Rijksmonumentenregister · Netherlands
Buitenplaats Eikenrode
Loosdrecht, Noord-Holland, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Kasteel, buitenplaats
- Category
- onroerend gebouwd
- Address
- Nieuw-Loosdrechtsedijk 21, 1231 KL Loosdrecht (Wijdemeren 27)
- Place
- Loosdrecht
- Municipality
- Wijdemeren
- Province
- Noord-Holland
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 52.20363, 5.13444
- Part of complex
- 508010
- Monument number
- 506228
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
David Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesUniversity Library, Vrije Universiteit AmsterdamDavid Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesDavid Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesDavid Rumsey Map Collection, Stanford Libraries
5 historical maps cover this location, the earliest the 1637 map "The Bishoprick of Ultraiectum. Ultraiectum Dominium" (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
HOOFDGEBOUW (Huis Eikenrode).
Op rechthoekige plattegrond gesitueerd hoofdgebouw van twee bouwlagen onder plat dak met opvallend forse kroonlijst. Het hoofdgebouw is opgetrokken in neo-classicistische stijl. De op het westen gelegen voorgevel kent vijf vensterassen met een middenrisaliet van drie assen, ingedeeld en begrensd door vier natuurstenen pilasters van de kolossale orde en voorzien van basement en kapiteel.
Horizontaal is de gevel geleed door een natuurstenen lijst vlak onder de vensters op de verdieping. Voor de risaliet een hardstenen bordes met in het midden drie treden. Naast het bordes bevinden zich twee voetstukken waarop (nu verdwenen) beelden van honden waren geplaatst. Aan de voet van de gevel een hardstenen plint die het gebouw omgeeft. De kozijnen van alle vensters en van de in het midden gelegen toegangsdeur zijn geprofileerd; boven de vensters in de risaliet op de begane grond classicistische voluutmotieven in hout, en hoofdgestellen met fries en kroonlijst boven de overige vensters op de begane grond. De toegang heeft een glasdeur met een zesdelige indeling, waarvan de onderste twee rechthoeken zijn dichtgezet. Aan weerszijden tot op het bordes, respectievelijk de plint doorlopende geveldoorbrekingen met stolpramen met bovenlicht. De vensters op de verdieping kennen stolpramen met zesruitsverdeling onder het kalf en een ongedeeld bovenlicht erboven.
Het imposante hoofdgestel is gekornist boven de risaliet. heeft een vlakke architraaf en fries, waarboven de veruitkragende geprofileerde kroonlijst.
De rechtergevel kent eveneens vijf vensterassen, de doorgaande hardstenen horizontale lijst, en een dubbele openslaande glasdeur met geprofileerde omlijsting en kroonlijst. De vensters en deur hebben een indeling die identiek is aan die van de voorgevel. Drie kleine zolderlichten zijn aangebracht in de fries.
In de achtergevel is rechtsonder een vermelding van de eerste-steen-legging op 11 maart 1845 door mevrouw J.C.S. Hacke-Elias, de echtgenote van de opdrachtgever. De achtergevel heeft in het midden over beide bouwlagen een driezijdige uitbouw met op de b.g. geknikte bakstenen pilasters (met basement en kapiteel) en boven de drie daar aanwezige dubbele glasdeuren vulstukken met consoles; de overige rechthoekige geveldoorbrekingen op de b.g. lopen tot aan de gevelvoet; de vensters op de verdieping zijn rechthoekig in de uitbouw, de overige zijn getoogd; de vensters op de b.g. zijn voorzien van geprofileerde kozijnen die zijn omgezet; op de verdieping zijn alleen de twee vensters uiterst rechts, die in de uitbouw, en het eerste daarop volgende venster geheel van geprofileerde lijsten voorzien, de overige drie vensters hebben slechts een geprofileerde rondboog; de indeling van de doorbrekingen op de b.g. is zesruits, op de verdieping is de indeling eveneens zesruits, maar met tweedelig bovenlicht, uitgezonderd de vensters in de uitbouw die achtruits zijn. In het fries drie zolderlichten. De gevel is horizontaal geleed door drie lijsten, één boven de pilasters van de uitbouw, één onder de vensters op de verdieping één ter hoogte van de boog-aanzet van de getoogde vensters.
De linker gevel kent twee deuren waarvan één met kroonlijst op de b.g., en één venster op de verdieping. Op het fries een tuin-bel en twee zolder-lichten. Ook hier de omgaande hardstenen lijst.
In het interieur is enig gaaf stucwerk op de plafonds aanwezig. Op enkele plaatsen ondersteunen opvallend geprofileerde zware consoles een balkeinde. De gangen op de begane grond zijn voorzien van vloertegels van wit marmer. Alle deuren zijn paneeldeuren. De schoorsteenmantels zijn bijzonder talrijk en veelal voorzien van betimmeringen, die passen bij de overige aankleding van het vertrek.
In de tuinkamer op de b.g. bevindt zich een hardstenen midden 18de eeuwse schoorsteen met blank eikenhouten boezem, waarin vermoedelijk voorheen een spiegel of schilderstuk. In deze kamer rode wandbespanning (textiel), een gestucte kooflijst met goud afgebiesd boven een blank eikenhouten kroonlijst, met goud gehoogde rozet in het midden van het plafond, dubbele blank eikenhouten deuren met bovendeurstuk en profiellijsten. Lage lambrizeringen met geprofileerd, deels met goud gehoogd, houtwerk. Op de b.g. voorts rechts een schoorsteenmantel op forse consoles van veelkleurig marmer, een schoorsteenmantel van hardsteen met witte marmeren consoles, waarboven gecanneleerde pilasters met basement en architraaf, en nog een tweede hardstenen schoorsteenmantel met overhoekse witte marmeren consoles. Op de verdieping bij de trap een wandboekenkast met glazen schuifdeuren, een schrijfnis met schrijfblad op witte consoles (ingericht in het kozijn van het venster) en een lambrizering van marmerplaten met aan weerszijden twee gestucte pilasters met basement, kapiteel en architraaf. Ook een zwarte hardstenen schoorsteenmantel met gestucte pilasters met verdiepte velden, bewerkte basementen en kapitelen, eierlijsten, fries en deklijst.
Volgens C. Moes, " Architectuur als sieraad van de natuur, de architectuurtekeningen uit het archief van J.D. Zocher jr. (1791-1870) en L.P. Zocher (1820-1915)", NAI Rotterdam 1991, p. 184 behoren het landhuis en de aanleg van het landschapspark tot de uitgevoerde werken van J.D. Zocher; zij verwijst naar H.W.M. van der Wyck, De Nederlandse Buitenplaats, Aspecten van ontwikkeling, bescherming en herstel, Alphen a/d Rijn 1983, p. 311, waar zowel het huis als het landschapspark aan J.D. Zocher worden toegeschreven.
Architectuurhistorisch belangrijk neo-classicistisch hoofdgebouw waarvan zowel het exterieur als het interieur in vrijwel authentieke staat verkeren.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
MAIN BUILDING (Huis Eikenrode).
Main building situated on a rectangular ground plan with two storeys under a flat roof with a strikingly robust cornice. The main building is constructed in neo-classical style. The front façade facing west has five window bays with a central risalit of three bays, articulated and bounded by four ashlar pilasters of the colossal order and provided with basement and capital.
Horizontally the façade is articulated by an ashlar string course directly below the windows on the upper storey. In front of the risalit a stone plinth with three steps in the middle. Next to the plinth are two pedestals on which (now missing) stone dogs were placed. At the foot of the façade an ashlar plinth which surrounds the building. The frames of all windows and of the centrally located entrance door are moulded; above the windows in the risalit on the ground floor are classical volute motifs in wood, and cornices with frieze and cornice above the remaining windows on the ground floor. The entrance has a glass door with six-panel division, of which the lower two rectangles are closed. On either side extending to the plinth, respectively the plinth, continuous façade openings with casement windows with fanlight. The windows on the upper storey have casement windows with six-pane glazing below the transom and an undivided fanlight above.
The imposing cornice is corniced above the risalit, has a flat architrave and frieze, above which the projecting moulded cornice.
The right façade likewise has five window bays, the continuous ashlar horizontal string course, and a double hinged glass door with moulded frame and cornice. The windows and door have a division identical to that of the front façade. Three small attic lights are inserted in the frieze.
In the rear façade bottom right is a record of the foundation stone laying on 11 March 1845 by Mrs J.C.S. Hacke-Elias, the wife of the patron. The rear façade has in the middle over both storeys a three-sided projection with on the ground floor bent brick pilasters (with basement and capital) and above the three double glass doors there infill panels with consoles; the remaining rectangular façade openings on the ground floor extend to the foot of the façade; the windows on the upper storey are rectangular in the projection, the others are arched; the windows on the ground floor are provided with moulded frames which have been recast; on the upper storey only the two rightmost windows, which are in the projection, and the first window following them have full moulded strings, the remaining three windows have only a moulded arch; the division of the openings on the ground floor is six-pane, on the upper storey the division is likewise six-pane, but with two-part fanlight, except the windows in the projection which are eight-pane. In the frieze three attic lights. The façade is horizontally articulated by three string courses, one above the pilasters of the projection, one below the windows on the upper storey, one at the level of the arch springing of the arched windows.
The left façade has two doors, one with cornice on the ground floor, and one window on the upper storey. On the frieze a bell and two attic lights. Here also the surrounding ashlar string course.
In the interior some intact stucco work is present on the ceilings. In some places strikingly moulded heavy consoles support a beam end. The passages on the ground floor are provided with white marble floor tiles. All doors are panel doors. The chimney surrounds are particularly numerous and mostly provided with woodwork panelling, which matches the rest of the decoration of the room.
In the garden room on the ground floor is a mid-18th century stone chimney with plain oak bosom, in which presumably formerly a mirror or painting. In this room red wall covering (textile), a stuccoed cove cornice with gold rubbed back above a plain oak cornice, with gold heightened rosette in the centre of the ceiling, double plain oak doors with overdoor and moulded strings. Low wainscoting with moulded, partly gold heightened, woodwork. On the ground floor furthermore on the right a chimney surround on robust consoles of multicoloured marble, a stone chimney surround with white marble consoles, above which fluted pilasters with basement and architrave, and yet another stone chimney surround with opposite white marble consoles. On the upper storey by the stair a wall bookcase with sliding glass doors, a writing desk with writing surface on white consoles (fitted in the window frame) and a wainscoting of marble plates with on either side two stuccoed pilasters with basement, capital and architrave. Also a black stone chimney surround with stuccoed pilasters with recessed fields, worked basements and capitals, egg and dart mouldings, frieze and string course.
According to C. Moes, "Architecture as ornament of nature, the architectural drawings from the archive of J.D. Zocher jr. (1791-1870) and L.P. Zocher (1820-1915)", NAI Rotterdam 1991, p. 184 the country house and the design of the landscape park belong to the executed works of J.D. Zocher; she refers to H.W.M. van der Wyck, De Nederlandse Buitenplaats, Aspecten van ontwikkeling, bescherming en herstel, Alphen a/d Rijn 1983, p. 311, where both the house and the landscape park are attributed to J.D. Zocher.
Architecturally important neo-classical main building of which both the exterior and the interior are in virtually authentic condition.
Nearby in the register
- Historische aanleg, Nieuw-Loosdrechtsedijk bij 21Tuin, park en plantsoenunder 1 mi
- Orangerie, Nieuw-Loosdrechtsedijk 17Tuin, park en plantsoenunder 1 mi
- Grafkapel(H), Nieuw-Loosdrechtsedijk bij 21Begraafplaats en -onderdelenunder 1 mi
- Boerderij, Nieuw-Loosdrechtsedijk 27Boerderijunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.