TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Woonhuis, Boompjeswal 14

Zutphen, Gelderland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Woonhuis
Category
onroerend gebouwd
Built
1904
Address
Boompjeswal 14, 7201 CL Zutphen
Place
Zutphen
Province
Gelderland
Country
Netherlands
Coordinates
52.14021, 6.19931
Monument number
523409

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

TU Delft Library

3 historical maps cover this location, the earliest the 1889 map "05. Zutphen (1889)" (TU Delft Library).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding

HERENHUIS gebouwd in 1904 in opdracht van de heer J.P. van de Brink naar ontwerp van de architect T.A. Trijssenaar uit Almelo. Het huis bevindt zich in de rooilijn van een rij herenhuizen aan de westzijde van de Boompjeswal aan de oostrand van de bebouwde kom van Zutphen. Het herenhuis is gebouwd in overgangsarchitectuur, sterk beinvloed door de art nouveau/ Jugendstil. De Jugendstil in het exterieur kenmerkt zich onder andere door de tegeltableaus in de boogtrommels, de glas-in-loodramen in de serre, de sierlijk gevormde muurankers en handvaten en het hoefijzervormig portiek met cirkelvormige belijning in de ingangspartij.

Omschrijving

Tweebeukig HERENHUIS met rechthoekige plattegrond bestaande uit een kelder, begane grond, eerste verdieping en een zolderverdieping. Op de begane grond bevinden zich in de brede beuk de kamers en suite met een serre aan de achterzijde. In de smalle zijbeuk bevindt zich de entree met tochtportaal, hal, gang en trappartij met in het verlengde de keuken. Op de verdieping bevinden zich twee kamers aan de voorzijde en twee aan de achterzijde met daartussen de badkamer en de hal. De voorgevel is veel rijker dan de sobere achtergevel door de toepassing van afwisselend gebruik van bruine baksteen, rode verblendsteen en natuursteen. Naast een regelmatige verdeling van B-vensters verfraaien tegeltableaus, risalerende assen en een hoefijzervormig portiek de gevel. De natuurstenen lateien en houten kozijnen zijn voorzien van vellingen. De gevels eindigen in een voorschild met twee zijschilden en een plat dak. De schilden zijn gedekt met rode tuile du nordpannen. Op het geasfalteerde platte dak bevindt zich een rechthoekige bakstenen schoorsteenschacht afgesloten door een zadeldak gedekt met rode tuile du nordpannen.

De VOORGEVEL met grijze hardstenen plint, opgetrokken in kruisverband, is te verdelen in twee ongelijke traveeën. De linkertravee, twee vensterassen breed, is opgetrokken in bruine baksteen in tegenstelling tot de licht risalerende rechtertravee met tuitgevel, opgetrokken in rode verblendsteen. De rode verblendsteen is eveneens gebruikt voor de linker hoekliseen, dat onder de daklijst overgaat in een uitkragend verblendstenen fries. Door deze omlijsting komen de vier B-vensters in de linkertravee in een spaarveld te liggen. In de plint bevinden zich twee tweeruits kelderlichten. Boven de kelderramen en onder de natuurstenen lekdorpel bevindt zich een rechthoekig spaarveld aan weerszijden geflankeerd door kleine consoles. Grenzend aan de lekdorpel bevinden zich twee B-vensters op de begane grond door een getrapte natuurstenen waterlijst gescheiden van de identieke vensters op de verdieping. De onder-, midden-, en bovendorpels van de vensters worden benadrukt door gefrijnde natuurstenen blokken evenals de aanzet- en sluitstenen van de flauwe keperbogen. Aan de bovenzijde worden ze afgesloten door een natuurstenen latei, een boogtrommel met tegeltableau en een flauwe rode verblendstenen keperboog. De linkertravee eindigt in een boogfries met afwisselend een houten en een bakstenen klos ter ondersteuning van de bakgoot met achterliggend opgaand voorschild. Op de scheiding van de vensteras bevindt zich in het voorschild een dakkapel met twee gekoppelde enkelruits ramen en drieruits bovenlicht afgesloten door een lessenaarsdak. Op de begane grond van de rechtertravee bevinden zich drie hardstenen treden voor het hoefijzervormig portiek met terug gelegen ingangspartij. De hoefijzerboog is aangezet met natuurstenen blokken aan de onderzijde verbonden door een natuurstenen kalf. Het portiek met groen betegelde lambrizering heeft een hardstenen bordes. De tegels vertonen een patroon van geabstraheerde plantenmotieven. De entree bestaat uit een deur met glasindeling met boven- en zijlichten met in het houtwerk een cirkelvorm. De bronzen brievenbus is gedetailleerd met twee bloemen die de opening omsluiten. Op de eerste verdieping bevindt zich een raampartij bestaande uit een centrale deur aan weerszijden geflankeerd door een zijlicht met boven de deur een glas-in-lood bovenlicht. Het bovenlicht wordt afgesloten door een natuurstenen latei, boogtrommel en flauwe keperboog, de zijlichten alleen door een latei en een rollaag. De deur komt uit op een balkon met houten balustrade ondersteund door geprofileerde natuurstenen consoles. De rechtertravee eindigt in een tuitgevel met bakstenen schouderstukken en uitkragend metselwerk. Het uitkragende metselwerk bevindt zich in de vorm van een tandlijst onder het B-venster met achtruits bovenlicht in de geveltop. Aan weerszijden van het venster bevindt zich een segmentbogen rollaag waarvan de buitenste zijden zich naar onder toe verjongen in de vorm van een platte getrapte console. Het venster wordt afgesloten door een hoefijzervormige strek met een tegeltableau in de boogtrommel. In de top van de rode verblendstenen trapgevel bevindt zich een decoratief smeedijzeren muuranker. De trapgevel is aangevuld met natuursteen tot een tuitgevel. In de bewerkte natuurstenen tuit is in relief de vorm van een kruis/boom aangebracht. De tegeltableaus in de boogtrommels zijn alle identiek met plantenmotieven op een gele ondergrond.

Alle muuropeningen in de ACHTERGEVEL worden aan de bovenzijde afgesloten door een strek, aan de onderzijde door een natuurstenen onderdorpel. Links tegen de achtergevel bevindt zich een steektrap van drie treden onder een enkele houten deur met glasindeling. De deur met zesruits bovenlicht wordt aan de linkerzijde geflankeerd door een B-venster met achtruits bovenlicht. Rechts hiervan bevindt zich een serre van één bouwlaag op een natuurstenen fundament afgesloten door een plat dak. De serre is dichtgezet met openslaande deuren en vaste ramen met glasindeling alle voorzien van een bovenlicht met glas-in-loodramen. Op de eerste verdieping bevindt zich links één regelmatig verdeeld B-venster met achtruits bovenlicht. Rechts bevinden zich dubbele openslaande deuren met een enkelruits bovenlicht die uitkomen op het dak van de serre. Op de zolderverdieping bevinden zich twee regelmatig verdeelde stolpramen met achtruits bovenlicht. De gevel eindigt in een horizontale licht geprofileerde bakgoot met twee schuine zijden van de opgaande zijschilden.

Het INTERIEUR is grotendeels in oorspronkelijke staat bewaard gebleven. In het hele pand bevinden zich paneeldeuren en stucplafonds. De stucplafonds varieren in stijl en ontwerp. Het tochtportaal met betegelde lambrizering in Jugendstil wordt afgesloten door tussendeuren met geëtst glas. De sierlijke vormgeving van het bronzen handvat en de brievenbus is eveneens Jugendstil. De trappaal van de trappartij is uitgevoerd in een neorenaissance stijl. Op de begane grond bevindt zich één zwart marmeren schouw met tussen de kamers en suite blinde schuifdeuren. In de serre met stucplafond bevinden zich de glas-in-loodramen met symmtrisch bloemenpatroon. De keuken, het toilet en de badkamer met terrazzo vloer hebben dezelfde tegellambrizering bestaande uit een witte rechthoekige tegels in halfsteens verband, omsloten door een rij groene en gele geglazuurde steentjes. In de badkamer bevindt zich een licht- en ontluchtingskoker met schroten bekleed. Op zolder bevinden zich aan de tuinzijde twee dienstbodenkamers en aan de straatzijde een droogzolder. De paneeldeuren op deze verdieping zijn gehout. Bijna het hele pand is onderkelderd, bestaande uit drie aaneengeschakelde ruimten.

Waardering

HERENHUIS gebouwd in 1904 in overgangsarchitectuur sterk beïnvloed door de Jugendstil, aan de westzijde van de Boompjeswal aan de oostrand van de bebouwde kom van Zutphen.

- Van architectuurhistorische waarde als goed en zeer gaaf bewaard voorbeeld van een herenhuis in overgangsarchitectuur met sterke invloeden vanuit de Jugendstil zowel in het ex- als interieur. De Jugendstil is onder andere aanwezig in de zeer fraaie vormgeving van de tegeltableaus, glas-in-loodramen, bronzen details en stucplafonds.

- Van stedenbouwkundige waarde vanwege de ligging van het herenhuis in de rooilijn aan de rand van de bebouwde kom van Zutphen.

- Van cultuurhistorische waarde vanwege de zeldzame Jugendstil detaillering aanwezig in het in- en exterieur.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction

MANSION built in 1904 at the request of Mr J.P. van de Brink to a design by architect T.A. Trijssenaar from Almelo. The house is situated in the building line of a row of mansions on the west side of the Boompjeswal on the eastern edge of the built-up area of Zutphen. The mansion is built in transitional architecture, strongly influenced by art nouveau/Jugendstil. The Jugendstil in the exterior is characterised among other things by the tile panels in the arch soffits, the leaded glass windows in the conservatory, the elegantly shaped wall anchors and handles and the horseshoe-shaped porch with circular edging in the entrance section.

Description

Two-aisled MANSION with rectangular floor plan consisting of a cellar, ground floor, first floor and an attic storey. On the ground floor the rooms en suite are located in the wide aisle with a conservatory at the rear. In the narrow side aisle is the entrance with draught lobby, hall, passage and staircase with the kitchen in line. On the upper floor are two rooms at the front and two at the rear with a bathroom and hall between them. The front facade is much richer than the plain rear facade through the alternating use of brown brick, red facing brick and natural stone. Besides a regular distribution of B-windows, tile panels, projecting axes and a horseshoe-shaped porch embellish the facade. The natural stone lintels and wooden frames are provided with splayn edges. The facades end in a front roof slope with two side slopes and a flat roof. The slopes are covered with red tuile du nord tiles. On the asphalted flat roof is a rectangular brick chimney stack closed off by a gabled roof covered with red tuile du nord tiles.

The FRONT FACADE with grey ashlar plinth, laid in cross bond, can be divided into two unequal bays. The left bay, two window axes wide, is laid in brown brick in contrast to the slightly projecting right bay with spout gable, laid in red facing brick. The red facing brick is also used for the left corner plaster, which passes under the eaves line into a projecting facing brick frieze. Through this framing the four B-windows in the left bay are set in a spandrel. In the plinth are two two-light cellar windows. Above the cellar windows and below the natural stone drip moulding is a rectangular spandrel flanked on either side by small consoles. Adjacent to the drip moulding are two B-windows on the ground floor separated by a stepped natural stone drip moulding from identical windows on the upper floor. The lower, middle and upper sills of the windows are emphasised by chamfered natural stone blocks as well as the springer and closing stones of the shallow herringbone arches. At the top they are closed off by a natural stone lintel, an arch soffit with tile panel and a shallow red facing brick herringbone arch. The left bay ends in an arch frieze with alternating wooden and brick blocks supporting the gutter with the rear rising front slope. On the division of the window axis is a roof dormer in the front slope with two coupled single-light windows and a three-light fanlight closed off by a catslide roof. On the ground floor of the right bay are three ashlar steps for the horseshoe-shaped porch with set-back entrance section. The horseshoe arch is set with natural stone blocks at the base connected by a natural stone casing. The porch with green tiled wainscoting has an ashlar platform. The tiles display a pattern of abstracted plant motifs. The entrance consists of a door with glass divisions with fanlights and sidelights with a circular form in the woodwork. The bronze letter box is detailed with two flowers that enclose the opening. On the first floor is a window section consisting of a central door flanked on either side by a sidelight with a leaded glass fanlight above the door. The fanlight is closed off by a natural stone lintel, arch soffit and shallow arch, the sidelights only by a lintel and a roller course. The door opens onto a balcony with wooden balustrade supported by moulded natural stone consoles. The right bay ends in a spout gable with brick shoulders and projecting brickwork. The projecting brickwork is in the form of a toothed course below the B-window with four-light fanlight in the gable apex. On either side of the window is a segmental arch roller course whose outer sides taper downward in the form of a flat stepped console. The window is closed off by a horseshoe-shaped frame with a tile panel in the arch soffit. In the top of the red facing brick stepped gable is a decorative wrought-iron wall anchor. The stepped gable is supplemented with natural stone to form a spout gable. In the worked natural stone spout is a cross/tree form worked in relief. The tile panels in the arch soffits are all identical with plant motifs on a yellow ground.

All wall openings in the REAR FACADE are closed off at the top by a frame, at the bottom by a natural stone undersill. To the left of the rear facade is a flight of three steps under a single wooden door with glass divisions. The door with six-light fanlight is flanked on the left side by a B-window with four-light fanlight. To the right of this is a conservatory of one storey on a natural stone foundation closed off by a flat roof. The conservatory is fitted with folding doors and fixed frames with glass divisions all provided with a fanlight with leaded glass windows. On the first floor is on the left one regularly divided B-window with four-light fanlight. On the right are double folding doors with a single-light fanlight opening onto the conservatory roof. On the attic storey are two regularly divided roof lights with four-light fanlight. The facade ends in a horizontal lightly moulded gutter with two sloping sides of the rising side slopes.

The INTERIOR has been largely preserved in its original state. Throughout the building are panelled doors and stucco ceilings. The stucco ceilings vary in style and design. The draught lobby with tiled wainscoting in Jugendstil is closed off by partition doors with etched glass. The elegant design of the bronze handle and the letter box is also Jugendstil. The stair rail of the staircase is executed in a neo-Renaissance style. On the ground floor is one black marble fireplace with blind sliding doors between the rooms en suite. In the conservatory with stucco ceiling are the leaded glass windows with symmetrical flower pattern. The kitchen, toilet and bathroom with terrazzo floor have the same tiled wainscoting consisting of white rectangular tiles in half-brick bond, enclosed by a row of green and yellow glazed tiles. In the bathroom is a light and ventilation duct lined with boards. On the attic floor are two servants' rooms on the garden side and a drying loft on the street side. The panelled doors on this floor are of solid wood. Almost the entire building is undercellared, consisting of three interconnected spaces.

Valuation

MANSION built in 1904 in transitional architecture strongly influenced by Jugendstil, on the west side of the Boompjeswal on the eastern edge of the built-up area of Zutphen.

- Of architectural historical value as a good and well-preserved example of a mansion in transitional architecture with strong influences from Jugendstil both in the exterior and interior. The Jugendstil is present among other things in the very fine design of the tile panels, leaded glass windows, bronze details and stucco ceilings.

- Of urban planning value because of the location of the mansion in the building line on the edge of the built-up area of Zutphen.

- Of cultural historical value because of the rare Jugendstil detailing present in the interior and exterior.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map