TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Boerderij(M1), Prinsenstraat 14

Breedenbroek, Gelderland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Boerderij
Function
Boerderij(M1)
Category
onroerend gebouwd
Built (approximately)
1873
Address
Prinsenstraat 14, 7084 BK Breedenbroek (Oude IJsselstreek 25)
Place
Breedenbroek
Municipality
Oude IJsselstreek
Province
Gelderland
Country
Netherlands
Coordinates
51.88510, 6.45598
Part of complex
523687
Monument number
523688

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries

4 historical maps cover this location, the earliest the 1868 map "Topografische atlas van het Koninkrijk der Nederlanden" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Boerderij met aangrenzende bijschuren. Het met een schilddak gedekte voorhuis is met de nok ten opzichte van de vier schilddaken dwars geplaatst. De twee, vanuit het voorhuis gezien, rechtse daken zijn met het dak van het woonhuis aangekapt. De nokken liggen op gelijke hoogte en zijn met de nokeinden van het voorhuis verbonden. Van de vier schuren bezitten de twee buitenste aan de buitenzijde dakschilden die laag zijn doorgetrokken. De vier dakschilden van de achtergevel zijn alle afgewolfd en hebben hun dakvoet op een gelijke hoogte.

De VOORGEVEL van het voorhuis, met een over drie zijden voortzettende gecementeerde plint en rondlopend klinkerpad tegen de gevels, is verdeeld in drie vensterassen en een deuropening die, gescheiden door een venster, links in de gevel voorkomt. De paneeldeur in de portiek met gecementeerde wanden bezit een tweeruits bovenlicht. Het voorhuis bezit in de drie vensters in de eerste bouwlaag alle beluikte vierruits schuiframen met tweeruits bovenlichten. De ramen rusten op gecementeerde lekdorpels. De vensters worden door een 1½ steens strek beëindigd. Boven de vensters en de in een portiek geplaatste deur, bevinden zich gedeelde zaadzolderraampjes die eveneens door een strek boven worden afgesloten. In de twee zijgevels komen twee identieke, aan deze raampjes gelijke schijn-zolderraampjes voor. In het dakschild aan de voorzijde komt een lage schoorsteen voor.

De LINKER ZIJGEVEL van het voorhuis bestaat uit twee vensterassen van de eerder beschreven raamtypen begane gronds en in de verdieping. De RECHTER ZIJGEVEL van het voorhuis is behoudens het tweeruits kelderraam met diefijzer in de rechterzijde en daarboven een tweeruits schuifraam van de opkamer met dito bovenlicht, identiek aan de linker zijgevel. Het kelderraam wordt door een streklaag ontlast. Links van het voorhuis en ten opzichte van de gevellijn teruggelegen, sluiten de twee voorgevels aan aan de aaneengebouwde schuren. De meest linkse schuur bevat een dubbele inrijdeur waarin in de linker een enkele ruit is opgenomen. De rechterdeur bestaat uit twee scharnierende helften. Een 1½ steens segmentboog sluit de deuren boven af. Ter weerszijden is een vierruits stalraampje geplaatst gevat tussen een halfsteens lekdorpel en boven een halfsteens segmentboogje. Het metselwerk in de linkerzijde is gewijzigd en bestaat ter hoogte van de verdieping uit halfsteens verband. Het venster boven de deeldeuren bezit evenals de deeldeuren rechts, een vierruits schijnraam beëindigd door een strek. De gevel van de schuur rechts bezit ter weerszijden van een (moderne) deur, een tweeruits schuifraam met tweeruits bovenlicht. Het venster wordt boven door een strek beëindigd. De vensters bezitten alle een uitgemetselde rollaag als lekdorpel. De LINKER ZIJGEVEL is asymmetrisch ingedeeld. Van links naar rechts zijn twee betonnen stalraampjes op lekdorpeltegels aanwezig. Rechts twee halfrond afgesloten meerruits raampjes waarin twee lancetkoppen, rustend op een dorpel van baksteen (drieklezoren). De rechterzijde wordt in beslag genomen door drie opgeklampte staldeuren met een halfsteens bakstenen dorpel. In de twee muurvakken tussen de deuren bevinden zich twee zesruits stalraampjes, waarvan de bovenste drie ruitjes getoogde valraampjes zijn en rusten op een halfsteens dorpel. In het dakschild is een smalle hoog opgetrokken schoorsteen geplaatst.

De ACHTERGEVELS van de vier schuren hebben zich in verschillende bouwfasen tot één gesloten gevel ontwikkeld. Deur- en raamopeningen vertonen een grote verscheidenheid. Het muurwerk vertoont evenals de overige gevels van de schuren op diverse plaatsen wijzigingen in het metselwerk. In de achtergevel komen van links naar rechts twee kleine opgeklampte staldeuren voor waarvan de linker door een rollaag wordt afgesloten die zich bijna tot de smallere deur rechts voortzet. Een zesruits gietijzer rondboogvenster met een uit twee raamtypen samengesteld bovenlicht is hier rechts van gesteld. Het venster wordt door een rollaag ontlast. Een getoogd staldeurtje, voorzien van kraalprofielen, completeert de gevel.

De tweede schuur van links bezit dubbele, teruggelegen deeldeuren waarvan de linker deur uit twee helften bestaat en de rechter deur een enkele ruit bevat. Een 1½ steens segmentboog sluit de deuropening af. Het venster rechts van de deeldeuren is op het (dageraad)bovenlicht na, identiek aan het eerder genoemde raam. De derde schuur bezit lage dubbele mest-uitrijdeuren. In de rechterdeur is een gedeeld raampje opgenomen. De deuren worden door één steens segmentboog ontlast. De rechterzijde wordt door een venster met teruggelegen enkelruits raam en een venster met gekoppeld drieruits raam naast een opgeklampte deur in beslag genomen. Boven de genoemde twee ramen en deur bevindt zich een eensteens segmentboog die vermoedelijk oorspronkelijk identieke mestdeuren ontlastte zoals in de derde schuur. De vierde schuur betreft een doorrijschuur waarbij de deeldeuren in het verlengde van die van de voorgevel liggen. De deuren zijn identiek aan die voorkomende in de tweede schuur. Links hiervan is een klein halfrond afgesloten drieruits stalraampje geplaatst waarin twee lancetkoppen door een rollaag omgord.

Het rechter gedeelte van de gevel wordt in beslag genomen door een haaks op de achtergevel geplaatste uitbouw die wordt gedekt door een uit het wolfseinde lager doorgetrokken dakschild. In de voorzijde van de uitbouw bevindt zich een opgeklampte deur met enkele ruit. De linker zijde, die haaks staat op de gevellijn van de vier schuren, bezit een hiermee identieke deur waarin een raam met ruitvorm. Hierboven bevindt zich de geveltop bestaande uit plankendelen waarin een luik. De rechterzijde maakt deel uit van de linker zijgevel en is aldaar besproken. De RECHTER ZIJGEVEL van het achterhuis springt ten opzichte van de gevellijn van het voorhuis naar voren door de integratie van een mestvaalt die oorspronkelijk uitpandig was gelegen. Dit blijkt onder meer uit het verlengde dakschild aan deze zijde. In de gevel komen vier gietijzeren tweeruits stalramen voor, alle door een rollaag beëindigd. De kopzijde van de gevel bezit een gietijzeren spinnekopraampje in een muurvlak dat is dichtgezet waarin vermoedelijk twee uitrijdeuren waren gevat. Onder de dakrand bevindt zich in metalen belettering de naam van de boerderij 'SMIDSHUUS'.

In het overwegend sobere INTERIEUR is de hal deels opnieuw ingedeeld. De indeling van het voorhuis is voor het overige nagenoeg oorspronkelijk. In de grote keuken is een met 18de eeuwse tegels uitgeruste houten schouw aanwezig. De schouw bevat tegels met voorstellingen van een vaas met bloemen. Temidden hiervan en tegenover elkaar opgesteld zijn, groot uitgevoerd en uit meerdere tegels bestaand een kat en een hond afgebeeld. Achter de schouw bevindt zich een bewaard gebleven alkoof. In de schuren vormen ankerbalkgebinten de constructie waarvan enkele balken zijn voorzien van telmerken. De tweede schuur van links deed dienst als paardenstal en de vloer is belegd met estrikken. De rechter schuur die verlengd is was een varkensschuur.

Waardering

BOERDERIJ daterend uit ca. 1873

- Van architectuurhistorische waarde vanwege een in hoofdvorm en detaillering gaaf bewaarde vierkap boerderij. De type "vierkap" (waarvan een schuur als doorrijschuur) vormt een goed voorbeeld van de funktionele en typologische ontwikkeling van een hallenhuis-boerderij in de tweede helft van de 19de eeuw.

- Van stedenbouwkundige waarde in relatie tot de overige complex-onderdelen.

- Van cultuurhistorische waarde vanwege de oorsprong van de lokatie die veel oudere bewoning heeft gekend.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Farmhouse with adjoining outbuildings. The front house, covered with a hipped roof, is placed transversely with its ridge in relation to the four hipped roofs. The two roofs, seen from the front house, on the right side are joined to the roof of the main house. The ridges are at the same height and are connected to the ridge ends of the front house. Of the four barns, the two outer ones possess roof tiles on the outside that are carried low. The four roof tiles of the back gable are all curved and have their eaves at the same height.

The FRONT FACADE of the front house, with a cemented plinth continuing over three sides and a continuous brick footpath against the facades, is divided into three window bays and a door opening that, separated by a window, occurs on the left of the facade. The panelled door in the porch with cemented walls possesses a two-pane fanlight. The front house possesses in the three windows on the first storey all shuttered four-pane sash windows with two-pane fanlights. The windows rest on cemented sills. The windows are terminated by a 1½ brick course. Above the windows and the door placed in a porch are divided attic windows which are likewise closed above by a course. In the two side facades are two identical mock attic windows equal to these windows. In the roof tile at the front is a low chimney.

The LEFT SIDE FACADE of the front house consists of two window bays of the previously described window types on the ground floor and on the upper storey. The RIGHT SIDE FACADE of the front house, except for the two-pane cellar window with theft bars on the right side and above it a two-pane sash window of the upper room with likewise fanlight, is identical to the left side facade. The cellar window is relieved by a course layer. To the left of the front house and recessed in relation to the facade line, the two front facades are joined to the adjoining barns. The most left barn contains a double carriage door in which a single pane is incorporated on the left. The right door consists of two hinged halves. A 1½ brick segmental arch closes the doors above. On either side is a four-pane stable window placed set between a half-brick sill and above a half-brick segmental arch. The masonry on the left side has been altered and consists at the level of the upper storey of half-brick bond. The window above the divided doors possesses, as do the divided doors on the right, a four-pane mock window terminated by a course. The facade of the barn on the right possesses on either side of a (modern) door a two-pane sash window with two-pane fanlight. The window is terminated above by a course. The windows all possess a built-up roll course as a sill. The LEFT SIDE FACADE is asymmetrically arranged. From left to right are two concrete stable windows on sill tiles present. On the right two semi-circularly ended multi-pane windows in which two lancet heads, resting on a sill of brick (three-light openings). The right side is occupied by three clamped stable doors with a half-brick brick sill. In the two wall sections between the doors are two six-pane stable windows, of which the upper three panes are hoisted casement windows and rest on a half-brick sill. In the roof tile is a narrow high-drawn chimney placed.

The BACK FACADES of the four barns have developed into one closed facade in various building phases. Door and window openings show great variety. The masonry, like the other facades of the barns, shows changes in the masonry in various places. In the back facade come from left to right two small clamped stable doors of which the left is closed by a roll course that continues almost to the narrower door on the right. A six-pane cast-iron rounded arch window with a fanlight composed of two window types is placed here to the right. The window is relieved by a roll course. A hoisted small stable door, provided with beading profiles, completes the facade.

The second barn from the left possesses double, recessed divided doors of which the left door consists of two halves and the right door contains a single pane. A 1½ brick segmental arch closes the door opening. The window to the right of the divided doors is, except for the (daybreak) fanlight, identical to the previously mentioned window. The third barn possesses low double manure-spreading doors. In the right door a divided window pane is incorporated. The doors are relieved by a one brick segmental arch. The right side is occupied by a window with recessed single-pane window and a window with coupled three-pane window next to a clamped door. Above the mentioned two windows and door is a one-brick segmental arch which presumably originally relieved identical manure doors as in the third barn. The fourth barn concerns a through-carriage barn whereby the divided doors are in line with those of the front facade. The doors are identical to those occurring in the second barn. To the left of this is a small semi-circularly ended three-pane stable window placed in which two lancet heads are ringed by a roll course.

The right section of the facade is occupied by an outbuilding placed at right angles to the back facade which is covered by a roof tile extended lower from the half-hipped end. In the front of the outbuilding is a clamped door with single pane. The left side, which stands at right angles to the facade line of the four barns, possesses an identical door in which a window with diamond panes. Above this is the gable top consisting of board parts in which a hatch. The right side forms part of the left side facade and is discussed there. The RIGHT SIDE FACADE of the back house springs forward in relation to the facade line of the front house through the integration of a manure pit that was originally separate. This appears, among other things, from the extended roof tile on this side. In the facade are four cast-iron two-pane stable windows, all terminated by a roll course. The end of the facade possesses a cast-iron spider-web window in a wall surface that has been sealed in which presumably two manure-spreading doors were set. Below the roof edge is in metal lettering the name of the farm 'SMIDSHUUS'.

In the predominantly sober INTERIOR the hall has been partially rearranged. The arrangement of the front house is otherwise nearly original. In the large kitchen is a wooden fireplace equipped with 18th-century tiles. The fireplace contains tiles with representations of a vase with flowers. In the midst of these and arranged opposite each other, executed large and consisting of multiple tiles are a cat and a dog depicted. Behind the fireplace is a preserved alcove. In the barns, anchor beam trusses form the structure of which some beams are provided with carpenters' marks. The second barn from the left served as a horse stable and the floor is paved with brick paving. The right barn which has been extended was a pig barn.

Valuation

FARMHOUSE dating from circa 1873

- Of architectural-historical value because of a four-gabled farmhouse well preserved in main form and detailing. The type "four-gabled" (of which a barn as a through-carriage barn) forms a good example of the functional and typological development of a hall-house farmhouse in the second half of the 19th century.

- Of urban planning value in relation to the other complex components.

- Of cultural-historical value because of the origin of the location which has known much older habitation.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map