Rijksmonumentenregister · Netherlands
Woonhuis, Winsemiusstraat 2
Leeuwarden, Fryslân, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Woonhuis
- Category
- onroerend gebouwd
- Built
- 1915
- Address
- Winsemiusstraat 2, Locatie: Huizum-West, 8932 GA Leeuwarden (and others)
- Place
- Leeuwarden
- Province
- Fryslân
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 53.19499, 5.79072
- Part of complex
- 519771
- Monument number
- 519793
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
University Library, Vrije Universiteit AmsterdamUtrecht University Library
2 historical maps cover this location, the earliest the 1904 map "Bl. 3 Leeuwarden, 1904" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
BLOK VAN 4 VOLKSWONINGEN, Winsemiusstraat 2-4, Hollanderstraat 28 en Wijnhornsterstraat 13, deel uitmakende van het COMPLEX HOLLANDERWIJK.
De Hollanderwijk in 1915 in opdracht van de Woningvereeniging Leeuwarden naar ontwerp van Willem Cornelis de Groot in Overgangsstijl gebouwd. De vereniging kocht in 1912 ten zuiden van het spoorwegemplacement een wigvormig stuk grond van bijna 3 ha aan. In een eerste ontwerp vulde de architect het gebied in met 201 woningen in veertien uniforme noord-zuid gerichte bouwstroken. De inspecteur van de volksgezondheid maakte bezwaar tegen de rigide aanpak en het volgend ontwerp met 177 woningen was stedenbouwkundig veel levendiger. De stedenbouwkundige aanpak werd aanleiding om ook de architectuur te variren. De 139 standaardwoningen (met kleine variaties) zijn als tussenwoningen in de stroken geplaatst; de 38 grotere woningen (waarvan twee winkelhuizen) met sterk gevarieerde plattegronden en architectonische vormen zijn aan de randen van de wijk, op de hoeken en aan de ontsluitingsstraat tot stand gekomen.
In 1980/'83 heeft een algehele renovatie van de wijk plaatsgevonden. De indeling van de woningen is daarbij grondig gewijzigd. Aan de achterzijden zijn keukens/bergingen uitgebouwd die stedenbouwkundig en architectonisch veranderingen teweeg hebben gebracht, maar die door beplantingen aardig aan het zicht zijn onttrokken en het geheel slechts in geringe mate verstoren.
Omschijving EXTERIEUR: Het bouwblok van 4 volkswoningen bestaat uit 2 kleine woningen en 2 hoekwoningen. De woningen zijn drie vakken breed voor een deur en twee vensters. Zowel de breedte als de hoogte van deuren en vensters met bovenlichten, voorzien van kleine roeden, verhouden zich evenwichtig met het gevelvlak. De woningen zijn gebouwd van grauwbruine baksteen en verlevendigd met allerlei sierlijkheden van rode strengperssteen. Speklagen ter hoogte van de onder- en bovendorpels van de vensters zijn bij alle woningen te vinden, ook in de geveltoppen. Laten de ontlastingsbogen boven de gevelopeningen al een diversiteit zien, de boogtrommels zijn met grote fantasie met steeds ander metselmozaïek gevuld. Elke straat heeft een eigen, kenmerkend mozaïekpatroon gekregen. Fraai gedetailleerde zinken hemelwaterafvoeren met vergaarbakken verrijkten het beeld eveneens, maar bij de renovatie zijn de meeste vervangen door eenvoudige exemplaren van kunststof. De langskappen die in het zicht liggen zijn gedekt met blauw geglazuurde Friese gegolfde pannen; de achterschilden met de gesmoorde pannen van dit type. Alle zolders zijn verlicht door dakkapellen dan wel vensters in geveltoppen. De contour van de daken werd oorspronkelijk niet weinig verlevendigd door schoorstenen die uit de naald van de daken gemetseld waren. Bij de vernieuwing van de wijk in de jaren-tachtig zijn de meeste schoorstenen verdwenen. De woningen op de hoeklokaties zijn ruimer. Wijnhornsterstraat 13 heeft een afgewolfde geveltop en een ingangspartij onder de luifel van het dak in een uit het bouwvolume gespaade hoek; Hollanderstraat 28 heeft een afgewolfde geveltop.
INTERIEUR: De kleine woningen bestonden oorspronkelijk uit een kamer en een achterliggend alkoof met vaste bedden, een gang met steektrap, een kamer onder de kap en een plaatsje van 5 meter diep met een afdak en een privaat; de grotere woningen hadden een kamer of keuken extra beneden en soms onder de kap ook een extra afgeschoten kamertje. Bij de van 1980 tot 1983 uitgevoerde renovatie zijn de interieurs van alle woningen aangepast aan de eisen van modern wooncomfort. De gangen behielden de oorspronkelijke vorm; sommige met de oorspronkelijke tegelvloer of restanten daarvan. Behoudens deze vloeren vallen de interieurs buiten de bescherming.
WAARDERING
Het blok woningen Winsemiusstraat 2-4, Hollanderstraat 28 en Wijnhornsterstraat 13 is sociaal-historisch, architectuurhistorisch en stedenbouwkundig van groot algemeen belang
- als element in de wijk die een belangrijke plaats inneemt in de sociaal-maatschappelijke geschiedenis van de volkshuisvesting op de kentering van de kwantitatieve naar de kwalitatieve aanpak;
- als woningenstrook in het wijkproject dat in het oeuvre van architect W.C. de Groot een opvallende plaats inneemt als wijk met een eenheid in architectuur die tot op details grote variaties laat zien ter versterking van de stedenbouwkundige levendigheid, kenmerkend voor de Overgangsstijl;
- als element in de wijk van een levendige stedenbouwkundige aanpak met opvallende en subtiele ruimtelijke variaties in het stratenbeloop en de plaatsing van de woningen.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
BLOCK OF 4 WORKERS' DWELLINGS, Winsemiusstraat 2-4, Hollanderstraat 28 and Wijnhornsterstraat 13, forming part of the HOLLANDERWIJK COMPLEX.
The Hollanderwijk was built in 1915 on the commission of the Housing Association Leeuwarden to designs by Willem Cornelis de Groot in Transitional style. The association purchased a wedge-shaped plot of land of almost 3 hectares to the south of the railway sidings in 1912. In a first design the architect filled the area with 201 dwellings in fourteen uniform north-south oriented building strips. The inspector of public health objected to the rigid approach and the following design with 177 dwellings was much more lively from an urban planning perspective. The urban planning approach prompted the architects to vary the architecture as well. The 139 standard dwellings (with minor variations) were placed as mid-terrace houses in the strips; the 38 larger dwellings (of which two shop-houses) with strongly varied floor plans and architectural forms came into being at the edges of the district, on the corners and along the access road.
In 1980/'83 a comprehensive renovation of the district took place. The layout of the dwellings was substantially modified during this process. Extensions of kitchens/storage areas were added at the rear which brought about urban planning and architectural changes, but which have been nicely obscured from view by planting and disturb the whole only to a minor extent.
DESCRIPTION OF EXTERIOR: The building block of 4 workers' dwellings consists of 2 small dwellings and 2 corner dwellings. The dwellings are three bays wide with one door and two windows. Both the width and height of doors and windows with fanlights, provided with small glazing bars, are proportioned in balance with the facade plane. The dwellings are built of greyish-brown brick and enlivened with various decorative features of red pressed brick. Brick banding at the height of the under and upper sills of the windows are to be found on all dwellings, also in the gable tops. Whilst the relieving arches above the facade openings already show some variety, the arch barrels are filled with great imagination each with different decorative brickwork. Each street has been given its own characteristic mosaic pattern. Beautifully detailed zinc rainwater pipes with collection boxes further enrich the appearance, though during the renovation most have been replaced by simple plastic examples. The visible side slopes are covered with blue-glazed Frisian curved tiles; the rear slopes with the smothered tiles of this type. All attics are lit by roof dormers or windows in gable tops. The contour of the roofs was originally enlivened not a little by chimneys that were built from the roof line. During the renewal of the district in the 1980s most chimneys disappeared. The dwellings on the corner sites are more spacious. Wijnhornsterstraat 13 has a half-hipped gable top and an entrance arrangement under the eave of the roof in a corner recessed from the building volume; Hollanderstraat 28 has a half-hipped gable top.
INTERIOR: The small dwellings originally consisted of a room and a rear-lying alcove with fixed beds, a passage with a steep stairs, a room under the roof and a yard of 5 metres deep with a lean-to and a privy; the larger dwellings had an extra room or kitchen downstairs and sometimes under the roof also an extra partitioned off small room. During the renovation carried out from 1980 to 1983 the interiors of all dwellings were adapted to the requirements of modern living comfort. The passages retained their original form; some with the original tiled floor or remnants thereof. Apart from these floors the interiors fall outside the protection.
VALUATION
The block of dwellings Winsemiusstraat 2-4, Hollanderstraat 28 and Wijnhornsterstraat 13 is of great general social-historical, architectural-historical and urban planning importance
- as an element in the district which occupies an important place in the social and social history of workers' housing at the turning point from the quantitative to the qualitative approach;
- as a row of dwellings in the district project that occupies a striking place in the oeuvre of architect W.C. de Groot as a district with unity in architecture that shows great variations down to details to strengthen urban planning liveliness, characteristic of the Transitional style;
- as an element in the district of a lively urban planning approach with striking and subtle spatial variations in the street layout and the placement of the dwellings.
Nearby in the register
- Woonhuis, Van Blomstraat 1Woonhuisunder 1 mi
- Woonhuis, Winsemiusstraat 1Woonhuisunder 1 mi
- Woonhuis, Winsemiusstraat 6Woonhuisunder 1 mi
- Woonhuis, Winsemiusstraat 5Woonhuisunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.