TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Vredespaleis

's-Gravenhage, Zuid-Holland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Gerechtsgebouw
Function
Gerechtsgebouw(EX3)
Category
onroerend gebouwd
Address
Carnegieplein 2, 2517 KJ 's-Gravenhage (and others)
Place
's-Gravenhage
Province
Zuid-Holland
Country
Netherlands
Coordinates
52.08665, 4.29581
Monument number
333074

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

Leiden University Libraries

5 historical maps cover this location, the earliest the 1636 map "Hollandiae meridionalis descriptio nova" (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

VREDESPALEIS, op initiatief van A. Carnegie gesticht omvangrijk complex, in oorsprong dienende tot huisvesting van het Permanente Hof van Arbitrage en bijbehorende bibliotheek, met vier vleugels rondom een binnenplaats op een hoge granieten sokkel opgetrokken in baksteen, afgewisseld met natuurstenen decoraties, met verdieping onder samenstel van met leien gedekte en van koperen bekroningen voorziene zadel- en schilddaken met dakkapellen, een hoge toren op de ZO-hoek, een dakruiter in het midden en een kleinere toren bij de N-gevel, uitgevoerd in een deels op de Franse chateaux en deels op Hollandse voorbeelden geïnspireerde neo-Renaissance-stijl naar ontwerp van de prijsvraagwinnaar L.M. Cordonnier, met medewerking van J.A.G. van der Steur tussen 1907 en 1913, en gesitueerd in een park waarvan de door Th. Mawson ontworpen parkaanleg aan de N-zijde nog resteert; bij de O-hoek van het park nabij de Anna Paulownastraat bevindt zich de parkwachterswoning (nr 1) in verwante, doch sterk versoberde stijl.

De hoofdopzet van het hoofdgebouw is symmetrisch, met afwijkingen door de toepassing van de hoge toren bij de linkerhoek van de voorgevel (ZO) en van de kleine toren in de N-gevel ter afsluiting van de als hoekpaviljoen behandelde NO-partij waarin de grote Rechtzaal is ondergebracht.

De voorgevel (O) bevat een risalerende middenpartij ter breedte van negen vensterassen waarin op de bel-etage een arcade met dubbele zuilen en overdekt door kruisgewelven te weerszijden van de in de bredere middentravee gesitueerde hoofdingang is aangebracht en die op de verdieping wordt doorbroken door de gekoppelde drie- en vierledige vensters met quasi-Renaissance tracering van kruiskozijnen van de zaal voor het Conseil Administratif van het Permanente Hof van Arbitrage en kamers van president en secretaris-generaal te weerszijden, en met omlijsting in natuursteen en met op piedestals geplaatste en door baldakijnen overhuifde symbolische sculpturen in rondboognissen bij de muurdammen, eveneens in natuursteen; deze middenpartij wordt afgesloten met een natuurstenen fries - voorzien van reliefs met florale motieven en met een attiek die op sokkels geplaatste frontons bevat en in het midden een topgevel met een sculptuur van de Vrede (ontwerp W. Retera), eveneens gevat in een rondboognis met piedestal en baldakijn; terzijden bevinden zich twee door kegelvormige spitsen bekroonde en van kleine arkeltorentjes voorziene hoektorens vanwaaruit het hoger opgetrokken schilddak oprijst, gemarkeerd door drie rijen dakkapellen met koperen bekroning en twee schoorstenen te weerszijden van de achtzijdige dakruiter.

Voor deze middenpartij bevindt zich een brede stoep met te weerszijden twee ingezwenkte oprijbanen met granieten borstweringen. Links is de hoge toren geplaatst en rechts bevindt zich de teruggerooide, door een topgevel bekroonde partij van de grote Rechtzaal, voorzien van een laag terras met balustrade bij de bel-etage en een groot rondboogvenster op de verdieping, geflankeerd door twee sculpturen, voorstellende Justitia en Veritas en ontworpen door A.S.N.L. Dupuis, en in de top drie gekoppelde rondboogvensters en een relieftondo van een opengeslagen wetboek. De overige sculpturen aan de voorgevel stellen de Welsprekendheid (ontwerp Ch. van Wijk), het Geweten (ontwerp F.J. Jeltsema), de Flinkheid (ontwerp A.J. Hesselink), de Wijsheid (ontwerp B. van Hove), de Lankmoedigheid (ontwerp A.W.M. Ode), de Wilskracht (idem) de Gerechtigheid (ontwerp B. van Hove) en de Wetgeving (ontwerp Ch. van Wijk) voor.

De vierledige toren bevat aan elke zijde een rondboogvenster op de bel-etage en een drieledig venster met kruiskozijnen op de verdieping, met daarboven een langgerekt rondbogig spaarveld met drieledige onderverdeling en Zwitserse klok met vergulde wijzers, voorts ronde arkeltorentjes met kegelvormige spitsen te weerszijden van een kleine arcade met balustrade en een smallere traptoren, voorzien van rondboogvormige galmgaten, arkeltorentjes en kegelvormige spits, alle met koperen bekroningen, waaronder een windwijzer.

De rechterzijgevel (N) bevat links het door een schilddak bekroonde hoekpaviljoen met grote Rechtzaal dat aan deze zijde drie rondboogvensters heeft en voor het overige op dezelfde wijze is uitgevoerd als de oostgevel; dit hoekpaviljoen wordt te rechterzijde afgesloten door de kleine toren, die beneden een ingang met stoep bezit, overhuifd door een op zuilen rustend koperen baldakijn, en die op de bel-etage wordt verlicht door een smal rondboogvormig venster en die verder is uitgerust met gekoppelde rondboogvensters en arkeltorentjes in de door een kegelvormige spits bekroonde top.

De hierop aansluitende middenpartij telt telkens twee vensterassen te weerszijden van de twee driezijdige, door kantelen bekroonde erkerpartijen, waarvan het verticale accent wordt herhaald in de schoorstenen; het souterrain is voorzien van telkens twee smalle rechthoekige vensters, de bel-etage van vensters met natuurstenen kruiskozijnen, terwijl de verdieping dezelfde venstervormen vertoont als de voorgevel, zij het hier met slechts een tweeledige verticale verdeling; het hieraan grenzende vier vensterassen tellende hoekpaviljoen op de NW-hoek, waar in oorsprong ten dele de bibliotheek is gehuisvest, is op dezelfde wijze als de middenpartij behandeld en wordt verder gemarkeerd door twee zij-ingangen in het souterrain en door twee hoekpijlertjes bij de attiek en door een hoger opgetrokken tentdak met schoorsteen.

De linkerzijgevel (Z) is zoveel mogelijk gelijk gehouden met de rechterzijgevel, zij het spiegelbeeldig en met een hoge toren op de uiterste O-hoek; in het hoekpaviljoen is de kleine Rechtzaal ondergebracht, hetgeen tevens door enkele sculpturen wordt aangegeven, te weten de Schonen Kunsten (ontwerp H.J. Vreugde), de Toneelkunst (v.d. Bossche en Crevels), de Landbouw (E. Jacobs), de Handel (A.J. Hesselink) en de Industrie (A.S.N.L. Dupuis), en voorts een zonnewijzer.

De achtergevel (W) waaraan grotendeels de bibliotheek grenst, is zeer verwant met de beide zijgevels in hun westelijke partijen, telt in totaal vijftien vensterassen en bevat verder twee driezijdige met attieken afgesloten erkers in beide hoektraveeen die worden bekroond door eenzelfde topgevel als de grote Rechtzaal aan de O-zijde, en in het midden een tweede monumentale ingang met dubbele stoep en een topgevel met een in een is geplaatste sculptuur van de Historia.

De binnenplaats wordt omgeven door gevels met rondboogvensters op de beletage en vensters met natuurstenen kruiskozijnen op de verdieping; aan de O-zijde bevindt zich in het midden de vijfzijdige uitbouw van het hoofdtrappenhuis te weerszijden waarvan de beletage iets naar voren is uitgebouwd teneinde op de verdieping een terras met balustrade te kunnen onderbrengen, aan de W-zijde bevindt zich een middenrisaliet en in de hoeken de afgeschuinde verbindingen met de lange gevels. In het midden staat sinds 1922 de in 1920 door Denemarken geschonken van Kopenhaags porselein vervaardigde fontein opgesteld, met diverse dierfiguren. Ook de gevels zijn van dierfiguren voorzien, en wel uitgevoerd in terracotta naar ontwerp van W.C. Brouwer.

Aan het gebouw en de inrichting van het omringend park hebben alle deelnemende landen van de 2e Vredesconferentie van 1907 bijgedragen, hetzij in de vorm van bouwmaterialen zoals graniet, marmer, zandsteen, ceder-, palissander-, mahonie- en teakhout, hetzij in de vorm van vaste dan wel verplaatsbare interieur-onderdelen zoals gebrandschilderde ramen, bronzen deuren, hekwerken, wandbespanningen en -betimmeringen, verlichtingsarmaturen, meubels, sculpturen, vazen, tapijten, schilderstukken en diverse rijke gebruiksvoorwerpen, naast verschillende tuinsieraden en het toren-uurwerk.

Het aldus rijk gedecoreerde interieur is uitgevoerd in een op de Italiaanse dan wel Hollandse Renaissance geinspireerde trant, waarbij in alle voorstellingen en ornamenten direct of indirect het thema van de vrede is gesymboliseerd. De ornamentele beeldhouwwerken in het hoofdgebouw alsmede de kamerbetimmeringen zijn in hoofdzaak ontworpen door W. Tetera, terwijl de decoraties van plafonds en gewelven voornamelijk door H.A. Rosse zijn ontworpen, in samenwerking met J.A.G. van der Steur. Betimmeringen en meubilair zijn uitgevoerd door de firma's H.P. Mutters, H. Pander, onder de St. Maarten, J. Nederkoon de tapijten - voorzover niet uit het buitenland afkomstig - zijn geleverd door de Deventer-, 's-Gravenhaagsche- en Konheim Tapijtfabriek.

De grote vestibule is toegankelijk door gesmede ijzeren deuren in bronzen omlijsting verbonden met de geheel bronzen tochtdeuren; de vloer portiersloges te weerszijden bezitten geheel bronzen deuren; de vloer is belegd met marmer, deels in mozaïek, met een voorstelling van de Sol Justitiae; de wanden zijn eveneens met marmer bekleed, voorzien van pilasters met rijk-gebeeldhouwde basementen en kapitelen (uit Italië); hier staan vier verguld bronzen candelabres opgesteld en nog twee in het hoofdtrappenhuis, alsmede vier monumentale banken van palissanderhout; de in kalkzandsteen uitgevoerde kruisgewelven worden door gordelbogen met palmettenranden afgewisseld.

Het op deze vestibule aansluitende hoofdtrappenhuis - met een keizerlijke trap - is eveneens in marmer uitgevoerd, de trapleuningen zijn voorzien van verguld bronzen vullingen en candelabres; op het bordes staat het door A. O'Connor in 1924 vervaardigde marmeren beeld Vrede door Recht opgesteld, terwijl op de omloop der verdieping een kopie in brons is aangebracht van het in 1905 ontworpen standbeeld "Christus in de Andes"; in de vijfzijdige uitbouw en te weerszijden daarvan een zevental gebrandschilderde ramen, ontworpen door A. Le Comte en vervaardigd door het atelier Prinsenhof (J. Schouten) uitbeeldend de verheerlijking van de vrede. In de zijwanden zijn twee bronzen reliëfs aangebracht, ontworpen door B. Ingenhousz en uitgevoerd door F.W. Braat, voorstellende de Westerse en Oosterse beschaving en tevens dienende tot lichtarmatuur; het gewelf in de trap-uitbouw is versierd met vazen en bloemenranken, deels verguld.

De gangen rondom de binnenplaats op de bel-etage, aansluitend op de vestibule, zijn aan de lichtzijde voorzien van gebrandschilderde ramen, vervaardigd door het atelier Prinsenhof (Van Es, Gips en Schouten) met symbolische voorstellingen van oorlog en vrede, de maanden van het jaar en de jaargetijden, en aan de overzijde van tegeltableaux vervaardigd door de Porceleyne Fles met voorstellingen van Romeinse goden en sterrenbeelden, deels met eigentijdse nevensymbolen, wat betreft de zij-corridors; de wanden van de achter-corridor bezitten tegeltableaux van het atelier Rozenburg, met in het midden aan de binnenplaats-zijde een voorstelling van de oorspronkelijke situatie van het gehele complex; de mozaïekvloeren zijn afkomstig uit Le Chateau, de gewelven bezitten geschilderde banden met florale motieven.

De NO gesitueerde grote Rechtzaal is voorzien van eikenhouten lambriseringen en een rijkversierd tongewelf naar ontwerp van K. Sluyterman; de gebrandschilderde ramen in de O- en N-wand zijn ontworpen door D. Strachan en symboliseren het ontstaan van het vredes-ideaal; te weerszijden zijn twee reliëfs aangebracht van Veritas en Justitia; aan de andere korte wand bevindt zich de schildering door A. Besnard uit 1926, uitbeeldend Vrede door recht; de lange zijde bezit op de verdieping een loge, gescheiden door rondbogen en voorzien van rijkgesmede hekwerken; in het toegangsportaal een copie in marmer van de troon van Minos; de bijbehorende raadzaal bevat eveneens een eikenhouten lambrisering, voorts een wandbespanning van velours d'Utrecht en een plafond met vergulde bladranden; de overige nevenvertrekken zijn in vergelijkbare trant uitgevoerd.

De ZO gesitueerde kleine rechtzaal bezit een eikenhouten lambrisering, en een cassettenplafond, deels gesteund door pilasters en consoles; in de korte achterwand is een voorstelling aangebracht van de Verheerlijking van de vrede, de lange zijwand bevat een tribune. In de bijbehorende voorzaal staat de grote Russische Jaspis-vaas opgesteld, terwijl in de partijenkamer een schildering van E. Chigot is opgenomen met een voorstelling van de landelijke vrede, en in de raadzaal een schilderij van F. Bol genaamd Amazia en de mens Gods; voor het overige zijn deze vertrekken vergelijkbaar met die behorende bij de grote Rechtzaal. De zogenaamde F. Bolzaal bevat de overige uit de Abdij van Middelburg afkomstige schilderijen van F. Bol, respectievelijk de Vinding van Mozes, de valse beschuldiging van Benjamin; Achilles en Thetis uitbeeldend; het plafond is voorzien van een schildering van G. de Lairesse, afkomstig uit het huis Herengracht 466 te Amsterdam en voorstellende de triomf van de vrede; voorts twee koppen van H. de Groot en C. van Bijndershoek.

De leeszaal van de bibliotheek - gesitueerd in ZW - bevat eveneens houten lambriseringen en cassettenplafonds.

Op de verdieping zijn de gangen eveneens van mozaïekvloeren met eenvoudige ornamentele randen voorzien, voorts van marmeren lambriseringen, kalkzandstenen pilasters met consoles waarop de houten cassettenplafonds rusten. Midden voor bevindt zich de Salle du Conseil Administratif waarin de Japanse zijden wandbespanning is aangebracht, met geborduurde voorstellingen van planten en dieren in de lente en genaamd Tsusure-Nishiki; voorts staan hier vier grote Chinese cloissonne-vazen op gebeeldhouwde voetstukken opgesteld; het bladgoudrelief op de houten betimmeringen is ontworpen door H.A. Rosse. De bijbehorende vertrekken van president en secretaris-generaal en bestuurskamer zijn als de overige nevenvertrekken voorzien van een lambrisering, een wandbespanning van velours d'Utrecht en een cassettenplafond. De overige werkvertrekken zijn in soberder trant uitgevoerd.

Het omringende park is afgesloten door een Duits smeedijzeren hekwerk op een zandstenen muur met dito pijlers aan de ingangszijde, gedekt door putti met druiventrossen en korenaren; de hekken zijn voorzien van bronzen reliëfs voorstellende Amicitia, Pax, Justitia en Concordia; de overige pijlers bevatten terracotta-plaquettes met een weegschaal aan de linker- en een gordiaanse knoop aan de rechterzijde.

De in traditionalistische trant uitgevoerde parkwachterswoning is in baksteen opgetrokken op een T-vormige plattegrond met verdieping onder samenstel van leien zadel- en schilddaken en met een floraal reliëf boven het aan de parkzijde gesitueerde ingangsportaal.

Van de door de prijsvraagwinnaar Th. Mawson ontworpen tuinaanleg resteert alleen nog de formele aanleg van de rozentuin aan de N-zijde, ingeklemd tussen de verhoogde terrassen met balustrades en een langgerekte vijver waarover terzijden twee bruggen met colonnades zijn aangebracht.

In het park staan vele natuurstenen en gestucte tuinvazen opgesteld met reliëfs in quasi-antieke of Italiaanse trant; voorts bevindt zich tegenover de zij-ingang een bronzen standbeeld op voetstuk van Erasmus, in 1937 vervaardigd door H. Krop, met links daarvan een vaas en uiterst rechts een adelaarssculptuur van terracotta ontworpen door W.C. Brouwer; geheel aan de straatzijde tegenover de ingang van de bibliotheek staat het bronzen standbeeld op natuurstenen sokkel van Le Spectre de la Guerra door R. Matte de Iniquez uit 1914; tegenover de poort tussen bibliotheek en academiegebouw (later aangebouwd) bevindt zich het bronzen beeld op natuurstenen sokkel genaamd "de Werker" door A.S.N.L. Dupuis; voorts zijn aan de voorzijde twee reliëfsokkels voor de vlaggenmasten opgesteld.

Complex van vredespaleis en bibliotheek met bijbehorend interieur en parkaanleg en tuinsieraden, parkwachterswoning en hekwerk, in rijke, op traditionele vorm en gegrondveste stijl waarbij de ornamentiek geheel in het teken staat van het vredesthema, als geheel kenmerkend voor de traditionalistische bouwwijze en internationalistische denkwijze uit het begin van deze eeuw zowel qua functie als qua vormgeving en uitvoering en als zodanig van algemeen, internationaal belang wegens cultuur-historische waarde, zowel in architectonische zin als vanuit oogpunt van kunstnijverheid alsook uit oogpunt van politieke ontwikkeling.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

PEACE PALACE, established on the initiative of A. Carnegie, an extensive complex originally serving to house the Permanent Court of Arbitration and associated library, with four wings around a courtyard erected on a high granite base in brick, interspersed with natural stone decorations, with storey under a combination of slate-covered gabled and hipped roofs with copper crests, roof dormers, a high tower at the SE corner, a roof turret in the middle and a smaller tower at the N facade, executed in a neo-Renaissance style partly inspired by French chateaux and partly by Dutch examples, designed by prize competition winner L.M. Cordonnier, with the collaboration of J.A.G. van der Steur between 1907 and 1913, and situated in a park of which the park layout designed by Th. Mawson on the N side still remains; at the E corner of the park near the Anna Paulownastraat stands the parkkeeper's lodge (no. 1) in related but greatly simplified style.

The main composition of the main building is symmetrical, with deviations through the application of the high tower at the left corner of the front facade (SE) and the small tower in the N facade to terminate the NE section treated as corner pavilion in which the great Court Room is housed.

The front facade (E) contains a projecting central section the width of nine window bays in which on the bel-étage an arcade with double columns and covered by cross-vaults on either side of the main entrance situated in the wider central bay is arranged and which on the storey is broken through by the coupled three- and four-light windows with quasi-Renaissance tracery of cross windows of the hall for the Conseil Administratif of the Permanent Court of Arbitration and rooms of president and secretary-general on either side, and with framing in natural stone and with symbolical sculptures placed on pedestals and sheltered by baldachins in arched niches at the wall buttresses, likewise in natural stone; this central section is terminated with a natural stone frieze - provided with reliefs with floral motifs and with an attic containing pedestal-mounted frontispieces and in the middle a gable with a sculpture of Peace (design W. Retera), likewise set in an arched niche with pedestal and baldachin; on either side are two small towers crowned with conical spires and furnished with small corner turrets from which the higher-raised hipped roof rises, marked by three rows of roof dormers with copper crests and two chimneys on either side of the octagonal roof turret.

Before this central section stands a broad flight of steps with on either side inswept ramps with granite parapets. On the left is the high tower positioned and on the right is the setback section crowned by a gable of the great Court Room, provided with a low terrace with balustrade at the bel-étage and a large arched window on the storey, flanked by two sculptures representing Justice and Truth and designed by A.S.N.L. Dupuis, and in the top three coupled arched windows and a relief roundel of an open law book. The remaining sculptures at the front facade represent Eloquence (design Ch. van Wijk), Conscience (design F.J. Jeltsema), Fortitude (design A.J. Hesselink), Wisdom (design B. van Hove), Clemency (design A.W.M. Ode), Will (idem) Justice (design B. van Hove) and Legislation (design Ch. van Wijk).

The four-part tower contains on each side an arched window at the bel-étage and a three-light window with cross windows on the storey, with above it an elongated arched spandrel with three-fold subdivision and Swiss clock with gilded hands, furthermore round corner turrets with conical spires on either side of a small arcade with balustrade and a narrower stair turret, provided with arched sound holes, corner turrets and conical spire, all with copper crests, including a weather vane.

The right side facade (N) contains on the left the corner pavilion crowned by a hipped roof with large Court Room which on this side has three arched windows and for the rest is executed in the same manner as the east facade; this corner pavilion is terminated on the right side by the small tower, which below has an entrance with flight of steps, roofed by a baldachin resting on columns in copper, and which at the bel-étage is lit by a narrow arched window and which is further equipped with coupled arched windows and corner turrets in the top crowned by a conical spire.

The adjoining central section comprises in each case two window bays on either side of the two three-sided crenellated embays, of which the vertical accent is repeated in the chimneys; the basement is provided with in each case two narrow rectangular windows, the bel-étage with windows of natural stone cross windows, whilst the storey shows the same window forms as the front facade, albeit here with only a two-light vertical division; the adjacent four-window-bay corner pavilion at the NW corner, where the library was originally partly housed, is treated in the same manner as the central section and is further marked by two side entrances in the basement and by two corner pilasters at the attic and by a higher-raised tent roof with chimney.

The left side facade (S) is kept as much as possible equal to the right side facade, albeit mirrored and with a high tower at the extreme E corner; in the corner pavilion the small Court Room is housed, which is also indicated by a few sculptures, namely the Fine Arts (design H.J. Vreugde), the Dramatic Arts (v.d. Bossche and Crevels), Agriculture (E. Jacobs), Commerce (A.J. Hesselink) and Industry (A.S.N.L. Dupuis), and furthermore a sun dial.

The rear facade (W) to which the library largely borders, is very similar to both side facades in their western sections, counts in total fifteen window bays and furthermore contains two three-sided embays terminated with attics in both corner bays which are crowned by the same gable as the great Court Room on the E side, and in the middle a second monumental entrance with double flight of steps and a gable with a sculpture of History set in a niche.

The courtyard is surrounded by facades with arched windows at the bel-étage and windows with natural stone cross windows on the storey; on the E side is located in the middle the five-sided projection of the main staircase on either side of which the bel-étage is slightly projected forward in order to accommodate on the storey a terrace with balustrade, on the W side is located a central projection and in the corners the chamfered connections with the long facades. In the middle has stood since 1922 the fountain made from Copenhagen porcelain donated by Denmark in 1920, with various animal figures. The facades are also furnished with animal figures, executed in terracotta to the design of W.C. Brouwer.

To the building and the arrangement of the surrounding park all participating countries of the 2nd Peace Conference of 1907 have contributed, either in the form of building materials such as granite, marble, sandstone, cedar, rosewood, mahogany and teak wood, or in the form of fixed or movable interior components such as stained glass windows, bronze doors, ironwork, wall hangings and panelling, lighting fixtures, furniture, sculptures, vases, carpets, paintings and various rich decorative objects, besides various garden ornaments and the tower clock.

The thus richly decorated interior is executed in a manner inspired by Italian or Dutch Renaissance, whereby in all representations and ornaments directly or indirectly the theme of peace is symbolized. The ornamental sculptural works in the main building as well as the room panellings are designed mainly by W. Tetera, whilst the decorations of ceilings and vaults are designed mainly by H.A. Rosse, in collaboration with J.A.G. van der Steur. Panellings and furniture have been executed by the firms H.P. Mutters, H. Pander, under the St. Maarten, J. Nederkoon the carpets - insofar as not from abroad - have been supplied by the Deventer, The Hague and Konheim Carpet Factory.

The great vestibule is accessible through wrought iron doors in bronze framing connected with entirely bronze revolving doors; the floor porter's lodges on either side possess entirely bronze doors; the floor is laid with marble, partly in mosaic, with a representation of Sol Justitiae; the walls are likewise clad with marble, provided with pilasters with richly sculptured bases and capitals (from Italy); here stand four gilded bronze candelabra and two more in the main staircase, as well as four monumental benches of rosewood; the cross-vaults executed in calcareous sandstone are interspersed by corbel arches with palmette borders.

The main staircase adjoining this vestibule - with an imperial stair - is likewise executed in marble, the stair railings are provided with gilded bronze fillings and candelabra; on the landing stands the marble sculpture Peace through Justice executed by A. O'Connor in 1924, whilst on the landing of the storey a bronze copy is affixed of the equestrian statue "Christ of the Andes" designed in 1905; in the five-sided projection and on either side thereof seven stained glass windows, designed by A. Le Comte and executed by the Prinsenhof workshop (J. Schouten) depicting the glorification of peace. In the side walls are two bronze reliefs affixed, designed by B. Ingenhousz and executed by F.W. Braat, representing Western and Eastern civilization and likewise serving as lighting fixtures; the vault in the stair projection is decorated with vases and flower garlands, partly gilded.

The corridors around the courtyard on the bel-étage, adjoining the vestibule, are on the light side provided with stained glass windows, executed by the Prinsenhof workshop (Van Es, Gips and Schouten) with symbolic representations of war and peace, the months of the year and the seasons, and on the opposite side with tile tableaux executed by the Porceleyne Fles with representations of Roman gods and constellations, partly with contemporary side symbols, as regards the side corridors; the walls of the rear corridor possess tile tableaux from the Rozenburg workshop, with in the middle on the courtyard side a representation of the original situation of the entire complex; the mosaic floors are from Le Chateau, the vaults possess painted bands with floral motifs.

The great Court Room situated NE is provided with oak-wood panelling and a richly decorated barrel vault to the design of K. Sluyterman; the stained glass windows in the E and N walls are designed by D. Strachan and symbolize the origin of the peace ideal; on either side are two reliefs affixed of Truth and Justice; at the other short wall is located the painting by A. Besnard from 1926, depicting Peace through justice; the long side possesses on the storey a gallery, separated by arches and provided with richly wrought ironwork; in the entrance portal a copy in marble of the throne of Minos; the associated council chamber likewise contains oak-wood panelling, furthermore a wall hanging of Utrecht velvet and a ceiling with gilded leaf edges; the remaining adjoining rooms are executed in a comparable manner.

The small court room situated SE possesses oak-wood panelling and a coffered ceiling, partly supported by pilasters and consoles; in the short back wall is a representation of the Glorification of peace, the long side wall contains a tribunal. In the associated anteroom stands the large Russian jasper vase, whilst in the party room a painting by E. Chigot is included with a representation of rural peace, and in the council chamber a painting by F. Bol called Amaziah and the Man of God; for the rest these rooms are comparable with those belonging to the great Court Room. The so-called F. Bol room contains the remaining paintings from the Abbey of Middelburg by F. Bol, respectively the Finding of Moses, the false accusation of Benjamin; Achilles and Thetis depicted; the ceiling is provided with a painting by G. de Lairesse, from the house Herengracht 466 in Amsterdam and representing the triumph of peace; furthermore two busts of H. de Groot and C. van Bijndershoek.

The reading room of the library - situated in SW - likewise contains wooden panellings and coffered ceilings.

On the storey the corridors are likewise provided with mosaic floors with simple ornamental borders, furthermore with marble panellings, calcareous sandstone pilasters with consoles on which the wooden coffered ceilings rest. In front in the middle is the Salle du Conseil Administratif in which the Japanese silk wall hanging is arranged, with embroidered representations of plants and animals in spring and called Tsusure-Nishiki; furthermore here stand four large Chinese cloisonné vases on sculptured pedestals; the leaf gold relief on the wooden panelling is designed by H.A. Rosse. The associated rooms of president and secretary-general and boardroom are like the remaining adjoining rooms provided with panelling, a wall hanging of Utrecht velvet and a coffered ceiling. The remaining offices are executed in a more austere manner.

The surrounding park is enclosed by German wrought iron fencing on a sandstone wall with likewise pillars at the entrance side, covered by putti with grape clusters and sheaves of wheat; the gates are provided with bronze reliefs representing Friendship, Peace, Justice and Concord; the remaining pillars contain terracotta plaques with a pair of scales on the left and a Gordian knot on the right side.

The parkkeeper's lodge executed in a traditionalist manner is built in brick on a T-shaped ground plan with storey under a combination of slate gabled and hipped roofs and with a floral relief above the entrance portal situated on the park side.

Of the garden layout designed by prize competition winner Th. Mawson only the formal layout of the rose garden on the N side still remains, wedged between the raised terraces with balustrades and an elongated pond over which on either side two bridges with colonnades are placed.

Many natural stone and stuccoed garden vases with reliefs in quasi-antique or Italian manner are set up in the park; furthermore opposite the side entrance stands a bronze equestrian statue on base of Erasmus, made in 1937 by H. Krop, with on its left a vase and on the far right an eagle sculpture of terracotta designed by W.C. Brouwer; entirely on the street side opposite the entrance of the library stands the bronze equestrian statue on natural stone base of Le Spectre de la Guerra by R. Matte de Iniquez from 1914; opposite the gate between library and academy building (later added) stands the bronze sculpture on natural stone base called "the Worker" by A.S.N.L. Dupuis; furthermore on the front are two relief bases for the flagpoles positioned.

Complex of Peace Palace and library with associated interior and park layout and garden ornaments, parkkeeper's lodge and fencing, in rich style founded on traditional form and design whereby the ornamentation is entirely dedicated to the peace theme, as a whole characteristic of the traditionalist building manner and internationalist philosophy from the beginning of this century both in terms of function and design and execution and as such of general, international importance on account of cultural-historical value, both in architectural sense and from the perspective of decorative arts as well as from the perspective of political development.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map