TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Endymion

Bloemendaal, Noord-Holland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Woonhuis
Category
onroerend gebouwd
Built
1909
Address
Koepellaan 2, 2061 CV Bloemendaal
Place
Bloemendaal
Province
Noord-Holland
Country
Netherlands
Coordinates
52.40478, 4.61573
Part of complex
511127
Monument number
511128

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

3 historical maps cover this location, the earliest the 1867 map "No. VI. Deutschland, Niederlande, Belgien, Schweiz. (Germany, Netherlands, Belgium, Switzerland)." (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Omschrijving

VILLA "Endymion", onderdeel uitmakend van het complex "Endymion", gebouwd op een rechthoekige plattegrond met in- en uitspringende delen zoals de uitbouw aan de zuidzijde. De plattegrond vertoont een strakke, tamelijk symmetrische indeling met vertrekken links en rechts (respectievelijk ten noorden en ten zuiden) van een grote hal met trappenhuis, waarbij de deuren die vanuit de hal leiden naar de tuin, aan zowel west- als oostzijde, in één as liggen.

De villa is opgetrokken uit wit gepleisterde baksteen en bestaat uit twee bouwlagen onder een mansardekap bedekt met leien.

Bij de verschillende gevels is een klassicistische indeling en detaillering aangebracht evenwel in een sterk geabstraheerde vorm, zoals de Dorische zuilen aan de west- en oostzijde en de horizontale geledingen: de licht naar voren springende plint en de lijsten in de vorm van een hoofdgestel tussen de twee bouwlagen en als afsluiting van de gevels. Onder de uitkragende gootlijst is laatstgenoemde geleding van een tandlijst voorzien. Tussen de horizontale geledingen zijn de muurvlakken - afgezien van deur- en vensteropeningen - versierd met in stuc, in licht reliëf aangebrachte, rechthoekige vlakken. Het merendeel van de vensters ligt verdiept in het gevelvlak, in rechthoekige, langgerekte verticale vakken, veelal drie naast elkaar door twee pilasters van elkaar gescheiden. Deze pilasters zijn evenals de Dorische zuilen voorzien van een entasis (dat wil zeggen, dat zij naar boven toe smaller worden). Deuren en vensters bestaan uit metalen ramen met roedeverdeling.

De belangrijkste gevel is gelegen aan de westzijde, aan de zijde van de tuin, en is symmetrisch ingedeeld. Deze gevel heeft links en rechts twee naar voren springende gedeelten die zowel op de begane grond als op de verdieping drie van bovengenoemde vensternissen hebben; die op de verdieping zijn evenwel veel korter en beslaan één derde van de lengte van de vensters op de begane grond. Deze gevelvlakken zijn tevens op de begane grond voorzien van een bronzen lantaarn.

Het teruggelegen middendeel heeft zowel op de begane grond als de verdieping een dubbele, openslaande deur geflankeerd door een smalle verticale vensterstrook.

Deur en vensters worden door een pilaster van elkaar gescheiden. Op de begane grond wordt de deur- en vensterpartij bekroond door een bovenlicht met vijf ramen voorzien van diagonaal geplaatste roeden met rozet in het midden.

Ter weerszijden van de deur en vensters op de verdieping is nog een klein achthoekig raam in het gevelvlak aangebracht. De deuren van de verdieping openen op een balkon dat ter hoogte van de begane grond door twee, oorspronkelijk gecanneleerde, Dorische zuilen wordt ondersteund. Het balkon wordt afgesloten door een wit gepleisterde borstwering met afgeronde hoeken.

De noordgevel is gelegen aan de zijde van de Koepellaan en bevat de hoofdingang. Het huis is vanaf de weg te bereiken via een trap tussen witgepleisterde borstweringen die aan de voorzijde met vazen worden bekroond.

In de as van deze trap ligt de hoofdingang van het huis, die eveneens via een aantal treden te bereiken is. De hoofdingang bevindt zich in een risaliet die net iets uit het midden is geplaatst. Links van deze risaliet is het gevelvlak zowel op de begane grond als op de verdieping voorzien van twee langgerekte vensters naast elkaar; rechts van drie gelijksoortige vensters.

De treden die leiden naar de houten voordeur met bovenlicht in natuurstenen omlijsting, zijn segmentvormig en worden geflankeerd door borstweringen, die loodrecht op het gevelvlak zijn geplaatst en worden bekroond met een vaas van gips. (Deze vazen zijn, evenals de vazen die bovengenoemde trap bekronen, in l990 helaas grotendeels verdwenen.) Op de verdieping is recht boven de ingangspartij een eveneens segmentvormige vensterpartij aangebracht in een metalen kozijn met roedeverdeling boven een plakkaat van brons waarop de naam van het huis is vermeld en de dichtregels van John Keats waaraan de naam is ontleend. (De segmentvormig uitgebouwde risaliet doet denken aan het door P. Behrens in 1908-1910 gebouwde huis voor burgemeester Cuno).

De oostgevel van het huis is evenals de westgevel geheel symmetrisch en springt op de hoeken een stuk naar binnen. Voor het enigszins teruggelegen middengedeelte is op de begane grond een segmentvormige kolonnade geplaatst, bestaande uit vier, oorspronkelijk gecanneleerde, Dorische zuilen, waarvan de afdekking fungeert als balkon voor de verdieping. Op dit balkon, afgesloten door eenzelfde borstwering als aan de westzijde is toegepast, opent een grote driedelige vensterpartij. Achter de kolonnade op de begane grond heeft het gevelvlak een deur met aan weerszijden twee maal drie ramen boven elkaar. Het dakvlak boven de middenpartij bezit nog drie originele ovale daklichten. De gevelvlakken links en rechts van het midden hebben op de begane grond een achthoekig en op de verdieping een rechthoekig klein raam.

De zuidgevel heeft rechts ter hoogte van de kelder een deur met aan weerszijden een raam, op de begane grond drie langgerekte en op de verdieping drie kleine ramen.

Het linker deel van de zuidgevel springt licht naar voren en bevat op de begane grond het uitgebouwde deel van de huiskamer dat aan de zijkanten is voorzien van een deur met bovenlicht en aan de zuidzijde van vijf kleine ramen aan de bovenzijde.

Het dak van dit uitgebouwde gedeelte fungeert als balkon voor de verdieping. Hierop opent een dubbele deur met smalle vensterstrook aan weerszijden; het geheel wordt bekroond door een bovenlicht. Recht hierboven heeft het dakschild nog drie van de oorspronkelijk ovale daklichten. Het dak wordt voorts aan noord- en zuidzijde doorbroken door eveneens witgeverfde, gemetselde, aan de bovenzijde uitkragende schoorstenen met aardewerken schoorsteenpotten.

Wijdeveld had het huis ontworpen als "Gesamtkunstwerk" dat wil zeggen, dat hij ook de detaillering van het interieur vorm gaf. De onder de bescherming vallende onderdelen van het interieur zijn: de vestibule (onder meer zwart en wit marmer, koperen vloerroosters); de garderobe en spreekkamer( onder meer wit marmer); de hal (onder meer ingelegde parketvloer, betimmeringen, cassetteplafonds, wandbespanning), het trappenhuis (onder meer trappartij met metalen griffioenen in borstwering, betimmeringen), de kleine woonkamer ten noorden van de hal (onder meer parketvloer, wandbespanning, cassetteplafond, schouw), de grote woonkamer ten zuiden van de hal (onder meer betimmeringen, schouw, ingebouwde kasten, cassetteplafond, wandbespanning), de herenkamer op de verdieping (onder meer cassetteplafond, betimmeringen, schouw).

Waardering

De villa met interieuronderdelen is van algemeen belang als historisch-functioneel hoofdonderdeel van het complex "Endymion" en uit cultuur- en architectuurhistorisch oogpunt als representatief en gaaf bewaard voorbeeld van een in "Um 1800"-stijl opgetrokken villa uit de eerste decennia van de 20ste eeuw; tevens van belang als belangrijk onderdeel van het oeuvre van architect H.Th. Wijdeveld.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Description

VILLA "Endymion", a component of the complex "Endymion", built on a rectangular plan with projecting and recessed sections such as the extension on the south side. The plan displays a strict, fairly symmetrical arrangement with rooms to the left and right (respectively to the north and south) of a large hall with staircase, with the doors leading from the hall to the garden, on both the west and east sides, aligned on a single axis.

The villa is constructed of white-rendered brick and consists of two storeys beneath a mansard roof covered with slate.

On the various facades a classical arrangement and detailing has been applied, albeit in a strongly abstracted form, such as the Doric columns on the west and east sides and the horizontal articulations: the slightly projecting plinth and the mouldings in the form of an entablature between the two storeys and as the termination of the facades. Beneath the projecting gutter moulding the latter articulation is fitted with a dentil course. Between the horizontal articulations the wall surfaces - apart from door and window openings - are decorated with rectangular planes in stucco, applied in low relief. Most of the windows are recessed in the facade plane, in rectangular, elongated vertical bays, frequently three side by side separated from each other by two pilasters. These pilasters are, like the Doric columns, provided with an entasis (that is to say, they become narrower towards the top). Doors and windows consist of metal frames with glazing bars.

The principal facade is located on the west side, on the garden side, and is symmetrically arranged. This facade has on the left and right two projecting sections which have on both the ground floor and the upper storey three of the aforementioned window apertures; those on the upper storey are, however, much shorter and cover one third of the length of the windows on the ground floor. These facade planes are also on the ground floor provided with a bronze lantern.

The recessed central section has on both the ground floor and upper storey a double, opening door flanked by a narrow vertical window strip.

Door and windows are separated from each other by a pilaster. On the ground floor the door and window arrangement is crowned by a fanlight with five panes fitted with diagonally placed glazing bars with rosette in the centre.

On either side of the door and windows on the upper storey is a small octagonal window in the facade plane. The doors on the upper storey open onto a balcony which at the height of the ground floor is supported by two, originally fluted, Doric columns. The balcony is closed off by a white-rendered parapet with rounded corners.

The north facade is located on the side of the Koepellaan and contains the main entrance. The house is accessed from the road via a flight of steps between white-rendered parapets which are crowned on the front with urns.

On the axis of this flight of steps lies the main entrance of the house, which is also accessed via several treads. The main entrance is located in a risalit which is placed slightly off-centre. To the left of this risalit the facade plane is on both the ground floor and upper storey furnished with two elongated windows side by side; to the right with three similar windows.

The treads leading to the wooden front door with fanlight in natural stone surround are segmental and are flanked by parapets, which are placed perpendicular to the facade plane and are crowned with a gypsum urn. (These urns, like the urns crowning the aforementioned flight of steps, were unfortunately largely lost in 1990.) On the upper storey directly above the entrance arrangement a similarly segmental window arrangement has been placed in a metal frame with glazing bars above a bronze plaque on which the name of the house is recorded and the verses of John Keats from which the name is derived. (The segmentally projecting risalit is reminiscent of the house for mayor Cuno built by P. Behrens in 1908-1910).

The east facade of the house, like the west facade, is entirely symmetrical and projects inwards somewhat at the corners. In front of the somewhat recessed central section on the ground floor a segmental colonnade has been placed, consisting of four, originally fluted, Doric columns, the covering of which serves as a balcony for the upper storey. On this balcony, closed off by the same parapet as applied on the west side, a large three-part window arrangement opens. Behind the colonnade on the ground floor the facade plane has a door with on either side two rows of three windows one above the other. The roof plane above the central section has three original oval roof lights. The facade planes to the left and right of the centre have on the ground floor an octagonal and on the upper storey a small rectangular window.

The south facade has on the right at the height of the cellar a door with on either side a window, on the ground floor three elongated windows and on the upper storey three small windows.

The left part of the south facade projects slightly forward and contains on the ground floor the projecting section of the living room which is provided on the sides with a door with fanlight and on the south side with five small windows at the top.

The roof of this projecting section serves as a balcony for the upper storey. On it a double door opens with narrow window strips on either side; the whole is crowned by a fanlight. Directly above it the roof shield has three more of the originally oval roof lights. The roof is furthermore pierced on the north and south sides by similarly white-painted, brick-built chimneys, projecting at the top with earthenware chimney pots.

Wijdeveld had designed the house as a "Gesamtkunstwerk", that is to say, he also shaped the detailing of the interior. The interior components under protection are: the vestibule (including black and white marble, copper floor grilles); the cloakroom and reception room (including white marble); the hall (including inlaid parquet floor, timber panelling, coffered ceilings, wall hangings), the staircase (including flight of steps with metal griffins in the parapet, timber panelling), the small living room to the north of the hall (including parquet floor, wall hangings, coffered ceiling, chimney piece), the large living room to the south of the hall (including timber panelling, chimney piece, built-in cupboards, coffered ceiling, wall hangings), the gentleman's room on the upper storey (including coffered ceiling, timber panelling, chimney piece).

Valuation

The villa with interior components is of general importance as a historic-functional principal component of the complex "Endymion" and from a cultural-historical and architectural viewpoint as a representative and well-preserved example of a villa in "Um 1800" style from the first decades of the 20th century; also of importance as a significant component of the oeuvre of architect H.Th. Wijdeveld.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map