TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Woonhuis, Oude Kleefsebaan 130

Berg en Dal, Gelderland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Woonhuis
Category
onroerend gebouwd
Built (approximately)
1912 - 1914
Address
Oude Kleefsebaan 130, 6571 BK Berg en Dal
Place
Berg en Dal
Province
Gelderland
Country
Netherlands
Coordinates
51.81675, 5.92996
Monument number
523635

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries

2 historical maps cover this location, the earliest the 1899 map "Composite: 327. Cleve." (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding

Deze monumentale VILLA, oorspronkelijk 'Dalhof' genaamd, bevindt zich op een hoog boven de weg gelegen terrein aan de zuidzijde van de Oude Kleefsebaan, op korte afstand van de dorpskern van Berg en Dal. Het pand is ca.1912-1914 gebouwd in de Nieuw Historiserende stijl, naar ontwerp van de architect MARTINUS EDUARDUS VEUGELERS (1878-1956) in opdracht van de (margarine)fabrikantenfamilie Jurgens. De villa wordt omgeven door een ruime tuin die tegenwoordig een zware begroeiing heeft waardoor het pand vanaf de weg minder zichtbaar is. Op korte afstand van de villa bevinden zich twee landgoederen die eveneens in opdracht van de familie Jurgens aangelegd zijn. Het deels op het grondgebied van de gemeente Ubbergen gelegen dorp Berg en Dal zou in de tweede helft van de negentiende eeuw uitgroeien tot een villadorp van allure. Veel welgestelden waaronder Oud-Indiëgangers vestigden zich hier en in de nabij gelegen dorpen Beek en Ubbergen, aangetrokken door het natuurschoon en de goede verbindingen met de stad Nijmegen.

Omschrijving

Het volledig onderkelderde pand is gebouwd op een nagenoeg rechthoekige PLATTEGROND en heeft twee bouwlagen onder een overstekend afgeplat schilddak gedekt met gesmoorde verbeterde Hollandse pannen. De dakoverstek rust op fraaie gesneden consoles. Op de nokhoeken bevinden zich pirons. De diverse schoorstenen zijn gepleisterd. De gevels zijn opgetrokken in baksteen, gemetseld in halfsteens verband. Op de hoeken alsmede tussen de traveeën, met uitzondering van de voorgevel, bevinden zich lisenen die onderling verbonden worden door een onder de dakoverstek doorlopende bakstenen lijst. De vensters worden merendeels afgesloten door een strek met aanzetstenen van zandsteen. Aan de linkerzijde van het gebouw bevinden zich twee aanbouwen. De asymmetrisch ingedeelde VOORGEVEL heeft op de begane grond een entreepartij, bestaande uit een fraaie paneeldeur die voorzien is van een raampje met een raamhek en een vijfruits bovenlicht. Ter plaatse van het kalf bevindt zich een luifel op consoles, die aan de voorzijde opgehangen is aan twee smeedijzeren stangen, en een vijfruits bovenlicht. Links van de ingang bevinden zich twee achtruits schuiframen. Rechts van de ingang bevindt zich een stolpraam met een achtruits bovenlicht. De verdieping bezit twee stolpramen met achtruits bovenlichten. Ter hoogte van de entree bevinden zich een stolpraam met een zesruits bovenlicht en een tweeruits oeil de boeuf. Alle vensters, met uitzondering van het laatstgenoemde, zijn voorzien van luiken. In de gevel van de terugliggende aanbouw uiterst links bevinden zich twee kleine vierruits ramen. De LINKER ZIJGEVEL heeft op de begane grond twee éénlaagse aanbouwen. De linker aanbouw met bovenliggend balkon heeft op de begane grond tuindeuren met glaspanelen en een vierruits bovenlicht alsmede luiken. De verdieping bezit balkondeuren met een tweeruits bovenlicht en luiken. In het bovenliggende dakvlak bevindt zich een dakkapel, met een stolpraam. De rechts hierop aansluitende lagere aanbouw bezit een deur met ruitje en twee smalle tweelichts vensters met ieder twee tweeruits ramen en ieder voorzien van één luik. De bovenliggende verdieping bezit links twee boven elkaar geplaatste reeksen van drie gekoppelde vensters die het trappenhuis verlichten. De onderste hogere reeks bezit drie tweeruits ramen. De bovenste reeks bevat drie enkelruits ramen. Vóór alle ramen zijn raamhekken aangebracht. Geheel rechts bevindt zich een smal venster met een draairaam en een vierruits bovenlicht en één luik. De asymmetrisch ingedeelde ACHTERGEVEL heeft op de begane grond links een terras belegd met tegels met aan weerszijden een opengewerkte bakstenen balustrade. De schuifdeuren naar het terras zijn voorzien van glaspanelen. Het bovenlicht is vierruits. De begane grond bezit verder een kruisvenster met twee draairamen en twee vierruits bovenlichten en twee stolpramen met zesruits bovenlichten. De verdieping bezit drie stolpramen met achtruits bovenlichten. Alle vensters alsmede de schuifdeuren zijn voorzien van luiken. In het dakschild bevindt zich een dakkapel met stolpramen. De RECHTER ZIJGEVEL heeft een symmetrische indeling en bezit op de begane grond over de volle breedte een houten veranda met een lessenaarsdak. De begane grond bezit verder zowel links als rechts dubbele tuindeuren, gevuld met glaspanelen, en voorzien van vierruits bovenlichten. Aan weerszijden bevinden zich luiken. De verdieping bezit twee stolpramen met achtruits bovenlichten en aan weerszijden luiken. In het dakschild bevindt zich een brede dakkapel met vier stolpramen. Het dak wordt hier bekroond door een dakruiter. Het pand bezit een overwegend sober uitgevoerd, doch vrij gaaf bewaard INTERIEUR met paneeldeuren, eenvoudige stucplafonds met kooflijsten en sobere cirkelvormige middenstukken in de kamers en suite. Een opvallend interieurelement wordt gevormd door de zeer grote 'hall', waaromheen de vertrekken en het trappenhuis gelegen zijn. Deze 'hall' heeft een betimmerde lambrisering en een fraaie tegelvloer met van florale motieven voorziene tegels. Het monumentale trappenhuis is uitgevoerd in 17de eeuwse trant.

Waardering

VILLA gebouwd ca.1912-1914 in de Nieuw-Historiserende stijl, naar ontwerp van MARTINUS EDUARDUS VEUGELERS (1878-1956) in opdracht van de fabrikantenfamilie Jurgens.

- Van architectuurhistorische waarde als sober, doch goed en gaaf bewaard voorbeeld van een villa gebouwd in de trant van de Nieuw Historiserende stijl die in de beginjaren van de 20ste eeuw gekenmerkt wordt door een op het eenvoudige 17e en vroeg 18e eeuwse Hollandse baksteenclassicisme geïnspireerde architectuur. Het pand valt op door de hoogwaardige esthetische kwaliteiten van het ontwerp, de gave verhoudingen en een bijzondere detaillering in vormgeving en materiaalgebruik.
- Van stedenbouwkundige waarde als onderdeel van de historische gegroeide dorpskern van Berg en Dal. De villa vormt een karakteristiek onderdeel van de historische villabebouwing die in belangrijke mate het aanzien bepaalt van het dorp Berg en Dal.

- Van cultuurhistorische waarde als herkenbaar element uit een maatschappelijke ontwikkeling. De villa geeft een goed beeld van de huisvesting van een nieuwe, met name door de industrialisatie van Nederland in de tweede helft van de negentiende eeuw, ontstane kaptitaalkrachtige elite die zich bij voorkeur vestigde in fraaie villa's buiten de stad in een omgeving met veel natuurschoon en goede verbindingen met de stad. Deze nieuwe bevolkingsgroep droeg ertoe bij dat de sociale gelaagdheid en het aanzien van het dorp Berg en Dal sterk veranderde. Het pand werd gebouwd in opdracht van de fabrikantenfamilie Jurgens die aan de wieg stond van het latere Unilever.

Ten aanzien van de toegepaste bouwstijl kan het volgende worden opgemerkt. In het begin van de twintigste eeuw grijpt men voor de bouw van landhuizen en villa's vaak terug op het eenvoudige zeventiende- en vroeg-achttiende-eeuwse Hollandse baksteenclassicisme waarbij ook vaak nog gebruik wordt gemaakt van motieven uit de Hollandse Renaissance. Soberheid, duidelijkheid in vorm en functie en zeer terughoudend gebruik van decoratie maakten het de vroeg-twintigste-eeuwse architecten mogelijk om de nadruk te leggen op massa, volume en materiaal. Het ornament speelde hierbij geen rol van betekenis. Het was de vorm zelf die moest spreken. Binnen deze benadering konden verschillende Engelse elementen toegepast worden in de plattegrond (o.a. een ruime hal met hieromheen vrij gegroepeerde vertrekken) zonder dat de villa daarmee onnederlands werd. De architect Charles Estourgie werd geboren in Amsterdam alwaar hij zijn opleiding verkreeg op het bureau van Eduard Cuypers gelijktijdig met onder meer Michel de Klerk en Van der Mey. In de jaren 1910-1912 had hij een groot aandeel in de totstandkoming van het landhuis `De Hoge Vuursche' in Baarn. In december 1912 vestigde hij zich in Nijmegen. Zijn komst naar Nijmegen viel samen met zijn eerste opdracht als zelfstandig architect: de bouw van een kantoor voor de NV Ant. Jurgens Margarinefabrieken in Oss in opdracht van F.J. Jurgens. Jurgens trok zich in datzelfde jaar terug uit de firma en liet toen eveneens naar ontwerp van Estourgie 'Huize Heyendaal' bouwen in Nijmegen. In de jaren tussen 1912 en 1930 kreeg Estourgie tal van opdrachten van de familie Jurgens voor bouwwerken in binnen- en buitenland. Zo was hij in de jaren 1915-1916 onder meer betrokken bij de slechts ten dele gerealiseerde aanleg van het op korte afstand van de villa Dalhof' gelegen landgoed 'Nederrijk' in opdracht van R. Jurgens. Het klooster Mariënbosch (1923) aan de Groesbeekseweg in Nijmegen wordt tot zijn belangrijkste werk gerekend. In de catalogus behorende bij de doctoraalscriptie van L. Quaden over Charles Estourgie wordt melding gemaaakt van een ontwerp voor een villa aan de Oude Kleefsebaan in opdracht van de familie Jurgens. Deze ontwerptekening die zich in de collectie Estourgie van het Gemeentearchief te Nijmegen zou moeten bevinden was hier echter niet aanwezig. Ook het gemeentearchief van Groesbeek geeft hierover geen uitsluitsel aangezien het merendeel van de verzameling bouwtekeningen uit de jaren voor 1945 is vernietigd.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction

This monumental VILLA, originally called 'Dalhof', is situated on a site elevated above the road on the south side of the Oude Kleefsebaan, a short distance from the village centre of Berg en Dal. The building was constructed circa 1912-1914 in the Neo-Historicist style, designed by architect MARTINUS EDUARDUS VEUGELERS (1878-1956) on commission of the (margarine) manufacturer family Jurgens. The villa is surrounded by spacious grounds which nowadays have heavy vegetation making the building less visible from the road. A short distance from the villa are two country estates which were also laid out on commission of the Jurgens family. The village of Berg en Dal, partly situated on the territory of the municipality of Ubbergen, would develop into a fashionable villa village in the second half of the nineteenth century. Many wealthy people, including retired officials from the Dutch East Indies, settled here and in the nearby villages of Beek and Ubbergen, attracted by the natural beauty and good connections with the city of Nijmegen.

Description

The fully basement building is constructed on an almost rectangular FLOOR PLAN and has two storeys under a projecting flat hipped roof covered with weathered improved Dutch tiles. The roof overhang rests on finely carved consoles. Ornamental roof cresting is located at the roof ridge angles. The various chimneys are plastered. The facades are constructed in brick, laid in half-brick bond. At the corners and between the bays, with the exception of the front facade, are pilasters which are interconnected by a brick string course running beneath the roof overhang. The windows are mostly closed off by a lintel with stone dressing of sandstone. On the left side of the building are two extensions. The asymmetrically arranged FRONT FACADE has on the ground floor an entrance consisting of a fine panelled door provided with a small window with a window grille and a five-light fanlight. At the calf level is a canopy on consoles, suspended at the front by two wrought-iron rods, and a five-light fanlight. To the left of the entrance are two four-light sash windows. To the right of the entrance is a timber window with a four-light fanlight. The first floor has two timber windows with four-light fanlights. At the height of the entrance are a timber window with a six-light fanlight and a two-light round window. All windows, with the exception of the latter, are provided with shutters. In the facade of the recessed extension at the far left are two small four-light windows. The LEFT SIDE FACADE has on the ground floor two single-storey extensions. The left extension with overlying balcony has on the ground floor garden doors with glass panels and a four-light fanlight as well as shutters. The first floor has balcony doors with a two-light fanlight and shutters. In the overlying roof slope is a dormer window with a timber window. The adjoining lower extension to the right has a door with a small window and two narrow two-light windows each with two four-light lights and each provided with one shutter. The overlying first floor has on the left two rows of three coupled windows placed one above the other which light the staircase. The lower higher row has three four-light lights. The upper row contains three single-light lights. Window grilles are placed in front of all windows. At the far right is a narrow window with a casement and a four-light fanlight and one shutter. The asymmetrically arranged REAR FACADE has on the ground floor on the left a terrace paved with tiles with an open-work brick balustrade on either side. The sliding doors to the terrace are provided with glass panels. The fanlight is four-light. The ground floor also has a cross window with two casements and two four-light fanlights and two timber windows with six-light fanlights. The first floor has three timber windows with four-light fanlights. All windows and the sliding doors are provided with shutters. In the roof panel is a dormer window with timber windows. The RIGHT SIDE FACADE has a symmetrical arrangement and has on the ground floor across its full width a wooden veranda with a lean-to roof. The ground floor also has both on the left and right double garden doors, filled with glass panels, and provided with four-light fanlights. Shutters are located on either side. The first floor has two timber windows with four-light fanlights and shutters on either side. In the roof panel is a broad dormer window with four timber windows. The roof here is crowned by a roof lantern. The building has a predominantly sober executed, yet well-preserved INTERIOR with panelled doors, simple stucco ceilings with cove mouldings and sober circular ceiling roses in the reception rooms. A striking interior element is formed by the very large 'hall', around which the rooms and the staircase are situated. This 'hall' has wooden wall panelling and a fine tile floor with tiles decorated with floral motifs. The monumental staircase is executed in 17th-century style.

Valuation

VILLA constructed circa 1912-1914 in the Neo-Historicist style, designed by MARTINUS EDUARDUS VEUGELERS (1878-1956) on commission of the manufacturer family Jurgens.

- Of architectural historical value as a sober, yet well and faithfully preserved example of a villa built in the manner of the Neo-Historicist style which in the early years of the 20th century is characterized by an architecture inspired by simple 17th and early 18th-century Dutch brick classicism. The building stands out for the high aesthetic qualities of its design, the well-proportioned volumes and a particular detailing in formal expression and material use.
- Of urban planning value as part of the historic organically grown village centre of Berg en Dal. The villa forms a characteristic part of the historic villa development which significantly determines the character of the village of Berg en Dal.

- Of cultural historical value as a recognisable element of a social development. The villa gives a good picture of the housing of a new, particularly through the industrialisation of the Netherlands in the second half of the nineteenth century, emerging capital-rich elite which preferred to settle in fine villas outside the city in an environment with much natural beauty and good connections with the city. This new population group contributed to a marked change in the social stratification and character of the village of Berg en Dal. The building was constructed on commission of the manufacturer family Jurgens which was instrumental in the founding of what would later become Unilever.

Regarding the architectural style applied, the following can be noted. At the beginning of the twentieth century, the construction of country houses and villas often drew upon the simple seventeenth- and early eighteenth-century Dutch brick classicism, whereby motifs from Dutch Renaissance were also frequently used. Sobriety, clarity in form and function, and very restrained use of decoration made it possible for early twentieth-century architects to emphasize mass, volume and material. Ornament played no significant role here. It was the form itself that had to speak. Within this approach, various English elements could be applied to the floor plan (including a spacious hall with freely grouped rooms around it) without the villa thereby becoming un-Dutch. The architect Charles Estourgie was born in Amsterdam where he received his training at the office of Eduard Cuypers, at the same time as, among others, Michel de Klerk and Van der Mey. In the years 1910-1912 he had a major part in the realization of the country house 'De Hoge Vuursche' in Baarn. In December 1912 he established himself in Nijmegen. His move to Nijmegen coincided with his first commission as an independent architect: the construction of an office for the NV Ant. Jurgens Margarinefabrieken in Oss on behalf of F.J. Jurgens. Jurgens withdrew from the firm in that same year and subsequently also had 'Huize Heyendaal' built in Nijmegen according to a design by Estourgie. In the years between 1912 and 1930 Estourgie received numerous commissions from the Jurgens family for building works in the Netherlands and abroad. Thus, in the years 1915-1916 he was involved in the only partly realized development of the estate 'Nederrijk' located a short distance from the villa 'Dalhof', commissioned by R. Jurgens. The Mariënbosch monastery (1923) on the Groesbeekseweg in Nijmegen is considered his most important work. In the catalogue belonging to the doctoral thesis of L. Quaden on Charles Estourgie, mention is made of a design for a villa on the Oude Kleefsebaan commissioned by the Jurgens family. This design drawing, which should be in the Estourgie collection of the Municipal Archive in Nijmegen, was not present here, however. The municipal archive of Groesbeek also provides no clarification on this since the majority of the collection of building drawings from the years before 1945 has been destroyed.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map