Rijksmonumentenregister · Netherlands
Stoomfabriek, Stationsstraat 30 A
Wehl, Gelderland, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Industrie
- Function
- Stoomfabriek
- Category
- onroerend gebouwd
- Built
- 1908
- Address
- Stationsstraat 30 A, 7031 BR Wehl (Doetinchem 25)
- Place
- Wehl
- Municipality
- Doetinchem
- Province
- Gelderland
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 51.95785, 6.21401
- Monument number
- 515567
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
David Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesUniversity Library, Vrije Universiteit Amsterdam
2 historical maps cover this location, the earliest the 1899 map "Composite: 327. Cleve." (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
STOOMTIMMERFABRIEK met aangrenzend WOONHUIS door aannemer/architect Th.W.A. Damen (1876-1956) gebouwd in 1907-1909, gelegen aan de Stationsstraat in het gedeelte evenwijdig aan het spoor. Het vrijliggende gebouw bevindt zich tussen de Isidorusstraat en de Stationsstraat die in noordelijke richting afbuigt naar het centrum. Op het terrein bevinden zich nog een schuur en een transformatorhuisje die niet onder bescherming vallen. De fabriek heeft niet meer de oorspronkelijke functie, die nog te herkennen is aan een driedelig door een kalkzandsteenlijst omrand fries onder het dak van het fabrieksgedeelte. Hier wordt in een nog gedeeltelijk leesbare betonnen belettering verwezen naar de functie van stoomtimmerfabriek. In 1917 werd de fabriek met een zagerij uitgebreid en met een uitbouw in 1938 vergroot. De houtzaagmachines in het fabrieksgedeelte werden aanvankelijk vanuit het souterrain aangedreven door een zuiggasmotor, later een locomobiel en vervolgens door elektromotoren. Het souterrain in het achterste gedeelte van het woonhuis bood, zoals in die tijd wel meer voorkwam, plaats aan een klein boerenbedrijf met enkele stuks vee.
Omschrijving
Het U-vormig samengestelde gebouw heeft een souterrain/begane grond dat op gelijke hoogte ligt met de tuin. Aan de straatzijde leidt een sleephelling naar een door drie gevels omsloten, hoger gelegen en nog gedeeltelijk van spoorrails voorzien, voorplein. Rechts bevindt zich het woonhuis, links het met het woonhuis verbonden fabrieksgedeelte. De fabriek heeft in het algemeen in kruisverband opgetrokken gevels met een in baksteen en kalkzandsteen uitgevoerde detaillering. Een opvallende karakteristiek van het gebouw is de opengewerkte baksteenbalustrade die de gevels van zowel het woonhuis- als van het fabrieksgedeelte aan de bovenzijde afsluit. Ter plaatse van het fabrieksgedeelte is deze balustrade op gelijke afstanden voorzien van in decoratief metselwerk uitgevoerde, uitgemetselde en uitkragende kolommen die de breedte van de vensterassen aangeven. Rondom het gebouw bevindt zich een gepleisterde horizontale sierband ter hoogte van het souterrain. Het WOONHUISGEDEELTE beslaat de gehele rechtervleugel van het fabrieksgebouw en is met de korte zijde naar de straat gericht. Het bestaat uit een souterrain, een verdieping en een zolderverdieping onder een samengesteld en afgeplat schilddak, waarvan alle schilden met shingles zijn belegd. Het voorhuis van de woning bevindt zich tussen twee getrapte geveltoppen die eveneens zijn voorzien van een in baksteen uitgevoerde balustrade en hoekposten en dekplaten. Tussen beide geveltoppen bevindt zich aan de zijkanten van het woonhuis een geprofileerde goot (zink) op uitkragende baksteenlijsten en consoles in kalkzandsteen. De consoles steunen optisch op een in kalkzandsteen uitgevoerde metsellaag. De gootlijst bevindt zich in het gehele rechterdeel op gelijke hoogte, behalve ter plaatse van een deel van de rechterzijgevel, waar de gootlijst lager is aangebracht. Hier is een verspringing van de dakvorm zichtbaar. Tussen het dakschild van het tussen twee topgevels gevatte voorhuis en dat van het achterhuis, bevindt zich een iets inspringend gevelgedeelte met een uitgebouwd portiek over twee bouwlagen, waarboven het dakschild lager is doorgetrokken. Hierdoor sluit het als lessenaarsdak de uitbouw met portiek af. Beide lange zijden van de woonhuisvleugel zijn in de dakschilden ter plaatse van het achterhuis voorzien van twee driehoekige dakkapellen met een driepasmotief in de top en een trapeziumvormig raam. Verder bevat het rechter dakschild nog een dakkapel onder een lessenaarsdak en het linker dakschild een deuropening die uitkomt op het platte dak van het fabrieksgedeelte. De gevelopeningen in het woonhuisgedeelte worden in het algemeen ter plaatse van het souterrain afgesloten door segmentbogen en op de verdieping(en) door korfbogen. De in baksteen uitgevoerde gevelvelden boven de kozijnen zijn in deze openingen vermoedelijk ooit vernieuwd.
De symmetrisch ingedeelde FRONTGEVEL van het woonhuisgedeelte bevindt zich aan de Stationsstraat. In het souterrain bevat deze gevel twee 2-ruits stolpramen. Daarboven en in dezelfde as bevinden zich op de verdieping twee vensters met zware kozijnen, stolpramen en een nagenoeg vierkant bovenlicht dat hetzelfde formaat heeft als de stolpramen daaronder. De scharnierende bovenlichten zijn aangepast. De zolder bevat een korfboogvormig afgesloten breed gevelveld waarin een stolpraam en twee zijramen zijn opgenomen, gescheiden door smalle muurdammen. Onder de ramen bevinden zich schuin geplaatste vensterdorpels. De RECHTERZIJGEVEL bevat de uitgebouwde ingangspartij van het woongedeelte. Deze ingangspartij is rechthoekig uitgebouwd en scheidt de zijgevel in ongelijke delen. In de eerste geleding ter hoogte van het souterrain bevinden zich aan de voorzijde van de uitbouw twee enkelruits draairaampjes. In de naar de straat gekeerde zijkant is één raampje aanwezig. De raampjes hebben een vensterdorpel van uitgemetselde kalkzandsteen. Evenwijdig aan de gevel is de trap geplaatst die bestaat uit betontreden en een moderne trapleuning. Het van een betonvloer voorziene portiek wordt door een opengewerkte balustrade met kolommen omsloten. Op de in beton uitgevoerde dekplaat van de balustrade rust de bovenbouw van het portiek die is uitgevoerd met rondboogvormig afgesloten muuropeningen, gescheiden door baksteenzuiltjes. Het venster boven de trap bevat een glas in lood raampje. Het portiek wordt, zoals eerder omschreven, afgedekt met een lessenaarsdak. De linkerzijmuur van de uitbouw reikt tot onder de aanzet van de trapgevel ter plaatse van het voorhuis. Links van de uitbouw bevat de zijgevel, tussen beide topgevels, op souterrainniveau een moderne deur met rechts daarvan een enkel 4-ruits draairaam op een betonnen vensterdorpel. De woonlaag daarboven bevat een samengesteld kozijn onder een korfboog met rode verblendstenen boogvulling. Het kozijn bestaat uit een stolpraam met zijlichten en een drietal bovenlichten van vergelijkbaar formaat en voorzien van glas-in-loodramen. Rechts van de uitbouw bevinden zich in het souterrain drie enkele 4-ruits draairamen als genoemd. De woonlaag heeft twee forse 2-ruits ramen, waarvan het bovenlicht van vergelijkbaar formaat is als het onderraam. Links hiervan bevindt zich een smalle lichtspleet met een valraampje en een afsluitende strek. De ACHTERGEVEL bevat in het souterrain gewijzigde dubbele deuren onder een betonnen latei waarboven een smallere boog is te zien. Rechts is een smallere staldeur onder een boog aanwezig met aan weerszijden een segmentboogvormig stalraampje. Ter plaatse van de woonlaag bevindt zich links een niet oorspronkelijk vierkant venster. Rechts is onder een segmentboog een samengesteld 6-delig kozijn aanwezig. De onderramen hierin zijn draaiend uitgevoerd. Rechts tegen de gevel sluit het (uitgebouwde) fabrieksgedeelte aan. De LINKERZIJGEVEL van het woongedeelte bevindt zich aan het kleine voorplein. In de gevel bevindt zich een samengesteld kozijn in een korfboogvormige vensteropening. Het kozijn bevat een stolpraam met twee zijlichten en drie bovenlichten met glas-in-lood. Het FABRIEKSGEDEELTE sluit met een L-vormige grondvorm aan op het woonhuisgedeelte en bestaat uit een souterrain en één bouwlaag. Het platte dak wordt omsloten door een baksteenbalustrade met uitgemetselde kolommen. In twee van deze kolommen van de balustrade zijn schoorstenen ondergebracht. De VOORGEVEL van het fabrieksgedeelte ligt aan de Stationsstraat en bezit links een bouwdeel dat op vergelijkbare wijze als de woonhuisvleugel naar voren springt. Het gedeelte dat als een soort tussenlid het woonhuis met genoemd deel van de fabriek verbindt, bevindt zich op de sleephelling en heeft één bouwlaag. De gevel hiervan is asymmetrisch van opzet en wordt door de vanuit het muurvlak opgaande baksteen kolommen in vier delen gedeeld. In elk van de vier gevelvelden bevindt zich een segmentboog die de breedte van de oorspronkelijk hier aanwezige gevelopeningen aangeeft. Deze gevelopeningen werden vernield in de Tweede Wereldoorlog. In het midden van de gevel bevindt zich nu een moderne schuifdeur. Links van de moderne schuifdeur bevindt zich een dubbel 4-ruits raam, rechts ervan een oorspronkelijke toegangsdeur in een kozijn met een glas-in-lood bovenlicht. Tussen het woonhuisgedeelte en het fabrieksgedeelte bevindt zich over het voorplein een stalen H-balk waaraan een katrol is bevestigd. De risalerende gevel van het fabrieksgedeelte heeft een symmetrische indeling met drie vensterassen. In het souterrain bevindt zich in het midden een dubbele deur met aan weerszijden een venster met dubbele luiken. Alle vensters in deze gevel rusten op een uitgemetselde onderdorpel en worden afgesloten door een segmentboog waarvan het boogveld is gecementeerd. Boven de dubbele deuren wijzen restanten van twee boogaanzetten op vermoedelijk twee kleinere openingen. De omlopende gepleisterde band is ter hoogte van de bovendorpel doorbroken. De verdieping heeft drie vensters met luiken voor het onderraam en een verticaal gedeeld bovenraam. De op de overige plaatsen open baksteenbalustrade is hier vervangen door een borstwering met hierop restanten van de in betonletters aangegeven woorden 'STOOM TIMMER FABRIEK'. De aan het voorplein grenzende RECHTERZIJGEVEL van dit gedeelte bevat een deuropening met aan weerszijden een dubbel 4-ruits raam. Rechts in de gevel bevindt zich een schuifdeur. De LINKER ZIJGEVEL van het fabrieksgedeelte heeft vijf segmentboogvormig afgesloten vensters ter plaatse van het souterrain. De drie ramen links zijn oorspronkelijk in ijzer uitgevoerd en voorzien van een kantelend bovenlicht. De twee ramen rechts zijn later toegevoegd, waarbij een gedeelte van de gevelopening is dichtgemetseld. De verdieping heeft zeven vensterrassen. Vier van de ramen zijn uitgevoerd als de ramen in de voorgevel van het fabrieksgedeelte. De overige drie zijn ter plaatse van de luiken dichtgemetseld. De ACHTERGEVEL van de fabriek heeft een uitgebouwd gedeelte dat grenst aan de achtergevel van de woning. De uitbouw heeft twee bouwlagen en bezit in het souterrain moderne dubbele deuren. Rechts bevindt zich een uitstekend betonnen platvorm voor het in de zagerij afgewerkte hout. Het platform wordt door opslaghokken die aan één zijde open zijn, ondersteund. De verdieping heeft links een dubbel luik. Rechts is een schuifdeur op de hoek geplaatst. Boven de schuifdeuren en het luik bevindt zich een strook met acht gekoppelde klapraampjes. De linkerzijde van de uitbouw heeft in het souterrain een venster met gekoppelde klapraampjes die zijn geklemd tussen een rollaag vensterdorpel en boven een H-balk waarboven de betonvloer van de uitbouw volgt. De eerste bouwlaag bevat enkele ramen. De rechterzijde van de uitbouw is eveneens in halfsteens verband opgetrokken en bezit links op de hoek een schuifdeur die samen met de schuifdeur, besproken in de voorgevel, de hoek afsluit. De gevel wordt beëindigd door twee klapraampjes en twee tweeruits ramen onder de dakrand. Het gevelgedeelte rechts van de uitbouw heeft een asymmetrische indeling. In het souterrain bevinden een aantal in formaat van elkaar verschillende ramen en deuren onder segmentbogen. De verdieping heeft vier vensterassen waarin ramen met luiken zijn geplaatst. Deze ramen komen ook voor in de voor- en linker zijgevel van de fabriek. De ruimtelijke indeling van het INTERIEUR van het woonhuis is nog redelijk gaaf. Aan iedere zijde van de gang die de entree van het woonhuis verbindt met de fabriek, bevinden zich twee ruimten. De woonkamer direct links na de entree is vergroot door het wegbreken van een muur; daarachter de voormalige keuken. De huidige keuken en voormalige kantoorruimte, met een groot venster in de tussenmuur dat uitzicht biedt op de werkvloer in de fabriek, liggen ter plaatse van de achtergevel. Een bordestrap leidt vanuit de hal naar de verdieping. Het interieur bezit nog enkele waardevolle onderdelen: twee houten schouwbalken en schoorsteenmantels in de voormalige keuken en de woonkamer. De betegelde achterwanden van deze schouwen zijn voorzien van landschap- en zeegezichten. Produkten uit de timmerfabriek zijn ook aanwezig, waaronder de trappartij.
In het INTERIEUR van de fabriek vormen trekstangen van de constructie van het gebouw, de rails voor de lorrie, de raamzaagmachine (van fa. Krupp 1905) en overige machine-onderdelen belangrijke opvallende elementen.
Waardering
- Van architectuurhistorische waarde vanwege zijn uiterlijke verschijningsvorm. Het object vormt een goed voorbeeld van een fabriek en geschakelde woning uit het eerste decennium van deze eeuw in een Overgangsstijl. Het object is daarnaast van belang vanwege de gaaf bewaarde hoofdvorm, de detaillering en het materiaalgebruik van baksteen, kalkzandsteen en beton. Belangwekkend is de toepassing van de voor Wehl moderne architectuur en karakteristieke bouwwijze. Ter verkrijging van kolomvrije ruimte zijn in combinatie met stalen balken en trekstangen gewapende betonvloeren aangebracht.
- Van stedenbouwkundig belang vanwege zijn ligging aan het spoor ten zuiden van de dorpskern. Het object is onderdeel van een historische gegroeid klein stedelijk gebied en speelt daarin een beeldbepalende rol.
- Van cultuurhistorische waarde vanwege zijn bestemming, welke is verbonden met de geschiedenis en ontwikkeling van techniek en nijverheid. Het fabrieksgedeelte is tevens van belang als herinnering aan een houtbedrijf dat reeds lang in Wehl gevestigd was. Het object is als ontwerp van belang binnen het oeuvre van de aannemer/architect Th.W.A. Damen, die hier bovendien zijn woonhuis en eigen bedrijf had gevestigd.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
STEAM-POWERED SAWMILL FACTORY with adjoining DWELLING HOUSE built by contractor/architect Th.W.A. Damen (1876-1956) in 1907-1909, located on the Stationsstraat in the section parallel to the railway. The detached building is situated between the Isidorusstraat and the Stationsstraat which curves northward towards the centre. On the site there are still a shed and a transformer house which are not protected. The factory no longer serves its original function, which is still recognisable from a three-part frieze bordered by a lime-sandstone moulding beneath the roof of the factory section. Here, in still partially legible concrete lettering, reference is made to the function of steam-powered sawmill. In 1917 the factory was extended with a sawmill and enlarged with an extension in 1938. The wood-saw machines in the factory section were initially driven from the basement by a suction-gas engine, later a locomobile and subsequently by electric motors. The basement in the rear section of the dwelling house provided, as was more common at that time, space for a small agricultural enterprise with some livestock.
Description
The U-shaped assembled building has a basement/ground floor at the same level as the garden. On the street side a drag ramp leads to a forecourt enclosed by three facades, at a higher level and still partially provided with railway rails. On the right is the dwelling house, on the left the factory section connected to the dwelling house. The factory generally has facades in English bond with detailing executed in brick and lime-sandstone. A striking characteristic of the building is the openwork brick balustrade which closes off the facades of both the dwelling house and the factory section at the top. In the location of the factory section this balustrade is provided at equal intervals with columns executed in decorative brickwork, projecting and corbelled, which indicate the width of the window axes. Around the building there is a plastered horizontal decorative band at the height of the basement. THE DWELLING HOUSE SECTION occupies the entire right wing of the factory building and is oriented with its short side towards the street. It consists of a basement, one storey and an attic storey under a composite and flattened hipped roof, all the hips of which are covered with shingles. The front of the house is situated between two stepped gable tops which are likewise provided with a balustrade executed in brick and corner posts and coping. Between both gable tops on the sides of the dwelling house there is a profiled gutter (zinc) on corbelled brick mouldings and consoles in lime-sandstone. The consoles optically rest on a mortar layer executed in lime-sandstone. The gutter moulding is at the same height throughout the right section, except at a part of the right side facade, where the gutter moulding is positioned lower. Here a step in the roof form is visible. Between the roof hip of the front house caught between two gable tops and that of the rear house there is a slightly recessed facade section with an extended porch spanning two storeys, above which the roof hip is continued lower. This closes off the extension with porch as a catslide roof. Both long sides of the dwelling house wing are provided in the roof hips at the rear house with two triangular roof dormers with a three-cusped motif at the top and a trapezoidal window. Furthermore, the right roof hip contains another dormer under a catslide roof and the left roof hip a door opening that leads onto the flat roof of the factory section. The facade openings in the dwelling house section are generally closed at the basement by segmental arches and on the storey(s) by basket arches. The facade fields above the frames executed in brick in these openings are presumably at some point renewed.
The symmetrically arranged FRONT FACADE of the dwelling house section is located on the Stationsstraat. In the basement this facade contains two 2-light casement windows. Above and in the same axis are on the storey two windows with heavy frames, casement windows and an approximately square fanlight of the same size as the casement windows below. The hinged fanlights have been modified. The attic contains a basket-arch-shaped facade field with a casement window and two side windows incorporated within it, separated by narrow wall ribs. Below the windows there are obliquely placed window sills. THE RIGHT SIDE FACADE contains the extended entrance section of the dwelling section. This entrance section is rectangularly extended and divides the side facade into unequal parts. In the first section at basement height on the front of the extension there are two single-light casement windows. In the side facing the street there is one window. The windows have a window sill of projecting lime-sandstone. Parallel to the facade the staircase is positioned which consists of concrete steps and a modern handrail. The porch provided with a concrete floor is enclosed by an openwork balustrade with columns. On the concrete-executed coping of the balustrade rests the superstructure of the porch which is executed with semicircular closed wall openings, separated by brick pillars. The window above the stairs contains a leaded light window. The porch is, as described earlier, covered with a catslide roof. The left side wall of the extension extends to below the base of the stepped gable at the location of the front house. To the left of the extension the side facade, between both gable tops, at basement level contains a modern door with to its right a single 4-light casement window on a concrete window sill. The residential storey above contains a composite frame under a basket arch with red facing brick arch fill. The frame consists of a casement window with side lights and three fanlights of comparable size and provided with leaded light windows. To the right of the extension there are in the basement three single 4-light casement windows as mentioned. The residential storey has two substantial 2-light windows, of which the fanlight is of comparable size to the lower window. To the left of these there is a narrow light slot with a sash window and a closing board. THE REAR FACADE contains in the basement modified double doors under a concrete lintel above which a narrower arch is visible. On the right is a narrower stable door under an arch present with a segmental-arch-shaped stable window on either side. At the location of the residential storey on the left is a non-original square window. On the right under a segmental arch is a composite 6-part frame present. The lower windows within are executed as casements. On the right against the facade the (extended) factory section adjoins. THE LEFT SIDE FACADE of the dwelling section is located at the small forecourt. In the facade there is a composite frame in a basket-arch-shaped window opening. The frame contains a casement window with two side lights and three fanlights with leaded light. THE FACTORY SECTION adjoins the dwelling house section with an L-shaped ground plan and consists of a basement and one storey. The flat roof is enclosed by a brick balustrade with projecting columns. In two of these balustrade columns chimneys are housed. THE FRONT FACADE of the factory section is located on the Stationsstraat and has on the left a section which projects forward in a similar manner to the dwelling house wing. The section which acts as a sort of intermediary connecting the dwelling house with the mentioned part of the factory is located on the drag ramp and has one storey. The facade of this is asymmetrical in layout and is divided into four sections by brick columns rising from the wall plane. In each of the four facade fields there is a segmental arch which indicates the width of the originally present facade openings here. These facade openings were destroyed in the Second World War. In the middle of the facade there is now a modern sliding door. To the left of the modern sliding door there is a double 4-light window, to its right an original entrance door in a frame with a leaded light fanlight. Between the dwelling house section and the factory section over the forecourt there is a steel H-beam with a pulley attached. The projecting facade of the factory section has a symmetrical layout with three window axes. In the basement in the middle there is a double door with on either side a window with double shutters. All windows in this facade rest on a corbelled sill and are closed by a segmental arch the arch field of which is cemented. Above the double doors remain of two arch springing points indicate presumably two smaller openings. The surrounding plastered band is interrupted at the height of the upper sill. The storey has three windows with shutters for the lower frame and a vertically divided upper frame. The open brick balustrade at the remaining locations has here been replaced by a parapet with remains of words indicated in concrete letters 'STEAM SAWMILL FACTORY'. THE RIGHT SIDE FACADE of this section adjoining the forecourt contains a door opening with on either side a double 4-light window. On the right in the facade there is a sliding door. THE LEFT SIDE FACADE of the factory section has five segmental-arch-shaped closed windows at the location of the basement. The three windows on the left are originally executed in iron and provided with a tilt fanlight. The two windows on the right were added later, with a part of the facade opening being bricked in. The storey has seven window bays. Four of the windows are executed as the windows in the front facade of the factory section. The remaining three have been bricked in at the location of the shutters. THE REAR FACADE of the factory has an extended section adjoining the rear facade of the dwelling. The extension has two storeys and has modern double doors in the basement. On the right there is a projecting concrete platform for timber finished in the sawmill. The platform is supported by storage sheds which are open on one side. The storey has on the left a double shutter. On the right a sliding door is positioned at the corner. Above the sliding doors and the shutter there is a strip with eight coupled casement windows. The left side of the extension has in the basement a window with coupled casement windows which are clamped between a roller sill window and above an H-beam above which the concrete floor of the extension follows. The first storey contains several windows. The right side of the extension is likewise executed in half-bond and has on the left at the corner a sliding door which together with the sliding door discussed in the front facade closes off the corner. The facade is terminated by two casement windows and two two-light windows under the roof edge. The facade section to the right of the extension has an asymmetrical layout. In the basement a number of windows and doors of different sizes are located under segmental arches. The storey has four window axes in which windows with shutters are placed. These windows also occur in the front and left side facade of the factory. The spatial layout of the INTERIOR of the dwelling house is still reasonably intact. On either side of the hallway which connects the entrance of the dwelling house with the factory, there are two rooms. The living room directly to the left of the entrance has been enlarged by the removal of a wall; behind it the former kitchen. The current kitchen and former office space, with a large window in the wall between that provides a view onto the factory floor in the factory, are located at the rear facade. A dog-leg staircase leads from the hall to the storey. The interior still possesses some valuable components: two wooden fireplace beams and fireplace surrounds in the former kitchen and the living room. The tiled backs of these fireplaces are provided with landscape and seascapes. Products from the sawmill factory are also present, including the staircase.
In the INTERIOR of the factory tie-rods of the building structure, the rails for the trolley, the band-saw machine (by Krupp 1905) and other machine parts form important striking elements.
Valuation
- Of architectural historical value because of its external appearance. The object is a good example of a factory and semi-detached house from the first decade of this century in a Transitional style. The object is furthermore important because of the well-preserved main form, the detailing and the use of materials of brick, lime-sandstone and concrete. Noteworthy is the application of modern architecture for Wehl and characteristic construction method. To obtain column-free space, reinforced concrete floors were installed in combination with steel beams and tie-rods.
- Of urban planning importance because of its location on the railway to the south of the village centre. The object is part of a historically grown small urban area and plays an image-defining role within it.
- Of cultural historical value because of its function, which is connected with the history and development of technology and industry. The factory section is moreover important as a reminder of a timber business that had been established in Wehl for a long time. The object is important as a design within the oeuvre of contractor/architect Th.W.A. Damen, who moreover had his dwelling house and own business established here.
Nearby in the register
- Kerk, Kerkplein 1Kerk en kerkonderdeelunder 1 mi
- Pastorie(F), Kerkplein 4Kerkelijke dienstwoningunder 1 mi
- Boerderij, Groenestraat 4Boerderijunder 1 mi
- Gedenkteken, Ten oosten van de kruising HagelkruiswegGedenktekenunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.