TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Woonhuis, Hoofdstraat 33

Leens, Groningen, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Woonhuis
Category
onroerend gebouwd
Built (approximately)
1904 - 1910
Address
Hoofdstraat 33, 9965 PA Leens (Het Hogeland 20)
Place
Leens
Municipality
Het Hogeland
Province
Groningen
Country
Netherlands
Coordinates
53.36130, 6.36945
Monument number
509509

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

3 historical maps cover this location, the earliest the 1904 map "Bl. 4 Groningen, 1904" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding

WOONHUIS met aangebouwd ACHTERHUIS annex KOETSHUIS uit omstreeks 1910, ontworpen door architect P.M.A. Huurman uit Groningen. Het huis dat is opgetrokken in Overgangsstijl met aan de Art-Nouveau- en Chaletstijl verwante elementen, is gebouwd in opdracht van de heer J. Dijkhuis. Oorspronkelijk had het huis twee dakkapellen aan de voorzijde, deze zijn nu verdwenen. Aan de achterzijde van het pand bevindt zich een houten aankapping die buiten de bescherming valt.

Het huis ligt tezamen met nog enkele andere monumentale panden, aan de doorgaande weg van Ulrum naar Leens.

Omschrijving

WOONHUIS met gepleisterde gevels op een bakstenen trasraam van rood-bruine baksteen dat is afgezet met een bruin geglazuurde rollaag. Het samengestelde dak is gedekt met een rood geglazuurde tuile du nord. Onder de geprofileerde goot op klossen loopt een fries van decoratieve rode baksteen en geglazuurde steen. Op de nok prijkt een uit pleisterwerk en rode baksteen bestaande schoorsteen met kap. Aan de achterzijde van het huis is een lager, L-vormig achterhuis gebouwd met een koetshuis in de voet van de L. Het achterhuis heeft een samengesteld schild-wolfdak met een decoratief fries van rode baksteen.

Het huis heeft een variatie aan vensters, erkers en deuren, die alle bovenlichten met roedenverdeling hebben. De westgevel heeft een verticaal venster en openslaande glasdeuren met bovenlicht met roedenverdeling, die uitkomen op een dwars erop geplaatste houten veranda op bakstenen plint onder lessenaarsdak. Het dak wordt aan de open voorzijde gedragen door vier houten pilaren met decoratieve korbelen. Tussen de pilaren bevindt zich een houten, opengewerkt hek met in het midden twee pijlers waarop een vaas is geplaatst. Een natuurstenen stoep van twee treden vormt de toegang tot de tuin. De noordgevel van het woonhuis heeft een rond venster in de afgewolfde topgevel en gaat over in het achterhuis. In de hoek die de noordgevel met het achterhuis vormt is een uitgebouwd privaat gebouwd met plat dak.

De voorgevel (zuidzijde) heeft op de begane grond een rechthoekige erker onder een lessenaarsdakje waarboven een topgevel prijkt met overstekend wolfeind en sierspant. In de topgevel bevindt zich een inpandig balkon onder een gemetselde rondboog met twee stijlen van geglazuurde baksteen. Naast de erker een samengesteld venster met geglazuurde bakstenen onderdorpels, met om de hoek een deur die uitkomt op de tuin via een stoep met granito bovenkant en drie natuurstenen treden. Rechts daarvan bevindt zich een in de gevel verzonken erker bestaande uit drie vensters onder een ijzeren latei met daarboven een rollaag van rode baksteen en natuurstenen aanzetstenen. Deze erkerpartij herhaalt zich om de hoek in de oostgevel onder een topgevel met wolfeind en sierspant. De topgevel heeft een venster met openslaande ramen, met aan weerszijden een klein zesruits venster onder een doorlopende rollaag. Naast de erker bevindt zich de hoofdentree, bestaande uit een uitgebouwd portiek met zadeldak gedekt met een rood geglazuurde tuile du nord, een met hout beschoten topgevel, strakke windveren en een makelaar. Een ruime drie treden hoge natuurstenen stoep tussen twee gesinterde bakstenen muurtjes, verleent de toegang. De zijkanten van het portiek zijn dichtgezet met een in roeden verdeeld glazen "windscherm". De houten deur heeft origineel hang- en sluitwerk, Art Nouveau smeedwerk en boven- en zijlichten van glas-in-lood. Rechts van de entree een klein smal venster onder een strek. Boven de entree bevindt zich een vensterpartij met vijf glas-in-lood vensters onder een houten overstek.

De oostgevel van het woonhuis gaat over in de gevel van het ACHTERHUIS. In deze gevel bevindt zich een samengesteld kozijn met drie vensters en een houten toegangsdeur met bovenlicht, beide onder een rode bakstenen strek. Onder het samengesteld kozijn een kelderraam met horizontale diefijzers. Een hoge schoorsteen van pleisterwerk en baksteen siert de kap. De westgevel van het achterhuis bevat drie verticale houten vensters en een deur, alle met een bovenlicht onder een strek van rode baksteen.

De achtergevel heeft over de hele breedte een vernieuwde houten aankapping, die buiten de bescherming valt.

Dwars op het achterhuis staat een KOETSHUIS onder een afgewolfde kap, omlijst met strakke houten windveren en met een piron op de voornok. Het koetshuis heeft hoge, dubbele houten opgeklampte deuren onder een ijzeren latei met een roodstenen rollaag erboven. Aan weerszijden bevindt zich een gietijzeren roosvenster, dat wordt herhaald in de zijgevel. De topgevel heeft houten openslaande deuren.

In het INTERIEUR zijn met name van belang: de hal met de in Art Nouveau stijl gepleisterde wanden, de granito vloer en de fraai vormgegeven houten trap; het tochtportaal met de tochtdeuren met gezandstraalde ruiten met Art Nouveau motieven en de decoratieve tegels tot halverwege de wanden.

Waardering

Woonhuis van algemeen architectuur- en cultuurhistorisch belang

- vanwege de voor die periode kenmerkende overgangsarchitectuur met Art Nouveau ornamentiek en Chaletstijl elementen

- vanwege de fraaie detaillering en ornamentiek

- vanwege zijn waarde als goede representant van het oeuvre van de architect P.M.A. Huurman

- vanwege de hoge mate van gaafheid van het exterieur en delen van het interieur

- vanwege de beeldbepalende ligging aan de doorgaande weg Ulrum- Leens

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction

RESIDENCE with adjoining REAR HOUSE annex COACH HOUSE dating from circa 1910, designed by architect P.M.A. Huurman from Groningen. The house, which is built in Transitional style with elements related to Art Nouveau and Chalet style, was constructed on behalf of Mr. J. Dijkhuis. Originally the house had two roof dormers on the front facade, these have now disappeared. On the rear of the property there is a wooden lean-to roof which falls outside the protection.

The house stands together with several other monumental buildings on the through road from Ulrum to Leens.

Description

RESIDENCE with rendered facades on a brick timber frame of red-brown brick offset with a brown glazed roll moulding. The composite roof is covered with red glazed tuile du nord. Below the profiled gutter on corbels runs a frieze of decorative red brick and glazed stone. On the ridge stands a chimney consisting of plasterwork and red brick with a cap. On the rear of the house a lower, L-shaped rear house has been built with a coach house in the foot of the L. The rear house has a composite hipped-half-hipped roof with a decorative frieze of red brick.

The house has a variety of windows, bays and doors, all with fanlights with glazing bars. The west facade has a vertical window and double glazed doors with fanlight with glazing bars, which open onto a wooden veranda placed transversely with brick plinth underneath a lean-to roof. The roof at the open front is supported by four wooden columns with decorative corbels. Between the columns there is a wooden, open-worked railing with in the middle two pillars on which a vase is placed. A natural stone step of two treads forms the access to the garden. The north facade of the residence has a round window in the arched top gable and transitions into the rear house. In the corner formed by the north facade and the rear house a projecting privy has been built with a flat roof.

The front facade (south side) has on the ground floor a rectangular bay under a lean-to roof topped by a top gable with overhanging half-hipped end and decorative rafter tails. In the top gable there is an interior balcony under a brick round arch with two mullions of glazed brick. Next to the bay a composite window with glazed brick undersills, with adjoining a door opening onto the garden via a step with granito top and three natural stone treads. To the right of this there is a bay recessed into the facade consisting of three windows under an iron lintel with above it a roll moulding of red brick and natural stone quoins. This bay section repeats around the corner in the east facade under a top gable with half-hipped end and decorative rafter tails. The top gable has a window with opening casements, with on either side a small six-pane window under a continuous roll moulding. Next to the bay is the main entrance, consisting of a projecting porch with gabled roof covered with red glazed tuile du nord, a wooden-boarded top gable, trim bargeboards and a makelaar. A generous three-step-high natural stone step between two sintered brick walls provides access. The sides of the porch are sealed with a glazed "windscreen" with glazing bars. The wooden door has original ironwork and hardware, Art Nouveau metalwork and upper and side lights of leaded glass. To the right of the entrance a small narrow window under a surround. Above the entrance is a window group with five leaded glass windows under a wooden overhang.

The east facade of the residence transitions into the facade of the REAR HOUSE. In this facade there is a composite frame with three windows and a wooden access door with fanlight, both under a red brick surround. Below the composite frame a basement window with horizontal burglar bars. A tall chimney of plasterwork and brick adorns the roof. The west facade of the rear house contains three vertical wooden windows and a door, all with a fanlight under a red brick surround.

The rear facade has across the full width a renewed wooden lean-to roof, which falls outside the protection.

Across the rear house stands a COACH HOUSE under an arched roof, framed with trim wooden bargeboards and with a ridge cresting on the front ridge. The coach house has tall, double wooden clamped doors under an iron lintel with a red brick roll moulding above it. On either side there is a cast-iron vent window, which is repeated in the side facade. The top gable has wooden opening doors.

In the INTERIOR the following are particularly notable: the hall with walls rendered in Art Nouveau style, the granito floor and the finely designed wooden staircase; the airlock with the airlock doors with sandblasted panes with Art Nouveau motifs and decorative tiles halfway up the walls.

Assessment

Residence of general architectural and cultural-historical significance

- because of the transitional architecture characteristic of that period with Art Nouveau ornamentation and Chalet style elements

- because of the fine detailing and ornamentation

- because of its value as a good representative of the oeuvre of architect P.M.A. Huurman

- because of the high degree of integrity of the exterior and parts of the interior

- because of its visually prominent location on the through road Ulrum-Leens

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map