TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Huize Lariksheuvel

Bloemendaal, Noord-Holland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Kasteel, buitenplaats
Function
Landhuis
Category
onroerend gebouwd
Built
1903
Address
Potgieterweg 3, 2061 CS Bloemendaal
Place
Bloemendaal
Province
Noord-Holland
Country
Netherlands
Coordinates
52.40411, 4.61634
Part of complex
511132
Monument number
511133

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

3 historical maps cover this location, the earliest the 1867 map "No. VI. Deutschland, Niederlande, Belgien, Schweiz. (Germany, Netherlands, Belgium, Switzerland)." (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Het hoofdgebouw, een villa-achtig buitenhuis, is het hoofdonderdeel van het complex "Huize Lariksheuvel". Het pand is gebouwd op rechthoekige plattegrond met de korte zijde (zuid) naar de weg gekeerd. De oorspronkelijke indeling van het pand is grotendeels bewaard gebleven. De plattegrond vertoont verschillende vertrekken voor verschillende functies. Aan de westzijde zijn naast elkaar gelegen: een ontvangkamer met serre, de salon met terras en de eetkamer. Aan de andere zijde, op het oosten gericht, bevinden zich garderobe, entree, hal met trappenhuis en in de noordelijke hoek, enigszins uitgebouwd - eveneens naar Engels voorbeeld - de dienstvertrekken.

Het pand is opgetrokken uit baksteen, wit/grijs gepleisterd met uitzondering van de licht naar voren springende plint met rollaag, de strekken, de vensterbanken en het merendeel van de uitgebouwde schoorsteenpartij aan de zuidzijde. De plint is opgetrokken uit paarsrode baksteen in staand verband met rollaag van rood geglazuurde baksteen. De strekken, de vensterbanken en enkele onderdelen van de ingangspartij en de serre zijn groen geglazuurd.

Het pand bestaat uit twee bouwlagen onder een groot dak - met de nok loodrecht op de weg gericht - dat aan de zuidzijde als zadeldak en aan de noordzijde als schilddak is uitgevoerd. In dit grote dak zijn aan de west- en de oostzijde zadeldaken van de verschillende uitgebouwde delen ingelaten. De daken hebben een overstek en goten gevat in houten lijsten; zijn bedekt met geglazuurde rode tuiles-du-nord en worden op diverse plaatsen doorbroken door hoog opgaande schoorstenen voorzien van aardenwerken schoorsteenpotten. Op de noordelijke hoekkeper is een loden piron geplaatst.

Het merendeel van de deuren en vensters heeft bovenramen, welke door roeden in meerdere ruiten zijn onderverdeeld.

De westgevel heeft links en rechts een naar voren springend gedeelte onder zadeldak. Het linker deel springt meer naar voren; het rechter is hoger opgetrokken, zodat in de tamelijk symmetrische indeling van deze gevel een zekere variatie is aangebracht.

Het linker deel heeft op de begane grond een kruisvenster met luiken ter weerszijden van de onderramen; op de verdieping een erker, rustend op twee houten consoles en opgebouwd uit vier achtruitsramen boven een houten onderbouw. De geveltop springt boven de erker naar voren en rust op twee houten schoren. Deze geveltop is voorzien van windveren en twee negenruitsramen te midden van vakwerk.

Het rechter deel van de westgevel heeft op de begane grond een serre met een dubbele deur, die later door een raam vervangen is, en een raam ter weerszijden daarvan. Twee gelijkvormige ramen bevinden zich in het rechter zijvlak van de serre, aan de zuidzijde. Het dak van de serre fungeert als balkon voor de verdieping; hierop opent een enkele deur met een raam ter weerszijden daarvan. De zolderverdieping heeft een licht uitkragende geveltop, rustend op balkkoppen, en is voor het overige grotendeels hetzelfde gedetailleerd als de eerder beschreven geveltop aan de linker zijde van de westgevel. In plaats van twee negenruits- zijn hier twee vijftienruitsramen aangebracht.

Het middendeel van de westgevel heeft op de begane grond twee dubbele deuren, die openen op een terras, ter weerszijden van een rechthoekige erker; op de verdieping een dubbele deur in het midden en een openslaand raam ter weerszijden daarvan. Over de gehele breedte van dit middendeel loopt een balkon, dat evenals het balkon recht boven de serre, een balustrade heeft van houten latwerk tussen bakstenen penanten.

De twee naar voren springende bouwvolumen openen op de begane grond, in de zijvlakken, eveneens op het terras; het linker met een deur en een raam aan weerszijden; het rechter met een deur en één raam.

De oostgevel heeft links een naar voren springend deel onder zadeldak met op de begane grond de hoofdingang van het huis, gedetailleerd in de stijl van de Arts-and-Crafts. De ingang is ten opzichte van het gevelvlak teruggelegen in een portiek met rondboogopening. Deze opening wordt geaccentueerd door een boog van groen geglazuurde baksteen, die aan de binnenzijde van het portiek twee maal wordt herhaald. In het portiek bevindt zich rechts de voordeur, met ijzeren gehengen en beslag, links twee achtruitsramen; hierboven en boven de deur vier gelijksoortige ramen naast elkaar, gevat in een halfcirkelvormig kozijn. In de rechter zijmuur van het portiek bevindt zich een Jugendstil brievenbus in de vorm van een opengesperde bek van een kat.

Dit linker deel van de oostgevel heeft boven het ingangsportaal een kruisvenster met luiken ter weerszijden van het onderraam; daarboven een geveltop, gelijkvormig aan de recht achterliggende top aan de westgevel.

De oostgevel heeft rechts eveneens een naar voren springend bouwvolume met links een kap in de vorm van een zadeldak - voorzien van een dubbele deur te midden van tile-hanging in de geveltop - en rechts daarvan een plat dak. Dit bouwvolume heeft op de begane grond een driedelig venster met roedeverdeling, ter verlichting van de keuken. In de zuidgevel heeft dit bouwvolume boven elkaar een openslaande deur met tweeruitsbovenlicht en een kruiskozijn.

Het terug gelegen middendeel - afgesloten door een overstekende gootlijst op klossen - heeft drie vensterassen: op de begane grond drie kruiskozijnen, met luiken ter weerszijden van de onderramen en glas-in-lood in de bovenramen, afgewisseld door twee steunberen; op de licht uitkragende verdieping drie maal tweeruitsramen met glas-in-lood en luiken aan weerszijden. Onder deze ramen is over de gehele breedte van dit middendeel een houten lambrizering aangebracht. De steunberen die de overkragende verdieping dragen hebben aan de bovenzijde gebeeldhouwde, natuurstenen consoles met Jugendstil motieven (gestileerde bloemen).

De noordgevel heeft links in het uitgebouwde gedeelte op de begane grond een zogenaamd melkmeisje, dat wil zeggen een deur, aan de bovenzijde omsloten door een vensterstrook, in dit geval, met tien raampjes. Op de verdieping bevindt zich recht hierboven een vierdelig venster met roedeverdeling. Aan de westzijde heeft deze verdieping nog een tweedelig raam, elk met achttien ruiten.

Het middendeel van de noordgevel heeft van links naar rechts beschouwd, twee kleine raampjes boven elkaar en voorts een kruiskozijn en een tweedelig raam met luiken hierboven. Het rechter deel van de oostgevel springt ter hoogte van de verdieping terug - de overgang wordt gemarkeerd door een lessenaardak - en heeft in het midden een uitgebouwde schoorsteen die het dakvlak doorsnijdt.

De zuidgevel heeft links eveneens een uitgebouwde schoorsteen, die evenwel van beneden naar boven trapsgewijs smaller wordt. Het brede onderste deel, opgebouwd uit rode baksteen in halfsteens verband en afgezet met natuursteenblokken, heeft twee raampjes ter weerszijden van een tegeltableau. De ramen verlichten, naar Engels voorbeeld het zitje (inglenook) bij de haard, binnen. De schoorsteen heeft op de verdieping ook ramen, maar dan aan de zijkanten. Het tegeltableau, vervaardigd door Joost Thooft en Labouchere in Delft, heeft op een gele ondergrond als opschrift in rode letters: "Huize Lariksheuvel", omgeven door groene, gestileerde plantmotieven. Rechts van de schoorsteen heeft de zuidgevel een klein raam met luik op de begane grond, een zogenaamde oriël (erker) op de verdieping en twee ramen met roedeverdeling in de geveltop. Deze geveltop, met vakwerk, maakt een lichte voorsprong boven het overige deel van de gevel, aan de onderzijde begrensd door een lijst met balkkoppen.

Het rechter deel van de zuidgevel heeft twee identieke ramen boven elkaar met luiken ter weerszijden van de onderramen.

Het zadeldak boven de zuidgevel komt rechts (aan de oostzijde) verder naar beneden dan links.

Het grote dak, waarvan de nok loodrecht staat op de weg, heeft in het midden van zowel het westelijk, als het oostelijk dakschild een dakkapel met twee negenruitsramen onder zadeldak. Zowel het zadeldak, als de zijwanden van deze dakkapellen zijn belegd met aan de onderzijde afgeronde daktegels (tile-hanging). De linker risaliet van de westgevel heeft een gelijksoortige, maar kleinere dakkapel in het zuidelijk dakschild.

De BERGING aan de noordoostzijde van het hoofdgebouw is gebouwd op een rechthoekige plattegrond, bestaat uit één bouwlaag onder plat dak met overstek en is opgetrokken uit witgeschilderde, horizontale houten delen op een bakstenen basement, aan de bovenzijde afgezet met groengeverfde verticale delen die aan de onderzijde eindigen in een punt. De berging heeft aan de zuidzijde een deur met zes ruiten en een drieruitsbovenlicht en aan de westzijde een deur met aan weerszijden dubbele zesruits openslaande ramen.

Waardering

Het villa-achtig buitenhuis is van algemeen belang als historisch-functioneel hoofdonderdeel van het complex "Huize Lariksheuvel" en uit cultuur- en architectuurhistorisch oogpunt als gaaf bewaard voorbeeld van een in de Engelse landhuisstijl opgetrokken woonhuis uit het begin van de 20ste eeuw; tevens van belang als karakteristiek onderdeel van het oeuvre van architect J. Mutters jr. De berging is van belang als historisch-functioneel onderdeel van het complex "Huize Lariksheuvel".

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

The main building, a villa-like country house, is the principal component of the complex "Huize Lariksheuvel". The property is built on a rectangular plan with the short side (south) facing the road. The original layout of the property has been largely preserved. The plan shows various rooms for different functions. On the west side are arranged side by side: a reception room with conservatory, the salon with terrace and the dining room. On the other side, facing east, are located the wardrobe, entrance, hall with staircase and in the northern corner, somewhat extended - likewise following English example - the service rooms.

The property is constructed of brick, whitewashed/grey rendered except for the slightly projecting plinth with roll moulding, the string courses, the window sills and the majority of the extended chimney structure on the south side. The plinth is constructed of purple-red brick in standing bond with roll moulding of red glazed brick. The string courses, the window sills and some components of the entrance area and the conservatory are green glazed.

The property consists of two storeys under a large roof - with the ridge perpendicular to the road - which is executed as a gabled roof on the south side and as a hipped roof on the north side. In this large roof are set gabled roofs of the various extended sections on the west and east sides. The roofs have an overhang and gutters set in wooden lists; are covered with glazed red tuiles-du-nord and are broken through in various places by tall chimneys provided with earthenware chimney pots. On the northern roof corner a lead weathervane has been placed.

The majority of the doors and windows have fanlights, which are subdivided into multiple panes by glazing bars.

The west facade has on the left and right a projecting section under a gabled roof. The left part projects further forward; the right is built higher, so that in the fairly symmetrical arrangement of this facade a certain variation has been introduced.

The left part has on the ground floor a cross window with shutters on either side of the lower panes; on the upper storey an oriel, resting on two wooden consoles and constructed of four eight-pane windows above a wooden substructure. The gable top projects above the oriel and rests on two wooden braces. This gable top is provided with wind vanes and two nine-pane windows amidst timber framing.

The right part of the west facade has on the ground floor a conservatory with a double door, later replaced by a window, and a window on either side thereof. Two similar windows are located in the right side wall of the conservatory, on the south side. The conservatory roof serves as a balcony for the upper storey; onto this opens a single door with a window on either side thereof. The attic storey has a slightly projecting gable top, resting on beam heads, and is otherwise largely detailed the same as the previously described gable top on the left side of the west facade. Instead of two nine-pane windows, two fifteen-pane windows have been installed here.

The central part of the west facade has on the ground floor two double doors, which open onto a terrace, on either side of a rectangular oriel; on the upper storey a double door in the middle and a glazed door on either side thereof. Over the entire width of this central section runs a balcony, which like the balcony directly above the conservatory, has a balustrade of wooden lattice work between brick piers.

The two projecting building volumes open on the ground floor, in the side walls, likewise onto the terrace; the left with a door and a window on either side; the right with a door and one window.

The east facade has on the left a projecting section under a gabled roof with on the ground floor the main entrance to the house, detailed in the Arts-and-Crafts style. The entrance is set back relative to the facade plane in a porch with a round arched opening. This opening is accentuated by an arch of green glazed brick, which on the inside of the porch is repeated twice. In the porch is located on the right the front door, with iron hinges and fittings, on the left two eight-pane windows; above and above the door four similar windows side by side, set in a semicircular frame. In the right side wall of the porch is located a Jugendstil letterbox in the form of an open-mouthed cat's head.

This left part of the east facade has above the entrance portal a cross window with shutters on either side of the lower pane; above this a gable top, similar to the one directly behind on the west facade.

The east facade has on the right likewise a projecting building volume with on the left a roof in the form of a gabled roof - provided with a double door in the middle of tile-hanging in the gable top - and on the right thereof a flat roof. This building volume has on the ground floor a three-part window with glazing bars, for lighting the kitchen. In the south facade this building volume has above each other a glazed door with two-pane fanlight and a cross window.

The set-back central section - closed off by a projecting gutter line on brackets - has three window bays: on the ground floor three cross windows, with shutters on either side of the lower panes and leaded glass in the upper panes, alternated by two buttresses; on the slightly projecting upper storey three times two-pane windows with leaded glass and shutters on either side. Below these windows wooden wainscoting has been applied over the entire width of this central section. The buttresses which carry the overhanging upper storey have at the top carved, natural stone consoles with Jugendstil motifs (stylized flowers).

The north facade has on the left in the extended section on the ground floor a so-called dairy maid, that is to say a door, at the top enclosed by a window strip, in this case, with ten panes. On the upper storey directly above is located a four-part window with glazing bars. On the west side this upper storey has another two-part window, each with eighteen panes.

The central part of the north facade has, from left to right, two small panes one above the other and furthermore a cross window and a two-part window with shutters above. The right part of the east facade steps back at the height of the upper storey - the transition is marked by a shed roof - and has in the middle an extended chimney which cuts through the roof plane.

The south facade has on the left likewise an extended chimney, which however becomes progressively narrower from bottom to top. The broad lower section, constructed of red brick in half-brick bond and set off with natural stone blocks, has two panes on either side of a tile panel. The windows illuminate, following English example, the seating nook (inglenook) by the hearth, within. The chimney has on the upper storey also windows, but then on the sides. The tile panel, manufactured by Joost Thooft and Labouchere in Delft, has on a yellow background as an inscription in red letters: "Huize Lariksheuvel", surrounded by green, stylized plant motifs. To the right of the chimney the south facade has a small window with shutter on the ground floor, a so-called oriel on the upper storey and two windows with glazing bars in the gable top. This gable top, with timber framing, makes a slight projection above the rest of the facade, bounded at the bottom by a list with beam heads.

The right part of the south facade has two identical windows one above the other with shutters on either side of the lower panes.

The gabled roof above the south facade comes down further on the right (on the east side) than on the left.

The large roof, the ridge of which stands perpendicular to the road, has in the middle of both the west and the east roof slope a dormer with two nine-pane windows under a gabled roof. Both the gabled roof and the side walls of these dormers are covered with roof tiles rounded at the bottom (tile-hanging). The left risalit of the west facade has a similar, but smaller dormer in the south roof slope.

The STORAGE BUILDING on the northeast side of the main building is built on a rectangular plan, consists of one storey under a flat roof with overhang and is constructed of whitewashed, horizontal wooden sections on a brick basement, set off at the top with green-painted vertical sections which end in a point at the bottom. The storage building has on the south side a door with six panes and a three-pane fanlight and on the west side a door with on either side double six-pane glazed doors.

Valuation

The villa-like country house is of general importance as a historically-functional principal component of the complex "Huize Lariksheuvel" and from a cultural and architectural-historical perspective as a well-preserved example of a residential house constructed in the English country house style from the early 20th century; also of importance as a characteristic component of the oeuvre of architect J. Mutters jr. The storage building is of importance as a historically-functional component of the complex "Huize Lariksheuvel".

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map