Rijksmonumentenregister · Netherlands
Flatgebouw, Pieter Zeemanlaan 4
Amsterdam, Noord-Holland, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Appartementengebouw
- Function
- Flatgebouw
- Category
- onroerend gebouwd
- Built (approximately)
- 1950 - 1952
- Address
- Pieter Zeemanlaan 4, 1097 KC Amsterdam (and others)
- Place
- Amsterdam
- Province
- Noord-Holland
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 52.34850, 4.93173
- Part of complex
- 528268
- Monument number
- 528290
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
University of Amsterdam LibraryUniversity Library, Vrije Universiteit AmsterdamUniversity Library, Vrije Universiteit Amsterdam
3 historical maps cover this location, the earliest the 1930 map "The port of Amsterdam" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
WOONBLOK, L- of haakvormig bouwblok uit Complex Jeruzalem in de wijk Tuindorp Frankendael, behorend bij een volkswoningbouwcomplex bestaande uit aaneengeschakelde duplexwoningen te Amsterdam, gebouwd in 1951 naar ontwerp uit 1947-1949 van architectenbureau Merkelbach & Karsten (later Merkelbach & Elling). Twee haakvormige bouwblokken omringen steeds één binnenhof.
De bouwblokken van Jeruzalem maken deel uit van het stedenbouwkundig ontwerp voor Tuindorp Frankendael dat een uitwerking is van het Algemeen Uitbreidingsplan van Amsterdam uit 1935. De Dienst der Publieke Werken, Afdeling Stadsontwikkeling heeft tussen 1929 en 1948, en vooral in de periode tussen eind 1947 en eind 1948, gestudeerd op een ideale verkavelingsvorm met open bouwblokken die een beter woonalternatief moesten bieden voor de 19de-eeuwse gesloten bouwblokken, maar ook voor de moderne open strokenbouw.
In opdracht van de Woningdienst ontwierpen de architecten B. Merkelbach, Ch.J.F. Karsten (later P.J. Elling) en M. Stam in overleg met de Afdeling Stadsontwikkeling een totaal nieuwe verkavelingvorm, bestaande uit twee haken. De bijna vierhonderd eengezinswoningen werden uitgevoerd als duplexwoningen, waardoor het woningtal verdubbelde. Dit was een noodoplossing om de naoorlogse woningnood op korte termijn enigszins te lenigen. Dit betekende dat de architecten de woningen zo moesten ontwerpen dat ze tijdelijk konden functioneren als een benedenwoning en een afzonderlijke woning op de verdieping, die dan na een aantal jaren met een kleine ingreep weer samengevoegd konden worden tot een normale eengezinswoning met drie slaapkamers op de verdieping. De duplexwoningen in Tuindorp Frankendael waren een primeur in Nederland. Volkshuisvestelijk gezien was deze tijdelijke oplossing in de ogen van de vele betrokkenen aantrekkelijker dan het verlagen van de gemiddelde woninginhoud.
Omschrijving
L-vormig WOONBLOK onder plat dak uitgevoerd in systeembouw met een grid van dragende betonstijlen en gevelbeplating in een vast maatsysteem. De verschijningsvorm wordt in hoge mate bepaald door de bouwwijze. De woningbouw van Jeruzalem is namelijk uitgevoerd in systeembouw. Het gegeven grid van de dragende betonstijlen en de oorspronkelijk bijna witte betonnen gevelbeplating vormt een architectonische karakteristiek. Ook de platte daken zijn hierdoor ingegeven omdat het bouwsysteem een lichte dakconstructie vereist. Met name het beeld van de voorgevels laat zien hoe dwingend maar tegelijkertijd ook op een aangename manier logisch het maatsysteem is. De wat eigenwijze schuin omhoog stekende luifels boven de voordeuren vormen eigenlijk de enige uitgesproken architectonische toevoeging aan een ontwerp dat door en door rationeel is. In Jeruzalem koos men voor bouwsysteem Dotremont-Ten Bosch. Over dit van oorsprong Belgisch systeem, "Skalja" genaamd, is weinig bekend. Het bouwsysteem was een van de vele die rond 1947-1948 naar voren werden geschoven om te kunnen profiteren van overheidssubsidies voor niet-traditionele bouwmethoden. Qua opzet en uiterlijk lijkt het systeem Do(u)tremont-Ten Bosch overigens sterk op het door de overheid gepropageerde Airey-systeem. Kenmerkend voor het systeem is dat de constructie bestaat uit regelmatig geplaatste betonnen stijlen en regels afgedekt met betonnen prefab-tegels. De stijlen zijn opgenomen in het binnenspouwblad, waardoor de woningen hun constructieve stijfheid hebben gekregen. De stijlen in de voor- en achtergevels zijn voorzien van uitsparingen, waarin de nokken van de gevelplaten moeten vallen. Daar deze gevelplaten vrij grote afmetingen hebben, was nauwkeurigheid bij het stellen van de stijlen vereist. Voorts omvat het bouwpakket betonbalken voor de verdiepingvloer en een balklaag onder het dak van bimsbeton-kanaalplaten.
De eengezinswoningen waren niet alleen tamelijk groot, maar ze werden ook gekenmerkt door een bijzondere plattegrond die de ruimtelijke beleving aangenaam maakt. Anders dan gebruikelijk in de Nederlandse woningbouw is niet gekozen voor een tweebeukige oplossing met een woonkamer tegen de ene bouwmuur en een gang met een trap waarachter de keuken ligt tegen de andere bouwmuur. De medewerking van Mart Stam heeft geleid tot een meer Duits woningtype, met twee zones gescheiden door een gang parallel aan de buitengevels. Dit biedt de mogelijkheid om de woonkamer over de volle breedte langs de achtergevel te leggen. Door de draaiing van de haken ten opzichte van de noordpijl, die diagonaal over het plangebied ligt, zijn de woonkamers afwisselend zuidoost en zuidwest georiënteerd. Het halletje, met de tamelijk steile trap naar de verdieping, de berging, de keuken en de badkamer liggen aan de andere gevel. De ruimtelijke dispositie van de woning komt ook duidelijk tot uitdrukking in het gevelbeeld. De achtergevels van de stroken worden ritmisch geleed door de robuuste gemetselde schoorstenen die de woningscheidende muren een sterk accent geven. Het gevelbeeld wordt verder bepaald door twee loggia's die boven elkaar tegen de schoorstenen zijn geplaatst en de grotendeels verglaasde houten puien voor de woonkamer en de grote slaapkamer aan de achterzijde. Deze pui is aan een zijde tegen de schoorsteen geplaatst, een haak van betonnen gevelelementen, wat breder aan de bovenzijde en smaller aan de zijde van de loggia's, vormt met de schoorstenen een sprekend kader rond de pui. De gevelvlakken tussen de schoorstenen werden afgesloten door een rank gedetailleerde daklijst. Zo hebben de ontwerpers met eenvoudige elementen en zonder enige decoratie een rustig maar door zijn sterke ritmiek toch boeiend gevelbeeld weten te componeren. De ovale openingen in de op de zon gelegen kopgevels verlevendigen het beeld van de stroken. De gevels met de voordeuren hebben een meer gesloten karakter, met twee deuren en een smal keukenraam op de begane grond en twee wat bredere ramen op de verdieping die opvallend hoog in de gevel zijn geplaatst. De twee deuren dienen tijdelijk als voordeur voor de twee duplexwoningen, na samenvoeging wordt de deur tegen de woningscheidende muur de voordeur en dient de andere deur als toegang tot de berging. De regenpijpen geven aan waar de woningscheidende muren staan.
Waardering
Het L-vormige WOONBLOK is van algemeen belang als toonbeeld van de vroege Wederopbouw vanwege cultuurhistorische waarde, architectuur- en stedenbouwhistorische waarde, ensemblewaarde en stedenbouwkundige waarde. Het is een herkenbaar voorbeeld van naoorlogse geïndustrialiseerde systeembouw. Het experimentele karakter van de stedelijke ruimte van de hofverkaveling wordt versterkt door de architectuur. Het woningbouwcomplex is tevens van belang als voorbeeld van een goede samenwerking tussen de ontwerpers.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
RESIDENTIAL BLOCK, L- or hook-shaped building block from Complex Jeruzalem in the district Tuindorp Frankendael, part of a working-class housing complex consisting of linked duplex dwellings in Amsterdam, built in 1951 according to a design from 1947-1949 by the architects' office Merkelbach & Karsten (later Merkelbach & Elling). Two hook-shaped building blocks each surround one courtyard.
The building blocks of Jeruzalem form part of the urban design for Tuindorp Frankendael, which is an elaboration of the General Expansion Plan of Amsterdam from 1935. The Department of Public Works, Urban Development Section, studied between 1929 and 1948, and especially in the period between late 1947 and late 1948, an ideal land subdivision form with open building blocks that were to offer a better housing alternative to 19th-century closed building blocks, but also to modern open strip development.
On behalf of the Housing Service, the architects B. Merkelbach, Ch.J.F. Karsten (later P.J. Elling) and M. Stam developed a completely new subdivision form in consultation with the Urban Development Section, consisting of two hooks. The nearly four hundred single-family dwellings were executed as duplex dwellings, which doubled the number of dwellings. This was an emergency solution to alleviate the post-war housing shortage in the short term. This meant that the architects had to design the dwellings so that they could temporarily function as a ground-floor dwelling and a separate dwelling on the upper storey, which could then be recombined with a minor modification after a number of years into a normal single-family dwelling with three bedrooms on the upper storey. The duplex dwellings in Tuindorp Frankendael were a first in the Netherlands. From a housing policy perspective, this temporary solution was considered more attractive by all those involved than reducing the average dwelling size.
Description
L-shaped RESIDENTIAL BLOCK with a flat roof executed in systematic construction with a grid of load-bearing concrete columns and facade cladding in a fixed modular system. The appearance is determined to a large extent by the construction method. The housing development of Jeruzalem was namely executed in systematic construction. The given grid of load-bearing concrete columns and the originally almost white concrete facade cladding forms an architectural characteristic. The flat roofs too are dictated by this because the building system requires a light roof structure. In particular, the appearance of the front facades shows how compelling and at the same time pleasantly logical the modular system is. The somewhat idiosyncratic slanted canopies projecting upwards above the front doors are essentially the only pronounced architectural addition to a design that is thoroughly rational. In Jeruzalem they chose the Dotremont-Ten Bosch building system. Little is known about this originally Belgian system, called "Skalja". The building system was one of many put forward around 1947-1948 to be able to benefit from government subsidies for non-traditional construction methods. In terms of design and appearance, the Dotremont-Ten Bosch system strongly resembles the Airey system promoted by the government. Characteristic of the system is that the construction consists of regularly placed concrete columns and beams covered with concrete prefab panels. The columns are incorporated into the inner leaf of the cavity wall, which gave the dwellings their structural rigidity. The columns in the front and rear facades are provided with recesses into which the ridges of the facade panels must fit. Since these facade panels had fairly large dimensions, precision in positioning the columns was required. Furthermore, the building package includes concrete beams for the floor above and a beam layer under the roof of pumice concrete channel slabs.
The single-family dwellings were not only fairly large, but were also characterised by a special floor plan that makes the spatial experience pleasant. Unlike what was usual in Dutch housing construction, they did not choose a two-aisle solution with a living room against one party wall and a hall with stairs behind which the kitchen lies against the other party wall. The collaboration of Mart Stam resulted in a more German dwelling type, with two zones separated by a hall parallel to the outer facades. This offers the possibility of placing the living room along the full width of the rear facade. Due to the rotation of the hooks in relation to the north axis, which runs diagonally across the planning area, the living rooms are alternately oriented south-east and south-west. The small entrance hall, with the fairly steep staircase to the upper storey, the storage room, the kitchen and the bathroom are on the other facade. The spatial arrangement of the dwelling is also clearly expressed in the facade appearance. The rear facades of the rows are rhythmically articulated by the robust masonry chimneys which give the party walls a strong accent. The facade appearance is further determined by two loggias placed one above the other against the chimneys and the largely glazed wooden frames for the living room and the large bedroom on the rear. This frame is placed on one side against the chimney; a hook of concrete facade elements, wider at the top and narrower on the side of the loggias, forms together with the chimneys a striking frame around the frame. The facade surfaces between the chimneys were closed off by a slenderly detailed eaves moulding. In this way the designers have managed to compose a calm but nonetheless engaging facade appearance through its strong rhythm with simple elements and without any decoration. The oval openings in the gable ends on the sunny side enliven the appearance of the rows. The facades with the front doors have a more closed character, with two doors and a narrow kitchen window on the ground floor and two somewhat wider windows on the upper storey that are strikingly positioned high in the facade. The two doors temporarily serve as front doors for the two duplex dwellings; after recombination, the door against the party wall becomes the front door and the other door serves as access to the storage room. The downpipes indicate where the party walls are located.
Valuation
The L-shaped RESIDENTIAL BLOCK is of general interest as an example of early Post-War Reconstruction on account of cultural-historical value, architectural and urban development historical value, ensemble value and urban design value. It is a recognisable example of post-war industrialised systematic construction. The experimental character of the urban space of the courtyard subdivision is reinforced by the architecture. The housing complex is furthermore of significance as an example of good collaboration between the designers.
Nearby in the register
- Flatgebouw, Hugo de Vrieslaan 123 HAppartementengebouwunder 1 mi
- Flatgebouw, Minckelersstraat 8Appartementengebouwunder 1 mi
- Flatgebouw, Einthovenstraat 11Appartementengebouwunder 1 mi
- Tuin, GroenaanlegTuin, park en plantsoenunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.