TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Klooster, Tuinlaan 82

Schiedam, Zuid-Holland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Klooster, kloosteronderdl
Function
Klooster
Category
onroerend gebouwd
Built
1866
Address
Tuinlaan 82, 3111 AW Schiedam
Place
Schiedam
Province
Zuid-Holland
Country
Netherlands
Coordinates
51.91238, 4.40314
Monument number
525408

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

Internet Archive

5 historical maps cover this location, the earliest the 1846 map "Kaart van Rotterdam en omstreken met inbegrip van de steden Delft, Vlaardingen, Schiedam en Delfshaven / naar de beste bronnen bew. door F.H. Görlitz" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding

Voormalige rooms-katholiek KLOOSTER van de zusters Dominicanessen van de congregatie van de heilige Catherina van Siena (Voorschoten), gebouwd in 1866 in Eclectische stijl naar ontwerp van de architect W. Thijssen. Het klooster is gesitueerd in de Plantage, het lommerrijke negentiende-eeuwse woongebied voor welgestelde Schiedammers.

In 1890 werd links vóór het klooster, in de rooilijn van de Tuinlaan, een WONING in vergelijkbare Eclectische trant opgetrokken ten behoeve van mevrouw C. Nolet. De woning is via een gang verbonden met het klooster en mevrouw Nolet werd tot haar dood door de zusters verzorgd. De zusters hebben het klooster in 1998 verlaten.

NB: In 1960 is de refter (begane grond achtergevel links) uitgebreid en zijn de ramen in de recreatiezaal (begane grond in de vijfzijdige uitbouw) gewijzigd. In 1962 is de kap vernieuwd en zijn de houten cellen op de kapverdieping vervangen door brandwerend materiaal, bovendien zijn toen moment dakkapellen toegevoegd en is het oorspronkelijke tentdak boven de kapel gewijzigd in een plat dak ten behoeve van bereikbaarheid van (eveneens toen toegevoegde) brandtrap.

Het oorspronkelijke hekwerk met poort, eveneens vormgegeven in Eclectische trant, is vervangen door een modern hekwerk.

Omschrijving

Het klooster is gesitueerd op een langgerekt rechthoekig terrein tussen de Tuinlaan en de Buitenhaven en ligt vrij ver terug van de rooilijn en is afgescheiden door een hekwerk (niet meer oorspronkelijk).

Het klooster is opgetrokken op een rechthoekige plattegrond met een vijfzijdige uitbouw aan de achterzijde en een middenrisaliet aan de voorgevel. Het klooster omvat een kleine kelder, drie bouwlagen en een hoge kapverdieping onder een met pannen gedekt schilddak. Door middel van een gang (twee bouwlagen) verbonden met het klooster bevindt zich links vóór het klooster een woning op een rechthoekige plattegrond van twee bouwlagen onder een met pannen gedekt zadeldak.

Het klooster is opgetrokken in rode baksteen, de voorgevel is boven een hardstenen borstwering gestuct en, ter hoogte van de begane grond, voorzien van blokwerk en kordonlijsten. De voor- en zijgevel van de woning zijn eveneens gestuct.

De houten vensters hebben niet meer de originele roedenverdeling en zijn ter hoogte van de begane grond en eerste verdieping voorzien van glas-in-lood bovenlichten van later datum dan de bouw.

De voorgevel is symmetrisch en bevat centraal in de middenrisaliet de via een hardstenen trap te bereiken rondboog-entree met dubbele paneeldeur met rechthoekige vensters voorzien van siertraliewerk. Het rondboog-bovenlicht is voorzien van smeedijzeren siertraliewerk. Aan weerszijden van de entree een rondboogvenster. Ter hoogte van de verdieping in het midden een rondboog-nis met beeld van de heilige Catherina van Siena en aan weerszijden een rondboogvenster. De vensters en nis zijn gekoppeld door middel van pilasters. Ter hoogte van de tweede verdieping drie vierkante vensters te midden van een spaarveld met getrapt fries. Aan weerszijden van de middenrisaliet bevat de gevel ter hoogte van de begane grond en de eerste verdieping twee gekoppelde rondboog vensters (op verdieping hoger en met pilasters) en ter hoogte van de tweede verdieping twee vierkante vensters. De gevel wordt beëindigd door een hoofdgestel. De zijgevels bevatten per bouwlaag drie vensters. De achtergevel bevat links en rechts rechthoekige gekoppelde vensters en ter hoogte van de kapel rondboogvensters (gedeeltelijk dichtgemetseld). De gevel wordt beëindigd door een hoofdgestel.

De voorgevel van de woning bevat geheel links de getoogde entree (van de gang die tevens naar het klooster leidt) met dubbele paneeldeur met rechthoekige smalle vensters met siertraliewerk. De gestucte gevel is ter hoogte van de begane grond voorzien van horizontale banden. Op de verdieping twee rechthoekige vensters waaronder friezen met diamantkoppen. De tuitgevel is afgewerkt met een hoofdgestel. De zijgevel van de woning bevat op de begane grond in het midden een dubbele deur en aan weerszijden een rechthoekig raam. Op de verdieping een uitspringende loggia met ranke houten geprofileerde balustrade en paneelwanden met smalle vensters. De loggia wordt afgesloten door een kroonlijst.

De gang tussen woning en klooster (twee bouwlagen) bevat rechthoekige vensters.

Het interieur van het klooster heeft verschillende moderniseringen ondergaan maar bevat nog de volgende originele onderdelen: de voorraadkelder met originele vloer en tegellambrizering en houten kasten en werkblad; het rondboog-tochtportaal bij de entree; paneeldeuren; de granitovloer en tegellambrizering in de gang tussen woning en klooster; fraai geprofileerde houten tochtportalen naar het trappenhuis; het ribgewelf in de kapel met kraagstenen met bloem- en bladmotieven. In de grote tuin achter het klooster staat een beeld van de heilige Dominicus.

Waardering

Voormalig klooster, gebouwd in 1866 naar ontwerp in Eclectische stijl van W. Thijssen van algemeen belang vanwege de cultuur- en architectuurhistorische waarde. Tevens van belang vanwege de ensemblewaarde en de beeldbepalende waarde aan de negentiende-eeuwse Plantage.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction

Former Roman Catholic CONVENT of the Dominican sisters of the congregation of the Holy Catherine of Siena (Voorschoten), built in 1866 in Eclectic style after a design by architect W. Thijssen. The convent is situated in the Plantage, the leafy nineteenth-century residential area for wealthy residents of Schiedam.

In 1890 a DWELLING in comparable Eclectic manner was erected to the left in front of the convent, in the building line of the Tuinlaan, for the benefit of Mrs C. Nolet. The dwelling is connected to the convent via a corridor and Mrs Nolet was cared for by the sisters until her death. The sisters left the convent in 1998.

NB: In 1960 the refectory (ground floor rear facade left) was extended and the windows in the recreation room (ground floor in the five-sided wing) were altered. In 1962 the roof was renewed and the wooden cells on the roof storey were replaced with fire-resistant material, moreover roof dormers were added at that time and the original tent roof above the chapel was changed into a flat roof for accessibility of a (also added at that time) fire escape staircase.

The original fencing with gate, likewise designed in Eclectic manner, has been replaced by modern fencing.

Description

The convent is situated on an elongated rectangular plot between the Tuinlaan and the Buitenhaven and is set back considerably from the building line and is separated by fencing (no longer original).

The convent is built on a rectangular ground plan with a five-sided wing at the rear and a central risalit on the front facade. The convent comprises a small basement, three storeys and a high roof storey under a tile-covered hipped roof. Connected to the convent by means of a corridor (two storeys), to the left in front of the convent is a dwelling on a rectangular ground plan of two storeys under a tile-covered gabled roof.

The convent is built in red brick, the front facade is rendered above a stone plinth and, at ground floor level, provided with blockwork and moulding bands. The front and side facades of the dwelling are likewise rendered.

The wooden windows no longer have the original glazing bars and are provided at ground floor and first floor level with leaded glass fanlights of later date than the construction.

The front facade is symmetrical and contains centrally in the central risalit an entrance accessible via a stone staircase with a round-arched doorway with double panel door with rectangular windows provided with decorative ironwork. The round-arched fanlight is provided with wrought-iron decorative ironwork. On either side of the entrance a round-arched window. At first floor level in the centre a round-arched niche with an image of the Holy Catherine of Siena and on either side a round-arched window. The windows and niche are linked by means of pilasters. At second floor level three square windows amid a spandrel with stepped frieze. On either side of the central risalit the facade contains at ground floor and first floor level two coupled round-arched windows (higher on storey level and with pilasters) and at second floor level two square windows. The facade is terminated by a cornice. The side facades contain three windows per storey. The rear facade contains on the left and right rectangular coupled windows and at chapel level round-arched windows (partly bricked up). The facade is terminated by a cornice.

The front facade of the dwelling contains entirely on the left the arched entrance (of the corridor which also leads to the convent) with double panel door with rectangular narrow windows with decorative ironwork. The rendered facade is provided at ground floor level with horizontal bands. On the first floor two rectangular windows below which are friezes with diamond heads. The spout gable is finished with a cornice. The side facade of the dwelling contains on the ground floor in the centre a double door and on either side a rectangular window. On the first floor a projecting loggia with slender wooden profiled balustrade and panel walls with narrow windows. The loggia is closed off by a cornice.

The corridor between dwelling and convent (two storeys) contains rectangular windows.

The interior of the convent has undergone various modernizations but still contains the following original components: the storage cellar with original floor and tile wainscoting and wooden cupboards and worktop; the round-arched draught vestibule at the entrance; panel doors; the granite floor and tile wainscoting in the corridor between dwelling and convent; finely profiled wooden draught vestibules to the stairwell; the ribbed vault in the chapel with corbels with floral and foliate motifs. In the large garden behind the convent stands an image of the Holy Dominic.

Valuation

Former convent, built in 1866 after a design in Eclectic style by W. Thijssen, of general importance for its cultural and architectural-historical value. Also of importance for its ensemble value and visual impact on the nineteenth-century Plantage.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map