Rijksmonumentenregister · Netherlands
St. Antonius van Padua
Winssen, Gelderland, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Kerk en kerkonderdeel
- Function
- Parochiekerk
- Category
- onroerend gebouwd
- Built
- 1938
- Address
- Notaris Stephanus Roesstraat 37 a, 6645 AG Winssen (Beuningen 25)
- Place
- Winssen
- Municipality
- Beuningen
- Province
- Gelderland
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 51.88311, 5.70721
- Monument number
- 523176
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
TU Delft LibraryUniversity Library, Vrije Universiteit AmsterdamUniversity Library, Vrije Universiteit Amsterdam
3 historical maps cover this location, the earliest the 1914 map "Verklaring van het algemeen nut der onteigening van eigendommen in de gemeente Horssen, noodig voor den aanleg van eene wetering door het waterschap "de Gecombineerde waterlossing der polderdistricten Rijk van Nijmegen en Maas en Waal"" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
R.K. KERK, inclusief ORGEL.
De ST. ANTONIUS VAN PADUAKERK werd gebouwd in 1938 naar het ontwerp van de architecten ir. J.C. VAN BUIJTENEN en F.J. VERVEST uit Eindhoven in de traditionele stijl van de Delftse School. Deze kerk verving de tussen 1860 en 1863 gebouwde neogotische kerk naar een ontwerp van C. Weber. Deze laatste kerk werd tegen de 15de eeuwse toren gebouwd en werd in 1940 gesloopt met uitzondering van de toren. Het zo vrijgekomen perceel werd in gebruik genomen als begraafplaats waardoor de 15de eeuwse toren nu gelegen is op de begraafplaats van het dorp Winssen.
De nieuwbouwplannen voor de kerk voorzagen ook in de bouw van een nieuwe pastorie. De pastorie zou met de kerk verbonden worden door middel van een tussenbouw. Het plan voor de bouw van de pastorie is in gewijzigde vorm uitgevoerd maar nooit geheel gerealiseerd. Ook de kerk is in afwijking van de bouwtekeningen in een iets gewijzigde vorm gebouwd.
De georiënteerde, torenloze kerk werd gebouwd aan de zuidzijde van de Notaris Stephanus Roesstraat op enige honderden meters ten zuiden van de oude neogotische kerk. Aan de westzijde heeft de kerk een voorplein. De kerk wordt van dit voorplein afgesloten door een eenvoudig gedetailleerd ijzeren hekwerk. Aan de noordoostzijde wordt het terrein afgesloten door een laag bakstenen muurtje met ezelsrug met op de overgang tussen hekwerk en muurtje een bakstenen kolom met hardstenen, diamantkopvormige afdekplaat.
Tegen de zuidgevel van de zijbeuk bevindt zich ter plaatse van de westelijke travee een bakstenen bordes met treden. Dit bordes wordt geaccentueerd door een afdak onder zadeldak. Waarschijnlijk was deze plaats bedoeld voor een calvarieberg.
Ten zuidwesten van de kerk bevindt zich aan de rand van de boomgaard een bronzen Heilig Hartbeeld met de tekst ".WINSSEN. / AAN / CHRISTUS / KONING"
Omschrijving
De R.K. ST. ANTONIUS VAN PADUAKERK is opgetrokken uit baksteen, gemetseld in kettingverband, op een kruisvormige plattegrond. De kerk is van het type pseudobasiliek en bestaat uit een driebeukig schip van negen traveeën die worden geleed door steunberen, een dwarsschip en een koor van drie traveeën met drieachtste afsluiting. Het koor is op het oosten georiënteerd. Tegen de noord- en zuidzijde van het koor is de sacristie gebouwd. Tevens bevindt zich aan de zuidzijde van het koor ook nog een hulpsacristie. Deze hulpsacristie is door middel van een tussenlid verbonden met de eigenlijke sacristie. Tegen de noordgevel bevindt zich ter plaatse van de eerste westelijke travee een doopkapel op een rechthoekig grondplan met drieachtste afsluiting. Het middenschip wordt beëindigd door een overstekend zadeldak. Het koor heeft een schilddak.
Het dwarsschip wordt beëindigd door geknikte schilddaken waarvan de nok lager ligt dan de nok van het schip. De zijbeuken en beide sacristieën zijn voorzien van lessenaarsdaken. De hulpsacristie heeft een schilddak met een vrij korte nok. De doopkapel wordt beëindigd door een schilddak. Alle daken zijn gedekt met leien in maasdekking.
Boven de viering bevindt zich een achtzijdige dakruiter op een dichte blokvormige onderbouw met inspringende hoeken. Deze onderbouw is bekleed met lood en voorzien van vier bij het uurwerk behorende wijzerplaten. In de dakruiter, welke wordt beëindigd door een nagenoeg cirkelvormig plat dak, bevindt zich de klokkenstoel. Op het platte dak van de dakruiter staat op een bolsegment een ijzeren kruis.
Op verschillende dakvlakken zijn een aantal houten dakkapellen onder schilddak met dichte draaiende delen aangebracht: twee dakkapellen op het zuidelijke dakvlak van het schip en twee op het noordelijke dakvlak en twee op het westelijke dakvlak van het dwarsschip. De zinken hemelwaterafvoeren zijn vaak voorzien van een dito vergaarbak met overloop.
De kerk is hoofdzakelijk opgetrokken in baksteen van een iets groter formaat gemetseld in kettingverband waarbij als decoratie natuursteen is toegepast bij o.a. de cordonlijsten, de steunberen en bij de tracering van het bovenlicht van de hoofdingang.
De houten buitendeuren zijn opgeklampt en voorzien van decoratief hang- en sluitwerk. Bijna alle vensteropeningen van de kerk, de sacristie en de hulpsacristie zijn voorzien van glas-in-loodramen.
De symmetrisch ingedeelde westgevel van het SCHIP heeft als beëindiging een kleine, bakstenen klokkenstoel. Deze klokkenstoel is aan de onderzijde ingesnoerd en wordt afgedekt door natuurstenen platen die een zadeldak vormen. In deze gevel bevindt zich ook de hoofdingang. De deuropening ligt iets terug in een soort nis. Deze nis wordt afgesloten door een korfboog. De deuropening wordt door een natuurstenen kalf gedeeld. Het korfboogvormig bovenlicht is onderverdeeld door een vorktracering en voorzien van glas-in-lood. De dubbele, naar buiten draaiende, opgeklampte deuren van verticale delen en voorzien van decoratief smeedijzeren beslag. Aan weerszijden van de hoofdingang bevindt zich in een korfboogvormige nis een verticale vensteropening die wordt afgesloten door een korfboog. Boven de hoofdingang bevinden zich twee verticale vensteropeningen die worden afgesloten door een rondboog. Deze vensteropeningen zijn van glas-in-loodramen voorzien. De westgevel wordt aan de noord- en aan de zuidzijde afgesloten door een steunbeer. Deze gevel is een sober uitgevoerde tuitgevel met als enige decoratie de natuursteen elementen (o.a. afdekplaten, metselwerkbeëindigingen). De westgevel van de twee zijbeuken bevat twee verticale vensteropeningen die worden afgesloten door een korfboog. Met uitzondering van de westelijke en de oostelijke travee bevindt zich in iedere travee een verticale vensteropening die wordt afgesloten door een rondboog. De brede westelijke travee van de zuidelijke zijbeuk heeft twee venstertraveeën: twee rondboogvensteropeningen met onder de rechter vensteropening een oculusvenster. Aan de linkerzijde van het oculusvenster bevindt zich tegen de gevel een zadeldak dat waarschijnlijk moest dienen als overkapping voor een Calvariegroep. Deze Calvariegroep is echter nooit gerealiseerd.
In de iets uitspringende travee aan de oostzijde van de zijbeuk bevindt zich ter plaatse van de biechtstoelen een twee naast elkaar gelegen rondboogvensteropeningen met daarboven een oculus.
Tegen de brede westelijke travee van de noordelijke zijbeuk is de DOOPKAPEL gebouwd. De driezijdige sluiting is voorzien van zich verjongende steunberen met natuurstenen beëindiging. In de muurvelden bevinden zich vensteropeningen afgesloten door een spitsboog met vorktracering en voorzien van glas-in-loodramen.
In de noord- en zuidgevel van het dwarsschip bevinden zich per gevel twee hoge gekoppelde rondboogvensteropeningen. Deze vensteropeningen worden ontlast door een gezamenlijke segmentboogvormige ontlastingsboog met natuurstenen geboorte- en sluitstenen.
Het KOOR is drie traveeën diep en bezit een driezijdige sluiting. Deze sluiting bezit op elke hoek steunberen met een schuine bakstenen beëindiging. Onder de bakgoot bevindt zich een bakstenen segmentboogfries, met natuurstenen geboortestenen. De vensteropeningen hebben veelal een rondboogvormige beëindiging en dito deuren. In de oostgevel bevinden zich twee ronde vensteropeningen. De drie ramen in de rondboogvensteropeningen van de koorsluiting hebben gebrandschilderde voorstellingen.
De SACRISTIE heeft rondboogvensteropeningen en de HULPSACRISTIE heeft rechthoekige vensteropeningen.
Het INTERIEUR van de kerk is bijna geheel in baksteen opgetrokken. Diverse kolommen zijn uitgevoerd in marmer en voorzien van een hardstenen kolomvoet en dito kapiteel. Het middenschip bezit een tongewelf met gordelbogen. De segmenten van dit tongewelf zijn gepleisterd. De zijbeuken bezitten dwarsmuren die elk voorzien zijn van een loopopening die wordt afgesloten door een korfboogvormige ontlastingsboog, waarboven de kruiswegstaties zijn aangebracht. Tussen twee dwarsmuren bevindt zich een tongewelf. Deze tongewelven staan loodrecht op het tongewelf van het middenschip en zijn gepleisterd. De viering bestaat uit een koepel en de dwarsvleugel bezitten ook een tongewelf dat loodrecht staat op het middenschip. Ook het koor wordt overspannen door een tongewelf. Dit tongewelf gaat in de sluiting over in een halve koepel. Links achter in de kerk is de doopkapel. Hierin het DOOPVONT en een deel van de tegelvloer uit de oude kerk. Het opgaande werk is als schoonmetselwerk uitgevoerd. De gewelfvelden zijn gepleisterd en wit geschilderd. De sacristie en de hulpsacristie bezitten een houten balklaag met houten vloerdelen. Ook is de vaste paramentenkast nog aanwezig. In de westelijke transeptarm bevindt zich een ingemetselde steen met inschrift : "P.L.P. / TH.A. BEIJER PASTOOR / W.H. V.D. PUTTEN / J.J. LITJENS / KERKBESTUUR / 8 SEPTEMBER 1938" Een deel van de INVENTARIS zoals communiebank, preekstoel, zijaltaren, kruiswegstaties, triomfkruis, diverse neogotische (heiligen)beelden (Isodorus, Donatus, Antonius van Padua (rechtsachter in de kerk, in een aparte kapel), Brigida van Ierland, Maria, Jozef, H. Hart van Jezus, H. Hart van Maria, de Goede Herder, Petrus, Johannes de Doper, Johannes Nepomucenus, Maria van Egypte, Maria Magdalena, Gregorius, Ambrosius en Caecilia) en het vaatwerk zijn afkomstig uit de in 1940 gesloopte neogotische kerk. Het BANKENPLAN uit de bouwtijd van de kerk is nog aanwezig.
Het ORGEL is een tweeklaviers mechanisch orgel met dertien registers, gemaakt door F.C. Smits I in 1844.
Waardering
R.K. ST. ANTONIUS VAN PADUAKERK gebouwd in 1938 naar een ontwerp van ir. J.C. van Buijtenen en F.J. Vervest in de traditionele stijl van de Delftse School.
- Van architectuurhistorische waarde als een goed en gaaf voorbeeld van een (dorps)kerk gebouwd in de traditionele stijl van de Delftse School. Deze stijl wordt gekenmerkt door de rustieke baksteenarchitectuur met verwijzingen naar de Romaanse architectuur. De kerk bezit hoogwaardige esthetische kwaliteiten in interieur en exterieur, zoals de bijzondere en sobere ornamentiek (schoon baksteenmetselwerk met hier en daar natuurstenen spekbanden), het materiaal- en kleurgebruik (bakstenen en marmeren / natuurstenen kolommen) en de bijpassende interieurelementen (houten kerkbanken, orgel, heiligenbeelden etc.). Tevens is de kerk een voorbeeld van een goed geproportioneerde bouwmassa die met zorg ontworpen details bezit.
- Van stedenbouwkundige waarde als een markant onderdeel van de bebouwing van het centrum van Winssen. De kerk is één van de meest karakteristieke gebouwen van het dorp, gelegen in de oude nog vrij gaaf bewaard gebleven historische dorpskern van Winssen ten zuiden van de belangrijke Notaris Stephanus Roesstraat. De kerk bepaalt door haar markante verschijningsvorm en omvang in hoge mate het beeld van de directe omgeving.
- Van cultuurhistorische waarde vanwege de verschijningsvorm (herkenbaarheid als kerk) en de bestemming als godshuis, welke verbonden zijn met de religieuze ontwikkeling van het dorp Winssen. In het leven van veel inwoners speelde of speelt de kerk een belangrijke rol doordat veel inwoners in deze kerk zijn gedoopt, getrouwd en vanuit deze kerk begraven werden.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
ROMAN CATHOLIC CHURCH, including ORGAN.
The ST. ANTONIUS VAN PADUAKERK was built in 1938 according to the design of the architects ir. J.C. VAN BUIJTENEN and F.J. VERVEST from Eindhoven in the traditional style of the Delft School. This church replaced the neo-Gothic church built between 1860 and 1863 after a design by C. Weber. This latter church was built against the 15th century tower and was demolished in 1940 with the exception of the tower. The plot thus freed up was used as a cemetery, with the result that the 15th century tower is now situated on the cemetery of the village of Winssen.
The new building plans for the church also included the construction of a new rectory. The rectory was to be connected to the church by means of an intermediate structure. The plan for the construction of the rectory was executed in modified form but was never fully realised. The church too was built in a slightly modified form in deviation from the building drawings.
The oriented, towerless church was built on the south side of the Notaris Stephanus Roesstraat some hundreds of metres south of the old neo-Gothic church. On the west side the church has a forecourt. The church is separated from this forecourt by a simply detailed iron railing. On the north-east side the grounds are enclosed by a low brick wall with a saddle back, and at the transition between railing and wall there is a brick column with a hard stone, diamond-head shaped coping.
Against the south gable of the side aisle, at the location of the western bay, there is a brick dais with steps. This dais is accentuated by a canopy beneath a gabled roof. This location was probably intended for a calvary.
South-west of the church, at the edge of the orchard, there is a bronze Sacred Heart statue with the text ".WINSSEN. / TO / CHRIST / THE KING"
Description
The ROMAN CATHOLIC ST. ANTONIUS VAN PADUAKERK is built of brick, laid in stretcher bond, on a cruciform plan. The church is of the pseudo-basilica type and consists of a three-aisle nave of nine bays divided by buttresses, a transept and a choir of three bays with three-eighths termination. The choir is oriented to the east. Against the north and south sides of the choir is the sacristy. There is also an auxiliary sacristy on the south side of the choir. This auxiliary sacristy is connected to the actual sacristy by means of an intermediate section. Against the north gable, at the location of the first western bay, is a baptistery on a rectangular plan with three-eighths termination. The nave is terminated by a projecting gabled roof. The choir has a hipped roof.
The transept is terminated by bent hipped roofs, the ridge of which is lower than the ridge of the nave. The side aisles and both sacristies are provided with lean-to roofs. The auxiliary sacristy has a hipped roof with a relatively short ridge. The baptistery is terminated by a hipped roof. All roofs are covered with slate in a Maas-bond pattern.
Above the crossing is an octagonal roof turret on a solid cubic base with recessed corners. This base is clad with lead and provided with four clock faces belonging to the clockwork. In the roof turret, which is terminated by an almost circular flat roof, is the bell frame. On the flat roof of the roof turret stands an iron cross on a spherical segment.
On various roof slopes a number of wooden roof dormers with hipped roofs and solid rotating parts have been installed: two roof dormers on the southern roof slope of the nave and two on the northern roof slope and two on the western roof slope of the transept. The zinc rainwater pipes are often provided with a ditto catchment basin with overflow.
The church is built mainly of brick of a slightly larger format, laid in stretcher bond, with natural stone applied as decoration, including at the string courses, buttresses and in the tracery of the fanlight of the main entrance.
The wooden external doors are clamped and provided with decorative hinges and fittings. Almost all window openings of the church, the sacristy and the auxiliary sacristy are provided with leaded glass windows.
The symmetrically arranged west gable of the NAVE has as termination a small brick bell turret. This bell turret is constricted at the bottom and is topped with natural stone slabs forming a gabled roof. In this gable is also the main entrance. The door opening is set back slightly in a kind of niche. This niche is closed by a basket arch. The door opening is divided by a natural stone plinth. The basket arch-shaped fanlight is subdivided by a fork tracery and provided with leaded glass. The double, outward-opening, clamped doors of vertical sections and provided with decorative wrought iron fittings. On either side of the main entrance there is in a basket arch-shaped niche a vertical window opening which is closed by a basket arch. Above the main entrance are two vertical window openings which are closed by a round arch. These window openings are provided with leaded glass windows. The west gable is closed at the north and south sides by a buttress. This gable is a simply executed spout gable with natural stone elements as the only decoration (including coping slabs, brickwork terminators). The west gable of the two side aisles contains two vertical window openings which are closed by a basket arch. With the exception of the western and eastern bay, each bay contains a vertical window opening which is closed by a round arch. The broad western bay of the southern side aisle has two window bays: two round arch window openings with below the right window opening an oculus window. On the left of the oculus window, against the gable, is a gabled roof that was probably intended as a canopy for a Calvary group. This Calvary group was never realised, however.
In the slightly projecting bay on the east side of the side aisle, at the location of the confessionals, there are two round arch window openings side by side with an oculus above.
Against the broad western bay of the northern side aisle is the BAPTISTERY built. The three-sided termination is provided with tapered buttresses with natural stone termination. In the wall fields are window openings closed by a pointed arch with fork tracery and provided with leaded glass windows.
In the north and south gables of the transept there are two high coupled round arch window openings per gable. These window openings are relieved by a shared segmental arch-shaped relieving arch with natural stone impost and keystone.
The CHOIR is three bays deep and has a three-sided termination. This termination has buttresses at each corner with a slanted brick termination. Under the eaves is a brick segmental arch frieze with natural stone imposts. The window openings mostly have a round arch termination and likewise doors. In the east gable there are two round window openings. The three panes in the round arch window openings of the choir termination have stained glass representations.
The SACRISTY has round arch window openings and the AUXILIARY SACRISTY has rectangular window openings.
The INTERIOR of the church is built almost entirely of brick. Several columns are executed in marble and provided with a hard stone column base and likewise capital. The nave possesses a barrel vault with ribs. The segments of this barrel vault are plastered. The side aisles possess cross walls, each provided with a passage opening which is closed by a basket arch-shaped relieving arch, above which the Stations of the Cross are mounted. Between two cross walls is a barrel vault. These barrel vaults stand perpendicular to the barrel vault of the nave and are plastered. The crossing consists of a dome and the transverse wing also possesses a barrel vault which stands perpendicular to the nave. The choir is also spanned by a barrel vault. This barrel vault changes in the termination into a half dome. On the left at the back of the church is the baptistery. In it the BAPTISMAL FONT and a part of the tiled floor from the old church. The structural masonry is executed as fair-faced brickwork. The vault fields are plastered and painted white. The sacristy and the auxiliary sacristy possess a wooden ceiling with wooden floor panels. Also the fixed vestment cupboard is still present. In the western transept arm there is an inlaid stone with inscription: "P.L.P. / TH.A. BEIJER PASTOOR / W.H. V.D. PUTTEN / J.J. LITJENS / KERKBESTUUR / 8 SEPTEMBER 1938" Part of the FURNISHINGS such as communion rail, pulpit, side altars, Stations of the Cross, triumphal cross, various neo-Gothic (saint) statues (Isodorus, Donatus, Anthony of Padua (right at the back in the church, in a separate chapel), Brigid of Ireland, Mary, Joseph, Sacred Heart of Jesus, Sacred Heart of Mary, the Good Shepherd, Peter, John the Baptist, John of Nepomuk, Mary of Egypt, Mary Magdalene, Gregory, Ambrose and Cecilia) and the vessels come from the neo-Gothic church demolished in 1940. The SEATING PLAN from the building period of the church is still present.
The ORGAN is a two-manual mechanical organ with thirteen registers, made by F.C. Smits I in 1844.
Valuation
ROMAN CATHOLIC ST. ANTONIUS VAN PADUAKERK built in 1938 after a design by ir. J.C. van Buijtenen and F.J. Vervest in the traditional style of the Delft School.
- Of architectural-historical value as a good and well-preserved example of a (village) church built in the traditional style of the Delft School. This style is characterised by rustic brick architecture with references to Romanesque architecture. The church possesses high-quality aesthetic qualities in interior and exterior, such as the distinctive and sober ornamentation (fair-faced brickwork with occasional natural stone bands), the use of material and colour (brick and marble/natural stone columns) and the matching interior elements (wooden church pews, organ, saint statues etc.). The church is also an example of a well-proportioned building mass with carefully designed details.
- Of urban planning value as a distinctive component of the development of the centre of Winssen. The church is one of the most characteristic buildings of the village, located in the old, relatively well-preserved historic village centre of Winssen south of the important Notaris Stephanus Roesstraat. The church, through its distinctive appearance and size, significantly determines the character of the immediate surroundings.
- Of cultural-historical value due to its appearance (recognisability as a church) and its function as a place of worship, which are connected to the religious development of the village of Winssen. In the lives of many residents the church played or plays an important role, as many residents were baptised, married and buried from this church.
Nearby in the register
- Kerktoren, Notaris Stephanus Roesstraat 44Kerk en kerkonderdeelunder 1 mi
- Woonhuis, Notaris Stephanus Roesstraat 31Woonhuisunder 1 mi
- Magazijn, Dijk 27 Winssen (Beuningen 25)Opslagunder 1 mi
- Boerderij, Leegstraat 14Boerderijunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.