TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Historische aanleg, Utrechtseweg bij 59

De Bilt, Utrecht, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Tuin, park en plantsoen
Function
Historische aanleg
Category
onroerend gebouwd
Built (approximately)
1800 - 1810
Address
Utrechtseweg bij 59, 3732 HA De Bilt
Place
De Bilt
Province
Utrecht
Country
Netherlands
Coordinates
52.09982, 5.20712
Part of complex
506937
Monument number
506938

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

Leiden University Libraries

5 historical maps cover this location, the earliest the 1787 map "[Kaart figuratif van alle de operatien en marssen den K. Pruissichen troupes... van Woesel aff tot binnen de provintie van Hollandt en Amsterdam in d. j. 1787 enz.] COLLBN Port 4 N 75 sheet 2" (Leiden University Libraries).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

HISTORISCHE TUIN- EN PARKAANLEG. Over de oudste geschiedenis van de aanleg van Vollenhoven is niets bekend. Pas vanaf het midden van de 17de eeuw zijn er (summiere) gegevens voorhanden. In 1653 werd de weg van De Bilt naar Amersfoort aangelegd, waarbij de eigenaar van Vollenhoven was betrokken. Op een kaart van de limietscheiding tussen Zeist en Driebergen door B. de Roij uit 1677 is de verbinding tussen de noordoostelijk gelegen oprijlaan van Vollenhoven en deze weg te zien, maar de kaart levert geen betrouwbare, nadere gevens op. Waarschijnlijk heeft rondom het huis aan het einde van de 17de eeuw en in de 18de eeuw landbouwgrond en produktiebos, en een formele tuin gelegen waarvan thans als enige nog resterende en herkenbare deel de oude oprijlaan resteert, die aan het begin van de 19de eeuw werd opgenomen in de weg De Bilt-Amersfoort.

In een veilingomschrijving uit 1744 wordt vermeld dat er op het terrein bij de 'heerenhuisinghe annex boerenwoninge' een tuinmanswoning staat en uit een omschrijving van Vollenhoven in een brief uit 1774 blijkt dat Vollenhoven in die tijd een formeel karakter droeg, maar dat er tevens enkele landschappelijke elementen aanwezig waren; zo wordt geschreven over een 'lonque allee', 'un petit sentier' (=paadje) en een 'une petite riviere'. In het westen van de historische aanleg ligt de waarschijnlijk in oorsprong laat 18de-eeuwse ommuurde trapeziumvormige moestuin, waarvan de hoofdstructuur nauwelijks aan veranderingen onderhevig is geweest. De moestuin heeft een hoge cultuurhistorische waarde; in de moestuin bevinden zich zes (gedeeltelijk vroeg) 19de-eeuwse kweekbakken, een vroeg 19de-eeuwse tuinkas met jongere aanbouw en een laat 19de-eeuwse kas (toponiem ronde kas) en zijn de muren die de moestuin grotendeels omringen vroeg- tot midden 19de-eeuws, evenals beide muurkassen. In de bij de moestuin behorende boomgaard staan enkele hoogstam fruitbomen (o.a. kers), waarvan het meeste jonge aanplant is, ter vervanging van andere historisch hier aanwezige assortimenten.

De huidige parkaanleg in landschapsstijl rondom het huis Vollenhoven en op de overplaats Den Eijck gaat waarschijnlijk terug naar de jaren 1800-1810. In 1800 kocht P. de Smeth Vollenhoven en breidde het landgoed uit d.m.v. ruiling en aankoop. Zijn belangrijkste aankoop was de hofstede Den Eyck met toebehoren in 1806, die vanaf dat moment als overplaats dienst doet. In 1810, na de dood van Pieter de Smeth, wordt Vollenhoven in de veilingaankondiging beschreven als een "kapitale en in den eersten smaak nieuw gebouwde Huizinge" waarbij een grote moestuin met diverse perziken- en druivenkassen, een gemetselde broeikas, perzikenbakken en kribben. Tevens wordt in de advertentie melding gemaakt van een tweede kleine moestuin met boomgaard (kersen, appels en peren), beuken- en eikenbossen, Engelse partijen en vissekommen, een ijskelder en koetshuis, een tuinmanswoning, oranjerie en een schuitenhuis, een loods achterin de tuin en een open loods tot berging van de 'Broeijerij'. Indien de overplaats Den Eyck tegelijk met het park verlandschappelijkt werd, dan stamt de landschapsaanleg van kort na 1806. Christiaan Kramm vermeldt in 1859 in De levens en werken der Hollandsche en Vlaamsche kunstschilders, beeldhouwers, graveurs en bouwmeesters, van den vroegsten tot op onzen tijd, Hendrik van Lunteren als architect van de aanleg in landschapsstijl. De voornoemde veilingaankondiging geeft een duidelijk beeld van de aanleg aan het begin van de 19de eeuw, die als zodanig nog steeds aanwezig is. In 1810 werden Vollenhoven en de overplaats aan Jan Willem van Loon verkocht en op 4 januari 1827 aan G.A.G.Ph. baron van der Capellen van Berkenwoude. Hij vergrootte het bezit door aankoop van bouwland van Jhr J. van Steengracht van Oostcapelle aan weerszijden van de Straatweg en er werden tevens veel uitheemse gewassen geplant die in 1827 en 1831-1853 van de firma Copijn te Groenekan worden betrokken.

De structuur van het park bestaat thans uit een zichtas terzijde van het huis (zuidoost) op de zgn. Bloemberg die aan weerszijden wordt geflankeerd door met slingerpaden doorsneden bospartijen en door gazons en weilanden die van variatie zijn voorzien door heestergroepen (azalea's), boomgroepen en solitairen. Achter het huis ligt eveneens een zichtas met een grote perspectivische werking. Deze as bestaat uit een weids gezicht over de vijverpartij, de zgn. Achtervijver die in de Beerschotervliet uitmondt, die zich ter hoogte van een opening in de eromheen gelegen bospartij vernauwt en ter hoogte van de hierachter gelegen weilanden weer verbreedt. In het hart van deze zichtas lag tot in begin van de jaren '90 van de 20ste eeuw de domtoren als eyecatcher. Voor het hoofdgebouw een halfovaalvormige weiland (waar de oprijlaan omheen loopt) waarin een kleine niervormige vijver die oorspronkelijk deel uitmaakte van een slingerende sloot die samen met de sloot op de Bloemberg ten zuiden van het huis Vollenhoven. In de tweede helft van de 19de eeuw werd deze sloot vergraven tot een vijver en een slingerende beek. Op een kaart uit 1855 is voor het huis en op de over plaats nog sprake van een slingerende sloot.

De Bloemberg loopt vanaf de vijver voor het huis tot aan de Biltse Vaart in het zuidwesten van de aanleg. Het terrein ten zuidoosten van de slingersloot bestaat uit glooiende gras- en weilanden met eveneens solitairen en boomgroepen, het zuidelijke deel bestaat uit akkers, grienden en een oude hoogstamboomgaard.

Het bos ten noorden van het hoofdgebouw en Achtervijver en het bos ten zuiden van het koetshuis bestaat uit beuk en is ongeveer 90 jaar oud en heeft vrijwel geen onderbegroeiing.

In de jaren 1922-1925, kort na de aankoop van de buitenplaats door de heer M. van Marwijk Kooy werd in een komvormige, driezijdig door bos omsloten ruimte ten westen van het huis, een zogenaamde rotstuin in formele trant met in het hart een zwembad en een tennisbaan door de firma Copijn aangelegd. Deze tuin bestaat uit een verdiepte binnentuin in formele stijl in een rechthoekige opbouw met nissen. De tuin is toegankelijk middels paden en trappen in flagstones en wordt afgesloten door een keermuur opgebouwd uit blokken jonge natuursteen. Aan de oostzijde ligt een gazon met rechthoekig zwembad omgeven door flagstones. Haaks daarop, een verdiept gelegen tennisveld. Rondom het tennisveld en het gazon zijn bordervakken aangelegd. Aan de westzijde een hoger gelegen bordes afgesloten door een halfronde rustieke buitenmuur die een halfronde, deels houten, deels open overkapping heeft. De overkapping rust aan de achterzijde op de buitenmuur en aan de tuinzijde op vier vierkante, halfrond geplaatste pijlers van zware blokken rode natuursteen. Alszodanig is dit een gaaf bewaard en zeldzaam Nederlands voorbeeld van een privé-recreatiepark temidden van formele borders, terrassen en rotspartijen uit de jaren '20 van de 20ste eeuw.

Overplaats-Ten noordoosten van de buitenplaats, tussen de weg Utrecht-Zeist en de weg De Bilt-Amersfoort ligt de overplaats Den Eyck die in 1806 werd aangekocht. De overplaats kent enige accidentatie en enkele boomgroepen. Vermoedelijk werd kort na de aankoop de woning in ornamentele trant verbouwd en werd het terrein rondom in landschapsstijl heraangelegd. Heuvelpartijen, boomgroepen en boscoulissen in en aan weerszijden van de weilanden met in het centrum deze 'ornamentele' boerderij verlenen deze aanleg als gezicht vanuit het huis Vollenhoven een grote compositorische waarde. Voor het huis verbreedt de sloot zich tot een oogvormige vijver. Aan de voorzijde van het huis enkele groepen eiken uit ca. 1800. Achter het huis Den Eyck strekt zich een terrasachtige aanleg uit, resultaat van het benutten van het natuurlijk glooiende landschap; een verdiept weiland, daarachter een bosweide met aan het einde een hoger gelegen kommetje gevolgd door een aanleg die puntvormig eindigt. Achter het huis een restant van een oude zichtas die uitziet op het huis Vollenhoven. Deze wellicht in de tweede helft van de 19de eeuw aangelegde zichtas ontspringt thans op een plaats waar twee paden die ter weerszijden van de as lopen in een punt eindigen. Achter deze punt ligt nog een oude dw arslaan met aan weerszijden groene beuken die naar noordoosten loopt en die alszodanig de grens van de historische aanleg van de buitenplaats aan deze zijde aangeeft. Hierachter strekt het landgoed zich uit. In cultuurhistorisch opzicht is Den Eyck van belang als gaaf voorbeeld van een zogenaamde 'ferme orneé' in een landschapspark.

In het verleden is de buitenplaats Vollenhoven ernstig aangetast door de aanleg van en verbredingen van wegen, die tevens geluidshinder veroorzaken. Rijen aangeplante bomen lan gs de Utrechtseweg verstoren de eenheid tussen Vollenhoven en de overplaats Den Eyck.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

HISTORIC GARDEN AND PARK LAYOUT. Nothing is known about the earliest history of the layout of Vollenhoven. Only from the middle of the 17th century onwards are there (meagre) records available. In 1653 the road from De Bilt to Amersfoort was constructed, in which the owner of Vollenhoven was involved. On a map of the boundary division between Zeist and Driebergen by B. de Roij from 1677 the connection between the northeast-located driveway of Vollenhoven and this road can be seen, but the map provides no reliable further information. Probably around the house at the end of the 17th century and in the 18th century there were agricultural land and production woodland, and a formal garden of which only the old driveway remains as the sole surviving and recognizable part, which at the beginning of the 19th century was incorporated into the road De Bilt-Amersfoort.

In an auction description from 1744 it is mentioned that on the property near the 'gentlemen's house annex farmhouse' there is a gardener's dwelling, and from a description of Vollenhoven in a letter from 1774 it appears that Vollenhoven at that time had a formal character, but that there were also some landscape elements present; thus it is written about a 'lonque allee', 'un petit sentier' (=path) and a 'une petite riviere'. In the west of the historic layout lies the probably late 18th-century walled trapezoidal vegetable garden, the main structure of which has undergone scarcely any changes. The vegetable garden has high cultural-historical value; in the vegetable garden there are six (partially early) 19th-century seed beds, an early 19th-century greenhouse with later extension and a late 19th-century greenhouse (toponym round greenhouse) and the walls that surround the vegetable garden largely are early to mid 19th-century, as are both wall greenhouses. In the orchard belonging to the vegetable garden there are several standard fruit trees (including cherry), of which most are young plantings, as replacements for other historically present assortments here.

The current landscape-style park layout around the house Vollenhoven and on the subsidiary property Den Eijck probably dates back to the years 1800-1810. In 1800 P. de Smeth purchased Vollenhoven and expanded the estate through exchange and purchase. His most important purchase was the farmstead Den Eyck with appurtenances in 1806, which from that moment served as a subsidiary property. In 1810, after the death of Pieter de Smeth, Vollenhoven is described in the auction announcement as a "capital and in the first style newly built House" with a large vegetable garden with various peach and grape greenhouses, a brick forcing house, peach frames and cribs. Furthermore the advertisement mentions a second small vegetable garden with orchard (cherries, apples and pears), beech and oak woods, English grounds and fish ponds, an ice house and coach house, a gardener's dwelling, orangery and a boathouse, a shed at the back of the garden and an open shed for storage of the 'Broeijerij'. If the subsidiary property Den Eyck was landscaped at the same time as the park, then the landscape layout dates from shortly after 1806. Christiaan Kramm mentions in 1859 in De levens en werken der Hollandsche en Vlaamsche kunstschilders, beeldhouwers, graveurs en bouwmeesters, van den vroegsten tot op onzen tijd, Hendrik van Lunteren as architect of the landscape-style layout. The aforementioned auction announcement gives a clear picture of the layout at the beginning of the 19th century, which as such is still present today. In 1810 Vollenhoven and the subsidiary property were sold to Jan Willem van Loon and on 4 January 1827 to G.A.G.Ph. baron van der Capellen van Berkenwoude. He enlarged the property by purchasing building land from Jhr J. van Steengracht van Oostcapelle on either side of the Straatweg and many exotic plants were also planted which in 1827 and 1831-1853 were obtained from the firm Copijn at Groenekan.

The structure of the park currently consists of a sight axis beside the house (southeast) on the so-called Bloemberg which on either side is flanked by wooded areas intersected with winding paths and by lawns and meadows which are varied by groups of shrubs (azaleas), groups of trees and specimen trees. Behind the house there is also a sight axis with great perspective effect. This axis consists of a wide view over the pond area, the so-called Achtervijver which flows into the Beerschotervliet, which narrows at the point of an opening in the wooded area surrounding it and widens again at the level of the meadows lying behind it. In the heart of this sight axis lay until the beginning of the 1990s the cathedral tower as an eyecatcher. In front of the main building a semi-oval-shaped meadow (around which the driveway runs) containing a small kidney-shaped pond which originally formed part of a winding ditch which together with the ditch on the Bloemberg south of the house Vollenhoven. In the second half of the 19th century this ditch was dug out to form a pond and a winding stream. On a map from 1855 there is still mention of a winding ditch for the house and on the subsidiary property.

The Bloemberg runs from the pond in front of the house to the Biltse Vaart in the southwest of the layout. The area southeast of the winding ditch consists of undulating grass and meadows with likewise specimen trees and groups of trees, the southern part consists of fields, osier beds and an old standard fruit-tree orchard.

The wood north of the main building and Achtervijver and the wood south of the coach house consists of beech and is approximately 90 years old and has virtually no undergrowth.

In the years 1922-1925, shortly after the purchase of the country estate by Mr. M. van Marwijk Kooy, in a bowl-shaped space enclosed on three sides by woodland west of the house, a so-called rock garden in formal style with a swimming pool and tennis court in its heart was laid out by the firm Copijn. This garden consists of a sunken interior garden in formal style in a rectangular layout with niches. The garden is accessible via paths and stairs in flagstones and is closed off by a retaining wall constructed from blocks of young natural stone. On the east side there is a lawn with rectangular swimming pool surrounded by flagstones. At right angles to this, a sunken tennis court. Around the tennis court and lawn, flower beds have been laid out. On the west side a higher-level terrace closed off by a semi-circular rustic outer wall which has a semi-circular, partly wooden, partly open canopy. The canopy rests at the rear on the outer wall and on the garden side on four square, semi-circularly placed pillars of heavy blocks of red natural stone. As such this is a well-preserved and rare Dutch example of a private recreation park amidst formal borders, terraces and rock features from the 1920s.

Subsidiary property-To the northeast of the country estate, between the Utrecht-Zeist road and the De Bilt-Amersfoort road lies the subsidiary property Den Eyck which was purchased in 1806. The subsidiary property has some undulation and several groups of trees. Presumably shortly after the purchase the dwelling was remodelled in ornamental style and the area around it was redesigned in landscape style. Hill areas, groups of trees and wooded backdrops in and on either side of the meadows with in the centre this 'ornamental' farmstead lend this layout when viewed from the house Vollenhoven great compositional value. In front of the house the ditch widens into an eye-shaped pond. At the front of the house some groups of oaks from circa 1800. Behind the house Den Eyck a terrace-like layout extends, result of utilizing the naturally sloping landscape; a sunken meadow, behind it a forest meadow with at the end a higher-lying small valley followed by a layout that ends in a pointed form. Behind the house a remnant of an old sight axis that looks out onto the house Vollenhoven. This sight axis, probably laid out in the second half of the 19th century, currently originates at a place where two paths which run on either side of the axis end in a point. Behind this point there is still an old cross path with green beeches on either side that runs to the northeast and which as such indicates the boundary of the historic layout of the country estate on this side. Behind this the estate extends. In cultural-historical terms Den Eyck is important as a well-preserved example of a so-called 'ferme ornée' in a landscape park.

In the past the country estate Vollenhoven has been seriously damaged by the construction and widening of roads, which also cause noise nuisance. Rows of planted trees along the Utrechtseweg disrupt the unity between Vollenhoven and the subsidiary property Den Eyck.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map