Rijksmonumentenregister · Netherlands
Margaretha's Hoeve
Nieuw-Vennep, Noord-Holland, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Boerderij
- Function
- Boerderij(M1)
- Category
- onroerend gebouwd
- Built
- 1862
- Address
- Hoofdweg 1327, 2151 MA Nieuw-Vennep (Haarlemmermeer 27)
- Place
- Nieuw-Vennep
- Municipality
- Haarlemmermeer
- Province
- Noord-Holland
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 52.25466, 4.61883
- Monument number
- 510071
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
David Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesDavid Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesUniversity Library, Vrije Universiteit AmsterdamHistorical map archives, georeferenced via AllmapsDavid Rumsey Map Collection, Stanford Libraries
5 historical maps cover this location, the earliest the 1838 map "Amsterdam" (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
De verlengde STOLPBOERDERIJ "Margaretha's Hoeve" met TBC-HUISJE, gelegen aan de Hoofdweg in Nieuw-Vennep in de Haarlemmermeerpolder, is de meest zuidelijk gelegen stolpboerderij van Noord-Holland. In de Haarlemmermeer vestigden zich vanaf de drooglegging in 1852 boeren uit heel Nederland. Zij bouwden doorgaans boerderijen van het type uit hun streek van herkomst. De eerste eigenaar van "Margaretha's Hoeve", Melis Spaans, was afkomstig uit het West-Friese Oudendijk. De keuze voor de bouw van een stolpboerderij lag daarom voor de hand. De huidige boerderij dateert uit 1880, nadat de eerste boerderij door brand was verwoest.
Door de liberalisering van het handelsverkeer en de stijging van de vraag uit het buitenland vond in de tweede helft van de 19e eeuw een explosieve groei van de landbouw plaats. Een gevolg was de toename van de gemiddelde bedrijfsgrootte. Uit aankoopakten uit 1854 is gebleken dat de "Margaretha's Hoeve" 60 ha groot was. In de Haarlemmermeer was er sprake van een gemengde bedrijfsvoering. Het gebied staat bekend om het vroege gebruik van grote landbouwmachines. Op de "Margaretha's Hoeve" stond rond 1860 één van de vijf stoomdorsmachines die de Haarlemmermeer rijk was. Voortkomend uit en samenhangend met het boerenbedrijf werd in de Haarlemmermeer in de twintigste eeuw ook de paardensport belangrijk. De familie Bulk, na de familie Spaans vanaf 1886 tot op de dag van vandaag (2007) eigenaar van "Margaretha's Hoeve", was bekend om zijn tuigpaarden.
Uit de bedrijfsvoering volgt de noodzaak tot de bouw van grote boerderijen, met in het bedrijfsgedeelte ruimte voor vee, werkpaarden, het opslaan van de oogst en landbouwmachines. In de Haarlemmermeer werden al deze functies onder één dak verenigd, waardoor in het eerste kwart van de twintigste eeuw een streekeigen boerderijtype met een basilicale opbouw en lichtkap ontstond. De "Margaretha's Hoeve" is een afgeleide variant van de stolpboerderij, maar in het bedrijfsgedeelte zijn al alle kenmerken van het latere Haarlemmermeerse boerderijtype aanwezig. Voor het woongedeelte geldt bij "Margaretha's Hoeve" ook dat men met zijn tijd meeging. De ruime opzet met het dakhuis en rijkere detaillering zijn kenmerkend voor de ontwikkelingen in de tweede helft van de 19e eeuw, toen wooncomfort en mode ook op het platteland belangrijker werden.
"Margaretha's Hoeve" is gelegen aan de westzijde van de Hoofdweg, die parallel loopt aan de Hoofdvaart. De Hoofdvaart is een belangrijk afwateringskanaal dat de Haarlemmermeer van noord naar zuid doorsnijdt. Voorheen werden ook landbouwproducten aan- en afgevoerd via de Hoofdvaart.
De boerderij staat met de nok haaks op de Hoofdweg en is aan de voorzijde daarvan gescheiden door een siertuin. Rondom de boerderij is een grindstrook en aan de linkerzijde (zuidzijde) een brede oprijlaan. Rechts voor het woongedeelte, aan de noordoostzijde, staat een TBC-huisje. In het verleden stond hierachter, recht tegenover de keuken, een bakstenen washok.
Omschrijving
"Margaretha's Hoeve" is een STOLPBOERDERIJ van het verlengde type. Daarmee wordt bedoeld dat er in het bedrijfsgedeelte aantal gekoppelde vierkantsconstructies zijn toegepast. Dit komt vaker voor bij de 19e eeuwse stolpboerderijen, waar in verband met de bedrijfsgrootte, een grotere hoeveelheid landbouwproducten moest worden opgeslagen. De boerderij heeft een hoog opgaand schilddak, gedekt met gesmoorde kruispannen, is opgetrokken in handvormbaksteen en heeft een witte gepleisterde plint. Voor de voorgevel is een fijner formaat baksteen gekozen en een knipvoeg toegepast.
Het woongedeelte heeft een symmetrische voorgevel (oostgevel) met dakhuis onder zinken steekkap. De gevel is door middel van pilasters in drie traveeën gedeeld en heeft zes schuifvensters, een kelderlicht en twee deuren met getoogd bovenlicht. De linker deur geeft toegang tot de korte gang, de rechter komt rechtstreeks uit in de grote kamer. Ook in het dakhuis is er een deur. De voorgevel heeft ter hoogte van de balklaag sierankers en eindigt in een gekorniste kroonlijst. De kroonlijst is ter plaatse van het dakhuis als cordonlijst doorgezet. In het dakhuis is er een tweede cordonlijst. De topgevel van het dakhuis heeft een rijk gesneden windveer met gietijzeren akroteria en topgevelbekroning.
De linker zijgevel (zuidgevel) heeft een (vernieuwde) dubbele deur naar de dars, twee betonnen stalvensters en een mestdeur ter plaatse van de koestal. Links een oorspronkelijk gietijzeren stalvenster. Getuige de bouwsporen was er in plaats van het raam geheel rechts een deur naar de lange gang van het voorhuis.
De rechter zijgevel (noordgevel) is voorzien van een niet-oorspronkelijk getoogd raam, een deur naar de lange gang, een niet-oorspronkelijk keukenraam, een keukendeur en vier oorspronkelijke gietijzeren stalvensters. Cementsporen in het metselwerk laten zien dat de waterpomp voorheen tegen de gevel stond, links van de deur naar de lange gang. Het rechter gedeelte van de gevel is vernieuwd na brand.
Het linker gedeelte van de achtergevel (westgevel) is voor de helft vernieuwd na brand. In het midden heeft de gevel zijn nog twee oorspronkelijke gietijzeren stalvensters en rechts daarvan, in het terugspringende gedeelte, de hoge darsdeuren. Deze zijn een keer vernieuwd, maar aan de binnenzijde zijn restanten van het oorspronkelijke deurkozijn aanwezig. Geheel rechts een lagere niet-oorspronkelijke dubbele deur waarboven een oudere gemetselde toog.
INTERIEUR
De structuur van het woongedeelte wordt bepaald door een korte gang en drie kamers aan de voorzijde, met daarachter een lange gang over de volle breedte van de boerderij, evenwijdig aan de brandmuur. De korte gang leidde vanuit de voorgevel rechtstreeks naar het bedrijfsgedeelte, door een (nu dichtgemetselde) deur in de brandmuur. De lange gang liep van zijgevel naar zijgevel en had deuren aan beide uiteinden. In het woongedeelte zijn de oorspronkelijke paneeldeuren, raamkozijnen en lijstwerk nog grotendeels aanwezig.
Ter linkerzijde van de korte gang, aan de zuidoostzijde, is een kamer met een bedstedenkast, aan de rechterzijde liggen de twee andere kamers die onderling echter niet zijn verbonden. De grote kamer aan de noordzijde is vermoedelijk de oorspronkelijke keuken. Hier bevond zich de haard. In de voorgevel bevindt zich nog de deur naar buiten. De grote kamer is alleen via de lange gang bereikbaar. Centraal in het woongedeelte ligt de opkamer of "goeie kamer". Deze is vanuit de korte gang via een portaaltje bereikbaar. Rechts van het portaaltje is een bedstedekast, links een bergkast. De bergkast bestaat uit een diep gedeelte dat vanuit de korte gang geopend kan worden en een ondiep gedeelte dat vanuit de lange gang kan worden geopend. De diepe kast is voorzien van oorspronkelijke verf in de kleur blauw en heeft planken en geprofileerde deurtjes. De ondiepe kast heeft eveneens restanten van de blauwe verf en diende vermoedelijk als provisiekast. Naast de provisiekast is de deur naar de kelder. De kelder heeft gemetselde troggewelven tussen houten balken. De oorspronkelijke "weeg" (waarop de kaas werd gelegd) is nog aanwezig. Naast de kelderdeur bevindt zich de oorspronkelijke trap naar de verdieping. Achter de trap, terzijde van de oorspronkelijke haardplaats in de grote voorkamer, zou zich nog de bakoven bevinden. Deze is door een houten paneel aan het zicht onttrokken.
Op de verdieping bevindt zich in het dakhuis een slaapkamer. Op de overloop, aan de oostzijde van de brandmuur, staan gebintstijlen die in feite behoren tot de houtconstructie van het bedrijfsgedeelte. Bijzonder zijn ook de deuren in de brandmuur in de kamers aan de noord- en de zuidzijde, waarmee men de zijbeuken van het bedrijfsgedeelte kon bereiken. Deze houten deuren zouden zijn voorzien van een speciaal brandwerend materiaal. De deur aan de zuidzijde is nog alleen vanuit het bedrijfsgedeelte zichtbaar.
De centrale ruimte van het bedrijfsgedeelte wordt gedomineerd door een, vrijwel intacte, verlengde vierkantsconstructie, bestaande uit drieënhalf tasvak met parallel daaraan, aan de zuidzijde, de dars. De dars kon via de hoge deuren aan de achterzijde worden bereikt, zodat volle oogstwagens naar binnen konden rijden om de tasvakken te vullen. De oorspronkelijke klinkervloer in de dars is nog aanwezig. De verlengde vierkantconstructie bestaat uit acht vierkantstijlen met daarnaast aan de zuidzijde de vier gebintstijlen van de dars. De tasvakken van de vierkanten zijn voorzien van tussenbalken waardoor zolderingen ontstaan. Aan de bovenzijde zijn de stijlen door dekbalken (bintbalken) gekoppeld. De vierkantstijlen hebben dubbele zwingen, de gebintstijlen van de dars zijn voorzien van enkelvoudige schoren. In de nok lopen gekruiste haanhouten. De houtconstructie loopt door de brandmuur heen tot in het woongedeelte, waar zich een tweetal vierkantstijlen en één gebintstijl bevinden.
De brandmuur heeft een aantal opvallende details: de twee deuren naar het woongedeelte ter hoogte van de zijbeuken, de sierankers waarmee de vloerbalken van het woongedeelte zijn verankerd en de dichtgemetselde deur naar de korte gang. Ter hoogte van de tasvakken is de brandmuur op vier plaatsen verstevigd met steunberen, dit om doorbuiging te voorkomen wanneer de tasvakken gevuld waren.
Het bedrijfsgedeelte heeft twee lage zijbeuken, waarvan de noordelijke geen monumentale waarden bevat. De ruimte die nu als keuken in gebruik is heeft deze functie wel al zeer lange tijd gehad. De zuidelijke beuk is verdeeld in een drietal ruimtes. Van voor naar achteren zijn dit een niet-monumentale badkamer, een koestal en een opslagruimte die ondermeer als winkeltje, spoelhok en tuigkamer in gebruik is geweest. De badkamer is alleen vanuit het woongedeelte bereikbaar. Er zou zich hier voorheen een knechtenwoning hebben bevonden. Dit gegeven laat zich echter niet goed verenigen met de functie en datering van de dubbele deur die zich hier in de zuidgevel bevindt. Deze deur vormt een tweede doorgang naar de dars, van waaruit de lege oogstwagens na het vullen van de tassen konden uitrijden. In de koestal stonden, naar Zuid-Hollands gebruik, de koeien met de kop naar de binnenzijde van het achterhuis. De betonnen stalramen en de voer- en mestgangen uit vermoedelijk het midden van de twintigste eeuw, zijn nog aanwezig. Het spoelhok heeft een betonnen spoelbak en is bijzonder vanwege de oorspronkelijke houten wanden waarmee het van de dars is afgescheiden.
Voor de boerderij staat een houten TBC -HUISJE met een nog geheel intact zijnd draaimechaniek. Het huisje is uit stijl- en regelwerk met houten kraaldelen opgetrokken en voorzien van een zadeldak met geschulpte windveer en schoren en aan de achterzijde een houten pinakel. De voorzijde van het huisje heeft een dubbele deur en ramen met getoogde bovenzijde en ook in de zijgevels zijn raampjes aanwezig.
Waardering
De uit 1880 daterende verlengde STOLPBOERDERIJ "Margaretha's Hoeve" met TBC-HUISJE is van algemeen belang uit cultuur- en architectuurhistorisch oogpunt vanwege:
- het gaaf bewaarde exterieur als monumentale bakstenen stolpboerderij onder een hoog met kruispannen gedekt schilddak en de statige voorgevel met het dakhuis met de rijk gesneden windveer en gietijzeren ornamenten;
- het gaaf bewaarde interieur van het bedrijfsgedeelte met vrijwel volledig aanwezige houtconstructie bestaande uit een verlengde vierkantconstructie met parallelle dars en twee lagere zijbeuken, die samenhangt met de voor die tijd moderne en grootschalige Haarlemmermeerse bedrijfsvoering;
- de gaaf bewaarde indeling van het woongedeelte met korte en lange gang en drie kamers en de bijzondere elementen als paneeldeuren, vensterramen en -kozijnen, lijsten, bedstedenkasten, de provisie- en bergkast met de oorspronkelijke blauwe verflaag, de kelder, vermoedelijke bakoven achter de oorspronkelijke trap en op de verdieping de deuren naar het bedrijfsgedeelte;
- het gave TBC-huisje met geheel intact draaimechaniek;
- de ligging aan de Hoofdvaart in het open polderland van de Haarlemmermeer.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
The extended STOLP FARMHOUSE "Margaretha's Hoeve" with TBC COTTAGE, located on the Hoofdweg in Nieuw-Vennep in the Haarlemmermeerpolder, is the southernmost situated stolp farmhouse in Noord-Holland. In the Haarlemmermeer, farmers from all over the Netherlands settled from the time of its drainage in 1852 onwards. They generally built farmhouses of the type from their region of origin. The first owner of "Margaretha's Hoeve", Melis Spaans, came from West-Friese Oudendijk. The choice to build a stolp farmhouse was therefore obvious. The current farmhouse dates from 1880, after the first farmhouse had been destroyed by fire.
Through the liberalisation of trade and the rise in demand from abroad, an explosive growth of agriculture took place in the second half of the 19th century. One consequence was an increase in average farm size. From purchase deeds from 1854 it has been established that "Margaretha's Hoeve" was 60 ha in size. In the Haarlemmermeer there was mixed farming. The area is known for the early use of large agricultural machinery. Around 1860, one of the five steam threshing machines that the Haarlemmermeer possessed stood on "Margaretha's Hoeve". Arising from and related to the farming operation, equestrian sport also became important in the Haarlemmermeer in the twentieth century. The Bulk family, after the Spaans family from 1886 until the present day (2007) owner of "Margaretha's Hoeve", was known for its carriage horses.
From the farming operation follows the necessity to build large farmhouses, with space in the operational section for livestock, working horses, storage of the harvest and agricultural machinery. In the Haarlemmermeer all these functions were brought together under one roof, whereby in the first quarter of the twentieth century a region-specific farmhouse type with a basilical structure and light roof emerged. "Margaretha's Hoeve" is a derivative variant of the stolp farmhouse, but in the operational section all the characteristics of the later Haarlemmermeer farmhouse type are already present. With regard to the residential section of "Margaretha's Hoeve", one also went with the times. The spacious layout with the roof chamber and richer detailing are characteristic of the developments in the second half of the 19th century, when residential comfort and fashion also became more important in the countryside.
"Margaretha's Hoeve" is located on the west side of the Hoofdweg, which runs parallel to the Hoofdvaart. The Hoofdvaart is an important drainage canal that cuts through the Haarlemmermeer from north to south. Previously, agricultural products were also transported to and from via the Hoofdvaart.
The farmhouse stands with its ridge at right angles to the Hoofdweg and is separated from it at the front by an ornamental garden. Around the farmhouse is a gravel strip and on the left side (south side) a broad drive. To the right of the residential section, on the north-east side, stands a TBC cottage. In the past, behind this, directly opposite the kitchen, stood a brick washhouse.
Description
"Margaretha's Hoeve" is a STOLP FARMHOUSE of the extended type. By this is meant that in the operational section a number of coupled square constructions have been used. This occurs more frequently in 19th-century stolp farmhouses, where due to the farm size a larger amount of agricultural products had to be stored. The farmhouse has a steeply pitched hipped roof, covered with smothered pantiles, is built in handmoulded brick and has a white plastered plinth. For the front façade a finer format brick has been chosen and a snap joint has been used.
The residential section has a symmetrical front façade (east façade) with roof chamber under zinc lean-to roof. The façade is divided into three bays by means of pilasters and has six sash windows, a cellar light and two doors with arched fanlight. The left door provides access to the short corridor, the right one leads directly into the great room. There is also a door in the roof chamber. The front façade has ornamental wall anchors at the level of the floor beam and ends in a moulded cornice. The cornice is continued as a moulding at the location of the roof chamber. In the roof chamber there is a second moulding. The gable of the roof chamber has a richly carved wind brace with cast-iron acroteria and roof apex finial.
The left side façade (south façade) has a (renewed) double door to the threshing floor, two concrete stable windows and a muck door at the location of the cattle shed. On the left an original cast-iron stable window. Judging by building traces, in place of the window on the far right there was a door to the long corridor of the front house.
The right side façade (north façade) is provided with a non-original arched window, a door to the long corridor, a non-original kitchen window, a kitchen door and four original cast-iron stable windows. Cement traces in the masonry show that the water pump previously stood against the façade, to the left of the door to the long corridor. The right section of the façade was renewed after the fire.
The left section of the rear façade (west façade) has been half renewed after fire. In the middle the façade has two still original cast-iron stable windows and to the right of these, in the recessed section, the high threshing floor doors. These have been renewed once, but on the inside there are remnants of the original door frame. Far right a lower non-original double door above which an older brick arch.
INTERIOR
The structure of the residential section is determined by a short corridor and three rooms at the front, with behind them a long corridor over the full width of the farmhouse, parallel to the party wall. The short corridor led from the front façade directly to the operational section through a (now bricked-up) door in the party wall. The long corridor ran from side façade to side façade and had doors at both ends. In the residential section the original panelled doors, window frames and mouldings are still largely present.
On the left side of the short corridor, on the south-east side, is a room with a bedstead cupboard, on the right side are the two other rooms which however are not connected to each other. The great room on the north side is presumably the original kitchen. Here the hearth was located. In the front façade there is still a door to the outside. The great room is only accessible via the long corridor. Centrally in the residential section is the living room or "good room". This is accessible from the short corridor via a vestibule. To the right of the vestibule is a bedstead cupboard, to the left a storage cupboard. The storage cupboard consists of a deep section that can be opened from the short corridor and a shallow section that can be opened from the long corridor. The deep cupboard is provided with original paint in the colour blue and has shelves and moulded cupboard doors. The shallow cupboard also has remnants of the blue paint and presumably served as a provisions cupboard. Next to the provisions cupboard is the door to the cellar. The cellar has brick barrel vaults between wooden beams. The original "cheese board" (on which the cheese was laid) is still present. Next to the cellar door is the original staircase to the upper floor. Behind the staircase, beside the original hearth in the great front room, the bread oven would still be located. This has been hidden from view by a wooden panel.
On the upper floor in the roof chamber there is a bedroom. On the landing, on the east side of the party wall, stand timber posts which in fact belong to the timber construction of the operational section. Also remarkable are the doors in the party wall in the rooms on the north and south sides, with which one could reach the side aisles of the operational section. These wooden doors would have been provided with a special fire-resistant material. The door on the south side is only visible from the operational section.
The central space of the operational section is dominated by an, virtually intact, extended square construction, consisting of three-and-a-half bays with running parallel to it, on the south side, the threshing floor. The threshing floor could be reached via the high doors at the rear, so that full harvest wagons could be driven inside to fill the bays. The original clinker floor in the threshing floor is still present. The extended square construction consists of eight square posts with beside it on the south side the four timber posts of the threshing floor. The bays of the squares are provided with cross beams which create floors. At the top the posts are connected by tie beams (binding beams). The square posts have double braces, the timber posts of the threshing floor are provided with single struts. In the ridge run crossed rafter ties. The timber construction runs through the party wall into the residential section, where there are a couple of square posts and one timber post.
The party wall has a number of striking details: the two doors to the residential section at the level of the side aisles, the ornamental wall anchors with which the floor beams of the residential section are anchored and the bricked-up door to the short corridor. At the level of the bays the party wall is reinforced in four places with buttresses, this to prevent deflection when the bays were filled.
The operational section has two low side aisles, of which the northern one has no monumental value. The space that is now used as a kitchen has had this function for a very long time. The southern aisle is divided into three rooms. From front to back these are a non-monumental bathroom, a cattle shed and a storage room which has among other things been used as a shop, rinse room and harness room. The bathroom is only accessible from the residential section. It is said that a servants' dwelling once stood here. However, this fact is not easily reconciled with the function and dating of the double door that is located here in the south façade. This door forms a second passage to the threshing floor, from which the empty harvest wagons could be driven out after filling the bays. In the cattle shed, according to South Holland custom, the cows stood with their heads towards the inside of the rear building. The concrete stable windows and the feed and muck passages from presumably the middle of the twentieth century are still present. The rinse room has a concrete rinse trough and is remarkable for the original wooden walls with which it is separated from the threshing floor.
In front of the farmhouse stands a wooden TBC COTTAGE with completely intact revolving mechanism. The cottage is built from timber studs and rails with wooden beading and provided with a gabled roof with scalloped wind brace and struts and on the rear side a wooden pinnacle. The front of the cottage has a double door and windows with arched top and in the side façades there are also small windows.
Valuation
The extended STOLP FARMHOUSE "Margaretha's Hoeve" with TBC COTTAGE, dating from 1880, is of general importance from a cultural-historical and architectural-historical perspective because of:
- the well-preserved exterior as a monumental brick stolp farmhouse under a steeply pitched hipped roof covered with pantiles and the stately front façade with the roof chamber with the richly carved wind brace and cast-iron ornaments;
- the well-preserved interior of the operational section with virtually completely present timber construction consisting of an extended square construction with parallel threshing floor and two lower side aisles, which relates to the modern and large-scale Haarlemmermeer farm operation of that time;
- the well-preserved layout of the residential section with short and long corridor and three rooms and the remarkable elements such as panelled doors, window panes and frames, mouldings, bedstead cupboards, the provisions and storage cupboard with the original blue paint layer, the cellar, presumed bread oven behind the original staircase and on the upper floor the doors to the operational section;
- the intact TBC cottage with completely intact revolving mechanism;
- the location on the Hoofdvaart in the open polder landscape of the Haarlemmermeer.
Nearby in the register
- Vondel's LandleeuwWoonhuis1 mi
- Vondel's LandleeuwBoerderij1 mi
- Vondel's LandleeuwBoerderij1 mi
- Vondel's LandleeuwErfscheiding1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.