Rijksmonumentenregister · Netherlands
'Jannetje' en 'Johanna'
Nijmegen, Gelderland, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Woonhuis
- Category
- onroerend gebouwd
- Built (approximately)
- 1895
- Address
- Schependomlaan 23, Locatie: Hees, 6542 RL Nijmegen (and others)
- Place
- Nijmegen
- Province
- Gelderland
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 51.84150, 5.83662
- Monument number
- 523065
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
University Library, Vrije Universiteit AmsterdamUniversity Library, Vrije Universiteit AmsterdamUniversity Library, Vrije Universiteit Amsterdam
3 historical maps cover this location, the earliest the 1893 map "Amsterdam-Rheinkanal : frei von Kanalabgaben / [getekend door] J.H. Schmüll" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
Dubbel WOONHUIS (nr. 23 en 25) met TUINHEK, gebouwd ca. 1895 in eclectische stijl met duidelijke invloeden van de Chaletstijl. In de hier toegepaste eclectische stijl overheerst de invloed van de neo-renaissance in onder meer de gecementeerde gevels die door banden van schoonmetselwerk worden geleed. Verder zijn kenmerken, de gesneden kozijnen en de van een sluitsteen voorziene vensterbogen. Gesneden korbelen die de bakgoot ondersteunen en het schijnspant uitgerust met een makelaar aan de voorzijde van het pand, zijn afgeleid van de Chaletstijl.
De geschakelde woningen zijn gelegen ten westen van het centrum van de stad Nijmegen en maakte voorheen deel uit van het dorpje Hees.
Beide woonhuizen worden aan de voorzijde door een tuin met doorlopend smeedijzeren tuinhek, van de straat gescheiden. Op het perceel van nr. 25 staat een koetshuis dat deels als woning in gebruik is genomen. Het koetshuis valt buiten de rijksbescherming.
Omschrijving
Het pand bezit een samengestelde plattegrond en wordt, doordat sprake is per woning van drie bouwvolumen, gedekt door diverse daktypen. Het uit twee bouwlagen en een zolderverdieping tellende bouwvolume, wordt door één afgeplat, omlopend schilddak waarin een aangekapt zadeldakje, met schubleien gedekt. In het achterschild is een dakraam aanwezig. De zijgevel wordt gevormd door één bouwlaag met zolderverdieping tellend bouwvolume onder een samengesteld schubleien dak, terwijl de tweede uitbouw die is afgelegen van de straat, voorzien is van een platdak. De geschakelde woningen zijn op het eenlaags bouwvolume aan de straatzijde na, nagenoeg identiek. Het linkerpand (nr.23) bezit links een driezijdig bouwvolume met een segmentboogvormig raam in de overhoekse positie met de zijgevel. Het rechterpand heeft in de hoek met de rechter zijgevel een uitbouw op rechthoekige grondslag waarvan de voorgevel een eveneens segmentboogvormig raam bezit naast een gekoppeld keperboogvormig raam. De zijgevel sluit hier wel aan op de met de platgedekte, eerder omschreven, achterbouw.
De gevels van het pand worden gekenmerkt door gecementeerde muurvlakken waarin spekbanden van schoonmetselwerk. De in de gevelbekleding uitgespaarde bogen boven de vensters zijn evenals de spekbanden in rode verblendsteen uitgevoerd. De vensterassen (enkele met persiënnes), bevatten verschillende raamtypen op gecementeerde lekdorpels. De ramen zijn al dan niet gekoppeld uitgevoerd of uitgerust met gesneden kozijnen. Standaard zijn de vensters uitgevoerd met een steens strek met uitgemetselde, gecementeerde sluit- en aanzetstenen. De omlopende plint (waarin lage kelder(stolp)ramen) wordt gevormd door een uitgemetseld trasraam, beëindigd door een zwart geglazuurde afgeschuinde rollaag.
De VOORGEVEL bevat het hoge licht risalerende symmetrisch ingedeelde middenblok met lage uitbouw op de hoeken met de zijgevel. Op de begane grond komen vier vensters voor met schuiframen met segmentboogvormige bovenlichten; alleen bij het linkerpand is de glas in loodvulling in de bovenlichten in takt. Boven de waterlijst met zwart verblendstenen metsellagen, komen vier getoogde vensters voor (voorzien van persiënnes) met stolpramen onder een met geglazuurde tegels ingelegd gevelveld. De ramen in de kruin van het schijnspant boven het gepleisterde veld met opschrift 'JANNETJE' (nr 23) en 'JOHANNA' (nr 25) zijn eveneens stolpramen.
De flanken van de gevel worden door eenlaags uitbouwen ingenomen die beide zijn voorzien van twee vensterassen, bestaande uit een gekoppeld raam met keperbogen die door een rijk bewerkt kozijnstijl worden gescheiden. Het segmentboogvormig raam is links overhoeks geplaatst en in de rechterzijde van de gevel wijkt het enigszins naar achter (en duidt vermoedelijk op de oorspronkelijke deuropening). Beide uitbouwen bevatten in de samengestelde, maar van elkaar afwijkende daken, twee dakkapelletjes met zeshoekige valraampjes, voorzien van een zadeldakje.
De LINKER ZIJGEVEL wordt gedomineerd door het tweelaags platgedekt bouwvolume met rechts een lichtrisalerende partij waarin zich beneden gekoppeld, twee ramen bevinden. Het venster boven betreft een driestrooksvenster met glas in lood, gevat in rijk bewerkte raamstijlen. Begane gronds bevinden zich links, gekoppeld twee schuiframen; boven komt een stolpraam voor. In de hoek aan de straatzijde is de verhoogd gelegen ingangspartij aanwezig, evenwijdig aan de straat. Het lessenaars-afdakje rust op een gesneden kolom en is voorzien van een deels houten borstwering met gietijzeren spijlen.
De ACHTERGEVEL wordt grotendeels in beslag genomen door de aansluitende serres van beide woningen. De voorzijde ervan bevat dubbele beglaasde deuren met terzijde een vensterstrook; de zijkant telt twee vensterstroken. De ramen zijn alle voorzien van oorspronkelijke roedeverdelingen maar zoals gezegd, glas in lood bovenlichten komen alleen voor in het pand nr 23. Boven de serre sluit een balkon aan met gietijzeren spijlen van de borstwering waarop dubbele deuren uitkomen met bovenlichten met gepaarde verticale roedeverdeling in het midden. De serres worden door de naar voren uitspringende en platgedekte uitbouwen op de hoeken ingesloten. Deze uitbouwen bevatten oorspronkelijk per zijde twee naar achter geplaatste deuren: één voor het personeel die direct toegang geeft tot de keuken en één die aansluit op de gang. Op de hoeken komt een toilet(draai)raampje voor. De verdieping bevat een stolpraam en een toilet(draai)raampje. Alleen bij nr 25 komt nog op de hoek een platgedekt kolenschuurtje met een opgeklampt deurtje met kraalprofieldelen voor.
De RECHTER ZIJGEVEL wijkt in enkele onderdelen van de linker zijgevel af. De gevel van de lage uitbouw links is blind uitgevoerd en bijna aansluitend, bevindt zich hier de (vermoedelijk in de jaren '30 gewijzigde) entreepartij. De voordeur (met aan weerszijden glas in lood zijlichten) onder een afdak is via een laag gemetseld trapje bereikbaar. Het venster boven de voordeur betrof oorspronkelijk een identiek raam als vermeld in de linker zijgevel, maar is hier zichtbaar gewijzigd in een stolpraam. Voor het overige is deze gevel aan de vergelijkbare linker zijgevel identiek.
Het INTERIEUR van de woningen is in de onderdelen goed bewaard gebleven. De ruimtelijke indeling die over het algemeen redelijk intact is gebleven, heeft bij nr. 23 aan de achterzijde boven, vermoedelijk een lichte wijziging ondergaan door het wegnemen van een binnenmuur. Bij nr. 25 is de entree in de jaren dertig gewijzigd en boven is een muur verwijderd. In de hal liggen fraaie vloertegels met doorlopend patroon. In de van een geornamenteerd stucplafond (kooflijsten en consoles) voorziene gang met fonteintje, zijn tegels met achtpuntige sterren aanwezig. De bordestrap is uitgerust met een trappaal en houten gedraaide spijlen. De muren bezitten een lambriseringlijst. De kamers en suite met bijbehorende schuifdeuren zijn aanwezig maar bij nr. 23 later veranderd. Verder zijn geornamenteerde stucplafonds, schouwen en paneeldeuren bewaard gebleven. De kelders bezitten troggewelven.
Het doorlopende smeedijzeren TUINHEK is gaaf bewaard gebleven en bevat twee toegangshekken tussen ijzeren zuiltjes.
Waardering
Dubbel WOONHUIS met HEKWERKEN gebouwd ca. 1895.
- Van architectuurhistorisch belang als voorbeeld van een redelijk gaaf bewaarde dubbelwoning rond 1900 in eclectische stijl met duidelijke neorenaissance-kenmerken en invloeden van de chaletstijl.
- Van stedenbouwkundig belang vanwege zijn ligging aan een hoofdstraat van het voormalige dorp Hees, dat door de stadsuitbreiding van Nijmegen in deze gemeente is opgegaan.
- Van cultuurhistorisch belang als voorbeeld van een vroege vorm van agglomeratie, waarbij het dorp Hees nog overwegend zijn landelijk karakter heeft weten te behouden.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
Double DWELLING HOUSE (nos. 23 and 25) with GARDEN GATE, built c. 1895 in eclectic style with clear influences from the Chalet style. In the eclectic style applied here, the influence of neo-renaissance predominates in, amongst other things, the rendered facades which are articulated by bands of fair-faced brickwork. Further characteristics are the carved window frames and the window arches provided with a keystone. Carved corbels which support the fascia and the blank gable equipped with a moulding at the front of the building are derived from the Chalet style.
The semi-detached dwellings are located to the west of the centre of the city of Nijmegen and formerly formed part of the village of Hees.
Both dwelling houses are separated from the street at the front by a garden with a continuous wrought-iron garden gate. On the plot of no. 25 stands a carriage house which has partly been taken into use as a dwelling. The carriage house falls outside the national monument protection.
Description
The building has a complex floor plan and is, because each dwelling comprises three building volumes, covered by various roof types. The building volume comprising two storeys and an attic storey is covered by one flattened, continuous hipped roof in which a partly integrated gabled rooflet, covered with slate shingles. In the rear slope is a roof window. The side facade is formed by one building volume comprising one storey with attic storey under a composite slate-shingle roof, whilst the second extension which is set back from the street is provided with a flat roof. The semi-detached dwellings are, except for the one-storey building volume on the street side, virtually identical. The left building (no. 23) has on the left a three-sided building volume with a segmental arched window in the corner position with the side facade. The right building has in the corner with the right side facade an extension on a rectangular base whose front facade likewise has a segmental arched window next to a coupled basket-arched window. The side facade connects here to the flat-roofed, previously described, rear extension.
The facades of the building are characterised by rendered wall surfaces with speckled bands of fair-faced brickwork. The arches cut out in the facade covering above the windows are, like the speckled bands, executed in red facing brick. The window axes (some with venetian blinds), contain various window types on rendered sills. The windows are executed either coupled or equipped with carved frames. Standard are the windows executed with a brick course with mortared, rendered seal and setting stones. The continuous plinth (containing low basement windows) is formed by a mortared tuff window, terminated by a black glazed chamfered roll course.
The FRONT FACADE contains the tall light risalitting symmetrically arranged central block with low extensions at the corners with the side facade. On the ground floor there are four windows with sash windows with segmental arched fanlights; only at the left building is the leaded glass infill in the fanlights intact. Above the drip moulding with black facing-brick courses, there are four arched windows (provided with venetian blinds) with casement windows under a field covered with glazed tiles. The windows in the crown of the blank gable above the rendered field with the inscription 'JANNETJE' (no. 23) and 'JOHANNA' (no. 25) are likewise casement windows.
The flanks of the facade are occupied by one-storey extensions which are both provided with two window axes, consisting of a coupled window with basket arches which are separated by a richly worked window frame mullion. The segmental arched window is placed at an angle on the left and on the right side of the facade it recedes somewhat (and presumably indicates the original door opening). Both extensions contain in the composite, but mutually differing roofs, two small roof dormer windows with hexagonal sash windows, provided with a gabled rooflet.
The LEFT SIDE FACADE is dominated by the two-storey flat-roofed building volume with on the right a slightly risalitting section in which below are coupled two windows. The upper window concerns a three-light window with leaded glass, set in richly worked frame mullions. On the ground floor are on the left, coupled two sash windows; above comes a casement window. In the corner on the street side is the raised entrance section, parallel to the street. The lean-to canopy rests on a carved column and is provided with a partly wooden balustrade with cast-iron balusters.
The REAR FACADE is largely occupied by the adjoining conservatories of both dwellings. The front of it contains double glazed doors with at the side a window strip; the side counts two window strips. The windows are all provided with original glazing bars but as mentioned, leaded glass fanlights occur only in building no. 23. Above the conservatory adjoins a balcony with cast-iron balusters of the balustrade on which double doors open with fanlights with paired vertical glazing bars in the middle. The conservatories are enclosed by the projecting forward and flat-roofed extensions at the corners. These extensions originally contained per side two doors placed towards the rear: one for staff which gives direct access to the kitchen and one which connects to the corridor. At the corners comes a toilet casement window. The upper floor contains a casement window and a toilet casement window. Only at no. 25 is there still at the corner a flat-roofed coal shed with an inset small door with bead-profile sections.
The RIGHT SIDE FACADE differs in some components from the left side facade. The facade of the low extension on the left is executed blank and almost adjoining, here is the (presumably modified in the 1930s) entrance section. The front door (with leaded glass side lights on both sides) under a canopy is accessible via a low-built small staircase. The window above the front door originally concerned an identical window as mentioned in the left side facade, but here is visibly modified to a casement window. For the rest, this facade is identical to the comparable left side facade.
The INTERIOR of the dwellings is well preserved in its components. The spatial arrangement which has on the whole remained reasonably intact has at no. 23 on the rear above, presumably undergone a slight alteration through the removal of an internal wall. At no. 25 the entrance was modified in the thirties and a wall above was removed. In the hall lie fine floor tiles with continuous pattern. In the corridor with an ornamental stucco ceiling (cornice mouldings and consoles) provided with a small sink, are tiles with eight-pointed stars. The staircase is equipped with a stair post and wooden turned balusters. The walls have a wainscot moulding. The rooms en suite with associated sliding doors are present but at no. 23 later changed. Furthermore ornamental stucco ceilings, fireplaces and panelled doors have been preserved. The cellars have barrel-vaults.
The continuous wrought-iron GARDEN GATE is well preserved and contains two access gates between iron pillars.
Valuation
Double DWELLING HOUSE with IRON RAILINGS built c. 1895.
- Of architectural-historical importance as an example of a reasonably well-preserved semi-detached dwelling from around 1900 in eclectic style with clear neo-renaissance characteristics and influences from the chalet style.
- Of urban-planning importance because of its location on a main street of the former village of Hees, which through the urban expansion of Nijmegen was incorporated into this municipality.
- Of cultural-historical importance as an example of an early form of agglomeration, whereby the village of Hees was able to retain its predominantly rural character.
Nearby in the register
- Olde WehmeKerkelijke dienstwoningunder 1 mi
- Kerk, Korte Bredestraat 37Kerk en kerkonderdeelunder 1 mi
- Kerktoren, Korte Bredestraat 37Kerk en kerkonderdeelunder 1 mi
- De Witte MolenIndustrie- en poldermolenunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.