TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Ernstheem

Winsum, Groningen, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Boerderij
Function
Boerderij(M1)
Category
onroerend gebouwd
Built
1903
Address
Eenrumerweg 51, 9951 TX Winsum (Het Hogeland 20)
Place
Winsum
Municipality
Het Hogeland
Province
Groningen
Country
Netherlands
Coordinates
53.36158, 6.47594
Part of complex
510803
Monument number
510804

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

3 historical maps cover this location, the earliest the 1904 map "Bl. 4 Groningen, 1904" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Omschrijving

DWARSHUISBOERDERIJ bestaande uit een voorhuis met hals en hoofdschuur, en een aangebouwde bijschuur. Het deels onderkelderde VOORHUIS is opgetrokken op een rechthoekige plattegrond in rode baksteen op een donker bakstenen trasraam. Het heeft een schilddak gedekt met zwarte Friese golfpan en twee schoorstenen op de nok. Gepleisterde gevelbanden en een kroonlijst sieren de gevels. T-vensters onder een segmentboog van donkere baksteen met gepleisterde sluit- en aanzetstenen, en een gepleisterde gedecoreerde boogtrommel, geleden de gevels. De beide zijgevels hebben drie en de voorgevel vier vensters. In de zijgevel op het noordoosten bevindt zich onder elk venster een keldervenster met rollaag van donkere baksteen en een horizontaal geplaatst diefijzer.

De hoofdentree bevindt zich aan de voorzijde (noordwestkant) in het midden van de gevel en wordt geflankeerd door twee gemetselde pilasters met gepleisterde velden. Dezelfde "omlijsting" benadrukt de middelste vensters van de zijgevels. De entree bestaat uit een dubbele houten paneeldeur met twee rondbooglichten onder een bovenlicht met beschilderd glas-in-lood motief. De deur bevindt zich in een portiek met segmentboog en gemetselde wanden met gepleisterde velden. In de rechterwand een gevelsteen met bouwjaar en opdrachtgevers: G. Huizinga, wed. J. Faber en L.K. Faber, Jz., 1903. Een twee treden hoge gepleisterde stoep met decoratieve cementtegels in het bordes, verleent de toegang. In het dakvlak boven de entree bevindt zich een houten dakkapel met twee zesruits vensters.

De van oorsprong blinde achtergevel heeft een nieuw venster gekregen.

De HALS die het voorhuis met de schuur verbindt is opgetrokken in dezelfde baksteen als het voorhuis en heeft een kap met kroonlijst en één schoorsteen en is gedekt met een zwarte Friese golfpan. Aan de noordoostzijde bevindt zich een deur met drieruits deurlicht en een bovenlicht onder een getoogde strek van donkere baksteen. Links ervan een T-venster onder een getoogde strek met ernaast een klein w.c.venster. De zuidwestgevel van de hals heeft een (nieuwe) deur onder een bovenlicht met getoogde strek en twee T-vensters, eveneens met getoogde strek.

De evenwijdig aan elkaar geplaatste HOOFD- en BIJSCHUUR zijn beide opgetrokken in rode baksteen op een trasraam van donkere steen en hebben een wolfdak gedekt met golfplaat met een pannenrij boven de kroonlijst. Houten uileborden met een driehoekig ruitje sieren de nokeinden. Beide schuren zijn aan de achterzijde met elkaar verbonden door een gemetseld muurtje.

De venster- en deurindeling van de schuren is aan de achterzijde spiegelbeeldig. Elke schuur heeft hoge dubbele deeldeuren en twee keer een dubbele staldeur, alle met een bovenlicht met ijzeren decoratieve roedenverdeling onder een ellipsboog van donkere steen met gepleisterde sluit- en aanzetstenen. In de sluitsteen van de meest rechts gelegen staldeur van de hoofdschuur staat: gebouwd 1903, en in die van de middelste van de bijschuur: gebouwd 1924, met in de aanzetstenen de initialen: L.K.F. en L.S. (Luitje K. Faber en Louwke Smit). Tussen de deuren bevinden zich in elke gevel vier getoogde vensters en in de topgevels vier getoogde zaadvensters, alle met gietijzeren roedenverdeling onder een rollaag van donkere baksteen. Het achtererf is geplaveid met keitjes.

De noordoostgevel van de hoofdschuur is grotendeels blind met alleen aan de rechterzijde drie halve getoogde vensters met gietijzeren roedenverdeling. De noordwestgevel heeft aan de linkerkant twee kleine zesruits vensters en één groot zesruits venster, alle onder een getoogde strek van donkere baksteen. Aan de rechterkant een T-venster, een deur met bovenlicht onder een getoogde strek en een dubbel keldervenster onder een rollaag.

De zuidwestgevel van de bijschuur is op een getoogd gietijzeren halfvenster na geheel blind, terwijl de noord-westgevel wordt geleed door twee houten deuren met bovenlicht en vijf zesruits vensters, alle onder een getoogde strek. Het dakvlak is aan deze zijde geheel gedekt met een zwarte geglazuurde Hollandse pan.

De indeling van het INTERIEUR van voorhuis en schuren is nog redelijk intact. De schuren hebben een indeling in zes vakken en een houten sporenkap met gebintstijlen die op een bakstenen plint rusten. Vermeldenswaard is ook het restant van de paardetred in de karnkamer.

Waardering

Dwarshuisboerderij met aangebouwde bijschuur van algemeen cultuur- en architectuurhistorisch belang

- als voorbeeld van een dwarshuistype uit het begin van deze eeuw in een aan het eclectisisme verwante bouwstijl

- vanwege de zorgvuldige detaillering en het materiaalgebruik

- vanwege de redelijke mate van gaafheid van exterieur en delen van het interieur

- vanwege de bijzondere ruimtelijk-visuele relatie met de ernaast gelegen monumentale boerderij

- vanwege de zeer fraaie ligging, met gracht en singel aan de weg tussen Baflo en Eenrum

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Description

CROSS-PASSAGE FARMHOUSE consisting of a front house with neck gable and main barn, and an attached side barn. The partly cellaraged FRONT HOUSE is built on a rectangular plan in red brickwork on a dark brick framework. It has a hipped roof covered with black Frisian curved tiles and two chimneys on the ridge. Plastered fascia bands and a cornice adorn the facades. T-windows under a segmental arch of dark brick with plastered springer and voussoir stones, and a plastered decorated arch ring, articulate the facades. Both side facades have three windows and the front facade has four windows. In the side facade on the northeast below each window is a cellar window with dark brick roll moulding and a horizontally placed theft bar.

The main entrance is located on the front (northwest side) in the centre of the facade and is flanked by two masonry pilasters with plastered fields. The same "framing" emphasises the middle windows of the side facades. The entrance consists of a double wooden panelled door with two round-arch lights under a fanlight with painted stained-glass motif. The door is located in a portico with segmental arch and masonry walls with plastered fields. In the right wall a foundation stone with building year and commissioners: G. Huizinga, widow of J. Faber and L.K. Faber, Jz., 1903. A two-step high plastered stoop with decorative cement tiles on the landing provides access. In the roof plane above the entrance is a wooden roof dormer with two six-pane windows.

The originally blank rear facade has been given a new window.

The NECK GABLE which connects the front house to the barn is built in the same brickwork as the front house and has a roof with cornice and one chimney and is covered with black Frisian curved tiles. On the northeast side is a door with three-pane door light and a fanlight under an arched course of dark brick. To its left a T-window under an arched course with a small w.c. window beside it. The southwest facade of the neck gable has a (new) door under a fanlight with arched course and two T-windows, also with arched course.

The MAIN and SIDE BARNS placed parallel to each other are both built in red brickwork on a dark stone framework and have a half-hipped roof covered with corrugated sheet metal with a row of tiles above the cornice. Wooden owl boards with a triangular small pane adorn the roof ends. Both barns are connected at the rear by a masonry wall.

The window and door arrangement of the barns is mirror-symmetrical at the rear. Each barn has tall double hinged doors and two double stall doors, all with a fanlight with iron decorative glazing bars under an elliptical arch of dark stone with plastered springer and voussoir stones. In the springer stone of the rightmost stall door of the main barn is written: built 1903, and in that of the middle one of the side barn: built 1924, with in the voussoir stones the initials: L.K.F. and L.S. (Luitje K. Faber and Louwke Smit). Between the doors in each facade are four arched windows and in the gable ends four arched hayloft windows, all with cast-iron glazing bars under a roll moulding of dark brick. The rear yard is paved with cobblestones.

The northeast facade of the main barn is largely blank with only on the right side three half-arched windows with cast-iron glazing bars. The northwest facade has on the left side two small six-pane windows and one large six-pane window, all under an arched course of dark brick. On the right side a T-window, a door with fanlight under an arched course and a double cellar window under a roll moulding.

The southwest facade of the side barn is almost entirely blank except for an arched cast-iron half-window, while the northwest facade is articulated by two wooden doors with fanlights and five six-pane windows, all under an arched course. The roof plane on this side is entirely covered with black glazed Dutch tiles.

The layout of the INTERIOR of front house and barns is still reasonably intact. The barns have a layout of six bays and a wooden scissor-truss with post trusses which rest on a brick plinth. Also noteworthy is the remnant of the horse tread in the churn room.

Valuation

Cross-passage farmhouse with attached side barn of general cultural and architectural-historical importance

- as an example of a cross-passage type from the beginning of this century in a building style related to eclecticism

- for the careful detailing and material use

- for the reasonable degree of integrity of exterior and parts of the interior

- for the particular spatial-visual relationship with the adjacent monumental farmhouse

- for the very fine location, with canal and ring-road between Baflo and Eenrum

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map