Rijksmonumentenregister · Netherlands
Spaarbank, Johan de Wittstraat 2
Dordrecht, Zuid-Holland, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Handel en kantoor
- Function
- Spaarbank
- Category
- onroerend gebouwd
- Built
- 1912 - 1913
- Address
- Johan de Wittstraat 2, 3311 KJ Dordrecht
- Place
- Dordrecht
- Province
- Zuid-Holland
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 51.81210, 4.66860
- Monument number
- 522350
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
University Library, Vrije Universiteit AmsterdamUniversity Library, Vrije Universiteit AmsterdamTU Delft Library
3 historical maps cover this location, the earliest the 1890 map "16. Dordrecht (Tweede uitgave, 1890)" (TU Delft Library).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
In 1912-1913 naar ontwerp van de architect Anthonie Ek gebouwde SPAARBANK, in de stijl van het Eclecticisme. Het bankgebouw ligt binnen het beschermde stadsgezicht van Dordrecht, op het punt waar de Johan de Wittstraat samenkomt met de Bagijnhof.
De spaarbank is nog steeds in gebruik als bankgebouw, maar heeft in de loop der jaren wel wijzigingen ondergaan. Zo is de gevel aan de zuidwestkant op de begane grond doorgebroken, omdat daar een uitbreiding is gerealiseerd. De zijgevel aan de Bagijnhof heeft een lage aanbouw uit 1935 in dezelfde stijl als het hoofdvolume.
Omschrijving
Vanuit een samengestelde plattegrond opgetrokken spaarbank, bestaande uit twee bouwlagen onder samengesteld dak, gedekt met leien in Rijn- of in Maasdekking. Het pand wordt grotendeels overkapt door een schilddak met zeeg, waarvan de nokuiteinden voorzien zijn van pironnen en in de dakschilden zijn dakkapellen met oeil de boeufs aangebracht. De ver overstekende gootlijst wordt ondersteund door klossen.
De gevels zijn opgetrokken in schone baksteen op een geblokte graniten plint en worden horizontaal geleed door zandstenen speklagen. In de gevels smeedijzeren sierankers.
Op de begane grond rondboogvensters onder zandstenen rondbogen, die tweeruits schuiframen bevatten met een drieruits glas-in-lood bovenlicht. Op de verdieping rechtgesloten vensters voorzien van een hardstenen waterdorpel, een zandstenen tussendorpel en een meerruits glas-in-lood bovenlicht. Deze vensters staan afwisselend onder een bakstenen strek, waarvan de aanzetstenen van zandsteen zijn, of onder een zandstenen latei.
De voorgevel (noordwest) is symmetrisch ingedeeld, met de verdiept gelegen hoofdentree in het midden, twee kleine erkers op de verdieping en een dakruiter in de vorm van een lantaarntje midden op het dak. Het portaal van de hoofdingang wordt omgeven door rondbogen bestaande uit afwisselend baksteen en zandstenen lagen. De rondboog in het gevelvlak is geheel van zandsteen en bevat de tekst SPAARBANK.
De zware houten paneeldeur is voorzien van ruiten met daarvoor een smeedijzeren deurrooster. Het bovenlicht heeft in het midden een cirkel van gewoon glas met daaromheen straalsgewijs lopende roeden die zijn opgevuld met glas-in-lood. De deur is te bereiken via een granieten stoep. Aan weerszijden van de entree twee vensters. Tussen elk paar vensters twee gekoppelde halfzuiltjes. Om de vijf bogen van de begane grond is een profiellijst aangebracht.
Op de verdieping boven de entree vijf vensters met zandstenen tussenstijlen. Links en recht van deze vensters een driezijdige erker met in elke zijde een venster, eveneens voorzien van zandstenen tussenstijlen. De bakstenen, uitkragende basis van de erker ontspringt tussen de bogen van de vensters op de begane grond. De erker heeft een in het schilddak instekend eigen schilddakje met leien in Maasdekking en een piron.
Naast de erkers tegen de hoeken van de voorgevel een rechtgesloten venster zonder bovenlicht, onder zandstenen rondboog, waarvan het boogveld is opgevuld met een siermotief en wapenschild.
In het midden op het dak een achtkantige houten dakruiter onder achtkantig koperen koepeldak. De onderbouw is bekleed met leien in Maasdekking en wordt afgesloten door een houten kroonlijst. Op de hoeken van de kroonlijst staan acht Dorische zuiltjes, die een hoofdgestel dragen met bogen tussen de zuilen. Daarboven het koepeldak. De voorste zijde van de onderbouw is voorzien van een uurwerk.
Tussen de erkerdaken in het dak drie dakkapellen met oeil de boeufs met een houten omlijsting. Op de verdieping is ter hoogte van het middelste venster een ijzeren vlaggenstokhouder aangebracht.
De linker zijgevel (noordoost) bestaat uit een hoog gedeelte aan de rechterkant onder zadeldak en een lagere aanbouw aan de linkerkant onder plat dak.
Het hoge gedeelte heeft zes vensterassen, waarbij het geveldeel van de meest linker vensteras en van de vijfde vensteras (het trappenhuis) is doorgetrokken op dakniveau en een rechte afsluiting heeft. Het platte dak van deze volumes steekt in het zadeldak. Deze geveldelen zijn voorzien van een hardstenen bekroning met twee bollen op de hoeken en een flauw geknikte middenbekroning.
De linker vensteras heeft op de begane grond en op de verdieping een venster. Daarboven rondboog tweelingvensters met een zandstenen tussenstijl, een hardstenen waterdorpel en onder een bakstenen boog met zandstenen aanzetstenen.
Rechts daarnaast op de begane grond drie vensters met twee deelzuiltjes. Op de verdieping drie vensters en in het dak drie dakkapellen. In de plint zijn voor de kelder drie cirkelvormige openingen aangebracht.
De gevel van het trappenhuis risaleert iets. Deze gevel bevat op de begane grond twee rechtgesloten vensters onder een bewerkte zandstenen latei. De vensters zijn voorzien van diefijzers.
Boven de vensters een zandstenen plaquette met het jaartal 1912. Op de verdieping twee kleine rechthoekige vensters met zandstenen tussenstijl. Daarboven de vier glas-in-lood traplichten: twee rechthoekige onder en twee rondboog vensters boven, waarbij de tussenstijl en de tussendorpel van zandsteen zijn. De rondboog vensters staan onder een bakstenen boog met zandstenen aanzetstenen.
De rechter vensteras heeft een venster op de begane grond. Op de verdieping twee vensters met zandstenen tussenstijl en tussendorpel. In het dak een dakkapel.
De gevel is voorzien van drie originele regenpijpen met vergaarbak op de verdieping. De pijpen komen uit in een halfronde granieten bak in de plint.
De éénlaags aanbouw van de noordoostelijke zijgevel bestaat uit twee delen: links een iets hogere gevel met daarin een rechtgesloten venster onder een bewerkte hardstenen latei. Rechts, naast het hoofdvolume, een gevelvlak met drie rondboogvormige vensters met twee deelzuiltjes. In het middelste glas-in-loodbovenlicht is de datum 1935 aangebracht. Onder deze vensters in de plint drie cirkelvormige kelderopeningen. De zuidoostgevel van de hoge zijgevel is blind.
De zijgevel (zuidwest) is voorzien van een tweelaags aanbouw op een rechthoekige plattegrond met een driezijdig uiteinde. De aanbouw wordt gedekt door een steekkap met zeeg, die aan de zuidwestzijde driezijdig gesloten is. In het westelijke dakschild steekt een achtkantig torentje in. De zijgevel van het hoofdvolume (zuidwest) heeft op de begane grond en op de verdieping een venster. De noordwestgevel van de aanbouw bevat op de begane grond een (tot geldautomaat omgebouwd) venster. Op de verdieping twee vensters met zandstenen tussendorpel en -stijl. In het dakschild een dakkapel.
De driezijdige gevel heeft aan de westkant op de begane grond een (tot geldautomaat omgebouwd) rechtgesloten venster onder een bewerkte zandstenen latei. Daarboven het torentje. In de zuidwestgevel steekt op de begane grond de nieuwbouw in. Op de verdieping twee vensters met zandstenen tussendorpel en -stijl.
Tegen de begane grond van de zuidgevel staat eveneens nieuwbouw. De gevel op de verdieping is blind. In het dakschild een gemetselde schoorsteen.
Het hoofdvolume heeft rechts van de aanbouw in de gepleisterde zuidwestgevel twee rondboogvormige glas-in-loodvensters, die de daarachter gelegen overloop van het hoofdtrappenhuis verlichten. Het hoofdtrappenhuis heeft een plat dak met daarin een rechthoekige lichtkap met glas-in-lood. De gevels die aan drie zijden aan het platte dak grenzen zijn bepleisterd en voorzien van gewijzigde gevelopeningen.
Het zuidoostelijke deel van het hoofdvolume bestaat uit een drielaags rechthoekig bouwdeel. De zuidwest gevel van dit bouwdeel heeft een rechtgesloten meerruits roedenvenster.
In het interieur op de verdieping een nagenoeg gaaf bewaard gebleven zaal achter de hele breedte van de voorgevel, met onder meer een houten balkenplafond met vakken en een houten paneellambrizering voorzien van paneelpilasters met daarin zeshoeken. De pilasters gaan door tot aan het plafond. De kozijnstijlen met kraalprofiel. De radiatoren zijn weggewerkt in verwarmingskasten. De vergadertafel met bijbehorende stoelen maken deel uit van het oorspronkelijke interieur. Van het hoofdtrappenhuis is alleen de overloop op de verdieping nog intact. Deze overloop heeft een balkenplafond waarbij de balken steunen op hardstenen korbelen. Het trappenhuis wordt verlicht door rondboogvormige glas-in-loodramen en een traplicht. Er zijn nog een aantal originele houten deuren met ruiten. Boogvormige doorgangen met een hardstenen boog vanaf de overloop. In de garderobe een tegellambrizering. Naast de vergaderzaal een trappenhuis in originele staat, met trappaal met lantaarn. Een in hout gevatte glazen deur met ijzeren deurroosters geeft toegang tot het trappenhuis. De deur heeft een boogvormig houten kozijn met rechthoekige raampjes met roeden en een boogvormig bovenlicht met roeden.
Waardering
De spaarbank is van algemeen belang vanwege de cultuurhistorische waarde: vanwege de oorspronkelijke en huidige functie als bankgebouw en vanwege de typologie van de gevel als uitdrukking van een bankgebouw.
De spaarbank is van algemeen belang vanwege de architectuurhistorische waarde: als gaaf en representatief voorbeeld uit het oeuvre van de architect Anthonie Ek en als variant van een Eclectische stijl.
De spaarbank is van algemeen belang vanwege de stedebouwkundige waarde: vanwege de zeer beeldbepalende ligging op de hoek van de Johan de Wittstraat en de Bagijnstraat.
De spaarbank is van algemeen belang vanwege de hoge mate van gaafheid in hoofdvorm, het materiaalgebruik en de detaillering van zowel het ex- als delen van het interieur.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
SAVINGS BANK built in 1912-1913 to designs by the architect Anthonie Ek, in the style of Eclecticism. The bank building lies within the protected townscape of Dordrecht, at the point where Johan de Wittstraat meets Bagijnhof.
The savings bank is still in use as a bank building, but has undergone alterations over the years. The façade on the southwest side on the ground floor has been opened up because an extension has been realised there. The side façade on the Bagijnhof has a low extension from 1935 in the same style as the main volume.
Description
Savings bank built from a composite ground plan, consisting of two storeys under a composite roof, covered with slates in Rhine or Meuse bond. The building is largely covered by a hipped roof with sag, the ridge ends of which are provided with ornamental ridge cresting and the roof panels incorporate roof dormers with oeil de boeuf windows. The far-projecting gutter line is supported by corbels.
The façades are built in fair-faced brickwork on a rusticated granite plinth and are horizontally articulated by sandstone banding courses. The façades feature wrought-iron ornamental wall anchors.
On the ground floor round-arched windows under sandstone round arches, which contain two-light sash windows with a three-light leaded-glass fanlight. On the first floor straight-headed windows provided with a hardstone drip moulding, a sandstone intermediate moulding and a multi-light leaded-glass fanlight. These windows alternate between standing under a brick arch, the springer stones of which are sandstone, or under a sandstone lintel.
The front façade (northwest) is symmetrically arranged, with the recessed main entrance in the middle, two small oriels on the first floor and a roof turret in the form of a small lantern in the middle of the roof. The portal of the main entrance is surrounded by round arches consisting of alternating brick and sandstone courses. The round arch in the façade plane is entirely of sandstone and contains the text SPAARBANK.
The heavy wooden panelled door is provided with lights and in front of it a wrought-iron door grille. The fanlight has in the centre a circle of plain glass with radial glazing bars radiating around it filled with leaded glass. The door is accessed via a granite threshold. On either side of the entrance two windows. Between each pair of windows two coupled half-columns. A moulding has been applied around every five arches of the ground floor.
On the first floor above the entrance five windows with sandstone mullions. To the left and right of these windows a three-sided oriel with a window in each side, also provided with sandstone mullions. The brick, projecting base of the oriel springs between the arches of the windows on the ground floor. The oriel has its own hipped roof set into the main hipped roof, covered with slates in Meuse bond and with ornamental ridge cresting.
Besides the oriels at the corners of the front façade a straight-headed window without fanlight, under a sandstone round arch, the arch field of which is filled with an ornamental motif and coat of arms.
In the middle of the roof an octagonal wooden roof turret under an octagonal copper cupola roof. The substructure is clad with slates in Meuse bond and is terminated by a wooden cornice. On the corners of the cornice stand eight Doric columns, which carry an entablature with arches between the columns. Above it the cupola roof. The front side of the substructure is provided with a clock.
Between the oriel roofs in the roof three roof dormers with oeil de boeuf windows with wooden surround. On the first floor a flagstaff holder in iron has been installed at the height of the middle window.
The left side façade (northeast) consists of a tall section on the right side under a gabled roof and a lower extension on the left side under a flat roof.
The tall section has six window bays, whereby the façade section of the leftmost window bay and of the fifth window bay (the stairwell) is carried through to roof level and has a straight termination. The flat roof of these volumes projects into the gabled roof. These façade sections are provided with a hardstone coping with two balls on the corners and a gently curved central coping.
The left window bay has a window on the ground floor and on the first floor. Above it twin round-arched windows with a sandstone mullion, a hardstone drip moulding and under a brick arch with sandstone springer stones.
Immediately to the right on the ground floor three windows with two mullions. On the first floor three windows and in the roof three roof dormers. In the plinth are three circular openings for the basement.
The stairwell façade projects slightly. This façade contains on the ground floor two straight-headed windows under a worked sandstone lintel. The windows are provided with security bars.
Above the windows a sandstone plaque with the date 1912. On the first floor two small rectangular windows with sandstone mullion. Above it the four leaded-glass stair lights: two rectangular below and two round-arched windows above, whereby the mullion and intermediate moulding are sandstone. The round-arched windows stand under a brick arch with sandstone springer stones.
The right window bay has a window on the ground floor. On the first floor two windows with sandstone mullion and intermediate moulding. In the roof a roof dormer.
The façade is provided with three original rain pipes with catch basin on the first floor. The pipes discharge into a semi-circular granite basin in the plinth.
The single-storey extension of the northeast side façade consists of two sections: on the left a slightly taller façade with a straight-headed window under a worked hardstone lintel. On the right, beside the main volume, a façade section with three round-arched windows with two mullions. In the middle leaded-glass fanlight the date 1935 is inscribed. Beneath these windows in the plinth three circular basement openings. The southeast façade of the tall side section is blank.
The side façade (southwest) is provided with a two-storey extension on a rectangular ground plan with a three-sided end. The extension is covered by a lean-to roof with sag, which is three-sidedly closed on the southwest side. In the western roof panel a small octagonal tower projects. The side façade of the main volume (southwest) has a window on the ground floor and on the first floor. The northwest façade of the extension contains on the ground floor a window (converted to an ATM). On the first floor two windows with sandstone intermediate moulding and mullion. In the roof panel a roof dormer.
The three-sided façade has on the west side on the ground floor a straight-headed window (converted to an ATM) under a worked sandstone lintel. Above it the small tower. In the southwest façade new construction projects on the ground floor. On the first floor two windows with sandstone intermediate moulding and mullion.
Against the ground floor of the south façade new construction also stands. The façade on the first floor is blank. In the roof panel a brick chimney.
The main volume has to the right of the extension in the plastered southwest façade two round-arched leaded-glass windows, which illuminate the landing of the main stairwell behind. The main stairwell has a flat roof with a rectangular skylight with leaded glass in it. The façades which border the flat roof on three sides are plastered and provided with altered window openings.
The southeastern section of the main volume consists of a three-storey rectangular building section. The southwest façade of this building section has a straight-headed multi-light glazing-bar window.
In the interior on the first floor a hall preserved in virtually intact condition behind the entire width of the front façade, with among other features a wooden beam ceiling with compartments and wooden panelled wainscoting provided with panel pilasters with hexagons in them. The pilasters extend up to the ceiling. The window frame mullions with moulding profile. The radiators are concealed in heating casings. The conference table with associated chairs form part of the original interior. Of the main stairwell only the landing on the first floor remains intact. This landing has a beam ceiling whereby the beams rest on hardstone corbels. The stairwell is illuminated by round-arched leaded-glass windows and stair lights. There are still a number of original wooden doors with lights. Arched passages with a hardstone arch from the landing. In the cloakroom a tile wainscoting. Next to the conference hall a stairwell in original state, with stair rail with lantern. A glass door set in timber with iron door grilles provides access to the stairwell. The door has an arched wooden frame with rectangular lights with glazing bars and an arched fanlight with glazing bars.
Valuation
The savings bank is of general importance for its cultural-historical value: because of its original and current function as a bank building and because of the typology of the façade as an expression of a bank building.
The savings bank is of general importance for its architectural-historical value: as an intact and representative example from the oeuvre of the architect Anthonie Ek and as a variant of Eclectic style.
The savings bank is of general importance for its urban design value: because of its highly distinctive location at the corner of Johan de Wittstraat and Bagijnstraat.
The savings bank is of general importance because of the high degree of integrity in main form, material use and detailing of both the exterior and parts of the interior.
Nearby in the register
- RegentenhofSociale zorg, liefdadigheidunder 1 mi
- Werk-woonhuis, Bagijnhof 72Werk-woonhuisunder 1 mi
- HospitaalGezondheidszorgunder 1 mi
- Woonhuis, Vriesestraat 109Woonhuisunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.