Rijksmonumentenregister · Netherlands
Coopersburg
Akkrum, Fryslân, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Sociale zorg, liefdadigheid
- Function
- Bejaardentehuis
- Category
- onroerend gebouwd
- Built
- 1900 - 1901
- Address
- Ljouwerterdyk 6, 8491 GC Akkrum (Heerenveen 21) (and others)
- Place
- Akkrum
- Municipality
- Heerenveen
- Province
- Fryslân
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 53.05135, 5.83105
- Part of complex
- 514870
- Monument number
- 514871
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
University Library, Vrije Universiteit AmsterdamTU Delft LibraryUniversity Library, Vrije Universiteit Amsterdam
3 historical maps cover this location, the earliest the 1892 map "Ontwerp tot afsluiting der Zuiderzee over Wieringen met gedeeltelijke indijking binnen die afsluiting" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
Het BEJAARDENTEHUIS Coopersburg in Overgangsarchitectuur werd in 1900 gebouwd door de fa. W.D. Booijenga uit Ternaard, naar ontwerp van de gemeentearchitect Folkert Hoekstra uit Akkrum. De opdrachtgever was Folkert H. Kuipers, geboren in 1843 te Akkrum, geëmigreerd naar Amerika in 1866 en daar genaturaliseerd onder de naam Frank Cooper. Op 18 juli 1900 werd de eerste steen gelegd en op 8 mei 1901 vond de feestelijke opening plaats.
De woningen zijn in 1980 overgedragen aan de woningstichting en gerenoveerd, waarbij de plattegrond van de woningen ingrijpend is gewijzigd; de achteraanbouwen met één privaat per twee woningen en een portaal zijn gesloopt, de schoorstenen in de zakgoot tussen de topgevels en op het achterschild zijn vervangen door pijpen op het achterschild. Het interieur van de woningen wordt niet van rijkswege beschermd. Een uitzondering daarop vormt een deel van het verhoogde middengedeelte van Coopersburg met ondermeer de voormalige bestuurskamer van de regenten. Achter de woningen staan houten bergingen, deze vallen buiten bescherming van rijkswege. De historische achtergrond en de visuele gaafheid van het langgerekte (ruim 100 meter) en symmetrisch ingedeelde object op zichzelf, als wel in relatie tot de overige onderdelen van het complex, rechtvaardigen de bescherming van rijkswege.
Omschrijving
Het tehuis Coopersburg heeft een symmetrische indeling: het bestaat uit een verhoogd middendeel, waarvan de eerste bouwlaag voorheen twee woningen omvatte, met aan weerszijden een vleugel met elk 10 erkerwoningen. De woningen zijn telkens in spiegelbeeld geschakeld met uitzondering van de woningen aan de beide uiteinden; de voormalige woningen in het middendeel wijken in de plattegrondstructuur niet af van de ritmiek en maatvoering van de geschakelde woningen in de vleugels.
De gevels zijn opgetrokken in bruine baksteen, verlevendigd met tectonische versieringen met kunststenen banden en aanzetstenen. De voorgevel heeft een beraapte plint. De blinde kopse noordgevel is met portland beraapt; de blinde kopse zuidgevel is opgetrokken in staand verband met gesneden voeg en verlevendigd met vijf banden in kunststeen. De achtergevel is verlevendigd met drie banden en in elke woning een achterdeur en een H-venster; de beraapte vlakken in de achtergevel markeren de plek van de vroegere aanbouwen. De dakschilden van de woningen zijn belegd met zwart geglazuurde, gegolfde Friese pannen.
De woningen bestaan uit één bouwlaag met een samengesteld zadeldak: de topgevels staan haaks op de doorlopende nok. Aan de voorgevel bevindt zich per woning een driezijdige erker met verticaal verdeelde vensters en zinken dak onder een geringe helling, een drietreeds, betonnen stoep met hemelwaterdoorvoer, een voordeur met bovenlicht en in de topgevel een raam. De topgevels hebben een gevelafsluiting bekroond door een eenvoudig versierd toppenant met een smeedijzeren versiering.
Het middengedeelte van het gebouw heeft de oppervlakte van twee woningen en bestaat uit twee bouwlagen gescheiden door een cordonlijst; de erkers zijn over beide bouwlagen doorgetrokken, waartussen het middengedeelte met een derde bouwlaag uittorent. Het is een nagenoeg vierkant volume; op de begane grond waren oorspronkelijk twee woningen en op de verdieping twee regentenkamers. Erkers en torentje hebben een gevellijst. Het torentje heeft een vierzijdige spits; het middendeel een samengesteld afgeknot schilddak. De erkers hebben een overstek op versierde gootklampen aan het fries. De spits, het voorschild en de zijschilden van het middendeel zijn belegd met Lucas IJsbrandspannen; het achterschild is belegd met zwart geglazuurde, gegolfde Friese pannen. De nokhoeken worden bekroond met sierlijke zinken pirons; die op de toren heeft een windwijzer in de vorm van een pijl. De toegang heeft een driezijdige trap met betegeld bordes onder een luifel, gestut door Dorische zuilen in terrazzo-werk; de porte brisée heeft deuren met glaspanelen. Boven het raam op de verdieping een gedenksteen met het Friese opschrift: STIFTE TA OANTINKEN OAN US HEIT EN MEM WILLEM HARMENS KUIPERS EN YTSJE ROMMERTS DE VRIES FEN HJAR SOAN F.H. COOPER U.S.A. 8E FEN MAEIMOANNE 1901. In de gedenksteen ook beeldhouwwerk in laagreliëf van vogels op een tak. Boven de porte brisée in de derde bouwlaag een getoogd opschrift in kunststeen in hoogreliëf: COOPERSBURG A. D. 1900.
Tot de waardevolle INTERIEURONDERDELEN van het middengedeelte behoren ondermeer: de vestibule, de gang met trap naar de regentenkamer; de regentenkamer. In de regentenkamer is een zwart marmeren schoorsteenmantel met een gesneden schoorsteenstuk, waarop een naamlijst van de regenten; in de bekroning van het schoorsteenstuk vuurpotten en een sprekend wapen: de kuiper. Aan de wand hangen pasteltekeningen van de portretten van de ouders van de stichter en een marmeren buste van de stichter, vervaardigd door de Italiaanse beeldhouwer Branconi.
Waardering
Het bejaardentehuis Coopersburg in Overgangsarchitectuur uit 1900, gebouwd naar ontwerp van de gemeentearchitect Folkert Hoekstra uit Akkrum is van algemeen cultuurhistorisch belang:
- als karakteristiek voorbeeld van een typologische ontwikkeling, namelijk collectief wonen in individuele kamerwoningen in plaats van in een groepshuisvesting voor bejaarden,
- vanwege het bijzondere belang voor het oeuvre van de gemeente-architect Folkert Hoekstra,
- vanwege de bijzondere situering aan de toegangsweg tot Akkrum,
- vanwege de bijzondere betekenis van het object voor het aanzien van het dorp Akkrum,
- vanwege de redelijke mate van architectonische gaafheid,
- als hoofdonderdeel van het totale complex,
- vanwege de structurele en visuele gaafheid van het complex in relatie tot de dorpse omgeving.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
The ELDERLY HOME Coopersburg in Transitional Architecture was built in 1900 by the firm W.D. Booijenga from Ternaard, to designs by municipal architect Folkert Hoekstra from Akkrum. The client was Folkert H. Kuipers, born in 1843 in Akkrum, who emigrated to America in 1866 and was naturalized there under the name Frank Cooper. The foundation stone was laid on 18 July 1900 and the official opening took place on 8 May 1901.
The dwellings were transferred to the housing foundation in 1980 and renovated, whereby the floor plan of the dwellings was substantially altered; the rear extensions with one privy per two dwellings and a hallway were demolished, the chimneys in the gutter between the gabled ends and on the rear roof were replaced by pipes on the rear roof. The interior of the dwellings is not protected by national heritage listing. An exception to this is part of the raised central section of Coopersburg, including the former board room of the governors. Behind the dwellings stand wooden sheds, which fall outside national heritage protection. The historical background and the visual integrity of the elongated (over 100 metres) and symmetrically arranged object in itself, as well as in relation to the other components of the complex, justify its protection by national heritage listing.
Description
The Coopersburg home has a symmetrical layout: it consists of a raised central section, of which the first storey formerly comprised two dwellings, with on either side a wing each containing 10 bay-windowed dwellings. The dwellings are in each case arranged in mirror image with the exception of the dwellings at both ends; the former dwellings in the central section do not deviate in floor plan structure from the rhythm and proportions of the terraced dwellings in the wings.
The facades are built in brown brickwork, enlivened with tectonic decorations with artificial stone bands and corner stones. The front facade has a rendered plinth. The blind end north gable is rendered in Portland cement; the blind end south gable is built in stretcher bond with tooled joint and enlivened with five bands in artificial stone. The rear facade is enlivened with three bands and in each dwelling a rear door and an H-window; the rendered sections in the rear facade mark the location of the former extensions. The roof pitches of the dwellings are covered with black glazed, corrugated Frisian tiles.
The dwellings consist of one storey with a composite gabled roof: the gabled ends stand at right angles to the continuous ridge. At the front facade each dwelling has a three-sided bay window with vertically divided windows and zinc roof under a shallow pitch, a three-step concrete stoop with rainwater outlet, a front door with fanlight and in the gabled end a window. The gabled ends have a gable termination crowned by a simply decorated top finial with wrought iron ornamentation.
The central section of the building has the floor area of two dwellings and consists of two storeys separated by a cordonnet; the bay windows are continued across both storeys, between which the central section rises with a third storey. It is an almost square volume; on the ground floor were originally two dwellings and on the upper floor two governors' rooms. Bay windows and turret have a gable moulding. The turret has a four-sided spire; the central section a composite truncated hipped roof. The bay windows have an overhang on decorated gutter brackets at the frieze. The spire, the front roof and the side roofs of the central section are covered with Lucas IJsbrandspannen tiles; the rear roof is covered with black glazed, corrugated Frisian tiles. The ridge corners are crowned with decorative zinc ornaments; that on the tower has a weathervane in the form of an arrow. The entrance has a three-sided staircase with tiled landing under a canopy, supported by Doric columns in terrazzo work; the porte brisée has doors with glass panels. Above the upper floor window is a memorial stone with the Frisian inscription: STIFTE TA OANTINKEN OAN US HEIT EN MEM WILLEM HARMENS KUIPERS EN YTSJE ROMMERTS DE VRIES FEN HJAR SOAN F.H. COOPER U.S.A. 8E FEN MAEIMOANNE 1901. The memorial stone also contains sculptural work in low relief of birds on a branch. Above the porte brisée on the third storey a segmental inscription in artificial stone in high relief: COOPERSBURG A. D. 1900.
Among the valuable INTERIOR COMPONENTS of the central section are: the vestibule, the hallway with staircase to the governors' room; the governors' room. In the governors' room is a black marble fireplace mantel with a carved chimney piece, on which a list of governors' names; in the top of the chimney piece fire pots and a speaking coat of arms: the cooper. On the wall hang pastel drawings of portraits of the founder's parents and a marble bust of the founder, made by Italian sculptor Branconi.
Valuation
The elderly home Coopersburg in Transitional Architecture from 1900, built to designs by municipal architect Folkert Hoekstra from Akkrum is of general cultural-historical importance:
- as a characteristic example of a typological development, namely collective living in individual room dwellings instead of in a group housing for the elderly,
- because of the special importance for the oeuvre of the municipal architect Folkert Hoekstra,
- because of the special location at the approach road to Akkrum,
- because of the special significance of the object for the appearance of the village of Akkrum,
- because of the reasonable degree of architectural integrity,
- as main component of the overall complex,
- because of the structural and visual integrity of the complex in relation to the village surroundings.
Nearby in the register
- CoopersburgTuin, park en plantsoenunder 1 mi
- CoopersburgBegraafplaats en -onderdelenunder 1 mi
- Boerderij, Heechein 25Boerderijunder 1 mi
- Woonhuis, Heechein 64 AWoonhuisunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.