TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Boerderij(M1), Vlakkeriet 4

Zuurdijk, Groningen, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Boerderij
Function
Boerderij(M1)
Category
onroerend gebouwd
Built
1923
Address
Vlakkeriet 4, 9966 VJ Zuurdijk (Het Hogeland 20)
Place
Zuurdijk
Municipality
Het Hogeland
Province
Groningen
Country
Netherlands
Coordinates
53.34243, 6.35770
Part of complex
509453
Monument number
509455

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

2 historical maps cover this location, the earliest the 1904 map "Bl. 4 Groningen, 1904" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Omschrijving

VILLABOERDERIJ bestaande uit een deels onderkelderd voorhuis, een hals en een driekapsschuur met inpandige DIENSTWONING. Voorhuis en hals zijn opgetrokken in een bruine bezande baksteen op een grijs gepleisterd trasraam. Het pand is twee bouwlagen hoog en is deels onderkelderd. Het heeft een tentdak met overstek en een mastgoot. Het dak is gedekt met cementpannen en rode nokpannen. Midden op het dak prijkt een gemetselde schoorsteen met kap en op het noordelijke en oostelijke dakvlak bevinden zich een dakkapel met drie vensters met ruitvormige roedenverdeling en een houten goot op klossen. De verdiepinggevels hebben vijf banden van gesinterde baksteen.

De noordgevel van het voorhuis heeft op de begane grond twee samengestelde kozijnen met drie vensters met zesruits bovenlichten. De vensters worden afgesloten door een eensteens rollaag. Op de verdieping twee samengestelde kozijnen met drie twaalfruitsvensters, onder een rollaag. In het trasraam bevinden zich vier rechthoekige keldervensters met diefijzers. Alle vensters hebben hardstenen onderdorpels.

De hoofdentree bevindt zich midden in de noordgevel. Een granito stoep van zes treden met aan weerszijden een gemetseld muurtje leidt naar een geverfde deur met een ovaal kijkgat binnen een wit geverfde lijst. Boven de deur bevindt zich een houten luifel die met vier ijzeren stangen aan de gevel hangt. De luifel overkapt tevens de glas-in-lood zijlichten aan weerszijden van de deur. Drie glas-in-lood vensters in houten kozijnen sieren de gevel boven de entree. In het middelste raam een afbeelding van de voormalige boerderij met naam van het glasatelier: Fa. E. Löhrer, Utrecht.

De oostgevel heeft een serre op een grijs gepleisterde plint onder een plat dak met een goot op houten klossen. Een doorlopende raampartij met vóór vier vensters met zesruits bovenlichten en opzij vier vensters met vierruits bovenlichten met geel glas beslaat de gevel. De vensterpartij wordt in het midden onderbroken door een dubbele glasdeur met een vierruits bovenlicht van glas-in-lood, die uitkomt op de tuin via een stenen stoep van vier treden tussen twee betonnen muurtjes. Tussen de raampartij en het dak is een houten beschot aangebracht. Op de verdieping van de oostgevel bevinden zich drie verticale vensters, die van elkaar worden gescheiden door telkens twee openslaande deuren.

De zuidgevel wordt geleed door drie naast elkaar liggende vensters, een (nieuwe) deur met een drie treden hoge betonnen stoep en een samengesteld kozijn met drie vensters. Op de verdieping eveneens een samengesteld venster, een deur met aan weerszijden een twaalfruits venster en in het midden een enkelvoudig venster.

Het woonhuis wordt aan de westgevel met de schuur verbonden door een HALS met plat dak. De noordgevel van de hals is iets doorgetrokken. Midden in de noordgevel bevindt zich een geverfde houten deur, identiek aan die van de hoofdentree, met een stoepje ervoor. Aan weerszijden een negenruits venster met geel glas bovenin, onder een rollaag. Boven deur en ramen loopt een betonnen luifel, die steunt op vier gemetselde geprofileerde consoles.

Achter de hals staat een grote, zeventien meter hoge DRIEKAPSSCHUUR, opgetrokken uit bruine baksteen op een gesinterd bakstenen trasraam. Een reusachtige driekap met wolfeinden en mastgoot, bedekt met golfplaten (oorspronkelijk riet) sluit het geheel af. Elke kap heeft dakramen en twee houten uileborden.

De westgevel van de schuur heeft twaalf, telkens twee aan twee geplaatste verticale ijzeren tienruits vensters onder een rollaag. Alle vensters hebben bakstenen onderdorpels. Ze worden afgewisseld door een koestaldeur, een paardenstaldeur, een hoge dubbele deeldeur en een dubbele garagedeur met ernaast nog een dubbele hoge deeldeur, alle onder een gepleisterde latei. In de latei boven de centrale deeldeur staat in zwarte letters KOOIENBURG. In de topgevel bevinden zich onder een fries met muizetanddecoratie tien kleine, twee aan twee geplaatste ijzeren vierruits vensters. Aan beide zijkanten van de westgevel een gemetseld muurtje met opgetrokken middendeel van decoratief metselwerk, met deur erin.

De zuidgevel heeft twaalf, drie bij drie geplaatste ijzeren vierruits vensters en de noordgevel wordt geleed door zestien, twee bij twee geplaatste ijzeren vierruits vensters.

Aan de zuidkant van de oostgevel was een dienstwoning (nu onderdeel van schuur) ondergebracht, verborgen achter een houten deur met bovenlicht en vier T-vensters onder een latei. Ook in deze gevel een deur in een rondboog. Ernaast in het middelste deel van de schuur drie verticale tienruits vensters onder een rollaag. De kap is hier gedekt met cementpannen. Aan de noordkant van de oostgevel een houten deur met aan weerszijden een ijzeren verticaal tienruits venster, alle onder een rollaag.

In het INTERIEUR van de woning zijn onder meer van belang: in de hal de tochtdeur met glas-in-loodraam met Art Déco motieven, de bordestrap met Art Déco motieven en de houten paneeldeuren die op de hal uitkomen.

Vermeldenswaard in het INTERIEUR van de schuur zijn: de gigantische houten sporenkap met trekstangen en 10 meter lange balken (verborgen onder isolatiemateriaal) en in de paardestal de drie gietijzeren pijlers met bladmotiefkapiteel, met opschrift: Murgrave's patent, London, Belfast.

Waardering

Villaboerderij van algemeen cultuur- en architectuurhistorisch belang

- als voorbeeld van een grote villaboerderij uit 1923

- vanwege de hoge esthetische kwaliteit van het gebouw

- als goede representant van het oeuvre van architect W. Reitsema

- vanwege de gigantische driekapsschuur

- vanwege de vrij hoge mate van gaafheid van het exterieur en delen van het interieur

- vanwege de beeldbepalende ligging bij de driesprong tussen Zuurdijk en Niekerk

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Description

VILLA FARMHOUSE consisting of a partly cellared front house, a connecting passage and a three-bay barn with integrated SERVICE DWELLING. The front house and passage are constructed in brown sanded brick on a grey rendered brick frame. The building is two storeys high and is partly cellared. It has a hipped roof with overhang and a gutter channel. The roof is covered with cement tiles and red ridge tiles. In the centre of the roof stands a brick chimney with cap, and on the northern and eastern roof slopes there is a dormer with three windows with diamond glazing bars and a wooden gutter on brackets. The storey gables have five bands of sintered brick.

The north gable of the front house has on the ground floor two composite frames with three windows with six-pane fanlights. The windows are closed off by a one-brick roller course. On the first floor two composite frames with three twelve-pane windows, under a roller course. In the brick frame are four rectangular cellar windows with theft bars. All windows have sandstone sills.

The main entrance is located in the centre of the north gable. A granite step of six treads with a brick wall on either side leads to a painted door with an oval peephole within a white painted surround. Above the door is a wooden canopy that hangs from the gable on four iron rods. The canopy also covers the leaded-glass side lights on either side of the door. Three leaded-glass windows in wooden frames adorn the gable above the entrance. In the middle pane an image of the former farmhouse with the name of the glass studio: Fa. E. Löhrer, Utrecht.

The east gable has a conservatory on a grey rendered plinth under a flat roof with a gutter on wooden brackets. A continuous window arrangement with in front four windows with six-pane fanlights and to the side four windows with four-pane fanlights with yellow glass covers the gable. The window arrangement is interrupted in the middle by a double glazed door with a four-pane leaded-glass fanlight, which opens onto the garden via a stone step of four treads between two concrete walls. Between the window arrangement and the roof wooden boarding has been installed. On the first floor of the east gable are three vertical windows, which are separated from each other by two opening doors each.

The south gable is articulated by three windows side by side, a (new) door with a concrete step three treads high and a composite frame with three windows. On the first floor likewise a composite window, a door with a twelve-pane window on either side and in the middle a single window.

The house is connected to the barn on the west gable by a PASSAGE with a flat roof. The north gable of the passage is slightly extended. In the centre of the north gable is a painted wooden door, identical to that of the main entrance, with a step in front. On either side a nine-pane window with yellow glass at the top, under a roller course. Above the door and windows runs a concrete canopy, which rests on four moulded brick consoles.

Behind the passage stands a large, seventeen metres high THREE-BAY BARN, constructed in brown brick on a sintered brick frame. A huge three-bay roof with half-hipped ends and gutter channel, covered with corrugated sheets (originally thatch) encloses the whole. Each bay has roof windows and two wooden owl-boards.

The west gable of the barn has twelve, vertically placed in pairs iron ten-pane windows under a roller course. All windows have brick sills. They are interspersed with a cow stall door, a horse stall door, a high double half-door and a double garage door with another double high half-door next to it, all under a rendered lintel. In the lintel above the central half-door stands in black letters KOOIENBURG. In the gable end there are beneath a frieze with mouse-tooth decoration ten small, placed in pairs iron four-pane windows. On both sides of the west gable a brick wall with raised central section of decorative brickwork, with door in it.

The south gable has twelve, placed three by three iron four-pane windows, and the north gable is articulated by sixteen, placed two by two iron four-pane windows.

On the south side of the east gable a service dwelling (now part of barn) was housed, hidden behind a wooden door with fanlight and four T-windows under a lintel. Also in this gable a door in a round arch. Next to it in the central part of the barn three vertical ten-pane windows under a roller course. The roof here is covered with cement tiles. On the north side of the east gable a wooden door with on either side an iron vertical ten-pane window, all under a roller course.

In the INTERIOR of the house are notable among others: in the hall the draught door with leaded-glass window with Art Deco motifs, the staircase with Art Deco motifs and the wooden panelled doors that open onto the hall.

Notable in the INTERIOR of the barn are: the gigantic wooden collar-tie roof truss with tie rods and 10 metre long beams (hidden under insulation material) and in the horse stall the three cast-iron pillars with leaf-motif capital, inscribed: Murgrave's patent, London, Belfast.

Valuation

Villa farmhouse of general cultural and architectural historical significance

- as an example of a large villa farmhouse from 1923

- because of the high aesthetic quality of the building

- as a good representative of the oeuvre of architect W. Reitsema

- because of the gigantic three-bay barn

- because of the relatively high degree of intactness of the exterior and parts of the interior

- because of the visually prominent location at the junction between Zuurdijk and Niekerk

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map