TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Obrechtkerk

Amsterdam, Noord-Holland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Kerk en kerkonderdeel
Function
Kerk
Category
onroerend gebouwd
Address
Jacob Obrechtstraat 28, 1071 KM Amsterdam
Place
Amsterdam
Province
Noord-Holland
Country
Netherlands
Coordinates
52.35589, 4.87511
Monument number
332536

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries

5 historical maps cover this location, the earliest the 1750 map "Composite: Sheets 1 to 40 Carte De Hollande Et D'utrecht" (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

R.K. kerk Onze Lieve Vrouwe van den Allerheiligste Rozenkrans, ook wel genaamd Obrechtkerk, ingewijd in 1911 en gebouwd naar ontwerp van Jos.Th.J. Cuypers en J. Stuyt uit 1905, in een op de Romaanse en Byzantijnse bouwkunst geinspireerde, niettemin op eigen wijze verwerkte stijl.

De in baksteen onder een samenstel van pannen zadel-, schild- en tentdaken in leien kegeldaken opgetrokken kerk bestaat in opzet uit een driebeukige TRANSEPTBASILIEK met twee forse torens te weerszijden van de ingangspartij, een zware kruisingstoren, een halfrond beëindigde koorpartij met te weerszijden twee absiden en twee rechtafgesloten nevenruimten.

De bescheiden gedecoreerde voorgevel heeft in het midden de hoofdingang, bestaande uit een tweetal dubbele houten deuren en overhuifd door een rondboogvormig portaal met driehoekige topgevel, voorzien van figurale reliëfs (links: olifant en vis; midden: de zon (vermoedelijk); rechts: leeuw en adelaar); te weerszijden elk een zij-ingang en het geheel voorlangs voorzien van een natuurstenen stoep. Boven het portaal een roosvenster (gevuld met gebrandschilderd glas naar ontwerp van Matthieu Wiegman, voorstellend De Wederkomst van Christus, ca. 1930) en in de puntvormige topgevel siertegelwerk met in de top een tableau voorstellende De Kroning van Maria, uit de bouwtijd.

De meervoudig gelede torens bezitten elk beneden een rustica-sokkel, waarop een hoge natuurstenen lambrizering, een rondboogvormige arcade met keperboogfries, een drietal kleine, smalle vensters, een drietal langgerekte, geprofileerde boognissen met glas-in-loodvensters in de top, waarboven siertegelwerk en vier leeuwekop-spuwers, door deel-zuiltjes in vijven gelede galmgaten, een gemetselde balustrade en een met natuursteenbanden afgewisselde, enigszins afgeronde, pyramidale helm, bekroond door een op bol en kroon rustend kruisteken.

Inwendig wordt de kerkruimte door met marmer beklede vierkante pijlers waarop rondbogen rusten, in drieën geleed: een brede middenbeuk, overdekt door een ziende houten kap met beschilderde cassettes (Griekse kruizen, afgewisseld door zonnen), en twee smalle zijbeuken, eveneens overdekt door cassetten-plafonds.

In het rijk behandelde interieur met veel ornamentale decoratie uit de bouwtijd, vooral op de Romaanse en Byzantijnse vormentaal geinspireerd, is deels de baksteen in het zicht gelaten, deels afgewisseld door natuursteen, tegels, pleisterwerk of wandschilderingen.

Op het verhoogd priesterkoor bevindt zich het hoofdaltaar, waarin opgenomen een marmeren reliëf met bladmotieven, wellicht daterend uit 1700, overhuifd door een op vier marmeren zuilen rustend ciborium, ontworpen door Jan Brom. De vloer is uitgevoerd met marmer-incrustatie-werk. Voorts een houten altaarkruis uit omstreeks 1400. De halfronde koor-absis is voorzien van een zevental rondboogvensters met gebrandschilderde ramen, naar ontwerp van Otto Mengelberg, die tesamen de Zeven Sacramenten uitbeelden - zes geschonken door Willem Mengelberg (1922), de middelste door W.U. Jansen; in de absiscalot een mozaiekschildering in de trant van de Beuroner School met voorstelling van de Tronende Christus met Heiligen; boven de absis-boog een schildering van Het Lam Gods; in de aansluitende zijwanden van het koor twee wandschilderingen, gewijd aan respectievelijk De Instelling van het Avondmaal (links) en de Aanwijzing van Petrus als Rots van de Kerk (rechts); in de tondi in de zwikken van de scheibogen naar de transeptarmen schilderingen van Stephanus en Aloysius (links), Gerardus Majella en Antonius (rechts) alle uit de bouwtijd. Aan beide zijden voorts elk twee balkdragende, marmeren zuilen met gedecoreerde teerlingkapitelen. Voor de traptreden naar het priesterkoor de communiebanken, naar ontwerp van C.M. van Moorsel, waarvan in het ijzeren hekwerk twaalf bronzen panelen met reliëfs van herten door Lambert Zijl zijn opgenomen. De wanden van de kruising zijn in 1926-27 door Matthieu Wiegman van schilderingen voorzien, De Kroning van Maria (koorzijde), Musicerende Engelen (beide transeptzijden) en Aartsengel Michael (ingangszijde) voorstellende. De cassettes in de ziende kap van de toren hebben schilderingen uit de bouwtijd met voorstellingen van zon, maan, sterren en de tekens van de dierenriem.

De korte wanden van de transeptarmen bezitten elk een drietal gebrandschilderde ramen naar ontwerp van Joep Nicolas, respectievelijk gewijd aan Maria, met Engelen (links) en Het Geloof (rechts). Onder deze vensters wandschilderingen van Matthieu Wiegman, respectievelijk De Bruiloft te Cana en de Wonderbare Broodvermenigvuldiging uitbeeldend. In het midden hieronder aan de linkerzijde een combinatie van sculptuur en wandschildering, gewijd aan Franciscus, geflankeerd door een wandschildering van de Goede Herder en van O.L.V. van Goede Raad (met reliëf) boven de terzijden geplaatste biechtstoelen, en in de tondi daartussenin schilderingen van respectievelijk een lier en een kruis; aan de rechterzijde in het midden een combinatie van wandschildering en reliëf gewijd aan Gerardus Majella die schier elke dag een brood ontvangt van Maria en 't kind Jezus in de kapel van Capotignano; rechts daarvan boven de biechtstoelen een wandschildering met uitbeelding van de Troost, en vervolgens een schildering van de kraaiende Haan; in de tondi twee priesterportretten.

In de halfronde H. Hartkapel (links in de linkertransept-arm) een aan het H. Hart gewijde wandschildering van Matthieu Wiegman (1932). In de daarnaastgelegen, eveneens halfronde Maria-kapel een houten Maria-retabel, vervaardigd door Mari Andriessen. In de halfronde Josef-kapel (gesitueerd nabij de kruising in de rechter transept-arm) een vijftal gebrandschilderde ramen met florale motieven, en terzijde, naar voren geplaatst, een houten sculptuur van Josef met Kind, door W.A. van der Winkel (1927). In de naastgelegen H. Antonius-kapel een Antonius-altaar uit de bouwtijd, evenals de schildering in de calot.

Bij de aansluiting van middenbeuk en linkertransept-arm, de houten preekstoel, voorzien van bronzen reliëfs met bladmotieven langs de spiltrap door Jan Brom, en van een groen marmeren wand met voorstelling van de Duif naar ontwerp van John Radecker.

In de zijbeuken een door Jan Dunselman in de bouwtijd geschilderde kruiswegstatie; voorts een bidkapel aan de linkerzijde. Bij de toegang naar de verbindingsgang met de links van de kerk gesitueerde pastorie, een marmeren Pieta, gesigneerd Raffi, Paris.

In de Maria-kapel aan de ingangszijde een Maria-beeld op marmeren voet met eikebladeren-reliëf, en vijf smalle halfronde nissen, waarvan vier voorzien van wandschilderingen door Otto van Rees.

In de doop-kapel, rechts van de ingang gesitueerd, een doopvont en wandschilderingen door Piet Worm, met voorstellingen van de Doop in de Jordaan (straatzijde), de Wijze en Dwaze Maagden (zijbeukzijde) en de Uitdrijving van de onreine geest (middenbeukzijde), en de 4 Evangelistensymbolen rondom duiven (plafond). Van oorsprong tweeklaviers orgel met vrij pedaal en pneumatische tractuur, gemaakt door de firma Jos Vermeulen in 1917. Bij moderniseringen werd het orgel uitgebreid met een rugwerk in de balustrade van het orgelbalkon en werd de pneumatische tractuur vervangen door een elektrische. Het rugwerk en de elektrische tractuur vallen niet onder de bescherming.; voorts het reeds genoemde roosvenster en een schilderij op doek van U. Sebastiaan (eind 18e begin 19e eeuw ?).

Rijk gedecoreerd en ingericht kerkgebouw dat zowel uitwendig als inwendig een goed voorbeeld is van de vernieuwingsdrang in de vroeg-20e-eeuwse katholieke kerkelijke bouwkunst, beeldende kunst en kunstnijverheid, waarbij een verscheidenheid aan kunstenaars van verschillende instelling, beinvloeding of stijl aan de inrichting van het gebouw hebben bijgedragen; van algemeen belang uit kunst- en architectuurhistorisch oogpunt.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

R.K. church Onze Lieve Vrouwe van den Allerheiligste Rozenkrans, also known as Obrechtkerk, consecrated in 1911 and built according to a design by Jos.Th.J. Cuypers and J. Stuyt from 1905, in a style inspired by Romanesque and Byzantine architecture, yet processed in its own distinctive way.

The church, constructed in brick under an assembly of pantile hipped, shield and tent roofs in slate roof tiles, consists in plan of a three-aisled transept basilica with two substantial towers on either side of the entrance section, a heavy crossing tower, a choir section ending in a semicircle with two apses on either side and two straight-ended side spaces.

The modestly decorated front façade has in the centre the main entrance, consisting of a pair of double wooden doors and roofed by a round-arched portal with triangular gable, furnished with figurative reliefs (left: elephant and fish; centre: the sun (presumably); right: lion and eagle); on either side each a side entrance and the whole along its length provided with a natural stone step. Above the portal a rose window (filled with stained glass according to a design by Matthieu Wiegman, depicting The Return of Christ, c. 1930) and in the pointed gable decorative tilework with at its apex a tableau depicting The Coronation of Mary, from the time of construction.

The multipartite towers each possess at the base a rusticated plinth, upon which rises a high natural stone wainscoting, a round-arched arcade with herringbone-pattern frieze, three small, narrow windows, three elongated, moulded arches with leaded lights at the top, above which decorative tilework and four lion-head spouts, divided into five parts by part-columnettes with louver openings, a rubble-built balustrade and a pyramidal helm alternating with natural stone bands, somewhat rounded, crowned by a cross-sign resting on an orb and crown.

Internally the church space is divided into three by square piers clad in marble on which round arches rest: a broad central nave, covered by a wooden roof truss structure with painted coffered ceiling (Greek crosses, alternating with suns), and two narrow side aisles, likewise covered by coffered ceilings.

In the richly treated interior with much ornamental decoration from the time of construction, especially inspired by Romanesque and Byzantine formal language, the brick is partly left visible, partly alternated with natural stone, tiles, plasterwork or wall paintings.

On the raised presbytery choir is the high altar, in which is incorporated a marble relief with leaf motifs, possibly dating from 1700, roofed by a ciborium resting on four marble columns, designed by Jan Brom. The floor is executed with marble inlaid work. Furthermore a wooden altar cross from around 1400. The semicircular choir apse is furnished with seven round-arched windows with stained-glass panes, according to a design by Otto Mengelberg, which together depict the Seven Sacraments - six donated by Willem Mengelberg (1922), the middle one by W.U. Jansen; in the apse vault a mosaic painting in the manner of the Beuron School depicting the Enthroned Christ with Saints; above the apse arch a painting of The Lamb of God; in the adjoining side walls of the choir two wall paintings, dedicated respectively to The Institution of the Last Supper (left) and the Designation of Peter as the Rock of the Church (right); in the tondi in the pendentives of the transverse arches towards the transept arms paintings of Stephanus and Aloysius (left), Gerardus Majella and Antonius (right) all from the time of construction. On both sides furthermore each two beam-bearing, marble columns with decorated cube capitals. Before the steps to the presbytery choir the communion railings, according to a design by C.M. van Moorsel, in the ironwork of which twelve bronze panels with reliefs of deer by Lambert Zijl are incorporated. The walls of the crossing were painted in 1926-27 by Matthieu Wiegman with depictions of The Coronation of Mary (choir side), Musicking Angels (both transept sides) and Archangel Michael (entrance side). The coffered ceiling in the wooden roof truss structure of the tower has paintings from the time of construction with depictions of sun, moon, stars and the signs of the zodiac.

The short walls of the transept arms each possess three stained-glass windows according to a design by Joep Nicolas, dedicated respectively to Mary, with Angels (left) and Faith (right). Beneath these windows wall paintings by Matthieu Wiegman, respectively depicting The Wedding at Cana and the Miraculous Multiplication of Bread. In the middle beneath these on the left side a combination of sculpture and wall painting, dedicated to Franciscus, flanked by a wall painting of the Good Shepherd and of O.L.V. of Good Counsel (with relief) above the confessional boxes placed to the side, and in the tondi between them paintings respectively of a lyre and a cross; on the right side in the middle a combination of wall painting and relief dedicated to Gerardus Majella who receives almost every day a loaf from Mary and the Child Jesus in the chapel of Capotignano; to the right thereof above the confessional boxes a wall painting depicting Comfort, and subsequently a painting of the crowing Rooster; in the tondi two priest portraits.

In the semicircular Sacred Heart chapel (left in the left transept arm) a wall painting by Matthieu Wiegman (1932) dedicated to the Sacred Heart. In the adjoining, likewise semicircular Mary chapel a wooden Mary retable, made by Mari Andriessen. In the semicircular Joseph chapel (situated near the crossing in the right transept arm) five stained-glass windows with floral motifs, and to the side, placed forwards, a wooden sculpture of Joseph with Child, by W.A. van der Winkel (1927). In the adjoining St. Antonius chapel an Antonius altar from the time of construction, as likewise the painting in the vault.

At the junction of central nave and left transept arm, the wooden pulpit, furnished with bronze reliefs with leaf motifs along the spiral staircase by Jan Brom, and a green marble wall with depiction of the Dove according to a design by John Radecker.

In the side aisles a Stations of the Cross painted by Jan Dunselman in the time of construction; furthermore a prayer chapel on the left side. At the access to the connecting passage with the presbytery situated to the left of the church, a marble Pietà, signed Raffi, Paris.

In the Mary chapel on the entrance side a Mary statue on marble base with oak-leaf relief, and five narrow semicircular niches, four of which furnished with wall paintings by Otto van Rees.

In the baptistry chapel, situated to the right of the entrance, a baptismal font and wall paintings by Piet Worm, with depictions of the Baptism in the Jordan (street side), the Wise and Foolish Virgins (side-aisle side) and the Expulsion of the unclean spirit (central nave side), and the 4 Evangelists symbols around doves (ceiling). Originally a two-manual organ with free pedal and pneumatic action, made by the firm Jos Vermeulen in 1917. During modernisations the organ was expanded with a rückpositif in the balustrade of the organ gallery and the pneumatic action was replaced by an electric one. The rückpositif and the electric action do not fall under the protection.; furthermore the aforementioned rose window and a painting on canvas of St. Sebastian (late 18th early 19th century ?).

Richly decorated and furnished church building which both externally and internally is a good example of the impulse for renewal in early 20th-century Catholic ecclesiastical architecture, visual arts and applied arts, whereby a variety of artists of different conviction, influence or style contributed to the furnishing of the building; of general interest from an art-historical and architectural-historical point of view.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map