Rijksmonumentenregister · Netherlands
Bomvrij militair object, Fort Hinderdam Hinderdam (Stichtse Vecht 26)
Hinderdam, Utrecht, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Bomvrij militair object
- Category
- onroerend gebouwd
- Address
- Fort Hinderdam Hinderdam (Stichtse Vecht 26)
- Place
- Hinderdam
- Municipality
- Stichtse Vecht
- Province
- Utrecht
- Country
- Netherlands
- Part of complex
- 531353
- Monument number
- 531532
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Cluster 5. Bomvrije remise.
NIEUWE HOLLANDSE WATERLINIE
Inleiding
BOMVRIJE REMISE (gebouw B) als gebouwd onderdeel van Fort Hinderdam. Fort Hinderdam ontstond als een aarden schans ter verdediging van de hier eertijds gelegen zeesluizen. In 1672-1673 werd Fort Hinderdam omgebouwd tot een gebastioneerd fort. Ook werden er twee omgrachte lunetten aangelegd bij het fort. Nadat in 1674 de zeesluizen waren verlegd naar Muiden, bleef de verdediging van de Vecht en beide Vechtoevers de belangrijkste functie. Het fort werd diverse keren gewijzigd en aangepast. Zo kwam 1879-1880 de remise tot stand, die naar de toenmalige maatstaven als bomvrij gold. Bomvrije bouwwerken van dit type zijn aan drie zijden en bovenop voorzien van een aarden dekking en bezitten alleen een gevel aan de keelzijde.
Met de toename van de draagwijdte van het geschut, de kracht van de inslagen van projectielen en de explosieve kracht van (brisant)granaten werd het steeds moeilijker weerstand te bieden aan aanvallen. Verzwaring van metselwerk, toepassing van schokabsorberende metselsystemen (onder meer door middel van bogen), flauwe hellingshoeken en gebogen of juist puntige vormen, gebruik van beton - en later van gewapend beton - in steeds zwaardere uitvoering, was een van de manieren om de vestingwerken bestand te houden tegen toenemende aanvalskracht. Bovendien was het aanbrengen van aarddekkingen een goed middel gebleken om de energie te absorberen of te dempen. Dit is de reden waarom vele gemetselde of betonnen werken van een aardlaag of een frontbescherming van zand, klei of aarde zijn voorzien. Afhankelijk van de periode van ontstaan - en daarmee van de te verwachten inslagkracht van projectielen - werd van 'bomvrije gebouwen' gesproken, wanneer ze werden geacht bestand te zijn tegen een van tevoren gedefinieerd aantal inslagen van zwaar kaliber. Door de invoering van de brisantgranaat vanaf 1885 was van een bomvrije situatie geen sprake meer en konden gebouwen van dit type als verouderd worden beschouwd.
Vanwege de ecologische bestemming is het fort niet bezocht, maar is gebruik gemaakt van tekeningen en gegevens uit het bestek van 1879. Uit het bestek blijkt dat het gebouw bedoeld is voor de functie van remise met buskruitmagazijn en projectielenmagazijn, waarin een 'traplokaal' (trappenhuis) en gang. Voor alle elementen wordt zeer nauwgezet aangegeven welke materialen moeten worden gebruikt. Zo valt te lezen dat bijgevoegd moet worden '1 lantaren met gebogen Berlijns zilveren spiegel, zooals die te verkrijgen zijn in de fabriek van Pellenz en Co te Ehrenfeld bij Keulen.'
Omschrijving
Volgens de bestektekening uit 1879 bestaat de BOMVRIJE REMISE, gebouw B, uit een rechthoekig bakstenen, aan drie zijden en op het dak aangeaard gebouw met zeer dikke muren. De remise ligt aan de zuidzijde van het fort. De naar het noordoosten gerichte voorgevel is ongedekt en is - volgens bestek - voorzien van een zware, dubbele, opgeklampte deur. Er zijn twee zware vleugelmuren aan weerszijden van de ingang. Achter de hoofdingang ligt de ruimte die diende tot remise. Via een kleinere ruimte daarachter kan het trappenhuis worden bereikt, dat leidt naar de ondergrondse ruimte, dienende als buskruitmagazijn en projectielenmagazijn, zoals gebruikelijk uitgevoerd als een separate binnenruimte (kruitopslag) met daaromheen een gang. De kelderverdieping is iets breder dan de begane grond. Alle ruimtes zijn voorzien van segmentboogvormige gewelven.
Waardering
De BOMVRIJE REMISE is van algemeen belang vanwege:
* Cultuurhistorische waarden als onderdeel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie zoals deze is ontworpen door C.R.T. Kraijenhoff en in eerste aanleg vanaf 1815 door hem, Jan Blanken en majoor-ingenieur Willem Offerhaus is aangelegd en daarna door anderen gedurende ongeveer 125 jaar versterkt en verbeterd.
* Architectuurhistorische waarden in het bijzonder als uiting van de militair-strategische bouwkunde, die gebaseerd is op:
a. het systeem van inundatie en accesverdediging (19de eeuw),
b. de wedloop met de zich versterkende offensieve middelen (19de eeuw)
Het onderdeel is een voorbeeld van een bomvrije remise uit 1880.
* Ensemblewaarde en situationele waarden als onderdeel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Tevens vanwege de functionele en fysieke samenhang met de overige onderdelen van het complex.
* Het onderdeel is een voorbeeld van een bomvrije remise zoals deze ook elders in de Nieuwe Hollandse Waterlinie zijn gebouwd volgens een eenduidig stramien met toepassing van vergelijkbare indeling, detaillering en materiaalgebruik.
* Het onderdeel is redelijk gaaf bewaard omdat het in zijn hoedanigheid uit 1880 bewaard is, maar het verkeert in een slechte bouwkundige staat vanwege de ecologische bestemming.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Cluster 5. Bomb-proof remise.
NEW HOLLANDIC WATERLINE
Introduction
BOMB-PROOF REMISE (building B) as a built component of Fort Hinderdam. Fort Hinderdam originated as an earthen sconce for the defence of the sea locks formerly located here. In 1672-1673 Fort Hinderdam was rebuilt as a bastioned fort. Two moated lunettes were also constructed at the fort. After the sea locks were relocated to Muiden in 1674, the defence of the Vecht and both banks of the Vecht remained the primary function. The fort was modified and adapted several times. In 1879-1880 the remise was constructed, which by the standards of the time was considered bomb-proof. Bomb-proof structures of this type are provided with an earthen covering on three sides and on top and have a facade only on the gorge side.
With the increase in the range of artillery, the force of projectile impacts and the explosive power of (brisant) grenades, it became increasingly difficult to resist attacks. Thickening of masonry, application of shock-absorbing masonry systems (including by means of arches), shallow inclines and curved or pointed shapes, use of concrete and later of reinforced concrete in ever heavier construction, was one of the ways to maintain the fortifications against increasing offensive power. Moreover, the application of earth coverings proved to be an effective means of absorbing or dampening energy. This is the reason why many masonry or concrete works are provided with a layer of earth or a front protection of sand, clay or earth. Depending on the period of construction and thus the expected impact force of projectiles, the term 'bomb-proof buildings' was used when they were deemed capable of withstanding a predefined number of impacts from heavy calibre. With the introduction of the brisant grenade from 1885 onwards, there was no longer any bomb-proof situation and buildings of this type could be considered obsolete.
Due to the ecological designation, the fort was not visited, but drawings and data from the 1879 specification were used. From the specification it appears that the building was intended for the function of remise with powder magazine and projectile magazine, containing a 'staircase room' (stairwell) and corridor. For all elements, very precise instructions are given as to which materials must be used. Thus it can be read that the following must be supplied: '1 lantern with curved Berlin silver mirror, such as are obtainable from the factory of Pellenz and Co at Ehrenfeld near Cologne.'
Description
According to the specification drawing of 1879, the BOMB-PROOF REMISE, building B, consists of a rectangular brick building, earthed on three sides and on the roof with very thick walls. The remise is located on the south side of the fort. The facade facing north-east is unroofed and is, according to specification, provided with a heavy, double, clamped door. There are two heavy wing walls on either side of the entrance. Behind the main entrance lies the space that served as the remise. Via a smaller space behind it, the stairwell can be reached, which leads to the underground space, serving as a powder magazine and projectile magazine, constructed as usual as a separate interior space (powder store) surrounded by a corridor. The basement storey is slightly wider than the ground floor. All spaces are provided with segmental barrel vaults.
Valuation
The BOMB-PROOF REMISE is of general importance because of:
* Cultural-historical values as part of the New Hollandic Waterline as designed by C.R.T. Kraijenhoff and initially constructed from 1815 by him, Jan Blanken and major-engineer Willem Offerhaus and subsequently strengthened and improved by others for approximately 125 years.
* Architectural-historical values in particular as an expression of military-strategic building construction, which is based on:
a. the system of inundation and access defence (19th century),
b. the race with strengthening offensive means (19th century)
The component is an example of a bomb-proof remise from 1880.
* Ensemble value and situational values as part of the New Hollandic Waterline. Also because of the functional and physical connection with the other components of the complex.
* The component is an example of a bomb-proof remise as also built elsewhere in the New Hollandic Waterline according to a uniform framework with application of comparable layout, detailing and material use.
* The component has been reasonably well preserved as it has been maintained in its 1880 form, but it is in poor structural condition due to the ecological designation.