Rijksmonumentenregister · Netherlands
Rijksmuseum v. Natuurlijke Historie
Leiden, Zuid-Holland, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Onderwijs en wetenschap
- Category
- onroerend gebouwd
- Built (approximately)
- 1900 - 1911
- Address
- Raamsteeg 2, 2311 PL Leiden
- Place
- Leiden
- Province
- Zuid-Holland
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 52.15481, 4.49057
- Part of complex
- 515057
- Monument number
- 515058
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
University Library, Vrije Universiteit AmsterdamUniversity Library, Vrije Universiteit AmsterdamUniversity Library, Vrije Universiteit Amsterdam
3 historical maps cover this location, the earliest the 1891 map "'s-Gravenhage" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
De eerste fase van de bouw van het 'Rijksmuseum van Natuurlijke Historie' is gerealiseerd in de jaren 1900-1903. Aan de Raamsteeg bevindt zich het hier deel van uitmakende DIENSTGEBOUW (met hoofdentree), waarin laboratoria, werkkamers voor het wetenschappelijk personeel, een bibliotheek en een collegezaal waren ondergebracht. De links hiervan staande en ermee verbonden vleugel is het zogeheten SPIRITUSMAGAZIJN, dat diende voor de opslag van de collectie "organismen op sterk water". De uitbreiding van het dienstgebouw betreft het rechter, op het oudere deel aansluitende, in dezelfde stijl uitgevoerde bouwdeel aan de Raamsteeg en dateert uit de jaren 1905-1911. De bouw van het museum is uitgevoerd door aannemer Louis Raaymakers uit Wouw (N.Br.) onder toezicht van J.A. Vrijman.
Het museum maakt deel uit van het beschermde stadsgezicht Leiden.
Omschrijving
Met de representatieve middenrisaliet van de zuidgevel loodrecht op de Sint Jacobsgracht georiënteerde museumgebouw met drie bouwlagen boven souterrain. In schone baksteen opgetrokken, symmetrische gevelpartijen met decoratieve smeedijzeren muurankers en details en accenten van natuursteen en gele geglazuurde baksteen. Diverse dakvormen gedekt met leien (maasdekking en schubben) en onderbroken door dakkapellen. Regenpijpen met de vaak nog oorspronkelijke, veelzijdige vergaarbakken.
Dienstgebouw met breed, symmetrisch middenrisaliet waarin een dubbele paneeldeur boven hardstenen bordestrap. Boven de ingang een hardstenen latei met de tekst "'s Rijksmuseum van Natuurlijke Historie" in de monumentale, risalerende ingangspartij. Rondom de deuren een met glas-in-lood ingevulde vensterpartij met breed, door een hardstenen bovenrand omlijst, door een kruisbloem bekroond en door twee pinakels doorsneden korfboogvormige bovenlicht. Hierin geprofileerde bakstenen traceringen. Boven de entreepartij drie gekoppelde, boven een brede hardstenen onderdorpel met afzaat staande en met glas-in-lood ingevulde vensters met geprofileerde montanten, wisseldorpels en kruisbloemen op de korfboogvormige hardstenen vensterbeëindigingen. In de bovenste gevelgeleding een grote korfboogvormige vensterpartij, eveneens met een invulling van glas-in-lood. Gevelbeëindiging in de vorm van een trapgevel met octogonale hoekpinakels met getordeerde basis, decoratieve muurankers en een gebeeldhouwde leeuw op een overhoekse tenant. Aan weerszijden van de risalietvensters een op een deels gemetseld kraagstuk en natuurstenen basement staande, veelhoekige arkel, voorzien van smalle, met glas-in- lood ingevulde venstertjes en natuurstenen beëindigingen tegen de met leien gedekte spitsjes. De muursegmenten van de onderste torengeleding zijn recht, die van de bovenste zijn gebogen. Risalietgevels aan weerszijden van de middenpartij voorzien van in trasraam met hardstenen randen staande, rechtgesloten souterrainvensters met tralies en hardstenen lateien. Op de verdieping een rechtgesloten, vierdelige vensterpartij met hardstenen onderdorpels en dunne zandstenen lateien onder segmentboogvormige ontlastingsboogjes.
Rechtgesloten, zevenruits vensterpartij hierboven met getoogde onderramen en als cordonlijst fungerende, doorgetrokken onderdorpel, getoogde onderramen en dunne latei onder segmentboogvormige ontlastingsboogjes. Vergelijkbare bovenste vensterpartij, maar zonder ontlastingsboogjes. Gevelrand van geprofileerde, uitgemetselde baksteen met "spuwers". Rechts van de middenrisaliet een vijf-assige gevelpartij met twee bouwlagen boven souterrain met een trasraam van klinkers met hardstenen deklijst. Hierin vier, twee aan twee gekoppelde, rechtgesloten en getraliede vensters en een deur onder hardstenen latei. In de bouwlaag hierboven vijf vensters met geprofileerde bakstenen montants tussen doorgetrokken, als cordonlijst fungerende hardstenen onderdorpels en dunne lateien onder ontspanningsboogjes. Bovenste bouwlaag met getoogde onderramen in de driedelige vensterpartijen.
Uitgemetselde gevelrand met hardstenen spuwers. Iets hoger opgaand, twee bouwlagen tellend, drie-assig hoekrisaliet onder schilddak met zinken bekroningen op de nokhoeken. Vrij laag trasraam. Eerste bouwlaag met getoogde onderramen in de driedelige vensters tussen hardstenen onderdorpels en dunne lateien onder ontlastingsboogjes. Hoge segmentboogvormige verdiepingsvensters met natuurstenen wisseldorpels en geprofileerde bakstenen montants.
Uitgemetseld gevelrand als de andere. In het voorste dakschild drie dakkapellen met kruisramen en met leien gedekte wangen.
De eveneens symmetrische zijgevel van de risaliet heeft op de begane grond drie vensters als die in de gevel aan de Raamstraat. In de bouwlaag hierboven een groot venster met korfboogvormige beëindiging. De hoger opgaande middentravee wordt bekroond door een trapgeveltje met rechtgesloten venster en steekkap. De achterzijde heeft een met het tussenlid naar de custoswoning verbonden uitbouw met deur onder latei en trapgeveltje voor een zadeldak. De drie verdiepingsvensters zijn als die in de voorgevel. De drie bouwlagen tellende, acht-assige gevelpartij links van de ingangsrisaliet is voor een deel te vergelijken met de gevelpartij rechts van de risaliet. De onder strekken staande vensters in de bovenste bouwlaag van de vier rechter traveeën zijn te vergelijken met de vensters daaronder. De vier traveeën met de getoogde onderramen die aansluiten op het risaliet maken deel uit van de uitbreiding van het dienstengebouw. De linker vier traveeën maken deel uit van de eerste bouwfase.
Eén travee breed, hoger opgaand linker hoekrisaliet met trappenhuis onder een met ijzeren nokhoekversieringen bekroond schilddak met zeeg aan de onderkant van de steile dakschilden.
Begane grond met trasraam met hardstenen deklijsten aan weerszijden van een zware paneel-/vleugeldeur (oorspronkelijke de hoofdentree van de eerste fase) met stolpnaald tussen hardstenen stoepje en een zware zandstenen latei met de tekst Ao Dni MCMII en onder meer gebeeldhouwde vleermuizen in de hoeken. Aan weerszijden van de deur een smal, eveneens onder zandstenen latei staand, met glas-in-lood ingevuld zijlicht.
De ingangspartij wordt geaccentueerd door een geprofileerde hardstenen deklijst. Aansluitend op de deklijst een hoog, met gals-in-lood ingevulde vensterpartij met gemetselde, geprofileerde montanten, visblaastraceringen in de korfboogvormige beëindiging en een gemetselde onderbreking met een boogfriesje halverwege de vensterpartij. In de bovenste geleding van het risaliet drie gekoppelde rechtgesloten vensters onder ontlastingsboogjes. Aansluitend op de voorgevel van het dienstgebouw staat de voorgevel van het onder een plat dak staande spiritusmagazijn.
De zes traveeën en een torentravee brede blinde gevel heeft een plint met geprofileerde hardstenen deklijst. De gevel wordt vertikaal geleed door lisenen met muurankers en heeft een horizontale geleding in de vorm van gele baksteen en hardstenen cordonlijsten. De gevel wordt bovendien verlevendigd door de toepassing van geometrische motieven in gele baksteen. De gevel wordt beëindigd door een geprofileerde uitgemetselde lijst.
De hoektoren heeft een halfronde voorzijde en telt zeven geledingen boven de plint. In de eerste zes geledingen reeksen van drie smalle, met glas-in-lood ingevulde trapvensters. De iets uitkragende bovenste geleding is driezijdig aan de voorkant en is door middel van twee rechte muurvlakken met een trapgeveltje verbonden. Het trapgeveltje is voorzien van een rechtgesloten deur onder ontspanningsboog. Het torentje wordt bekroond door een vijfzijdig, met leien gedekt zadel- en schilddak.
De gevel van het spritusmagazijn is drie traveeën breed. Het heeft dezelfde detaillering als de voorgevel. De rechter travee is voorzien van een over de gehele hoogte van de gevel doorgetrokken vensterpartij. De zeven traveeën brede, op het achterliggende van der Werffpark georiënteerde achtergevel van het spiritusmagazijn is voorzien van grote, tussen brede penanten met lisenen staande rechtgesloten, vierruits vensterpartijen met stalen kozijnen, natuurstenen wisseldorpels en geprofileerde bakstenen montanten. De gevel is op de begane grond weggewerkt achter een detonerende aanbouw met plat dak, die fungeert als gang en verbinding met het gymnasiumgebouw aan de Doezastraat.
Het interieur van het dienstgebouw is nog voor een deel in oorspronkelijke staat.
De ruimte achter het centrale ingangsrisaliet is een vestibule met onder meer tongewelven en tussen gestucte gordelbogen liggende, gemetselde varianten van stergewelven met knopen aan de geprofileerde ribben. De kapitelen onder de aanzet van de gordelbogen zijn versierd met in hoog-reliëf uitgevoerde dierfiguren. De gewelfribben rusten op kraagstukken. De tochtdeuren van de vestibule staan in een pui met samengestelde, in geprofileerde bakstenen rondbogen gevatte boven- en zijlichten met glas-in-lood.
Achter de vestibule met een met granito afgewerkte vloer begint het centrale trappenhuis met bordestrap. Deze wordt gekenmerkt door de toepassing van grote rondbogen die rusten op kalkstenen pijlers op de begane grond en de verdiepingsvloeren (overlopen), hardstenen treden, kalkstenen trapbalustrades met klimmende boogreeksen tussen de balusters, granito bordesvloeren, trapschacht met royale rondbooguitsparingen, waarvan de bogen rusten op zuilen van gepolijst graniet en zijn voorzien van kalkstenen basementen en kapitelen. De gangen worden geleed door segment- en rondbogen. Het diensttrappenhuis bevindt zich in het ingangsrisaliet van de eerste bouwfase van het museum. In het trapportaal een pui met dubbele tochtduur tussen met glas-in-lood ingevulde boven- en zijlichten en een granito vloer. Het "open" trappenhuis is voorzien van steektrappen met hardstenen bloktreden en wordt onderbroken door bordessen en overlopen met granito vloeren.
De trappen steunen op hardstenen consoles met harpstukken. De leuningen hebben gietijzeren balusters en smeedijzeren balusters. De bordessen worden gedragen door ijzeren balken.
De trap naar de zolder van het trappenhuis is een gietijzeren wenteltrap. Kapconstructie met polonceauspanten. Op de tweede verdieping van het centrale ingangsrisaliet bevindt zich de zaal voor lezingen" ofwel de collegezaal.
Oorspronkelijk met tribuneachtige ruimteverdeling en schuine vloer, tegenwoordig met een vlakke vloer. Houten zitgalerijen met houten balustrades, steunend op houten palen met consoles en eveneens door middel van palen met het plafondgewelf verbonden. De galerijen hebben een plat houten plafond met ribben. Tussen deze horizontale afsluitingen wordt de zaal overwelfd door een groot houten tongewelf met vanuit de palen doorgetrokken geprofileerde hoofdribben en een verdere gewelfverdeling door fijnere ribben en dwarsribben. De galerijen zijn bereikbaar via trappen die zich bevinden in de arkels aan de voorgevel. Tesamen met de inrichting van de zaal in 1918 zijn aan de wanden en de palen een groot aantal geweien opgehangen. De zolderkap links van het centrale ingangsrisaliet is voorzien van polonceauspanten. De kap rechts ervan heeft daarentegen houten vakwerkspanten.
Waardering
Het gebouw is van algemeen belang vanwege de cultuurhistorische waarde wegens de bijzondere uitdrukking van een culturele ontwikkeling, wegens de plaats die het inneemt in de typologische ontwikkeling van museumgebouwen in het algemeen en die in Leiden in het bijzonder, en wegens de oorspronkelijke, nauw met de stad Leiden verbonden functie.
Het gebouw is van algemeen belang vanwege de architectuurhistorische waarde wegens de kwaliteiten van het ontwerp, wegens het materiaalgebruik en de ornamentiek, als een belangrijk specimen uit het oeuvre van een vooraanstaand architect en vanwege de specifike samenhang tussen in- en exterieur.
Het gebouw heeft voorts stedebouwkundige en ensemblewaarde vanwege de met de geschiedenis van Leiden verbonden situering en vanwege de zeer nauwe relatie tussen de diverse bouwdelen van het museum.
Het gebouw is tevens waardevol vanwege de herkenbaarheid en de gaafheid van exterieur en delen van het interieur.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
The first phase of construction of the 'State Museum of Natural History' was realised in the years 1900-1903. On the Raamsteeg there is the SERVICE BUILDING (with main entrance) forming part of this, in which laboratories, workrooms for scientific staff, a library and a lecture hall were housed. The wing standing to the left of this and connected to it is the so-called SPIRITS MAGAZINE, which served for the storage of the collection "organisms in strong alcohol". The extension of the service building concerns the right part, adjoining the older section, executed in the same style, at the Raamsteeg and dates from the years 1905-1911. The construction of the museum was carried out by contractor Louis Raaymakers from Wouw (N.Br.) under the supervision of J.A. Vrijman.
The museum is part of the protected townscape of Leiden.
Description
With the representational central projection of the south facade oriented perpendicular to the Sint Jacobsgracht, museum building with three storeys above basement. Constructed in fair-faced brickwork, symmetrical facade sections with decorative wrought-iron wall anchors and details and accents of natural stone and yellow glazed brick. Various roof forms covered with slate (Maas pattern and shingles) and interrupted by roof dormers. Rainwater pipes with often still original, multi-faceted gutters.
Service building with broad, symmetrical central projection containing a double panel door above a hardstone stone steps. Above the entrance a hardstone lintel with the text "'s Rijksmuseum van Natuurlijke Historie" in the monumental, projecting entrance section. Around the doors a window section filled with stained glass with a broad, framed by a hardstone upper edge, crowned by a crossflower and intersected by two pinnacles basket-arch-shaped fanlight. Herein profiled brick traceries. Above the entrance section three coupled, standing above a broad hardstone lower mullet with setoff and filled with stained glass windows with profiled mullions, alternating sills and crossflowers on the basket-arch-shaped hardstone window terminations. In the upper facade articulation a large basket-arch-shaped window section, likewise with a stained glass filling. Facade termination in the form of a stepped gable with octagonal corner pinnacles with twisted base, decorative wall anchors and a sculpted lion on an oblique tenant. On either side of the projection windows an arkel standing on a partly mortared corbel and natural stone basement, polygonal, equipped with narrow window lights filled with stained glass and natural stone terminations against the slate-covered spires. The wall segments of the lower tower articulation are straight, those of the upper are curved. Projection facades on either side of the central section provided with straight-sided basement windows with bars and hardstone lintels set in sandstone frame with hardstone edges. On the storey a straight-sided, four-part window section with hardstone lower sills and thin sandstone lintels under segmental arch-shaped relieving arches.
Straight-sided, seven-light window section above with arched lower frames and as a cord moulding functioning, continuous lower sill, arched lower frames and thin lintel under segmental arch-shaped relieving arches. Comparable upper window section, but without relieving arches. Facade edge of profiled, mortared brick with "spouts". To the right of the central projection a five-axis facade section with two storeys above basement with a sandstone frame of clinkers with hardstone cornice. Herein four, two by two coupled, straight-sided and barred windows and a door under hardstone lintel. In the storey above five windows with profiled brick mullions between continuous, functioning as cord moulding hardstone lower sills and thin lintels under relieving arches. Upper storey with arched lower frames in the three-part window sections.
Mortared facade edge with hardstone spouts. Rising slightly higher, counting two storeys, three-axis corner projection under hipped roof with zinc crowns on the ridge angles. Rather low sandstone frame. First storey with arched lower frames in the three-part windows between hardstone lower sills and thin lintels under relieving arches. High segmental arch-shaped storey windows with natural stone alternating sills and profiled brick mullions.
Mortared facade edge as the others. In the front roof shield three roof dormers with cross windows and slate-covered cheeks.
The likewise symmetrical side facade of the projection has on the ground floor three windows as those in the facade at the Raamstraat. In the storey above a large window with basket-arch-shaped termination. The higher rising central bay is crowned by a small stepped gable with straight-sided window and a brick-on-edge roof. The rear has a connected extension with the interlinking towards the custodian's house with door under lintel and stepped gable for a gabled roof. The three storey windows are as those in the front facade. The three-storey, eight-axis facade section to the left of the entrance projection is in part comparable to the facade section to the right of the projection. The windows standing under the lower windows in the upper storey of the four right bays are comparable to the windows below them. The four bays with the arched lower frames adjoining the projection form part of the extension of the service building. The left four bays form part of the first building phase.
One bay wide, higher rising left corner projection with stairwell under a hipped roof crowned with iron ridge angle ornaments with sag at the bottom of the steep roof shields.
Ground floor with sandstone frame with hardstone cornices on either side of a heavy panel/casement door (originally the main entrance of the first phase) with a roof cresting between hardstone steps and a heavy sandstone lintel with the text Ao Dni MCMII and amongst others sculpted bats in the corners. On either side of the door a narrow, likewise under sandstone lintel standing, stained glass-filled side light.
The entrance section is accentuated by a profiled hardstone cornice. Adjoining the cornice a high, stained glass-filled window section with mortared, profiled mullions, fish-bladder traceries in the basket-arch-shaped termination and a mortared interruption with a arch frieze halfway through the window section. In the upper articulation of the projection three coupled straight-sided windows under relieving arches. Adjoining the front facade of the service building stands the front facade of the spirits magazine standing under a flat roof.
The six bays and a tower bay wide blind facade has a plinth with profiled hardstone cornice. The facade is articulated vertically by pilaster strips with wall anchors and has a horizontal articulation in the form of yellow brick and hardstone cord mouldings. The facade is moreover enlivened by the application of geometric motifs in yellow brick. The facade is terminated by a profiled mortared moulding.
The corner tower has a semi-circular front and counts seven articulations above the plinth. In the first six articulations series of three narrow window lights filled with stained glass. The slightly projecting upper articulation is three-sided at the front and is connected by means of two straight wall surfaces with a stepped gable. The stepped gable is provided with a straight-sided door under relieving arch. The tower is crowned by a five-sided, slate-covered saddle and hipped roof.
The facade of the spirits magazine is three bays wide. It has the same detailing as the front facade. The right bay is provided with a window section carried through over the entire height of the facade. The seven bay wide, oriented towards the rear van der Werffpark facade of the spirits magazine is provided with large, standing between broad pillars with pilaster strips straight-sided, four-light window sections with steel frames, natural stone alternating sills and profiled brick mullions. The facade is on the ground floor worked away behind a strident extension with flat roof, which functions as a corridor and connection with the gymnasium building on the Doezastraat.
The interior of the service building is still partly in original condition.
The space behind the central entrance projection is a vestibule with amongst others barrel vaults and between stuccoed belt arches situated, mortared variants of star vaults with knots on the profiled ribs. The capitals under the springing of the belt arches are decorated with animal figures executed in high relief. The vault ribs rest on corbels. The draught doors of the vestibule stand in a frame with composite, in profiled brick round arches fitted over- and side lights with stained glass.
Behind the vestibule with a granito finished floor begins the central stairwell with stone steps. This is characterised by the application of large round arches which rest on limestone pillars on the ground floor and the storey floors (landings), hardstone steps, limestone stair balustrades with climbing arch series between the balusters, granito landing floors, stairwell with generous round arch openings, the arches of which rest on columns of polished granite and are provided with limestone basements and capitals. The corridors are articulated by segmental and round arches. The service stairwell is located in the entrance projection of the first building phase of the museum. In the stair landing a frame with double draught door between stained glass-filled over- and side lights and a granito floor. The "open" stairwell is provided with short flights with hardstone block treads and is interrupted by landings and overlooks with granito floors.
The stairs rest on hardstone consoles with harp brackets. The railings have cast-iron balusters and wrought-iron balusters. The landings are supported by iron beams.
The stair to the attic of the stairwell is a cast-iron spiral staircase. Roof truss structure with polonceau trusses. On the second storey of the central entrance projection is located the hall for lectures or the lecture hall.
Originally with tiered spatial arrangement and sloping floor, nowadays with a flat floor. Wooden gallery seating with wooden balustrades, resting on wooden posts with consoles and likewise connected by means of posts to the ceiling vault. The galleries have a flat wooden ceiling with ribs. Between these horizontal closures the hall is vaulted by a large wooden barrel vault with profiled main ribs carried through from the posts and a further vault division by finer ribs and cross ribs. The galleries are accessible via stairs located in the arcels at the front facade. Together with the furnishing of the hall in 1918, a large number of antlers have been hung on the walls and posts. The attic truss to the left of the central entrance projection is provided with polonceau trusses. The truss to the right of it, on the other hand, has wooden timber frame trusses.
Valuation
The building is of general importance due to its cultural-historical value due to the special expression of a cultural development, due to the position it holds in the typological development of museum buildings in general and that in Leiden in particular, and due to the original function closely connected with the city of Leiden.
The building is of general importance due to its architectural-historical value due to the qualities of the design, due to the use of materials and ornamentation, as an important specimen from the oeuvre of a prominent architect and due to the specific coherence between interior and exterior.
The building furthermore has urban planning and ensemble value due to its situation connected with the history of Leiden and due to the very close relationship between the various building components of the museum.
The building is also valuable due to the recognisability and integrity of the exterior and parts of the interior.
Nearby in the register
- Sociale zorg, liefdadigheid, Raamsteeg 19Sociale zorg, liefdadigheidunder 1 mi
- Magazijn, Raamsteeg bij 2Opslagunder 1 mi
- Sociale zorg, liefdadigheid, Sint Jacobsgracht 1Sociale zorg, liefdadigheidunder 1 mi
- Sociale zorg, liefdadigheid, Samuel de Zee'shof 1Sociale zorg, liefdadigheidunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.