Rijksmonumentenregister · Netherlands
Joseph Wresinski Huis
Heerlen, Limburg, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Klooster, kloosteronderdl
- Function
- Klooster
- Category
- onroerend gebouwd
- Built
- 1921 - 1923
- Address
- Kerkraderweg 9, 6416 CC Heerlen
- Place
- Heerlen
- Province
- Limburg
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 50.88529, 5.99416
- Monument number
- 512782
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
University Library, Vrije Universiteit AmsterdamDavid Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesUniversity Library, Vrije Universiteit AmsterdamUniversity Library, Vrije Universiteit Amsterdam
4 historical maps cover this location, the earliest the 1898 map "Composite: 428. Aachen." (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
Het BROEDERHUIS, voorheen het Broederhuis Molenberg heet tegenwoordig het "Joseph Wresinski Huis - Vierde Wereld Beweging". Het gebouw is gebouwd in 1921 in Traditionele stijl met lichte invloed van het Expressionisme naar ontwerp van F.P.J. Peutz. Het Broederhuis ligt naast de Broederschool, deze is uit 1921 en van dezelfde architect. Het Broederhuis is gelegen tussen de mijnwerkerskolonie Molenberg en de villawijk voor beambten en ambtenaren, beiden werkzaam bij de Oranje Nassaumijnen. In 1923 heeft Peutz achter het Broederhuis een uitbreiding gerealiseerd met ondermeer een kapel.
UITGESLOTEN VAN BESCHERMING zijn de aluminium kozijnen en de schuurachtige overkapping.
Omschrijving
Het BROEDERHUIS heeft een L-vormige plattegrond. Het voorste rechthoekige volume uit 1921 heeft twee en drie bouwlagen onder een zadeldak met Hollandse pannen of onder een plat dak. Het volume uit 1923, loodrecht op voorbouw heeft drie en vier bouwlagen onder platte daken. De gevels hebben een optrek in baksteen, metselwerk in kruisverband. De plint en delen van de gevel zijn bekleed met mergel. In de gevel bevinden zich rechthoekige stalen vensters deels met bovenlichten, baksteen dorpelstenen en strek. Verder rondboogvormige houten deuren met beslag en rechthoekige houten deuren. Het volume uit 1923 heeft een optrek van baksteen, metselwerk in halfsteensverband, gedeeltelijk met mergelplint. In de gevel bevinden zich recente aluminium kozijnen en gebakken dorpelstenen en strek. In de gevels van het souterrain bevinden zich stalen kozijnen.
De VOORGEVEL van het volume uit 1923 heeft centraal een gevelvlak van drie lagen onder een plat dak. In eerste laag bevindt zich een entreeportaal achter een rondboog met een tegelvloer in bruin en wit, dubbele houten rondboog deur met beslag onder rondboog rollaag. In portaal zijn twee stalen vensters onder strek met baksteen rollaag en links een staalkozijn met gewapend glas. Een natuursteen brievenbus. De portaalboog loopt rechts over in de voorgevel, voorbij de hoek naar het portaal. Voor het portaal bevinden zich drie roosters in baksteen voor twee baksteen treden. Links van de boog bevinden zich horizontale mergelblokken als kleine luifels en een mergel bloembakken naast de entree. In de tweede en derde laag bevinden zich vier stalen vensters tussen mergellisenen. Links in de voorgevel is een terugliggend geveldeel met mergelsteen blokken tot eerste roede van kozijnen. De stalen kozijnen zijn per vier gegroepeerd. Een schuine bakgoot ligt op decoratieve houten consoles. Op het dak staan twee dubbele dakkapellen met plat dak. Rechts heeft de voorgevel een topgevel met aanzet- en sluitsteen en vleilagen. In de eerste en tweede laag bevinden zich vier vensters, in de eerste laag met bovenlicht. In de derde laag bevindt zich een doorlopende dorpel en rollaag over twee vensters, waartussen een terugliggend en naar boven verspringend geveldeel. Geheel rechts in eerste laag is de gevel bekleed met mergel en heeft twee smalle vensters met groen figuurglas. In tweede laag liggen twee smalle vensters tussen horizontale kunststeen dekstenen, gedeeltelijk onder plat dak. De RECHTERZIJGEVEL heeft links een uitspringend volume van twee lagen onder een plat dak. Verder een hoge mergelplint van één laag met drie smalle vensters, gedeeltelijk met gekleurd figuurglas. Voor de gevel bevindt zich een rooster in baksteen bak. Een kunststeen dakrand en lateien. De ACHTERGEVEL VAN DIT UITSPRINGENDE VOLUME heeft een verdiept gelegen entree. Vier baksteen treden en een houten deur met rondboog venstertje, strek en natuursteen dorpel. Een baksteen boog rustend op een mergelconsole. In de tweede laag bevinden zich drie vensters tussen betonlateien. De RECHTERZIJGEVEL VERVOLGT rechts van dit volume en heeft twee lagen met topgevel met twee vensters als in de voorgevel. In de tweede laag bevinden zich drie vensters en in eerste laag drie grote en een klein venster, ter plaatse van de keuken. Vóór het keukenraam gaat een betonnen trap naar de kelder, en heeft in de gevel een nieuwe houten deur en een staalkozijn met gewapend glas. Langs het trapgat staan twee recente baksteen kolommen. De lage plint wordt rechts hoger tot de eerste roede van nog twee vensters. Het dak loopt door tot aan de eerste bouwlaag en heeft een kleine bakgoot als tegen de voorgevel. Rechts hiervan bevindt zich het volume uit 1923. De gevel heeft een gelijke mergelplint en vierkante kozijnen. Hiernaast staat het trappenhuis in iets hoger volume van één travee. Voor het trappenhuis is een portaal geplaatst met entree van staal met glas onder platdak. Het trappenhuis staat rechts tegen een uitspringend volume in vier lagen en waartegen volume van drie lagen. In de eerste laag bevindt zich een recreatieruimte met serre met vensters tussen kunststeen kolommen met dito luifel. Hoger in dit geveldeel bevinden zich twee verticale betonbalken, ook in de achterliggende gevel, naast de deur. Boven deze balkondeur bevindt zich een rond venster. De balken waren onderdeel van een klokkentoren. De ACHTERGEVEL heeft vier bouwlagen en een souterrain. De gevel van het souterrain heeft vier keer vier stalen vensters onder een betonlatei. De trap ervoor heeft aan weerszijden een recente baksteen kolom. De eerste laag heeft een hoge plint en centraal drie grote aluminium vensters. In de vierde laag bevinden zich tien stalen spitsboogvensters onder spitsboog rollaag. Een zelfde rij vensters bevindt zich in de tegenoverliggende lange wand van de kapel. Tegen de LINKERZIJGEVEL van het volume van vier lagen staat een volume van drie lagen, waarvan beide zijgevels met een hoog aluminium kozijnen ter plaatse van de absis. In de eerste laag bevindt zich een betonluifel op dito kolommen steunend op muurtjes in kruisverband. Vijf baksteen treden leiden naar het terras met aan weerszijden een aluminium kozijn met glas. Het rechterdeel van linkerzijgevel ligt iets terug en heeft vijf traveeën met vensters in de tweede en derde laag. De eerste laag heeft een erker onder een betonluifel. Deze gevel sluit rechts aan op de voorbouw met in het verlengde een travee met aluminium kozijn. De ACHTERGEVEL VAN DE VOORBOUW heeft links drie lagen met aluminium kozijnen. Links in de eerste laag is een houten rondboog deur met glas en vier baksteen treden tussen muurtje met rollaag. In tweede laag bevinden zich twee aluminium vensters tussen mergellisenen. De rest van de gevel heeft twee lagen onder een zadeldak met twee dubbele dakkapellen. Rechts in de gevel is een driekantige erker met hoge plint. De erker ligt tussen beton lateien als luifels. Voor de gevel staat een brandtrap uit omstreeks 1995.
De LINKERZIJGEVEL VAN DE VOORBOUW heeft een topgevel met een hoge plint en met twee venster in de tweede laag. De STRUCTUUR VAN HET INTERIEUR is in hoge mate gaaf. De KAPEL heeft een rechthoekige plattegrond met absis achter een spitsboog met aan weerszijden vensters en een smal oxaal. De gevels zijn van geel-rood genuanceerde baksteen, met metselwerk in halfsteens verband met een diepe voeg. Het plafond is een cassetteplafond van beton. In de kapel bevinden zich twee hooggelegen rijen spitsboogvensters. WAARDEVOLLE INTERIEURONDERDELEN zijn onder meer in de hal de tegelvloer in zwart-wit. De overstekamer met erker en ingebouwde kasten met glas-in-lood en panelen.
Waardering
Het Broederhuis bezit cultuurhistorische waarden als bijzondere uitdrukking van een sociaaleconomische ontwikkeling door de mijnontginningen en geestelijke ontwikkeling van de Katholieke kerk in Limburg. De architectuurhistorische waarden worden bepaald door het belang van het gebouw binnen het oeuvre van architect F.P.J. Peutz uit Heerlen, als prominent voorbeeld van het vroege werk dat gekenmerkt wordt door de stilistische (expressionistische) bouwstijl. Verder is het pand van belang vanwege de hoogwaardige kwaliteiten van het ontwerp, het materiaalgebruik en de ornamentiek met name van het gedeelte uit 1923. Het Broederhuis vormt een belangrijk onderdeel van de mijnwerkerskolonie Molenberg. Vanwege de situering, tussen de Molenberg en het villapark is het Broederhuis onderdeel van een groter geheel dat cultuurhistorisch en sociaaleconomisch van belang is in relatie tot de mijnbouw in Limburg. Het Broederhuis is verbonden met de ontwikkeling van de stad Heerlen tijdens de mijnontginningen en is onder meer van betekenis voor het aanzien van de Mijnstreek en is van algemeen belang. Verder is het pand van belang vanwege de gaafheid.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
The BROEDERHUIS, formerly the Broederhuis Molenberg, is nowadays called the "Joseph Wresinski Huis - Fourth World Movement". The building was constructed in 1921 in Traditional style with slight influence of Expressionism after a design by F.P.J. Peutz. The Broederhuis is located next to the Broederschool, which dates from 1921 and is by the same architect. The Broederhuis is situated between the miners' colony Molenberg and the villa district for clerks and civil servants, both employed by the Oranje Nassaumijnen. In 1923 Peutz realized an extension behind the Broederhuis including among other things a chapel.
EXCLUDED FROM PROTECTION are the aluminium window frames and the shed-like canopy.
Description
The BROEDERHUIS has an L-shaped floor plan. The front rectangular volume from 1921 has two and three storeys under a gabled roof with Dutch tiles or under a flat roof. The volume from 1923, perpendicular to the front building, has three and four storeys under flat roofs. The facades have brickwork, masonry in English bond. The plinth and parts of the facade are clad with marl. The facade contains rectangular steel windows partly with fanlights, brick sills and lintels. Further round-arched timber doors with fittings and rectangular timber doors. The volume from 1923 has brickwork, masonry in Flemish bond, partially with marl plinth. The facade contains recent aluminium window frames and fired sills and lintels. The basement facades contain steel window frames.
The FRONT FACADE of the volume from 1923 has centrally a facade section of three storeys under a flat roof. On the first storey there is an entrance portal behind a round arch with a floor tiling in brown and white, double timber round-arched door with fittings under round-arched lintel. In the portal are two steel windows under lintel with brick lintel and on the left a steel window frame with reinforced glass. A natural stone letterbox. The portal arch continues on the right into the front facade, past the corner towards the portal. In front of the portal are three grilles in brick for two brick steps. To the left of the arch are horizontal marl blocks as small canopies and a marl flower box next to the entrance. On the second and third storey are four steel windows between marl mullions. On the left in the front facade is a recessed facade section with marl stone blocks up to the first sill height of the windows. The steel window frames are grouped in fours. A sloping gutter lies on decorative timber consoles. On the roof stand two double roof dormers with flat roof. On the right the front facade has a stepped gable with setting and closing stones and flush courses. On the first and second storey are four windows, on the first storey with fanlight. On the third storey is a continuous sill and lintel spanning two windows, between which a recessed and upwardly stepped facade section. Furthest right on the first storey the facade is clad with marl and has two narrow windows with green figured glass. On the second storey are two narrow windows between horizontal artificial stone coping stones, partially under flat roof. The RIGHT SIDE FACADE has on the left a projecting volume of two storeys under a flat roof. Further a high marl plinth of one storey with three narrow windows, partially with coloured figured glass. In front of the facade is a grille in a brick base. An artificial stone roof edge and lintels. The REAR FACADE OF THIS PROJECTING VOLUME has a recessed entrance. Four brick steps and a timber door with round-arched window light, lintel and natural stone sill. A brick arch resting on a marl console. On the second storey are three windows between concrete lintels. The RIGHT SIDE FACADE CONTINUES to the right of this volume and has two storeys with stepped gable with two windows as in the front facade. On the second storey are three windows and on the first storey three large and one small window, at the location of the kitchen. In front of the kitchen window is a concrete stair to the basement, and has in the facade a new timber door and a steel window frame with reinforced glass. Along the stairwell stand two recent brick columns. The low plinth becomes higher on the right to the first sill height of two further windows. The roof continues to the first storey and has a small gutter as against the front facade. To the right of this is the volume from 1923. The facade has an identical marl plinth and square window frames. Next to it stands the stairwell in a slightly higher volume of one bay. In front of the stairwell is a portal placed with entrance of steel and glass under flat roof. The stairwell stands on the right against a projecting volume in four storeys and against which a volume of three storeys. On the first storey is a recreation room with conservatory with windows between artificial stone columns with corresponding canopy. Higher in this facade section are two vertical concrete beams, also in the rear facade, next to the door. Above this balcony door is a round window. The beams were part of a bell tower. The REAR FACADE has four storeys and a basement. The basement facade has four times four steel windows under a concrete lintel. The stair in front has on both sides a recent brick column. The first storey has a high plinth and centrally three large aluminium windows. On the fourth storey are ten steel pointed-arch windows under pointed-arch lintel. An identical row of windows is found in the opposite long wall of the chapel. Against the LEFT SIDE FACADE of the volume of four storeys stands a volume of three storeys, of which both side facades have high aluminium window frames at the location of the apse. On the first storey is a concrete canopy on matching columns resting on small walls in English bond. Five brick steps lead to the terrace with on both sides an aluminium window frame with glass. The right part of the left side facade is set back slightly and has five bays with windows on the second and third storey. The first storey has a bay window under a concrete canopy. This facade closes on the right to the front building with in line a bay with aluminium window frame. The REAR FACADE OF THE FRONT BUILDING has on the left three storeys with aluminium window frames. On the left on the first storey is a timber round-arched door with glass and four brick steps between small wall with lintel. On the second storey are two aluminium windows between marl mullions. The remainder of the facade has two storeys under a gabled roof with two double roof dormers. On the right in the facade is a triangular bay window with high plinth. The bay window is between concrete lintels as canopies. In front of the facade stands a fire escape from around 1995.
The LEFT SIDE FACADE OF THE FRONT BUILDING has a stepped gable with a high plinth and with two windows on the second storey. The STRUCTURE OF THE INTERIOR is largely intact. The CHAPEL has a rectangular floor plan with apse behind a pointed arch with windows on both sides and a narrow ambulatory. The facades are of yellow-red nuanced brick, with masonry in Flemish bond with deep joints. The ceiling is a coffered concrete ceiling. In the chapel are two high-placed rows of pointed-arch windows. VALUABLE INTERIOR COMPONENTS include among others in the hall the floor tiling in black and white. The chamber with bay window and built-in cupboards with leaded glass and panels.
Valuation
The Broederhuis possesses cultural-historical values as a particular expression of socio-economic development through mining operations and spiritual development of the Catholic Church in Limburg. The architectural-historical values are determined by the importance of the building within the oeuvre of architect F.P.J. Peutz from Heerlen, as a prominent example of early work characterized by the stylistic (expressionistic) building style. Furthermore, the property is important because of the high-quality qualities of the design, the use of materials and the ornamentation in particular of the section from 1923. The Broederhuis forms an important component of the miners' colony Molenberg. Because of its location, between the Molenberg and the villa park, the Broederhuis is part of a larger whole that is culturally-historically and socio-economically important in relation to mining in Limburg. The Broederhuis is connected with the development of the city of Heerlen during the mining operations and is among other things of significance for the appearance of the Mining Region and is of general importance. Furthermore, the property is important because of its integrity.
Nearby in the register
- Woonhuis, Molenberglaan 116Woonhuisunder 1 mi
- Woonhuis, Molenberglaan 112Woonhuisunder 1 mi
- Univers.voor Theologie en PastoraatOnderwijs en wetenschapunder 1 mi
- Boerderij, Justus van Maurikstraat 37Boerderijunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.