Rijksmonumentenregister · Netherlands
Bonifaciuskapel
Dokkum, Fryslân, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Kapel
- Function
- Bedevaartkapel
- Category
- onroerend gebouwd
- Built
- 1934
- Address
- Bronlaan 12, 9101 VS Dokkum (Noardeast-Fryslân 21)
- Place
- Dokkum
- Municipality
- Noardeast-Fryslân
- Province
- Fryslân
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 53.32208, 6.00442
- Part of complex
- 507092
- Monument number
- 507094
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
TU Delft LibraryStanford LibrariesUniversity Library, Vrije Universiteit Amsterdam
3 historical maps cover this location, the earliest the 1904 map "Bl. 3 Leeuwarden, 1904" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
De BEDEVAARTKAPEL naast het processiepark werd in 1933/34 pro-deo ontworpen door de architect H.W. Valk uit 's-Hertogenbosch in Neo-Romaanse stijl. De openluchtkapel werd tussen 8 februari en 6 juli 1934 gebouwd door de firma N.V. Bredasche Betonbouw, die in het jaar eraan voorafgaande ook de restauratie van de parochiekerk uitvoerde. Op 5 juni 1934 werd door deken J.H. Vaas een zandstenen gedenksteen in een van de pijlers van het priesterkoor gemetseld. Het bouwmateriaal werd geleverd door de steenfabriek Schenkenschans bij Leeuwarden. De kapel biedt ruim 1600 zitplaatsen aan pelgrims. De open ingangspartij van de kapel werd in 1987 gewijzigd door een afsluiting van hout en doorzichtige kunststofpanelen. Bij het herstel van het processiepark werden de rondboogvensters aan de buitenzijde voorzien van traliewerk.
Omschrijving
Het symmetrische grondplan van de openluchtkapel bestaat uit een halve cirkel, waarin een processiegang is ondergebracht, met tussen de uiteinden van de omtreklijn een rechte afsluiting die de beide sacristieën met elkaar verbindt. De halve cirkel en de gang tussen beide sacristieën wordt onderbroken, respectievelijk door de toegangspartij en het priesterkoor, die in elkaars verlengde liggen. De entree is een driebogige toegangspoort met een T-vormige plattegrond en bestaat uit lage zijpoorten aan weerszijden van de hoge middenpoort, die aan de achterzijde en haaks daarop is verlengd met een lichtbeuk met trekstangen. Aan beide wanden twee ronde vensters.
De buitenmuur rust op een betonvloer en heeft een gemetselde plint met een afgeschuinde lijst. De gevel is opgetrokken in gele en geel-rode bakstenen van een groot formaat. De bakstenen zijn in royaal gebruikte metselspecie gelegd en het metselwerk is niet nagevoegd. Het exterieur is horizontaal geleed door éénmaal versneden steunberen, belegd met dakpannen, en per travee twee kleine rondboogvensters met gekleurd glas-in-lood. De dakschilden zijn belegd met rode ongeglazuurde Hollandse pannen. Het tongewelf van de processiegang is geleed door stompe spitsboogvormige scheibogen die op uitkragingen aan de pijlers tussen de processiegang en de zitplaatsen voor de pelgrims rusten. De pijlers zijn onderling verbonden door segmentbogen. Op de uitkragingen van de muurpijlers steunen eveneens de muurstijlen met korbelen, van het luifeldak boven de zitplaatsen van de pelgrims. De luifel wordt aan de binnenzijde gestut door een houten standvink waaraan een kort luifeldak schorend op korbelen. Zowel de processiegang als het zitplaatsengedeelte hebben een ziende kap. Langs de muur staan eenvoudige houten zitbanken op gestapelde bakstenen. Onder de aankapping staan, in theateropstelling, geverniste houten banken met knielplanken. Het binnenterrein is niet overdekt en heeft een gazon. Het priesterkoor staat haaks op en wordt doorsneden door de gang tussen beide sacristieën. Het koor wordt overdekt door een hoog halfrond gewelf en een driezijdig gesloten schilddak, met op de nok een smeedijzeren kruis. In de halfronde koormuur zijn vijf rondboogvensters met gekleurd glas-in-lood. Het koor is bevloerd met ongeglazuurde plavuizen en ingericht met een hardstenen altaar waarboven een houten triomfkruis. Aan één van de pijlers hangt een klein bronzen luidklokje zonder opschrift; aan de voet van de standvinken zijn ijzeren vlaggestokhouders. Aan weerszijden van het koor zijn in de buitengevel van de gang twee rondboogdeuren. Eén van de sacristieën, die thans is ingericht als bidkapel, heeft vier vensters met glas-in-lood, voorstellend een jonge edelman met hond en een dame in middeleeuws kostuum, een monnik en een buste van de H. Bonifatius.
Waardering
De Bonifaciuskapel uit 1934 is van algemene cultuurhistorische en architectuurhistorische waarde:
- als bijzondere uitdrukking van een geestelijke ontwikkeling, in het bijzonder van het katholieke réveil in de twintiger en dertiger jaren,
- als bijzondere uitdrukking van een historisch-religieuze continuïteit nabij de zogeheten Bonifaciusbron,
- vanwege de cultuurhistorische betekenis van de kapeltypologie in relatie tot de groeiende waardering in de dertiger jaren voor openlucht activiteiten,
- als laat voorbeeld van de Neo-Romaanse stijl,
- als hoofdonderdeel van een groter complex,
- vanwege de hoge kwaliteit van de bebouwing en de historisch-ruimtelijke relatie van de kapel en het processiepark met de zogeheten Bonifaciusbron,
- vanwege de hoge mate van gaafheid van de bedevaartkapel, zowel van het exterieur als het interieur,
- vanwege de zeer hoge esthetische kwaliteit van het ontwerp,
- vanwege de hoge mate van typologische en functionele zeldzaamheid op provinciaal niveau.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
The PILGRIMAGE CHAPEL next to the procession park was designed pro bono in 1933/34 by architect H.W. Valk from 's-Hertogenbosch in Neo-Romanesque style. The open-air chapel was built between 8 February and 6 July 1934 by the company N.V. Bredasche Betonbouw, which in the preceding year also carried out the restoration of the parish church. On 5 June 1934, dean J.H. Vaas laid a sandstone commemorative stone in one of the pillars of the priest's choir. The building material was supplied by the brickworks Schenkenschans near Leeuwarden. The chapel provides seating for over 1600 pilgrims. The open entrance section of the chapel was altered in 1987 with a closure of wood and transparent plastic panels. During the restoration of the procession park, the round-arched windows on the outside were fitted with ironwork.
Description
The symmetrical ground plan of the open-air chapel consists of a semicircle, which houses a procession aisle, with a straight closure between the ends of the perimeter line that connects the two sacristies with each other. The semicircle and the aisle between the two sacristies is interrupted, respectively by the entrance section and the priest's choir, which are in line with each other. The entrance is a three-arched entrance gate with a T-shaped floor plan and consists of low side doors on either side of the high central door, which is extended at the rear and perpendicular to it with a light bay with tie rods. Two round windows on each wall.
The outer wall rests on a concrete floor and has a mortared plinth with a chamfered moulding. The facade is built of yellow and yellow-red bricks of a large format. The bricks are laid in generously used mortar and the brickwork is not repointed. The exterior is divided horizontally by buttresses cut through once, faced with roof tiles, and per bay two small round-arched windows with coloured stained glass. The roof panels are covered with red unglazed Dutch tiles. The barrel vault of the procession aisle is divided by blunt pointed-arch ribs that rest on corbels at the pillars between the procession aisle and the seating for the pilgrims. The pillars are connected to each other by segmental arches. The wall stiles with corbels of the canopy roof above the seating for the pilgrims also rest on the corbels of the wall pillars. The canopy is supported on the inside by a wooden strut to which a short canopy roof leans on corbels. Both the procession aisle and the seating section have a roof truss structure. Along the wall stand simple wooden benches on stacked bricks. Under the roof, standing in theatre arrangement, are varnished wooden benches with kneeling boards. The interior courtyard is not covered and has a lawn. The priest's choir stands perpendicular to and is cut through by the aisle between the two sacristies. The choir is covered by a high semicircular vault and a three-sided closed hipped roof, with a wrought-iron cross on the ridge. In the semicircular choir wall are five round-arched windows with coloured stained glass. The choir is floored with unglazed tiles and furnished with a stone altar above which hangs a wooden rood cross. A small bronze bell without inscription hangs from one of the pillars; at the base of the struts are iron flag holders. On either side of the choir in the outer wall of the aisle are two round-arched doors. One of the sacristies, now fitted out as a prayer chapel, has four stained-glass windows, depicting a young nobleman with dog and a lady in medieval costume, a monk and a bust of Saint Bonifatius.
Valuation
The Bonifatius Chapel of 1934 is of general cultural-historical and architectural-historical value:
- as a distinctive expression of a spiritual development, particularly of the Catholic revival in the nineteen-twenties and nineteen-thirties,
- as a distinctive expression of a historical-religious continuity near the so-called Bonifatius spring,
- because of the cultural-historical significance of the chapel typology in relation to the growing appreciation in the nineteen-thirties for outdoor activities,
- as a late example of the Neo-Romanesque style,
- as a principal component of a larger complex,
- because of the high quality of the building and the historical-spatial relationship of the chapel and the procession park with the so-called Bonifatius spring,
- because of the high degree of integrity of the pilgrimage chapel, both exterior and interior,
- because of the very high aesthetic quality of the design,
- because of the high degree of typological and functional rarity at provincial level.
Nearby in the register
- Wandelpark, Bronlaan bij 12Tuin, park en plantsoenunder 1 mi
- Woonhuis, Woudweg 30Woonhuisunder 1 mi
- Gedenkteken, StrobosserwegGedenktekenunder 1 mi
- Woonhuis, Bonifaciusplein 5Woonhuisunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.