Rijksmonumentenregister · Netherlands
Boerderij(M1), Hoofdweg 167
Bellingwolde, Groningen, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Boerderij
- Function
- Boerderij(M1)
- Category
- onroerend gebouwd
- Built
- 1932
- Address
- Hoofdweg 167, 9695 AE Bellingwolde (Westerwolde 20)
- Place
- Bellingwolde
- Municipality
- Westerwolde
- Province
- Groningen
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 53.11502, 7.16341
- Monument number
- 520923
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
University Library, Vrije Universiteit AmsterdamDavid Rumsey Map Collection, Stanford Libraries
2 historical maps cover this location, the earliest the 1870 map "Kaart van Westerwolde : zijnde het 6e schooldistrict in de Provincie Groningen" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
VILLABOERDERIJ gebouwd in 1932 in opdracht van U.J. Molenaar. Het ontwerp en de uitvoering lagen in handen van E. Fekkers, bouwkundige. Het woonhuis dat is opgetrokken in een regionale variant van de Amsterdamse Schoolstijl, verkeert nog in vrij gave staat. De schuur heeft in de loop der tijd een aantal wijzigingen ondergaan; in de achtergevel zijn staldeuren vergroot en verhoogd, de linker zijgevel is na brand in 1938 verhoogd en uitgebreid met een aanbouw en de rechter zijgevel is later ondersteund met gemetselde steunberen. Op het achtererf zijn later een wagenschuur en een bijschuur gebouwd, die buiten de bescherming van rijkswege vallen.
De boerderij heeft een diepe voortuin met onder andere een monumentale rode beuk en is gelegen aan de als beschermd gezicht voorgedragen Hoofdweg door Bellingwolde.
Omschrijving
VILLABOERDERIJ waarvan het WOONHUIS is opgetrokken in een rode, iets gesinterde baksteen in vlaams verband op een trasraam van gesinterde klinkers. Het gebroken tentdak, gedekt met een geglazuurde bruine Romaanse pan, heeft een ruim overstek, een gemetselde schoorsteen en op de nok een piron. Aan alle vier zijden van het dak bovenin twee liggende, platte dakkapellen met venster.
De hoofdentree bevindt zich aan de voorzijde (zuidoost) in een doorgetrokken, risalerende middenpartij met metseldecoraties van gesinterde steen onder een steekkap (zadeldakje). De entree, bestaande uit een deur met deurlicht met decoratief lijstwerk, tussen twee zijlichten met horizontale roeden, bevindt zich in een gemetselde portiek onder een forse betonnen luifel met gemetselde bloembak. Voor de entree een gemetselde stoep (vijf treden) met betonnen bordes tussen twee gemetselde bloembakken. Boven de portiek een driedelig bovenlicht onder een rollaag, en drie staande vensters met gekleurd glas-in-lood en horizontale roeden, alle binnen een verdiept vlak onder verspringende rollagen en een keperboog. Rechts van de entreepartij openslaande terrasdeuren met betonnen stoep uitkomend op een ommuurd terras met betonnen vloer. Links van de entreepartij een groot venster met rollaag; in de afgesnoten hoek (hoek zuidoost-zuidwestgevel) een venster met rollaag. In het dakvlak vier staande dakkapellen met plat dak, waarvan twee aan weerszijden van de doorgetrokken middenpartij met venster met gekleurd glas-in-lood en horizontale roeden.
Aan de zuidwestgevel een gemetselde vijfhoekige serre onder een ruime overstek met vier grote ramen en een deur met deurlicht met roedenverdeling en gemetselde stoep (vijf treden). Links van de serre twee vensters met glas-in-lood zijlicht met horizontale roeden en rollaag. Midden in het dakvlak een gemetselde dakkapel met plat dak, waarin een vensterpartij bestaande uit twee staande glas-in-lood ramen; aan weerszijden van deze dakkapel een houten hoekdakkapel met plat dak waarin twee glas-in-lood ramen met horizontale roeden en één raam met blank glas.
De noordoostgevel heeft een risalerende, doorgetrokken middenpartij onder een steekkap (plat dak), in tweeën gedeeld door een strak gemetselde pilaster; in de middenpartij twee korte en twee lange smalle, staande vensters van gekleurd glas-in-lood, alle met rollaag. Zowel links als rechts van de middenpartij een groot venster met glas-in-lood zijlicht met horizontale roeden en rollaag. In het dakvlak twee houten hoekdakkapellen met plat dak, waarin één glas-in-lood raam met horizontale roeden en één raam met blank glas.
Het woonhuis is aan de achterzijde (noordwest) via een HALS met de schuur verbonden. De hals is opgetrokken in dezelfde baksteen als het woonhuis onder een aangekapt afgeknot schilddak met overstek, gedekt met bruin geglazuurde Romaanse pan. Op het dak een hoge gemetselde schoorsteen met betonnen sieraccenten. In de noordoostgevel van de hals twee dubbele staande vensters met rollaag, twee dubbele keldervensters met diefijzer en rollaag. In de zuidwestgevel van de hals een staand venster met rollaag, en twee paneeldeuren met zesruits deurlicht en rollaag, waarvoor één gemetselde stoep; twee keldervensters met diefijzer en rollaag. In het dakvlak aan beide zijden van de hals twee boven elkaar geplaatste houten dakkapellen waarin twee ramen met horizontale roeden.
De SCHUUR is opgetrokken in een rood-bruine baksteen op een trasraam van gesinterde klinkers, onder een wolfdak met houten piron gedekt met een zwarte muldenpan en deels met golfplaat. In de achtergevel (noordwest) met fries met muizetand, hoge (vernieuwde) dubbele deeldeuren, hoge dubbele schuurdeuren (niet origineel), een grote schuifdeur (niet origineel) en zes getoogde ijzeren schuurvensters met decoratieve roedenverdeling. In de (later verhoogde) zuidwestgevel vier ijzeren schuurvensters en een klein venster, alle met gepleisterde latei; in de later toegevoegde aanbouw vier ijzeren vensters met gepleisterde latei. Aan de noordoostzijde vier ijzeren achtruits vensters met gepleisterde latei. In de voorgevel (zuidoost) met fries met muizetandrand, een opgeklampte deur met rollaag, hoge dubbele deeldeuren met gepleisterde latei en vier ijzeren achtruits schuurvensters met gepleisterde omlijsting; in de afgesnoten hoek met de noordoostgevel een ijzeren vierruits schuurvenster met gepleisterde latei.
In het INTERIEUR zijn onder meer van belang: in het voorportaal de parketvloer; de tegellambrizering in groen en zwart; de dubbele tochtdeuren met deur- en zijlichten met roedenverdeling en decoratieve architraaf. In de hal de parketvloer; de houten bordestrap met buitenleuning met golvende stijlen, houten handlijst en decoratieve trappalen; de deuren met smal tweeruits bovenlicht en decoratieve architraaf. Op zolder de bijzondere houten kapconstructie.
Waardering
Villaboerderij van algemeen belang vanwege cultuur- en architectuurhistorische waarde
- als voorbeeld van een villaboerderij uit 1932
- vanwege de opvallende kapvorm met de vele dakkapellen
- vanwege de redelijke mate van gaafheid van het exterieur
- vanwege de markante ligging aan de als beschermd gezicht voorgedragen Hoofdweg door Bellingwolde
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
VILLABOERDERIJ built in 1932 at the instigation of U.J. Molenaar. The design and execution were in the hands of E. Fekkers, architect. The dwelling house that was constructed in a regional variant of the Amsterdam School style is still in reasonably good condition. The barn has undergone a number of alterations over time; in the rear facade stable doors were enlarged and heightened, the left side gable was heightened after a fire in 1938 and extended with an outbuilding and the right side gable was later supported with masonry buttresses. On the rear yard a wagon shed and an additional shed were built later, which fall outside national heritage protection.
The farmhouse has a deep front garden with, among other things, a monumental red beech tree and is situated on the Hoofdweg through Bellingwolde, which has been nominated as a protected vista.
Description
VILLABOERDERIJ of which the DWELLING HOUSE is constructed in red, slightly sintered brick in Flemish bond on a concrete raft of sintered clinkers. The broken hip roof, covered with a glazed brown Romanesque tile, has a generous eaves overhang, a masonry chimney and a cresting finial on the ridge. On all four sides of the roof at the top two horizontal, flat roof dormers with window.
The main entrance is situated on the front side (southeast) in a continuous, projecting central section with masonry decorations of sintered stone under a catslide roof (small saddle roof). The entrance, consisting of a door with door light with decorative moulding, between two side lights with horizontal glazing bars, is situated in a masonry porch under a substantial concrete canopy with masonry flower box. Before the entrance a masonry step (five steps) with concrete landing between two masonry flower boxes. Above the porch a three-part fanlight under a roll moulding, and three tall windows with coloured leaded glass and horizontal glazing bars, all within a recessed panel under staggered roll mouldings and a decorative arch. To the right of the entrance section french doors with concrete step leading to a walled terrace with concrete floor. To the left of the entrance section a large window with roll moulding; in the cut-off corner (corner southeast-southwest facade) a window with roll moulding. In the roof panel four tall roof dormers with flat roof, of which two on either side of the continuous central section with window with coloured leaded glass and horizontal glazing bars.
On the southwest facade a masonry pentagonal conservatory under a generous eaves overhang with four large windows and a door with door light with glazing bar division and masonry step (five steps). To the left of the conservatory two windows with leaded glass side light with horizontal glazing bars and roll moulding. In the centre of the roof panel a masonry roof dormer with flat roof, in which a window arrangement consisting of two tall leaded glass windows; on either side of this roof dormer a wooden corner roof dormer with flat roof in which two leaded glass windows with horizontal glazing bars and one window with clear glass.
The northeast facade has a projecting, continuous central section under a catslide roof (flat roof), divided into two by a strictly masonry pilaster; in the central section two short and two long narrow, tall windows of coloured leaded glass, all with roll moulding. Both to the left and to the right of the central section a large window with leaded glass side light with horizontal glazing bars and roll moulding. In the roof panel two wooden corner roof dormers with flat roof, in which one leaded glass window with horizontal glazing bars and one window with clear glass.
The dwelling house is connected at the rear (northwest) via a HALS to the barn. The hals is constructed in the same brick as the dwelling house under an attached truncated half-hipped roof with eaves overhang, covered with brown glazed Romanesque tile. On the roof a tall masonry chimney with concrete decorative accents. In the northeast facade of the hals two double tall windows with roll moulding, two double cellar windows with thief iron and roll moulding. In the southwest facade of the hals a tall window with roll moulding, and two panel doors with six-light door light and roll moulding, for which one masonry step; two cellar windows with thief iron and roll moulding. In the roof panel on both sides of the hals two wooden roof dormers placed one above the other in which two windows with horizontal glazing bars.
The BARN is constructed in a red-brown brick on a concrete raft of sintered clinkers, under a half-hipped roof with wooden cresting finial covered with black pantile and partly with corrugated iron. In the rear facade (northwest) with moulding with mouse tooth pattern, tall (renewed) double split doors, tall double barn doors (not original), a large sliding door (not original) and six arched iron barn windows with decorative glazing bar division. In the (later heightened) southwest facade four iron barn windows and a small window, all with plastered lintel; in the later added outbuilding four iron windows with plastered lintel. On the northeast side four iron nine-light windows with plastered lintel. In the front facade (southeast) with moulding with mouse tooth edge, a clamped door with roll moulding, tall double split doors with plastered lintel and four iron nine-light barn windows with plastered surround; in the cut-off corner with the northeast facade an iron four-light barn window with plastered lintel.
In the INTERIOR the following are of particular importance: in the entrance vestibule the parquet floor; the tile wainscoting in green and black; the double draught doors with door and side lights with glazing bar division and decorative architrave. In the hall the parquet floor; the wooden staircase with external handrail with undulating uprights, wooden handrail and decorative staircase finials; the doors with narrow two-light fanlight and decorative architrave. In the attic the distinctive wooden roof truss structure.
Valuation
Villaboerderij of general importance by reason of cultural and architectural historical value
- as an example of a villaboerderij from 1932
- by reason of the striking roof form with the many roof dormers
- by reason of the reasonable degree of integrity of the exterior
- by reason of the prominent location on the Hoofdweg through Bellingwolde, nominated as a protected vista
Nearby in the register
- Woonhuis, Hoofdweg 222Woonhuisunder 1 mi
- Woonhuis, Hoofdweg 164Woonhuisunder 1 mi
- Bestuursgebouw en onderdl, Hoofdweg 162Bestuursgebouw en onderdlunder 1 mi
- Woonhuis, Hoofdweg 242Woonhuisunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.