TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Villa Oeverberg

Kessel, Limburg, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Woonhuis
Category
onroerend gebouwd
Built
1870 - 1872
Address
Veersepad 17, 5995 AD Kessel (Peel en Maas 31)
Place
Kessel
Municipality
Peel en Maas
Province
Limburg
Country
Netherlands
Coordinates
51.28898, 6.05048
Monument number
525621

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

4 historical maps cover this location, the earliest the 1850 map "12. Kessel (1850)" (TU Delft Library).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding.

Ten zuidwesten van de kom van Kessel is op een steil Maasterras de VILLA 'Oeverberg' gelegen. De achtergevel biedt uitzicht op de Maas. Voor de villa ligt een cirkelvormige OPRIT. Vanaf het Veersepad geeft een HEK tussen monumentale HEKPIJLERS toegang tot het terrein waarop zich nog diverse monumentale solitairen bevinden als overblijfsel uit de eertijds uitgestrekte kasteeltuin.

De Villa is gebouwd van 1870 tot 1872 in opdracht van de legendarische baron Frederik Hendrik Charles van Keverberg ('Baron Frits'), de laatste kasteelheer van Kessel. Hij sleet hier zijn laatste levensdagen tot aan zijn dood in 1876. Het pand is gebouwd in kasteeltrant en vertoont invloeden van de vrij zeldzame, romantische Engelse Neo-Gotiek.

Aan de achtergevel van de villa is in de jaren vijftig van de twintigste eeuw een tweelaags serre aangebouwd op rechthoekig grondplan. Deze is grotendeels in stijl uitgevoerd. Architect J.J. Rijs (Venlo) moderniseerde in 1963-1964 enkele ruimten in het interieur. Een groot deel van de oorspronkelijk omliggende kasteeltuin is thans verkocht en bebouwd geraakt.

Omschrijving.

Ter afscheiding van het voorerf bevindt zich aan het Veersepad een smeedijzeren vleugelhek met puntspijlen tussen bakstenen, in kruisverband gemetselde pijlers. De forse pijlers komen in stijl overeen met de villa. Ze staan op een breder uitgemetselde voet en worden bekroond met een gekanteelde balustrade voorzien van gecementeerde afdeklijsten. In de pijlers bevinden zich aan de voor- en achterzijde smalle rondbogige blindvensters op gecementeerde lekdorpels en opgesierd met koordbogen.

De villa beslaat een rechthoekige plattegrond en telt vier bouwlagen: een souterrain dat zich onder het volledige pand uitstrekt, een bel-étage, een eerste verdieping en een kapverdieping met licht hellend schilddak dat achter een gekanteelde balustrade zit opgesloten. Halverwege de linker gevel is een gekanteelde toren uitgebouwd op vierkante plattegrond. De eveneens vier bouwlagen tellende toren heeft een verhoogde toplaag waarin zich de trap naar het dak op het hoofdvolume bevindt. Op de hoek van voor- en rechtergevel is in het verlengde van de voorgevel een windmuur gemetseld.

Alle gevels van het in kruisverband gemetselde bakstenen pand zijn symmetrisch en worden verticaal geleed door hoeklisenen met kantelen. Horizontale geleding wordt bereikt door diverse vensterreeksen die vanaf de bel-étage per bouwlaag in hoogte afnemen. Het gaat hier om rondbogige vierruitsvensters met V-vormig roedenverdeelde bovenlichten in de kapverdieping en het souterrain en versoberde stalen vensters (sinds 1964, onderste deel roedenloos) met dito bovenlichten in de bel-étage en eerste bouwlaag. Om de toetreding van daglicht te beperken worden deze boogvensters afgewisseld met blinde boogvensters waarop eertijds imitatievensters geschilderd waren (thans verfloos). De vensters hebben gecementeerde lekdorpels en worden evenals de deuren verlevendigd met dito, om de kop getrokken koordbogen. Deze zijn in alle gevels en over alle bouwlagen consequent doorgezet. De koordbogen komen ook in gekoppelde vorm voor en zijn bij de vensters in de middelste travee van elke gevel tot op de lekdorpels doorgetrokken. Kantelen en 'moordgaten' van de bekronende balustrade zijn afgedekt met een gecementeerde lijst.

In het midden van de voorgevel bevindt zich onder een rondbogige anderhalfsteens strek de hoofdentree, bestaande uit een lijstwerk van geprofileerde deurstijlen en kalf, waarin een beglaasde paneeldeur met zijlichten en een bovenlicht met detaillering als voornoemd. Voor de deur een breed uitwaaierende stenen trap met bordes en ijzeren hekwerk. In het traplichaam, waarvan de gecementeerde zijwanden boogvormige openingen bevatten, bevindt zich een dienstruimte. Het bordes rust op stenen toogbogen waardoor ruimte wordt gecreëerd voor een via twee haaks op de hoofdtrap gesitueerde steektrappen toegankelijke souterrainingang. De circa vier meter hoge windmuur in de hoek van voor- en rechtergevel dient ter beschutting van een voor de rechtergevel gesitueerd terras. De gekanteelde muur met hoekpijler is verlevendigd en gedetailleerd met blindvensters als voornoemd en bezit overigens drie blinde, met gecementeerde lijsten omzoomde oculi. De ruimten van het licht gemoderniseerde interieur zijn gegroepeerd rondom een centraal gelegen trappenhuis, bestaande uit bordestrappen rondom een vide en trappen met kwarten. Het souterrain strekt zich onder het gehele pand uit, is toegankelijk via deuren in de voor- en achtergevel en bevat diverse, veelal via boogvormige openingen van elkaar gescheiden vertrekken, waaronder diverse voorraad- en opslagkelders, voormalige waskamer en dienstkeuken, centrale stookplaats en kolenopslagplaats. Voor een souterrain zijn de ruimten zeer rijk uitgevoerd. Van belang zijn onder andere restanten van stucwerklijsten, een handbediende goederenlift, gemetselde voorraadvakken, natuurstenen vloertegels en gietijzeren deurbeslagwerk. Van de bel-étage, waar zich onder andere de hal, voormalige ontvangstkamer en vergrote woonkamer bevinden, zijn vooral van belang: diverse diepe rondbogige deurkassen met casementen en v-vormige bovenlichten; de deels originele lambriseringen, tegelvloeren en hardstenen dorpels. Verschillende plafonds (thans ten dele niet meer zichtbaar vanwege secundaire, verlaagde plafonds) zijn opgesierd met stucwerk en stucco lustro. Bijzonder zijn de bovenlangs de muren geplaatste gietijzeren klossen, voorzien van leeuwenkop en armaturen, als onderdeel van een ophangsysteem voor wandtapijten. Op de eerste verdieping en kapverdieping zijn aan een overloop en een gang, die naar de toren leidt, diverse slaapkamers en voormalige dienstbodekamers gelegen. De kapconstructies bestaan deels uit ijzeren profielbalken met ongebruikelijke schroefboutverbindingen, opengewerkte gietijzeren consoles en trekstangen (in de toren). Het vroege gebruik van deze materialen in de woningbouw is opmerkelijk. Ook opmerkelijk is het gebruik van gietijzer voor verschillende trappen. Verder is er een progressieve luchtverwarmingsinstallatie aanwezig. Deze bestaat uit twee naast elkaar gelegen kanalen die vanuit het souterrain naar het dak voeren en waarschijnlijk respectievelijk dienst deden als rookafvoerkanaal en warmte-afgiftekanaal. De centrale stookplaats bevond zich in het souterrain. Via verschillende, verspreid door het huis aanwezige ijzeren deurtjes kon de opgewarmde lucht indien gewenst een bepaald vertrek worden binnengelaten.

Waardering.

De villa 'Oeverberg', inclusief vleugelhek, hekpijlers, oprijlaan, is van algemeen belang.

Het object heeft cultuurhistorische waarden. Het is van belang in relatie tot de legendarische baron Frederik Hendrik Charles van Keverberg, de laatste kasteelheer van Kessel. Daarnaast als karakteristiek en vroeg voorbeeld van een sociaal-economische ontwikkeling in de tweede helft van de negentiende eeuw, namelijk de aanleg van villacomplexen aan uitvalswegen buiten de dorpskommen. Verder is het object met alle samenstellende onderdelen van belang voor de typologische ontwikkeling van landgoederen met villabebouwing. Tenslotte is het van groot belang vanwege het pionierskarakter, vooral tot uitdrukking komend in de voor woningbouw zeer vroege en ten dele vrij zeldzame toepassing van gietijzeren trappen, kapconstructies met ijzeren profielbalken, gietijzeren consoles en trekstangen, en een progressieve technische installatie.

Het object heeft architectuurhistorische waarden. De toegepaste bouwstijl, het voornoemde bijzondere materiaalgebruik en de technische installatie in het interieur zijn van belang voor de geschiedenis van de architectuur en bouwtechniek. Daarnaast is het object van belang wegens de hoogwaardige esthetische kwaliteiten van het architectonisch ontwerp, de ornamentiek en detaillering van het exterieur en diverse bewaard gebleven elementen in het interieur. Verder is het object van belang vanwege de eenheid en kwaliteit van de samenstellende onderdelen, zijnde de villa, het aan de straat gelegen vleugelhek tussen stilistisch overeenkomende pijlers, de rondgebogen oprijlaan en diverse solitaire monumentale bomen als overblijfsel uit de oorspronkelijke kasteeltuin.

Het object heeft ensemblewaarden. Het maakt deel uit van de historische, open perceelbebouwing aan de zuidzijde van het Veersepad, een verbindingsweg tussen de kom van Kessel en de buurtschap Veers, die pas in de tweede helft van de negentiende eeuw bebouwd raakte. Door het markante silhouet en de situering op een steil Maasterras is het object van bijzondere betekenis voor het aanzien van het dorp. Het object is van belang vanwege de gaafheid en herkenbaarheid en bezit een grote architectuurhistorische, bouwtechnische en typologische zeldzaamheid.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction.

To the south-west of the village centre of Kessel, on a steep Maas terrace, lies the VILLA 'Oeverberg'. The rear facade offers views over the Maas. In front of the villa is a circular DRIVEWAY. From the Veersepad, a GATE between monumental GATE PIERS provides access to the grounds which still contain various monumental specimen trees as remnants of the formerly extensive castle garden.

The Villa was built from 1870 to 1872 on the instructions of the legendary Baron Frederik Hendrik Charles van Keverberg ('Baron Frits'), the last lord of Kessel Castle. He spent his final years here until his death in 1876. The building is constructed in castle style and shows influences of the relatively rare, romantic English Neo-Gothic.

In the 1950s, a two-storey conservatory with rectangular footprint was added to the rear facade of the villa. This is largely executed in style. Architect J.J. Rijs (Venlo) modernised several interior spaces in 1963-1964. A large part of the originally surrounding castle garden has since been sold and built upon.

Description.

To separate the front courtyard, there is on the Veersepad a wrought-iron swing gate with pointed spears between brick piers built in Flemish bond. The substantial piers stylistically match the villa. They stand on a broader built-out base and are crowned with a crenellated balustrade provided with cemented coping lists. In the piers are on the front and rear sides narrow round-arched blind windows on cemented drip ledges and ornamented with cord mouldings.

The villa has a rectangular footprint and comprises four storeys: a basement extending under the entire building, a principal floor, a first floor and an attic storey with slightly sloping hipped roof set back behind a crenellated balustrade. Halfway along the left facade an crenellated tower is projecting on a square footprint. The tower, also comprising four storeys, has a raised top storey in which the staircase to the roof of the main volume is located. On the corner of the front and right facade, a wind wall is built in line with the front facade.

All facades of the brick building, built in Flemish bond, are symmetrical and are articulated vertically by angle pilasters with crenellations. Horizontal articulation is achieved by various window series which decrease in height from the principal floor per storey. These are round-arched four-light windows with V-shaped glazing bar divided fanlights in the attic storey and basement and simplified steel windows (since 1964, lower part without glazing bars) with likewise fanlights in the principal floor and first storey. To restrict the entry of daylight these arched windows are alternated with blind arched windows on which imitation windows were formerly painted (now unpainted). The windows have cemented drip ledges and, like the doors, are enlivened with likewise cord mouldings drawn around the edge. These are consistently carried through all facades and across all storeys. The cord mouldings also occur in coupled form and are, at the windows in the central bay of each facade, drawn through to the drip ledges. Crenellations and 'murder holes' of the crowning balustrade are covered with a cemented list.

In the centre of the front facade, beneath a round-arched one-and-a-half-brick lintel, is the main entrance, consisting of a moulded frame of profiled door jambs and head, in which is a glazed panelled door with side lights and a fanlight with detailing as aforementioned. Before the door is a broad fanning-out stone staircase with landing and iron railings. In the stairwell body, whose cemented side walls contain arched openings, there is a service room. The landing rests on stone segmental arches creating space for a basement entrance accessible via two step stairs perpendicular to the main staircase. The approximately four metre high wind wall in the corner of the front and right facade serves to shelter a terrace situated in front of the right facade. The crenellated wall with corner pilaster is enlivened and detailed with blind windows as aforementioned and otherwise possesses three blind oculi framed with cemented lists. The rooms of the lightly modernised interior are grouped around a centrally located stairwell, consisting of stairs around a void and stairs with quarter turns. The basement extends under the entire building, is accessible via doors in the front and rear facades and contains various rooms, mostly separated from each other by arched openings, including various storage and supply cellars, former laundry and service kitchen, central heating room and coal storage. For a basement the rooms are very richly executed. Important features include among others remnants of stucco work lists, a hand-operated goods lift, built-in storage compartments, natural stone floor tiles and cast-iron door fittings. Of the principal floor, which among others contains the hall, former reception room and enlarged living room, especially important are: various deep round-arched door recesses with casements and V-shaped fanlights; the partly original wainscotting, tiled floors and hardstone thresholds. Various ceilings (now partly no longer visible due to secondary, lowered ceilings) are ornamented with stucco work and stucco lustro. Particularly notable are the cast-iron blocks placed along the tops of the walls, provided with lion's head and fittings, as part of a suspension system for wall tapestries. On the first floor and attic storey are located, off a landing and a corridor leading to the tower, various bedrooms and former servants' rooms. The roof truss structures consist in part of iron profile beams with unusual screw-bolt connections, openwork cast-iron consoles and tie rods (in the tower). The early use of these materials in house construction is remarkable. Also remarkable is the use of cast iron for various staircases. Furthermore there is a progressive warm-air heating installation. This consists of two adjacent channels running from the basement to the roof and presumably respectively served as smoke outlet channel and heat discharge channel. The central heating room was located in the basement. Via various iron doors distributed throughout the house the heated air could, if desired, be admitted into a specific room.

Valuation.

The villa 'Oeverberg', including swing gate, gate piers and driveway, is of general importance.

The object has cultural-historical values. It is important in relation to the legendary Baron Frederik Hendrik Charles van Keverberg, the last lord of Kessel Castle. Furthermore as a characteristic and early example of a socio-economic development in the second half of the nineteenth century, namely the creation of villa complexes on approach roads outside the village centres. The object is further, with all its component parts, of importance for the typological development of estates with villa construction. Finally it is of great importance because of its pioneering character, particularly expressed in the very early and to some extent rather rare application in house construction of cast-iron staircases, roof truss structures with iron profile beams, cast-iron consoles and tie rods, and a progressive technical installation.

The object has architectural-historical values. The applied building style, the aforementioned special material use and the technical installation in the interior are of importance for the history of architecture and building technology. The object is furthermore of importance because of the high-quality aesthetic qualities of the architectural design, the ornamentation and detailing of the exterior and various preserved elements in the interior. The object is further of importance because of the unity and quality of the component parts, namely the villa, the swing gate on the street between stylistically matching piers, the curved driveway and various specimen monumental trees as remnants of the original castle garden.

The object has ensemble values. It forms part of the historic, open plot development on the south side of the Veersepad, a connecting road between the village centre of Kessel and the hamlet of Veers, which only became built up in the second half of the nineteenth century. By virtue of its distinctive silhouette and situation on a steep Maas terrace the object is of particular significance for the appearance of the village. The object is of importance because of its integrity and recognisability and possesses great architectural-historical, building-technical and typological rarity.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map