TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

'De Born'

Bennekom, Gelderland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Gezondheidszorg
Function
Rusthuis
Category
onroerend gebouwd
Built
1933
Address
Bornweg 12 A, 6721 AH Bennekom (Ede 25) (and others)
Place
Bennekom
Municipality
Ede
Province
Gelderland
Country
Netherlands
Coordinates
52.00038, 5.69283
Part of complex
523481
Monument number
523482

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

3 historical maps cover this location, the earliest the 1914 map "Verklaring van het algemeen nut der onteigening van eigendommen in de gemeente Horssen, noodig voor den aanleg van eene wetering door het waterschap "de Gecombineerde waterlossing der polderdistricten Rijk van Nijmegen en Maas en Waal"" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

RUST- EN VAKANTIEHUIS (1) waarvan het exterieur in 1932 ontworpen is door P. VORKINK (1878-1960), het interieur door F. SPANJAARD. Het gebouw met samengestelde plattegrond bestaat uit twee bouwlagen afgesloten door een samengesteld dak gedekt met gesmoorde Romaanse pannen. Het dak met royaal overstek bestaat uit meerdere flauw hellende schilddaken met mastgoot. In het dak bevinden zich meerdere kleine driehoekige dakkapellen en vierkante bakstenen schoorsteenschachten. De gevels zijn opgetrokken in bruine baksteen in Vlaams verband. In de gevels bevinden zich grotendeels houten kozijnen met stalen ramen, aan de bovenzijde afgesloten door een rollaag. Lange vensterstroken bevinden zich op de verdieping voor lichtinval in de gang. Ter plaatse van de openbare ruimten als ingangspartij, bibliotheek, de kamer van mevrouw Ribbius Peletier, de eet- en de huiskamer, bevinden zich grote vensterpartijen, bestaande uit gekoppelde enkelruits ramen afgesloten door een korte luifel als waterafvoer. Voor het overige bevinden zich in de gevels gekoppelde, rechthoekige, staande ramen met roedenverdeling. De vensters op de begane grond worden op enkele plaatsen nog geflankeerd door rood geschilderde houten luiken. Grenzend aan de gevels van de voormalige eet- en huiskamer bevindt zich een terras afgebakend door bakstenen muurtjes gedekt met tegels. De samengestelde plattegrond bestaat uit een noord-zuidvleugel, die samen met de aan de zuidzijde, haaks op de westgevel staande, oost-westvleugel, een `L' vormt. In de noord-zuidvleugel bevindt zich de ingangspartij met op de verdieping de slaapkamers. In de oost-westvleugel bevinden zich op de begane grond de dienstvertrekken (eetzaal, keuken, kelder, opslag) en op verdieping het voormalig privé woongedeelte van mevrouw Ribbius Peletier. De oost-westvleugel tegen de westgevel van de noord-zuidvleugel is in 1956 verlengd met een rechthoekig bouwvolume verbonden met het bouwdeel uit 1933 door middel van een éénlaags tussenlid. Haaks op de oostgevel van de noord-zuidvleugel staat een west-oostvleugel met op de begane grond de voormalige bibliotheek en huiskamer. Op de verdieping bevinden zich de slaapkamers.

Aan de noordzijde van de langgerekte NOORD-ZUIDVLEUGEL bevindt zich een éénlaags aanbouw eveneens opgetrokken in Vlaams verband, afgesloten door een zadeldak gedekt met gesmoorde Romaanse pannen. Het zuidelijk deel van deze vleugel is hoger gelegen vanwege de aangekapte oost-westvleugel aan de oostzijde. De westgevel van de noord-zuidvleugel beschouwen we als voorgevel. In deze gevel bevindt zich links een rondboogvormige doorrit, rechts de hoofdingang bestaande uit een enkele houten deur met glasindeling, aan weerszijden geflankeerd door een enkelruits zijlicht. Het glas in de ingangspartij is afgeschermd met smeedwerk in een geometrisch patroon. In de zijgevels van de doorrit bevindt zich een rechthoekige houten geklampte deur. De vensterindeling op de begane grond van de westgevel is onregelmatig. Links van de doorrit bevinden zich twee gekoppelde vijftien-ruits ramen. Rechts van de poort bevinden zich drie gekoppelde zes-ruits ramen gevolgd door zes naast elkaar geplaatste twee-ruits ramen en drie gekoppelde vier-ruits ramen. Rechts op de begane grond van de westgevel bevinden zich grote raampartijen afgesloten door een korte luifel. Links van de hoofdingang bevindt zich een raampartij bestaande uit drie gekoppelde enkelruits ramen. Rechts van de hoofdingang bevinden zich drie gekoppelde identieke raampartijen onder één luifel. Een uitgemetseld vierkant, bakstenen schoorsteenkanaal scheidt deze raampartij van de raampartij uiterst rechts. De raampartij uiterst rechts bestaat uit een dubbele glasdeur met enkelruits bovenlicht aan weerszijden geflankeerd door een zijlicht met bovenlicht.

De verdieping van de westgevel wordt gekenmerkt door een lange vensterstrook, bestaande uit steeds drie gekoppelde enkelruits ramen. Het middenraam is steeds een naar buitenslaand raam met een originele, praktische sluiting. De vensterstrook loopt door tot aan het schoorsteenkanaal met rechts hiervan een glasdeur met balkon. Het uitgemetselde schoorsteenkanaal eindigt ver boven de daklijst in een bakstenen schoorsteenschacht afgesloten met vierkante afdekplaat. De daklijn verspringt rechts van het schoorsteenkanaal. Links van de schoorsteen bevindt zich een lichtlantaarn bestaande uit zes gekoppelde vier-ruits ramen afgesloten door het schilddak van de haaks op de oostgevel staande oost-westvleugel.

Rechts op de begane grond in de oostgevel van de noord-zuidvleugel bevindt zich de rondboogvormige opening van de doorrit. Uiterst rechts bevindt zich een rechthoekige dubbele deur. Links van de doorrit bevindt zich van links naar rechts drie gekoppelde zes-ruits ramen, twee vier-ruits ramen en drie gekoppelde vier-ruits ramen. Uiterst links bevindt zich een reeks klimmende vensters voor de lichtinval in de trappartij. Langs deze gevel bevindt zich een afrit naar de onder het maaiveld gelegen entree van de voormalige rijwielkelder. Op de verdieping bevinden zich zeven vensters bestaande uit drie gekoppelde zes-ruits ramen.

Haaks op de oostgevel van de noord-zuidvleugel bevindt zich de WEST-OOSTVLEUGEL. De begane grond van de noordgevel van deze vleugel is gewijzigd door een recente glazen aanbouw tegen de oorspronkelijke gevel. Op de verdieping bevindt zich een aantal onregelmatig vensters onder de mastgoot. Tegen de oostgevel van deze vleugel bevindt zich de recente aanbouw van architect Wuurdeman. Op de begane grond in de zuidgevel bevindt zich links een grote vensterpartij bestaande uit drie dubbele glasdeuren met bovenlicht aan weerszijden geflankeerd door een driestrooksvenster. Het middenraam van het driestrooksvenster is een stolpraam. Het terras grenst aan deze vensterpartij. Rechts in de zuidgevel bevindt zich een niet oorspronkelijke dubbele glasdeur met enkelruits bovenlicht met aan weerszijden een zestien-ruits stolpraam met niet oorspronkelijk enkelruits onderlicht. Op de verdieping in de zuidgevel bevinden zich zes regelmatig verdeelde vensters bestaande uit drie gekoppelde zes-ruits ramen.

Uiterst rechts, haaks op de voorgevel van de noord-zuidvleugel, bevindt zich de OOST-WESTVLEUGEL. Op de begane grond in de oostgevel bevindt zich links een vensterpartij bestaande uit een dubbele glasdeur met enkelruits bovenlicht aan weerszijden geflankeerd door drie enkelruits ramen met bovenlicht. Rechts bevindt zich een dubbele glasdeur met enkelruits bovenlicht aan weerszijden geflankeerd door een enkelruits raam met bovenlicht. Op de verdieping bevinden zich vier regelmatig verdeelde vensters, bestaande uit drie gekoppelde zes-ruits ramen. De zuidgevel van de oost-westvleugel bestaat uit een linker- en een rechterdeel met elkaar verbonden door middel van het tussenlid. Het linkerdeel dateert uit 1956. Op de begane grond van het linkerdeel bevindt zich van links naar rechts een enkelruits raam met bovenlicht, een dubbele glasdeur aan weerszijden geflankeerd door zijlichten afgesloten door een hemelwaterafvoer, een zes-ruits raam, een identieke deurpartij, tweemaal drie gekoppelde zes-ruits ramen en een vier-ruits raam. Op de verdieping bevinden zich vier regelmatig verdeelde vensters bestaande uit drie gekoppelde zes-ruits ramen. Uiterst rechts bevindt zich een vier-ruits raam als op de begane grond. Het tussenlid bestaat uit een bakstenen fundament waarboven vier gekoppelde, witgeschilderde ramen met twee-ruits bovenlicht afgesloten door een plat dak. Grenzend aan het tussenlid en de twee bouwdelen bevindt zich een bestraat plateau, begrensd door bakstenen muren afgedekt met tegels. Korte steektrappen zorgen voor de toegang tot dit bordes. In het rechterdeel bevindt zich links van het midden een risalerende partij afgesloten door een aangekapt schilddak met op de nok en schoorsteenschacht. In het risalerende deel bevindt zich op de begane grond een dubbele glasdeur met aan weerszijden een stolpraam. Op de verdieping bevindt zich een identieke glasdeur met roedenverdeling met aan weerszijden een stolpraam met roedenverdeling. Op de verdieping bevindt zich een balkon over de volle breedte. In de zijgevels van de risalerende partij bevindt zich op de begane grond een enkelruits raam en een zes-ruits raam op de verdieping. Uiterst links van het risalerende deel bevinden zich vier gekoppelde acht-ruits ramen aan weerszijden geflankeerd door luiken gevolgd door een staand drie-ruits raam, twee gekoppelde zes-ruits ramen en een houten deur met luifel. Op de verdieping bevindt zich van links naar rechts drie gekoppelde zes-ruits ramen, twee gekoppelde zes-ruits ramen, een vier-ruits raam en twee gekoppelde zes-ruits ramen. Rechts van het risalerend deel bevindt zich een zes-ruits raam, een twaalf-ruits stolpraam aan weerszijden geflankeerd door zes-ruits ramen met luiken en een grote vensterpartij met hemelwaterafvoer aan weerszijden geflankeerd door luiken. De vensterpartij bestaat uit drie gekoppelde driestrooksvensters met een stolpraam als middenraam. Op de verdieping bevinden zich vijf regelmatig verdeelde vensters bestaande uit drie gekoppelde zes-ruits ramen. In de westgevel van het bouwdeel uit 1956 bevindt zich op de begane grond een stolpraam geflankeerd door zijlichten. Op de verdieping bevindt zich een twaalf-ruits stolpraam. In de westgevel van het bouwdeel uit 1933 bevindt zich links het tussenlid, rechts een dubbele glasdeur met roedenverdeling. Op de verdieping bevinden zich twee twaalf-ruits stolpramen. De noordgevel van de oost-westvleugel bestaat uit een linker- en een rechterdeel. De noordgevel van het linkerdeel kent een onregelmatige verdeling van vensters en deuren. Op de begane grond bevindt zich van links naar rechts een dubbele glasdeur met boven- en zijlichten, een twaalf-ruits stolpraam met zes-ruits zijlichten, driemaal twaalf-ruits stolpramen, een kleiner twaalf-ruits stolpraam, een houten deur met bovenlicht, een twee-ruits raam, een twaalf-ruits stolpraam, een twee-ruits raam en een houten deur met luifel. Op de verdieping bevindt zich van links naar rechts een strokenvenster, twee twee-ruits ramen, een twaalf-ruits stolpraam, drie gekoppelde zes-ruits ramen, een twee-ruits raam, een twaalf-ruits stolpraam en een vier-ruits raam. Het rechterdeel kent een grotere regelmaat met negen regelmatig verdeelde zes-ruits ramen op de begane grond. Op de verdieping bevindt zich een strokenvenster met aan weerszijden een zes-ruits raam. Uiterst rechts bevindt zich een dubbele glasdeur met balkon.

Het INTERIEUR is grotendeels in oorspronkelijke staat bewaard gebleven. De plattegrond is grotendeels in tact. Vermeldenswaardig zijn onder andere de kastenpartij in de voormalige bibliotheek, de haardpartij in de voormalige kamer van mevrouw Ribbius Peletier, de linnenkamer met stortkoker, de oorspronkelijke betegeling van toiletruimten en het hang en sluitwerk van de stalen ramen.

Waardering

RUST- EN VAKANTIEHUIS gebouwd in 1933 als onderdeel van het COMPLEX 'Rust -en Vacantiehuis Stichting De Born' in opdracht van mej. A.E. Ribbius Peletier (1891-1989) uit Amsterdam naar ontwerp van de Amsterdamse architect P. VORKINK (1878-1960) en de binnenhuisarchitect F. SPANJAARD.

- Van architectuurhistorische waarde als voorbeeld van het latere werk van de landelijk bekende architect P. Vorkink uit Amsterdam in zakelijk expressionisme met waardevol interieur naar ontwerp van de binnenhuisarchitect F. Spanjaard.

- Van stedenbouwkundige waarde vanwege de ligging van het rust- en vakantiehuis op een heuvel in het bosrijke buitengebied van Bennekom binnen de gemeente Ede.

- Van cultuurhistorische waarde als zeldzaam typologisch voorbeeld van een rust- en vakantiehuis op de Veluwe uit de jaren dertig van de twintigste eeuw met als bijzondere functie het vormingscentrum voor arbeidersvrouwen. Als zodanig heeft het rust- en vakantiehuis een belangrijke bijdrage geleverd aan de emancipatie van de vrouw in Nederland.

Liesbeth Ribbius Peletier was sinds 1925 secretaresse van het bestuur van de Bond (van Sociaal-Democratische Vrouwen Propaganda Clubs) van de SDAP. Vanaf 1937 was zij tevens lid van de Eerste Kamer voor deze partij. Als Bondsvrouw organiseerde zij in het weekend druk bezochte zomerbijeenkomsten voor arbeidersvrouwen. Tijdens deze bijeenkomsten werd gewerkt aan zelfstandigheid en gelijkwaardigheid van vrouwen. Liesbeth Ribbius Peletier bedacht het plan deze landelijke activiteiten van de Bond plaats te laten vinden in een eigen huis. Zodoende bracht zij geld van een erfenis onder in een `Stichting tot het oprichten en/of exploiteeren van Vacantiehuizen' waarmee zij de bouw van de Born financierde. Het bestuur van de stichting werd gevormd door leden van het Bondsbestuur, die het huis verhuurde aan de Bond. In 1939 en 1940 kocht Liesbeth Ribbius Peletier grond aan om te voorkomen dat er in de nabije omgeving gebouwd zou worden. In 1967 is de grond (81 ha) met uitzondering van 5 ha rondom het huis geschonken aan natuurmonumenten, toen was vastgelegd dat in het Bennekomse bos niet gebouwd mocht worden. Met het uitbreken van de oorlog werd de Partij en de Bond opgeheven. Als particuliere stichting kon de Born nog tot eind 1942 doorwerken door kampen te organiseren voor meisjes tussen de 18 en 24. Na de oorlog werd de Partij van de Arbeid opgericht en de Bond omgedoopt tot Vrouwenbond waarmee het politiek educatieve werk op de Born weer verder ging met als uitgangspunt democratisch socialisme. In 1969 vond een reorganisatie plaats van de Vrouwenbond. Het nieuwe Vrouwencontact van de PvdA vormde vanaf 1969 een integraal onderdeel van de partij, met het gevolg dat ook mannen toegelaten werden op cursussen en bijeenkomsten. In de jaren zeventig meldden zich nieuwe vrouwengroepen aan op de Born, die zij landelijke ondersteuning gaf. De grondslag was nog altijd democratisch-socialistisch maar het vormingswerk was gebaseerd op een feministisch socialistische visie. In 1992 vond een fusie plaats met de Volkshogeschool Drakenburgh en Woodbrookers Bentveld.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

REST AND VACATION HOUSE (1) of which the exterior was designed in 1932 by P. VORKINK (1878-1960), the interior by F. SPANJAARD. The building with composite floor plan consists of two storeys closed off by a composite roof covered with muted Roman tiles. The roof with generous overhang consists of multiple gently sloping hipped roofs with gutter. In the roof are several small triangular roof dormers and square brick chimney shafts. The facades are constructed of brown brick in Flemish bond. In the facades are mostly wooden frames with steel windows, closed off at the top by a roller course. Long window strips are located on the upper storey for light into the corridor. At the location of the public spaces such as entrance section, library, the room of Mrs. Ribbius Peletier, the dining and the living room, are large window sections, consisting of coupled single-pane windows closed off by a short canopy as water drainage. Otherwise in the facades are coupled, rectangular, upright windows with glazing bars. The windows on the ground floor are at some places still flanked by red-painted wooden shutters. Adjacent to the facades of the former dining and living room is a terrace delimited by brick walls covered with tiles. The composite floor plan consists of a north-south wing, which together with the east-west wing standing perpendicular to the west facade on the south side, forms an `L'. In the north-south wing is the entrance section with on the upper storey the bedrooms. In the east-west wing are on the ground floor the service rooms (dining hall, kitchen, cellar, storage) and on the upper storey the former private residential section of Mrs. Ribbius Peletier. The east-west wing against the west facade of the north-south wing was in 1956 extended with a rectangular building volume connected to the building section from 1933 by means of a single-storey connecting link. Perpendicular to the east facade of the north-south wing stands a west-east wing with on the ground floor the former library and living room. On the upper storey are the bedrooms.

On the north side of the elongated NORTH-SOUTH WING is a single-storey extension likewise constructed of Flemish bond, closed off by a gabled roof covered with muted Roman tiles. The southern part of this wing is higher situated due to the attached east-west wing on the east side. The west facade of the north-south wing we consider as the front facade. In this facade is on the left a round-arched passage, on the right the main entrance consisting of a single wooden door with glazing, flanked on both sides by a single-pane side window. The glass in the entrance section is screened with wrought iron in a geometric pattern. In the side facades of the passage is a rectangular wooden battened door. The window arrangement on the ground floor of the west facade is irregular. To the left of the passage are two coupled fifteen-pane windows. To the right of the gateway are three coupled six-pane windows followed by six side-by-side placed two-pane windows and three coupled four-pane windows. On the right on the ground floor of the west facade are large window sections closed off by a short canopy. To the left of the main entrance is a window section consisting of three coupled single-pane windows. To the right of the main entrance are three coupled identical window sections under one canopy. A built-up square brick chimney channel separates this window section from the window section at the far right. The window section at the far right consists of a double glass door with single-pane fanlight flanked on both sides by a side window with fanlight.

The upper storey of the west facade is characterised by a long window strip, consisting of always three coupled single-pane windows. The middle window is always an outward-opening window with an original, practical catch. The window strip continues to the chimney channel with to the right of it a glass door with balcony. The built-up chimney channel ends far above the roof line in a brick chimney shaft closed off with square cover plate. The roof line steps to the right of the chimney. To the left of the chimney is a skylight consisting of six coupled four-pane windows closed off by the hipped roof of the east-west wing standing perpendicular to the east facade.

On the right on the ground floor in the east facade of the north-south wing is the round-arched opening of the passage. At the far right is a rectangular double door. To the left of the passage is from left to right three coupled six-pane windows, two four-pane windows and three coupled four-pane windows. At the far left is a series of climbing windows for light into the staircase section. Along this facade is a sloped access to the below-ground-level entrance of the former bicycle cellar. On the upper storey are seven windows consisting of three coupled six-pane windows.

Perpendicular to the east facade of the north-south wing is the WEST-EAST WING. The ground floor of the north facade of this wing has been altered by a recent glass extension against the original facade. On the upper storey is a number of irregular windows under the gutter. Against the east facade of this wing is the recent extension by architect Wuurdeman. On the ground floor in the south facade is on the left a large window section consisting of three double glass doors with fanlight flanked on both sides by a three-section window. The middle window of the three-section window is a pivoting window. The terrace is adjacent to this window section. On the right in the south facade is a non-original double glass door with single-pane fanlight with on both sides a sixteen-pane pivoting window with non-original single-pane lower section. On the upper storey in the south facade are six regularly distributed windows consisting of three coupled six-pane windows.

At the far right, perpendicular to the front facade of the north-south wing, is the EAST-WEST WING. On the ground floor in the east facade is on the left a window section consisting of a double glass door with single-pane fanlight flanked on both sides by three single-pane windows with fanlight. On the right is a double glass door with single-pane fanlight flanked on both sides by a single-pane window with fanlight. On the upper storey are four regularly distributed windows, consisting of three coupled six-pane windows. The south facade of the east-west wing consists of a left and a right section connected to each other by means of the connecting link. The left section dates from 1956. On the ground floor of the left section is from left to right a single-pane window with fanlight, a double glass door flanked on both sides by side windows closed off by rainwater drainage, a six-pane window, an identical door section, twice three coupled six-pane windows and a four-pane window. On the upper storey are four regularly distributed windows consisting of three coupled six-pane windows. At the far right is a four-pane window as on the ground floor. The connecting link consists of a brick foundation above which four coupled, white-painted windows with two-pane fanlight closed off by a flat roof. Adjacent to the connecting link and the two building sections is a paved platform, bounded by brick walls topped with tiles. Short steep stairs provide access to this landing. In the right section is to the left of the middle a projecting section closed off by an attached hipped roof with ridge and chimney shaft. In the projecting section is on the ground floor a double glass door with on both sides a pivoting window. On the upper storey is an identical glass door with glazing bars with on both sides a pivoting window with glazing bars. On the upper storey is a balcony over the full width. In the side facades of the projecting section is on the ground floor a single-pane window and a six-pane window on the upper storey. At the far left of the projecting section are four coupled eight-pane windows flanked on both sides by shutters followed by an upright three-pane window, two coupled six-pane windows and a wooden door with canopy. On the upper storey is from left to right three coupled six-pane windows, two coupled six-pane windows, a four-pane window and two coupled six-pane windows. To the right of the projecting section is a six-pane window, a twelve-pane pivoting window flanked on both sides by six-pane windows with shutters and a large window section with rainwater drainage flanked on both sides by shutters. The window section consists of three coupled three-section windows with a pivoting window as middle window. On the upper storey are five regularly distributed windows consisting of three coupled six-pane windows. In the west facade of the building section from 1956 is on the ground floor a pivoting window flanked by side windows. On the upper storey is a twelve-pane pivoting window. In the west facade of the building section from 1933 is on the left the connecting link, on the right a double glass door with glazing bars. On the upper storey are two twelve-pane pivoting windows. The north facade of the east-west wing consists of a left and a right section. The north facade of the left section has an irregular distribution of windows and doors. On the ground floor is from left to right a double glass door with fanlight and side windows, a twelve-pane pivoting window with six-pane side windows, three times twelve-pane pivoting windows, a smaller twelve-pane pivoting window, a wooden door with fanlight, a two-pane window, a twelve-pane pivoting window, a two-pane window and a wooden door with canopy. On the upper storey is from left to right a strip window, two two-pane windows, a twelve-pane pivoting window, three coupled six-pane windows, a two-pane window, a twelve-pane pivoting window and a four-pane window. The right section has greater regularity with nine regularly distributed six-pane windows on the ground floor. On the upper storey is a strip window with on both sides a six-pane window. At the far right is a double glass door with balcony.

The INTERIOR has been largely preserved in original condition. The floor plan is largely intact. Noteworthy are among others the cabinet section in the former library, the fireplace section in the former room of Mrs. Ribbius Peletier, the linen room with chute, the original tiling of toilet spaces and the hinges and fittings of the steel windows.

Valuation

REST AND VACATION HOUSE built in 1933 as part of the COMPLEX 'Rest and Vacation House Foundation De Born' commissioned by Miss A.E. Ribbius Peletier (1891-1989) from Amsterdam to the design of Amsterdam architect P. VORKINK (1878-1960) and interior architect F. SPANJAARD.

- Of architectural-historical value as an example of the later work of the nationally known architect P. Vorkink from Amsterdam in commercial expressionism with valuable interior designed by interior architect F. Spanjaard.

- Of urban-planning value because of the location of the rest and vacation house on a hill in the wooded countryside of Bennekom within the municipality of Ede.

- Of cultural-historical value as a rare typological example of a rest and vacation house on the Veluwe from the nineteen-thirties with as special function the training centre for working-class women. As such the rest and vacation house has made an important contribution to the emancipation of women in the Netherlands.

Liesbeth Ribbius Peletier had been secretary of the board of the Bond (of Social-Democratic Women Propaganda Clubs) of the SDAP since 1925. From 1937 onwards she was also a member of the First Chamber for this party. As a Bond woman she organised well-attended summer gatherings for working women at weekends. At these gatherings work was done on the independence and equality of women. Liesbeth Ribbius Peletier conceived the plan to have these national activities of the Bond take place in a house of their own. Thus she invested money from an inheritance in a 'Foundation for the establishment and/or operation of Holiday Houses' with which she financed the construction of the Born. The board of the foundation was formed by members of the Bond board, who rented the house to the Bond. In 1939 and 1940 Liesbeth Ribbius Peletier purchased land to prevent building in the immediate vicinity. In 1967 the land (81 hectares) with the exception of 5 hectares around the house was donated to natuurmonumenten, when it was established that no building could take place in the Bennekomse forest. With the outbreak of war the Party and the Bond were dissolved. As a private foundation the Born was able to continue working until the end of 1942 by organising camps for girls between 18 and 24. After the war the Labour Party was established and the Bond renamed to Women's Bond with which the political educational work at the Born continued on the basis of democratic socialism. In 1969 a reorganisation of the Women's Bond took place. The new Women's Contact of the PvdA formed from 1969 an integral part of the party, with the result that men were also admitted to courses and gatherings. In the seventies new women's groups registered at the Born, to which it gave national support. The foundation was still democratic-socialist but the educational work was based on a feminist socialist vision. In 1992 a merger took place with the Volkshogeschool Drakenburgh and Woodbrookers Bentveld.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map