdeuren met roedenverdeling (links) en een venster eveneens met roedenverdeling. Het vrijwel identieke verbindende gedeelte tussen het kantoor en de schuur aan de rechter zijde is vergelijkbaar, maar met een groot stalen venster met roedenverdeling in de overhoekse gevelpartij. Tussen de hoeken van het het tussenlid en de schuur staan gemetselde plantenbakken met afgeronde hoeken.

Het KANTOORINTERIEUR is nog voor een belangrijk deel in oorspronkelijke staat. De centrale hal is onder meer voorzien van een met glas-in-lood ingevulde lichtkoepel, een vloer met decoratieve betegeling en deels met tegels beklede wanden. De kantoorruimtes zijn onder meer voorzien van stucplafonds en parketvloer.

De bollenschuur met trasraam bestaat uit drie bouwlagen onder plat dak. Het hoog opgaande, op de Heereweg georiënteerd middengedeelte heeft drie grote vensterpartijen met roedenverdeling in de stalen ramen waarboven een tegeltableau (thans met de naam van de huidige gebruiker van het complex) en wordt geflankeerd door smalle risalieten waarin twee smalle vensterpartijen eveneens met roedenverdeling in ijzeren ramen. Deze risalieten hebben ver uitkragende platte daken. De iets lagere gevels aan weerszijden van de middenpartij bevatten relatief kleine vensters, eveneens met roedenverdeling in de ijzeren ramen. De ramen zijn nog wel aanwezig, maar zijn aan de binnenzijde dichtgezet en hebben als zodanig geen functie meer. De gevels worden beëindigd door een decoratieve rand van deels uitgemetselde baksteen, afgedekt door een rand van gesmoorde grès.

De linker zijgevel is vergelijkbaar qua detaillering en materiaalgebruik. De vensters in de eerste bouwlaag zijn dichtgemetseld, die op de verdiepingen zijn ook hier aan de binnenzijde dichtgezet, maar de twaalf-ruits ijzeren ramen zijn net als in de voorgevel nog wel aanwezig.

De rechter zijgevel wordt begroeiing grotendeels aan het oog onttrokken; een aantal van de bovenste vensters zijn nog wel zichtbaar aanwezig.

De achtergevel van de bollenschuur bevat gewijzigde gevelopeningen, dichtgemetselde vensters en een afgeronde hoek aan de noord-westkant. De hoger opgaande middenpartij met risalieten is te vergelijken met die aan de voorgevel. De risalieten zijn hier ingangsrisalieten en bevatten evenals de risalieten aan de voorzijde een trappenhuis en een liftschacht. Het aantal vensters in de buitenste gevelpartijen is kleiner en die op de eerste verdieping zijn bovendien dichtgemetseld. Het onderste deel van de achtergevel wordt voor een belangrijk deel aan het oog onttrokken door een verbindende overkapping naar een nieuwe loods achter de oude.

Het karakter van het INTERIEUR wordt voor het grootste deel bepaald door de aanwezigheid van een ruime vide. De rechthoekige open middenruimte bevat twee, rondom de vide lopende galerijen met ijzeren balustrades. De ruimte wordt overspannen door ijzeren vakwerkspanten met geknikte boven- en onderranden. De bovenste spantbenen ondersteunen bovendien een grote, geknikte lichtkap. De op betonnen vloeren staande, met betonnen vloerbalken verstevigde bollencellen hebben nog de oorspronkelijke, gemetselde celmuren met grote rechtgesloten, naar de vide gerichte vensteropeningen, die oorspronkelijk waren ingevuld met in ijzeren ramen gevat draadglas. Ook de schuifdeuren van de cellen zijn verdwenen. In de zuid-westelijke risaliet bevindt zich nog een werkende, uit 1931 daterende lift met een houten liftkooi met opklapbare bank van de firma Starlift. De stijfheid van de deels vervangen oorspronkelijke constructie is vergroot door gebruik te maken van een constructie van ijzeren balken. De verschillende niveaus in de schuur zijn met elkaar verbonden door eveneens in de risalieten geplaatste steektrappen. Op de begane grond bevindt zich nog een authentiek kantoortje van de loodsopzichter, waarin nog de oorspronkelijke vensters met ijzeren ramen.

Waardering

- De bollenschuur met kantoor is cultuurhistorisch van algemeen belang vanwege de belangrijke plaats die het inneemt in de geschiedenis van de bollencultuur in het algemeen en die van de Bollenstreek in het bijzonder.

- Het ensemble is architectuurhistorisch van algemeen belang vanwege de karakteristieke vormgeving en detaillering van de samenstellende onderdelen, die in nauwe relatie staan tot de specifieke functies. Het ensemble is tevens van belang als representatief vertegenwoordiger van een bijzonder type bollenschuur met kantoor.

- De bollenschuur heeft ensemblewaarde vanwege de betekenis voor het aanzien van de streek en vanwege de nauwe visuele en functionele samenhang tussen de samenstellende onderdelen.

- Het is bovendien van belang vanwege de herkenbaarheid en de ruime mate van gaafheid van het exterieur en van belangrijke delen van het interieur.

- Vanwege voornoemde kwaliteiten heeft het gebouw tevens zeldzaamheidswaarde.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction

Originally a bulb cultivation business known as the 'Hollandse Bloembollen Huis', consisting of a BULB STORAGE SHED with an adjoining OFFICE. The ensemble was built in 1922, commissioned by the firm Gebr. Driehuizen, according to a design by Leen Tol, an architect well-known in the bulb-growing region, from Lisse. The complex was built in a style related to the architecture of the New Hague School, a severe variant of the Amsterdam School. The large shed is of the bulb storage shed type with void. Some examples of this type still exist in the Bullenstreek, but they no longer serve their original function. This cultivation complex has not been used as such since 1981. Since then it has served as accommodation for an antique dealer.

Description

The building has a symmetrical front elevation with a single-storey office section oriented towards the road and behind it the tall-rising shed. The whole is composed of cubic building units under flat roofs. The facades with clinker brick are built in fair-faced brick and are enlivened by decorative brick bonding patterns. All facade openings are straight-sided. Most of the windows in the bulb shed are still present but largely sealed on the inside.

The office, under a cantilevered flat roof, has a symmetrically arranged front facade with in the middle a portico standing under a straight lintel with closing and setting stones with sloping walls, composed of stepped-back "archivolts" above a natural stone plinth. Between these a double glass door under a fanlight filled with leaded glass. On either side a series of three windows with leaded glass in the upper lights and continuous, hard stone sills; in the wall sections above the facade openings decorative brick bonding patterns. In the left facade of the office a series of windows comparable to those in the front facade. The right facade contains three windows.

The office is connected to the shed by means of a low building unit under a flat roof (connecting section) with in a broad, chamfered facade section two large glass doors with glazing bars (left) and a window likewise with glazing bars. The virtually identical connecting section between the office and the shed on the right side is comparable, but with a large steel window with glazing bars in the chamfered facade section. Between the corners of the connecting section and the shed stand brick-built flower boxes with rounded corners.

The OFFICE INTERIOR is still in its original state to a considerable extent. The central hall is provided among other things with a light cupola filled with leaded glass, a floor with decorative tiling and partly tile-clad walls. The office spaces are provided among other things with stucco ceilings and parquet floors.

The bulb storage shed with clinker brick consists of three storeys under a flat roof. The tall-rising central section oriented towards the Heereweg has three large window sections with glazing bars in the steel frames above which is a tile tableau (currently with the name of the current user of the complex) and is flanked by narrow risalits in which two narrow window sections likewise with glazing bars in iron frames. These risalits have far-cantilevered flat roofs. The slightly lower facades on either side of the central section contain relatively small windows, likewise with glazing bars in the iron frames. The windows are still present, but are sealed on the inside and as such no longer serve a function. The facades are ended by a decorative edge of partly projecting brick, covered by an edge of burnt sandstone.

The left side facade is comparable in terms of detailing and material use. The windows in the first storey are bricked up, those on the upper floors are likewise sealed on the inside here, but the twelve-pane iron windows are, as in the front facade, still present.

The right side facade is largely obscured from view by vegetation; a number of the upper windows are still visible.

The rear facade of the bulb shed contains altered facade openings, bricked-up windows and a rounded corner on the north-west side. The taller-rising central section with risalits is comparable to that on the front facade. The risalits are entrance risalits here and contain, like the risalits on the front, a stairwell and a lift shaft. The number of windows in the outer facade sections is smaller and those on the first floor are also bricked up. The lower part of the rear facade is largely obscured from view by a connecting roof covering towards a new storage shed behind the old one.

The character of the INTERIOR is largely determined by the presence of a spacious void. The rectangular open central space contains two galleries running around the void with iron balustrades. The space is spanned by iron truss trusses with bent upper and lower edges. The uppermost truss members additionally support a large bent skylight. The bulb storage cells standing on concrete floors and reinforced with concrete floor beams still have the original brick cell walls with large straight-sided window openings facing the void, which were originally filled with wire glass set in iron frames. The sliding doors of the cells have also disappeared. In the south-west risalite there is still a working lift dating from 1931 with a wooden lift cage with a folding seat by the firm Starlift. The stiffness of the partly replaced original structure has been increased by using a construction of iron beams. The various levels in the shed are connected to each other by step stairs also placed in the risalites. On the ground floor there is still an authentic office of the shed supervisor, in which the original windows with iron frames remain.

Valuation

- The bulb storage shed with office is of general cultural historical importance owing to the important place it occupies in the history of bulb cultivation in general and that of the Bollenstreek in particular.

- The ensemble is of general architectural historical importance owing to the characteristic design and detailing of the constituent components, which are in close relation to their specific functions. The ensemble is also of importance as a representative example of a particularly distinctive type of bulb storage shed with office.

- The bulb storage shed has ensemble value owing to its significance for the appearance of the region and owing to the close visual and functional coherence between the constituent components.

- It is furthermore of importance owing to its recognisability and the considerable degree of integrity of the exterior and of important parts of the interior.

- Owing to the aforementioned qualities the building also has rarity value.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map