Rijksmonumentenregister · Netherlands
Theresiaschool
Arnhem, Gelderland, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Onderwijs en wetenschap
- Function
- Schoolgebouw
- Category
- onroerend gebouwd
- Built
- 1921 - 1922
- Address
- Eusebiusbuitensingel 33, Locatie: Singelstructuur, 6828 HW Arnhem
- Place
- Arnhem
- Province
- Gelderland
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 51.97937, 5.91623
- Monument number
- 516879
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
University Library, Vrije Universiteit AmsterdamUniversity Library, Vrije Universiteit AmsterdamDavid Rumsey Map Collection, Stanford Libraries
3 historical maps cover this location, the earliest the 1899 map "Composite: 327. Cleve." (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
SCHOOLGEBOUW met OVERDEKTE SPEELPLAATS, in 1921-1922 gebouwd als Katholieke M.U.L.O. voor meisjes en thans in gebruik bij de Internationale Schakelklas (I.S.K.). De architectuur vertoont kenmerken van de neo-Hollandse renaissance (zandstenen blokken en speklagen, siermetselwerk, korfbogen) en de neogotiek (driepasboog, pinakel, dakkapelspitjes met piron). De school is in opdracht van het R.K. gesticht "Insula Dei" ontworpen door architect A. Bernsen. A. BERNSEN (ca.1860-1927) was aannemer en architect in Arnhem.
De school is gelegen aan de oostzijde van een plantsoengordel rondom het Arnhemse centrum, in de aaneengesloten gevelwand van de Eusebiusbuitensingel tussen de Parkstraat en Boulevard Heuvelink. Het pand steekt met de zolderverdieping uit boven de belendende panden. Achter het hoofdgebouw bevindt zich een schoolplein en een bijgebouw. Het éénlaags bijgebouw deed oorspronkelijk dienst als overdekte speelplaats, tuinkamer voor overblijvende kinderen en fietsenberging (thans in gebruik als kantine en leslokaal).
Omschrijving
Onderkelderd SCHOOLGEBOUW van drie bouwlagen en zolderverdieping op nagenoeg rechthoekig grondplan. De ondiepe voorbouw is aan de rechter zijde (ter plaatse van een doorgang naar het achterterrein) een halve travee breder dan de achterbouw.
Het dak bestaat uit een dwars geplaatst zadeldak en aangekapt zadeldak op de voorbouw (leien in Maasdekking), en een afgeplat schilddak op de achterbouw (shingles). In de dakschilden aan de voor- en achterzijde zijn elk twee, en aan de linker en rechter zijde elk één oorspronkelijke houten dakkapel aangebracht. Deze dakkapellen zijn voorzien van een tweeruits draairaam en een zadeldakje met twee of driezijdig schildeind met piron. Het uitkragende schildeind heeft aan de onderzijde een uitgezaagd paneel.
De bakstenen gevels zijn in kruisverband gemetseld met geknipte voegen, hebben een tweedelige plint met uitgemetseld trasraam en sluiten aan de bovenzijde af met een uitgemetselde bloktandlijst, rollagen en een eenvoudig geprofileerde houten gootlijst. De voor- en achtergevel zijn bovendien voorzien van zandstenen speklagen, bakstenen waterlijsten in het verlengde van dito afzaten en Y-vormige smeedijzeren ankers.
De asymmetrisch ingedeelde VOORGEVEL is drie traveeën breed. De licht risalerende rechter travee wordt bekroond door een schoudergevel met hardstenen afdeklijst en overhoeks geplaatste pinakel in de top. De risaliet bezit in de eerste bouwlaag twee segmentboogvormig afgesloten poorten. De rechter poort met gewijzigde afsluiting geeft via een open gang toegang tot het achterterrein. De linker ingang betreft een diep portiek met inspringende dagkanten en archivolt (zandstenen geboorte- en sluitsteen); afsluitende segmentboog met uitgemetselde bloktandlijst; hardstenen trap, plint en vloer; troggewelven van lichtgele baksteen op ijzeren liggers; dubbele paneeldeur met naald in de vorm van een zuiltje en elk twee raampjes met smeedijzeren roosters; segmentboogvormig afgesloten meerruits bovenlicht met bewerkte stijlen. Een zandstenen blok met opschrift ("RK MULO SCHOOL") boven beide ingangen gaat schuil achter een modern bord. De verdiepingen van de risaliet worden geleed door een hoog opgaande driepasboog, waarvan de hoeklisenen worden ondersteund door hardstenen kraagstenen met het opschrift: "ANNO" en "1922". De driepasboog omvat een negenruits rond licht op de zolderverdieping. De acht overige (grote) vensters in de voorgevel zijn rechthoekig, bestaan uit zes of negen vierruits ramen, hebben twee vaste tussendorpels en twee stijlen en worden afgesloten door een blinde korfboog. Alle vensters hebben een onderverdeling met twee schuif- en één draairaam aan de onderzijde, drie vaste ramen in het midden en drie valramen aan de bovenzijde.
De LINKER ZIJGEVEL is gecementeerd en heeft in de schoudergevel van de voorbouw (zolderverdieping) twee draairamen met tweeruits bovenlichten. De RECHTER ZIJGEVEL van de achterbouw heeft drie getoogde, vierruits kelderlichten in de trasraam, een ondiepe uitbouw over twee bouwlagen (ter plaatse van de toiletgroepen in de gangen) met zes tweeruits vensters, drie boven elkaar geplaatste samengestelde vensters onder ijzeren lateien (onderverdeling: drie zesruits ramen, vaste tussendorpel en drie vierruits bovenlichten).
De drie traveeën brede ACHTERGEVEL heeft in de eerste, tweede en derde bouwlaag dezelfde vensters als in de voorgevel. Een bakstenen trap van vier treden leidt naar een segmentboogvormig afgesloten portiek in de linker travee van de eerste bouwlaag. Het portiek bezit bakstenen troggewelven op ijzeren liggers en een dubbele deur met meerruits zij- en bovenlichten. De kelderingang bevindt zich onder de trap naar het portiek en is te bereiken via een trapje aan de rechter zijde van de achtergevel. De plint bezit twee getoogde twaalfruits kelderlichten.
De indeling van de bouwlagen bestaat uit een brede gang (rechter travee) en een halverwege hierop aansluitend trappenhuis tussen een leslokaal aan de voor- en achterzijde (linker twee traveeën). Het rijk uitgevoerde INTERIEUR bezit veel oorspronkelijke elementen. De gangen hebben terrazzo-vloeren en paneeldeuren met afsluitende kroonlijsten en doorgestoken stijlen. De gangen in de eerste en tweede bouwlaag hebben tevens betegelde lambrizeringen (wit met twee blauwe banden en een geprofileerde afsluitende lijst van groene tegels), troggewelven van lichtgele baksteen op ijzeren liggers en een toiletgroep bestaande uit drie wc's (wit betegelde wanden met ornamentlijstje) met paneeldeuren en gekoppelde houten omlijsting met kroonlijst. De gang in de eerste bouwlaag heeft bovendien een wandgeleding met lisenen van geglazuurde geelbruine baksteen. De rechthoekige leslokalen zijn voorzien van vaste houten kasten met schuif- of draaideuren en hebben op de begane grond een plafond met troggewelven. Het trappenhuis heeft een natuurstenen bordestrap met twee armen in een ijzeren binnenboom waarop een smeedijzeren leuning met gedraaide spijlen en geprofileerde houten handlijst. De bordesvloertjes zijn van terrazzo. Links van het trappenhuis bevindt zich een ondiep, van boven afgesloten licht- en luchtschacht. De aangrenzende vertrekken (trappenhuis en leslokalen aan de voor- en achterzijde) bezitten aan deze schacht enkele segmentboogvormig afgesloten vensters.
De OVERDEKTE SPEELPLAATS achter op het terrein heeft een L-vormig grondplan. In de oksel bevindt zich een lage en later toegevoegde opvulling. Het dak bestaat uit twee in elkaar grijpende zadeldaken en is belegd met mastiek. De bakstenen gevels met trasraam zijn in kruisverband gemetseld. De voorgevel bezit twee, en de gecementeerde rechter zijgevel bezit drie hoge segmentboogvormig afgesloten muuropeningen met een gewijzigde invulling (oorspronkelijk waarschijnlijk dubbele deuren met hoge bovenlichten, thans vensters). De voorgevel heeft een beschoten topgevel met windveren. Het interieur bestaat uit een grote ruimte met houten vloer en ziende kap, en een zijlokaal met houten lambrizering, muurkast en paneeldeuren zoals in het hoofdgebouw.
Waardering
SCHOOLGEBOUW met OVERDEKTE SPEELPLAATS uit 1921-1922.
- Van architectuurhistorische waarde als goed en gaaf voorbeeld van een schoolgebouw in eclectische bouwtrant met elementen van neo-Hollandse renaissance en neogotiek (met name in exterieur), in combinatie met karakteristieke interieurelementen uit het eerste kwart van de twintigste eeuw. Het ontwerp is van de hand van architect H. BERNSEN (ca.1860-1927). Stilistisch is het bouwjaar 1921-1922 opmerkelijk laat, maar voor katholieke scholenbouw niet ongewoon. De school valt op door hoogwaardige esthetische kwaliteiten, in in- en exterieur, zoals het rijke materiaalgebruik en de bijzondere ornamentiek. Het object geeft een gaaf beeld van een vroeg 20ste eeuwse school en bezit bijzondere interieuronderdelen. Als zodanig is het object van belang wegens de architectonische gaafheid en de herkenbaarheid als school.
- Van stedebouwkundige waarde als onderdeel van de historisch gegroeide 19e/20ste eeuwse singelstructuur/-bebouwing van Arnhem, waarin het pand een beeldbepalende rol speelt vanwege de hoge bouwmassa, de rijke architectonische vormgeving en als een van de weinige resterende historische gebouwen in de omgeving.
- Van cultuurhistorische waarde vanwege de herkenbaarheid in in- en exterieur van de bestemming als christelijke school, welke verbonden is met de culturele ontwikkeling van Arnhem.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
SCHOOLBUILDING with COVERED PLAYGROUND, built in 1921-1922 as a Catholic M.U.L.O. for girls and currently in use by the International Bridging Class (I.S.K.). The architecture displays characteristics of the neo-Dutch renaissance (sandstone blocks and speckled courses, decorative brickwork, segmental arches) and neo-gothic (trefoil arch, pinnacle, roof finials with iron weathercocks). The school was designed by architect A. Bernsen on commission of the R.C. foundation "Insula Dei". A. BERNSEN (ca.1860-1927) was a contractor and architect in Arnhem.
The school is located on the east side of a strip of public gardens surrounding the Arnhem centre, in the continuous facade wall of the Eusebiusbuitensingel between Parkstraat and Boulevard Heuvelink. The building projects with the attic storey above the neighbouring buildings. Behind the main building are a schoolyard and an outbuilding. The single-storey outbuilding originally served as a covered playground, rest room for children staying for lunch and bicycle storage (currently in use as a canteen and classroom).
Description
Underground SCHOOLBUILDING of three storeys and attic storey on a substantially rectangular groundplan. The shallow front projection is on the right side (at the location of a passage to the rear grounds) half a bay wider than the rear section.
The roof consists of a transverse gabled roof and an adjoining gabled roof on the front projection (slates in Maas bond), and a flattened hipped roof on the rear section (shingles). In the roof slopes at the front and rear are each two, and on the left and right sides each one original wooden roof dormer. These roof dormers are provided with a two-pane casement window and a small gabled roof with two or three-sided half-hipped end with iron weathercock. The projecting half-hipped end has a fretted panel on the underside.
The brick facades are laid in Flemish bond with struck joints, have a two-part plinth with incised ashlar panel and close at the top with an incised dentil course, rolled courses and a simply profiled wooden drip moulding. The front and rear facades are moreover provided with sandstone speckled courses, brick drip mouldings in line with corresponding ledges and Y-shaped wrought iron wall anchors.
The asymmetrically arranged FRONT FACADE is three bays wide. The slightly projecting right bay is crowned by a shoulder gable with ashlar coping and cornerwise placed pinnacle at the apex. The projection has in the first storey two segmentally arched portals. The right portal with modified closure gives access via an open passage to the rear grounds. The left entrance is a deep porch with recessed reveals and archivolt (sandstone impost and keystone); closing segmental arch with incised dentil course; ashlar step, plinth and floor; tunnel vaults of light yellow brick on iron girders; double panel door with a mullion in the form of a small column and each two panes with wrought iron grilles; segmentally arched multi-pane fanlight with worked mullions. A sandstone block with inscription ("RK MULO SCHOOL") above both entrances is hidden behind a modern sign. The storeys of the projection are articulated by a tall rising trefoil arch, of which the corner mouldings are supported by ashlar corbels with the inscription: "ANNO" and "1922". The trefoil arch encloses a nine-pane round light on the attic storey. The eight other (large) windows in the front facade are rectangular, consist of six or nine four-pane windows, have two fixed cross-members and two mullions and are closed by a blind segmental arch. All windows have a subdivision with two sash and one casement window at the bottom, three fixed panes in the middle and three pivot windows at the top.
The LEFT SIDE FACADE is rendered and has in the shoulder gable of the front projection (attic storey) two casement windows with two-pane fanlights. The RIGHT SIDE FACADE of the rear section has three arched, four-pane basement lights in the ashlar panel, a shallow extension over two storeys (at the location of the toilet groups in the corridors) with six two-pane windows, three stacked composite windows under iron lintels (subdivision: three six-pane windows, fixed cross-member and three four-pane fanlights).
The three bays wide REAR FACADE has in the first, second and third storey the same windows as in the front facade. A brick step of four treads leads to a segmentally arched porch in the left bay of the first storey. The porch has brick tunnel vaults on iron girders and a double door with multi-pane side and fanlights. The basement entrance is located under the step to the porch and is accessible via a small step on the right side of the rear facade. The plinth has two arched twelve-pane basement lights.
The layout of the storeys consists of a wide corridor (right bay) and a staircase halfway adjoining it between a classroom at the front and rear (left two bays). The richly executed INTERIOR possesses many original elements. The corridors have terrazzo floors and panel doors with closing cornices and through mullions. The corridors on the first and second storey also have tiled wainscoting (white with two blue bands and a profiled closing list of green tiles), tunnel vaults of light yellow brick on iron girders and a toilet group consisting of three w.c.s (white tiled walls with ornamental list) with panel doors and coupled wooden frame with cornice. The corridor on the first storey also has a wall articulation with pilasters of glazed yellowish-brown brick. The rectangular classrooms are provided with fixed wooden cupboards with sliding or revolving doors and have on the ground floor a ceiling with tunnel vaults. The staircase has a natural stone flight of stairs with two arms in an iron newel to which a wrought iron handrail with turned balusters and profiled wooden handrail is attached. The landing floors are of terrazzo. To the left of the staircase is a shallow light- and air shaft closed from above. The adjoining rooms (staircase and classrooms at the front and rear) have on this shaft several segmentally arched windows.
The COVERED PLAYGROUND at the rear of the grounds has an L-shaped groundplan. In the angle is a low and later added filling. The roof consists of two interlocking gabled roofs and is laid with mastic. The brick facades with ashlar panel are laid in Flemish bond. The front facade has two, and the rendered right side facade has three tall segmentally arched wall openings with modified closure (originally probably double doors with tall fanlights, now windows). The front facade has a boarded gable end with wind bracing. The interior consists of a large space with wooden floor and exposed roof truss structure, and a side room with wooden wainscoting, wall cupboard and panel doors as in the main building.
Valuation
SCHOOLBUILDING with COVERED PLAYGROUND from 1921-1922.
- Of architectural-historical value as a good and intact example of a school building in eclectic style with elements of neo-Dutch renaissance and neo-gothic (particularly in exterior), in combination with characteristic interior elements from the first quarter of the twentieth century. The design is by architect H. BERNSEN (ca.1860-1927). Stylistically, the year of construction 1921-1922 is remarkably late, but not unusual for Catholic school building. The school stands out for high aesthetic qualities, in both interior and exterior, such as the rich use of materials and the special ornamentation. The object presents an intact image of an early 20th century school and possesses special interior components. As such, the object is of significance due to the architectural integrity and recognisability as a school.
- Of urban planning value as part of the historically developed 19th/20th century ring road structure/building of Arnhem, in which the building plays an image-forming role owing to the high building mass, the rich architectural design and as one of the few remaining historical buildings in the area.
- Of cultural-historical value due to the recognisability in both interior and exterior of its purpose as a Christian school, which is connected to the cultural development of Arnhem.
Nearby in the register
- Woonhuis, Eusebiusbuitensingel 38Woonhuisunder 1 mi
- Woonhuis, Boulevard Heuvelink 13Woonhuisunder 1 mi
- Woonhuis, Eusebiusbuitensingel 9Woonhuisunder 1 mi
- Kerk, St. Walburgisplein 1Kerk en kerkonderdeelunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.