TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Stadhuis, Raadhuisplein 1

Zwijndrecht, Zuid-Holland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Bestuursgebouw en onderdl
Function
Stadhuis
Category
onroerend gebouwd
Built
1932
Address
Raadhuisplein 1, 3331 BT Zwijndrecht
Place
Zwijndrecht
Province
Zuid-Holland
Country
Netherlands
Coordinates
51.81736, 4.64818
Monument number
514920

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

3 historical maps cover this location, the earliest the 1930 map "Handelskaart van Nederland / naar de nieuwste officiëele gegevens bewerkt" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

OBJECTOMSCHRIJVING

Inleiding

Het door het architectenbureau Granpré Molière, Verhagen & Kok ontworpen RAADHUIS met BODEWONING, POSTKANTOOR en POLITIEBUREAU is in 1932 gebouwd in de traditie van het Traditionalisme (Delftse School). Het raadhuis bood tevens onderdak aan de afdeling 'Maatschappelijk werk' en Gemeentewerken.

Het architectenbureau heeft landelijk vooral bekendheid gekregen door prof.ir. M.J. Granpré Molière. Als hoogleraar Bouwkunde te Delft van 1924 tot 1953,heeft hij een belangrijk stempel gedrukt op de architectuur en stedenbouw tijdens het Interbellum en de Wederopbouw na WO II en wordt hij als de grondlegger van de Delftse School beschouwd. Karakteristiek voor deze architectuurstroming is de inspiratie op traditionele bouwwijzen- en werken, waarbij in het vrij sober ogende ontwerp ondermeer diverse soorten natuursteen zijn toegepast. Na enige opdrachten voor woonwijken is het raadhuis van Zwijndrecht de eerste grote opdracht voor een openbaar gebouw, waar het architectenbureau Granpré Molière, Verhagen & Kok zijn ideeën over de stedenbouwkundige- architectonsiche samenhang ten uitvoer konden brengen. Zij waren eveneens verantwoordelijk voor het Gemeentelijk Uitbreidingsplan van Zwijndrecht uit 1928-1929. Er werd bij het ontwerp van het raadhuis stedenbouwkundig veel waarde gehecht aan een harmonische aansluiting van het bouwwerk met de omgeving. Het aan een ruim plein gelegen raadhuis vormt de afsluiting van een 'groene gordel', die uitkomt op de Burg. de Bruinelaan, een hoofdstraat van het oude dorp. Een ruim gazon, geflankeerd door bomen zorgt voor de verbinding met het plantsoen, waarbij bomen zorgen voor een verdere begrenzing van het plein. De aaneengeschakelde bouwmassa's nemen af in hoogte om zo aan te sluiten bij de bestaande kleinschalige bebouwing langs de Burg. de Bruinelaan. Het voorplein met keerlus is vervangen door een parkeerterrein. Door de ritmiek en het verschil in bouwmassa en detaillering is het exterieur op subtiele wijze een afspiegeling van het interieur. Hierbij is gestreefd naar een logische en soepele ruimtewerking, die ondermeer blijkt uit de verschillende typen trappen en niveauverschillen. Voor het postkantoor is rekening gehouden met een functiewijziging op termijn ten behoeve van de aangrenzende secretarie,hetgeen ondermeer blijkt uit de meer sobere architectuur van het exterieur. De hoofdentree met het trappenhuis ligt in het enigszins torenachtige bouwelement, dat aansluit op de representatieve ruimten van de burgemeesterskamer en de daarboven gelegen raadzaal. Deze voorname ruimte - herkenbaar aan de met langgerekteglas-in-loodramen geflankeerde roepstoel - bevindt zich in de meest monumentale bouwmassa aan het plein.

Het architectenbureau ontwierp ook het interieur, waarbij de oorspronkelijke indeling en detaillering vooral herkenbaar is gebleven in de hoofdvleugel bij de entree, het trappenhuis, de gang en de raadzaal. Diverse particulieren en instanties, zoals de politie, de zoutziederij en het buurtschap De Groote Lindt hebben gebrandschilderde glas-in-loodramen geschonken in de raadzaal en het trappenhuis, welke zijn gesigneerd door het Atelier Gidding en Tuynenburg uit Rotterdam. Het door het Granpré Molière, Verhagen & Kok ontworpen meubilair is gedeeltelijk bewaard gebleven, waaronder enkele tafels en banken. Het meubilair in de raadzaal is vernieuwd.

N.B. Het gebouw, dat tegenwoordig geheel als gemeentehuis is bestemd, is in 1985 uitgebreid met een nieuwe vleugel langs de Burg. de Bruinelaan, waarbij tevens enkele doorbraken naar de oude vleugel hebben plaatsgevonden. Deze uitbreiding is van bescherming uitgesloten.

Omschrijving

De in hoofdvorm langgerekte bouwmassa bestaat uit een samenstel van bouwvolumes van twee of drie bouwlagen, deels met souterrain, onder zadeldaken met verschillende nokhoogten. Aan de zijde van de Burg. de Bruinelaan sluiten hierop twee haaks éénlaags dwarsvleugels aan, waarvan de noordelijke enige meters terugligt ten opzichte van de rooilijn.

Het samenstel van zadeldaken met houten Maastrichtse goten zijn gedekt met gesmoorde verbeterde Hollandse pannen.

De gevels zijn opgetrokken van grauwe baksteen in Noords verband met rollagen en segmentbogen boven de rechtgesloten vensters van verschillend formaat. Iets schuingeplaatste rollagen zijn decoratief toegepast onder een deel van de vensters en tussen de natuurstenen sierbanden/blokken. Het merendeel van de enkele en samengestelde vensters heeft houten kozijnen met stalen ramen en is voorzien van natuurstenen lekdorpels. Ter plaatse van het trappenhuis en de raadzaal bevinden zich smalle langgerekte en enkele ronde en rondbogige vensters met glas-in-lood. Natuurstenen sierblokken van graniet en travertin van verschillend formaat zijn toegepast ter accentuering van bepaalde elementen (voor bij het representatieve gedeelte), zoals de plint, de gevelhoeken, vensterafdekkingen, de entreepartijen en de raampartij ter plaatse van de raadzaal.

Aande westzijde (links) bevindt zich het grote (tweelaags) hoofdvolume, waar zich de voornaamste, representatieve, ruimten bevinden. Aan de pleinzijde loopt een keermuur ten behoeve van de segmentbogige souterrainvensters met diefijzers, die rechts aansluit op de voorgevel van de door een lessenaarsdak gedekte rechthoekige erker van de burgemeesterskamer. Onder deze uitbouw bevindt zich in het souterrain een entree, toegankelijk via een trap die leidt naar de gang/lichtklok voor de keermuur. Op de bel étage bevinden zich links van de erker vier vensters van de kamers van de secretaris en wethouders. De gevel wordt aan de westzijde afgesloten door een rondbogig glas-in-loodraam. Op de verdieping bevindt zich rechts boven de burgemeesterskamer een vierdelige vensterpartij. Links daarvan bevindt zich de raadzaal, waarbij de penanten tussen de vensters geleed zijn door sierblokken van verschillend materiaal en dikte. Aan weerszijden van een brede middenpenant bevinden zich twee smalle langgerekte glas-in-loodramen. In de brede middenpenant bevindt zich een onder een luifel geplaatste roepstoel, die bestaat uit een houten deur, voorzien van balkon met stalen balustrade. Erboven is onder de gootlijst het wapenschild van Zwijndrecht aangebracht. Links wordt de gevel afgesloten door een rond glas-in-loodraam. Ten oosten van de westelijke bouwvolume bevindt zich een hogere (drielaags), enigszins torenachtige, bouwvolume met links in de gevel de hoofdentree.

Daarvoor bevindt zich een borstweringsmuur, die aansluit op een uitbouw ten links daarvan. Aan de rechterzijde bevindt zich een (ten behoeve van een rolstoelvoorziening) gewijzigde bordestrap. Van de uit vier treden bestaande trap, zijn de drie onderste concaafvormig. De dubbele, houten entreedeur is opgenomen tussen brede afgeschuinde natuurstenen posten, die een aan weerzijden overstekende latei dragen.

Daarboven bevindt zich een smaller bovenlicht, voorzien van een reliëf. De tussen getrapte segmentbogen gespannen luifel, waaraan een lantaarn hangt, bestaat uit een enigszins getoogd, koperen frame van in totaal acht matglazen panenelen. Rechts van de entree is een dubbel venster met smaller bovenlicht aangebracht, geflankeerd door natuurstenen blokjes. Op de erboven gelegen verdieping bevindt zich boven de entree een dubbel venster met daarboven schuin rechts ervan een metalen wijzerplaat. Op de tweede verdieping, boven de entree, wordt de gootlijst doorbroken door een steekkapje, waaronder zich een smal spleetvenster bevindt. Op de nok bevindt zich als bekroning een vlaggenmast, geplaatst binnen een metalen korf. Rechts van het torenachtige bouwvolume staat de zesvenster eenheden brede oostelijke (tweelaags) langsvleugel. Deze is lager en langer dan de westelijke en sober van vormgeving. De venstereenheid op de begane grond, rechts van het midden is blind. Hier bevindt zich een ingemetselde natuurstenen brievenbus die herinnert aan de periode dat zich in het oostelijke deel het postkantoor bevond. Ervoor bevinden zich twee stoeptreden, geflankeerd door twee muurtjes van verschillende afmetingen met dikke natuursteen sierblokken.

De gevel wordt aan de oostzijde afgesloten door een kopgevel met links op de verdieping een deur met Frans balkon en op de zolderverdieping een rond venster. Deze gevel behoort bij een haaks op de hoofdvleugel aansluitende tweelaags samengestelde bouwmassa, waarvan de nokrichting evenwijdig loopt aan de Burgemeester de Bruinelaan. Tegen de zuidelijke eindgevel ervan sluit een éénlaags dwarsvleugel aan met dezelfde nokrichting. De langsgevel aan pleinzijde heeft van links naar rechts één deur, twee vensters, één deur en één venster. De linker deur is een rondbogige houten deur een smal spieraam onder een rondboog. De rechter ligt in een iets risalerende partij, onder een brede uitstekende natuurstenen latei. De door sierblokken geflankeerde rechthoekige paneeldeur heeft twee smalle spieramen. De deur is toegankelijk via natuurstenen stoep, ter breedte van de risaliet, bestaande uit twee treden met zware hoekblokken. De zuidelijk kopgevel heeft op de begane grond een driedelige vensterpartij. Bij de langsgevel aan straatzijde wordt rechts de entree van het voormalige postkantoor geaccentueerd door een puntgevel met schouderstukken, die door de gootlijst steekt. Onder een brede natuurstenen latei bevindt zich een paneeldeur met twee smalle spieramen. De latei wordt afgedekt door een strek met in het midden een natuurstenen gestileerd wapenschild waarboven een rondboog van kopse rode bakstenen is gemetseld. De deur, toegankelijk via een vernieuwde stoep, wordt geflankeerd door zware natuurstenen sierblokken van verschillend formaat. Links ervan bevinden zich een drietal vensters. De langsgevel van het hogere bouwvolume bestaat aan straatzijde uit een gedeelte van twee venstereenheden breed met rechts een smaller gedeelte met lagere nok- en goothoogte, waarin zich op begane grond en verdieping twee kleine vensters bevinden. Aansluitend op dit bouwvolume langs de Burgemeester de Bruinelaan, staat haaks tegen de achtergevel van de oostelijke langsvleugel aan éénlaags uitbouw onder een zadeldak. Tegen de kopgevel aan straatzijde is een nieuwe aanbouw geplaatst, die evenals de meerhoekige aanbouw tegen de westelijke kopgevel van bescherming is uitgesloten. Voor het overige heeft de achtergevel van de oostelijke langsvleugel op de begane grond een langgerekte vensterreeks en op de verdieping een vijftal vensters. Het achterste dakschild van de oostelijke langsgevel loopt achter het torenachtige bouwvolume langs. In dit geveldeel, dat ten opzichte van de westelijke langsvleugel uitspringt, bevond zich oorspronkelijk een drietal ronde glas-in-loodramen van het trappenhuis, waarvan er twee zijn verdwenen vanwege een tussenlid naar de nieuwbouw. In de westelijke kopgevel van het uitspringende deel bevindt zich één rondbogig glas- in-loodraam. Het torenachtige bouwvolume heeft onder de gootlijst een vrijwel aaneengesloten vensterreeks.

De westelijke langsvleugel bestaat op het niveau van het souterrain en de bel étage uit een reeks enkele vensters en op de verdieping uit twee paar langgerekte glas-in-loodramen (ter plaatse van de raadzaal). Tegen de westelijke kopgevel is een boven de nok uitstekende schoorsteen geplaatst met een steunbeer en iets inspringende top met sierblokjes. De tweelaags uitbouw onder een evenwijdig aan de langsvleugel geplaatst zadeldak met lagere nokhoogte heeft rechts, onder een uitkragende latei, een houten entreedeur met twee smalle spieramen en een smal rechthoekig bovenlicht. Dit is de entree naar de publieke tribune. Tevens bevinden zich in deze gevel een tweetal souterrain- en trapvensters en op de tweede verdieping een rond glas-in- loodraam. Rechts tegen deze aanbouw bevindt zich een aanbouw onder een lessenaarsdak, die op soutterain hoogte over de volle gevelbreedte een vierdelige raampartij heeft. Erboven bevindt zich in de kopgevel op verdiepingshoogte een rond glas-in-loodraam.

Inwendig zijn de dienstvertrekken in het torenachtige bouwvolume en het westelijke, representatieve gedeelte redelijk gaaf en herkenbaar gebleven. Dit geldt in het bijzonder voor de entreehal met trappenhuis en de raad- en trouwzaal. Opvallend is de toepassing van natuursteen, zoals zwart marmer voor dekplaten en vensterbanken. Vloeren, lambrizeringen van gangen, (entree)hal en trappenhuis zijn betegeld met kwartsiet, deels ook met travertin, terwijl de liggende delen (dekplaten, vensterbanken) uitgevoerd zijn met zwart marmer/graniet. Diverse deuren hebben hun oorspronkelijke brede deuromlijsting met een plat, uitspringend hoofdgestel, waarboven in koperen letters de functie van de achterliggende ruimte is aangegeven. Verschillende kamers hebben de oorspronkelijke profilering met gepleisterde plint en omlijsting.

De vestibule komt uit in een ruime hal met rechts de portiersloge. Aan de linkerzijde voeren een drietal treden naar een langgerekte wachthal, waar aan pleinzijde de kamers van het gemeentebestuur liggen, waaronder de burgemeesterskamer. Aan de uitgebouwde noordzijde bevindt zich een L- vormige trap met bordessen en stalen buizenleuningen. Op de verdieping bevinden zich tegenover het trappenhuis een tweetal dubbele deuren, die naar de trouwkamer en de raadzaal leiden. Laatstgenoemde ruimte bevindt zich aan de westeinde van de gang en heeft een lage houten lambrizering. Het is een grote open rechthoekige ruimte met een zwaar uitgevoerde open houten kap.

Aan de westzijde bevindt zich achter een balkon met borstwering de publieke tribune. Op een latei over de volle breedte van de muur staat de tekst in kapitalen: 'GEEN VREEZE MAAR KLOEKMOEDIGHEID/BEPAAL' DE MAAT VAN UW BELEID". Aan pleinzijde bevindt zich een rondbogig deur naar het balkon van de roepstoel.

Waardering

Het raadhuis is van algemeen belang vanwege de cultuurhistorische waarde door de herkenbare typologie als beelddrager van bestuurlijke ontwikkelingen in Nederland op lokaal niveau uit de jaren '30 van de 20ste eeuw.

Het raadhuis is van algemeen belang wegens de architectuurhistorisch waarde als een gaaf en karakteristiek voorbeeld van het Traditionalisme/ de Delftse School, één van de typerende stijlen uit de priode 1850-1940, waarvan Granpré Moliére de grondlegger is. Het raadhuis neemt een bijzondere plaats (eerste openbare gebouw) in binnen het oeuvre van het rchitectbureau Granpré Molière, Verhagen & Kok.

De bouwkundige onderdelen zijn gaaf in hoofdvorm, materiaalgebruik en detaillering, wat betreft het exterieur. Wat betreft het interieur zijn vooral de representatieve ruimten gaaf bewaard.

De raadhuis is van algemeen belang vanwege de stedebouwkundig waarde als onderdeel van een als één geheel ontworpen stedenbouwkundig concept en de wijze waarop het daarbinnen is gesituereerd als afsluiting van het plein, dat deel uitmaakt van een breed en lang groengebied.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

DESCRIPTION OF OBJECT

Introduction

The TOWN HALL with RESIDENTIAL ACCOMMODATION, POST OFFICE and POLICE STATION, designed by the architectural practice Granpré Molière, Verhagen & Kok, was built in 1932 in the tradition of Traditionalism (Delft School). The town hall also housed the department of 'Social Work' and Municipal Works.

The architectural practice gained national prominence especially through prof.ir. M.J. Granpré Molière. As Professor of Building at Delft from 1924 to 1953, he made an important mark on architecture and urban planning during the Interbellum and Reconstruction after World War II and is regarded as the founder of the Delft School. Characteristic of this architectural movement is the inspiration from traditional building methods and practices, whereby various types of natural stone are applied in the relatively austere-looking design. After some commissions for residential districts, the town hall of Zwijndrecht is the first major public building commission, where the architectural practice Granpré Molière, Verhagen & Kok could implement their ideas about the urban planning and architectural coherence. They were also responsible for the Municipal Extension Plan of Zwijndrecht from 1928-1929. In the design of the town hall, great value was placed on urban planning in ensuring harmonious integration of the building with its surroundings. The town hall, situated on a spacious square, forms the closure of a 'green belt' that opens onto Burg. de Bruinelaan, a main street of the old village. An expansive lawn, flanked by trees, provides the connection to the public garden, with trees providing further definition of the square. The linked building masses decrease in height to align with the existing small-scale buildings along Burg. de Bruinelaan. The front courtyard with turning loop has been replaced by a car park. Through the rhythm and the difference in building mass and detailing, the exterior is in a subtle way a reflection of the interior. This aims at a logical and smooth spatial arrangement, which is evident, among other things, in the different types of stairs and level differences. For the post office, provision was made for a functional change over time to benefit the adjoining secretariat, which is evident, among other things, in the more austere architecture of the exterior. The main entrance with the staircase is located in the somewhat tower-like building element, which adjoins the representative rooms of the mayor's office and the council chamber above it. This grand space - identifiable by its staircase flanked by elongated leaded-light windows - is situated in the most monumental building mass facing the square.

The architectural practice also designed the interior, with the original layout and detailing remaining especially recognisable in the main wing at the entrance, the staircase, the corridor and the council chamber. Various private individuals and organisations, such as the police, the salt works and the hamlet De Groote Lindt, donated stained-glass leaded windows in the council chamber and staircase, which are signed by Atelier Gidding and Tuynenburg from Rotterdam. Some of the furniture designed by Granpré Molière, Verhagen & Kok has been partially preserved, including some tables and benches. The furniture in the council chamber has been renewed.

N.B. The building, which today serves entirely as a town hall, was extended in 1985 with a new wing along Burg. de Bruinelaan, with some openings also made to the old wing. This extension is excluded from protection.

Description

The elongated building mass in principal form consists of a group of building volumes of two or three storeys, partly with basement, under gabled roofs with different ridge heights. On the side of Burg. de Bruinelaan, two perpendicular single-storey cross wings are attached, with the northern one set back some metres from the building line.

The group of gabled roofs with wooden Maastricht gutters are covered with muffled improved Dutch tiles.

The facades are constructed of grey brickwork in North German bond with rollock layers and segmental arches above the flush rectangular windows of varying sizes. Slightly slanted rollock layers are applied decoratively below some of the windows and between the natural stone ornamental bands/blocks. Most of the single and composite windows have wooden frames with steel sashes and are fitted with natural stone drip moulds. At the level of the staircase and council chamber there are narrow elongated and some round and semi-circular windows with leaded glass. Natural stone ornamental blocks of granite and travertine of varying sizes are applied to accentuate certain elements (particularly at the representative section), such as the plinth, the gable corners, window pediments, the entrance parts and the window section at the council chamber.

On the west side (left) is the large (two-storey) main volume, where the principal representative spaces are located. On the square side, a retaining wall runs to serve the segmental basement windows with guard irons, which connects on the right to the front facade of the rectangular bay window covered by a catslide roof of the mayor's office. Below this extension there is an entrance in the basement, accessible via a staircase leading to the corridor/light well behind the retaining wall. On the principal floor, to the left of the bay, are four windows of the secretaries' and aldermen's rooms. The facade is closed on the west side by a semi-circular leaded-glass window. On the upper floor, to the right above the mayor's office is a four-part window section. To the left of this is the council chamber, with the pilasters between the windows articulated by ornamental blocks of varying material and thickness. On either side of a broad central pilaster are two narrow elongated leaded-glass windows. In the broad central pilaster is placed under a canopy a speaker's platform, consisting of a wooden door fitted with a balcony with steel balustrade. Above it, beneath the gutter line, is the coat of arms of Zwijndrecht. The facade is closed on the left by a round leaded-glass window. To the east of the western building volume is a taller (three-storey), somewhat tower-like building volume with the main entrance on the left of the facade.

Before it is a parapet wall, which connects to an extension to its left. On the right side is a flight of steps (modified for wheelchair access) with a landing. Of the staircase consisting of four steps, the three lowest are concavely curved. The double wooden entrance door is set between broad chamfered natural stone posts, which carry an overstretched lintel on both sides.

Above this is a narrower fanlight, fitted with a relief. The lugged segmental arches spanning a canopy, from which a lantern hangs, consist of a somewhat arched copper frame of eight frosted glass panels in total. To the right of the entrance is a double window with narrower fanlight, flanked by natural stone blocks. On the storey above, above the entrance is a double window with to the upper right of it an oblique metal clock face. On the second floor, above the entrance, the gutter line is interrupted by a small gabled roof dormer, beneath which is a narrow slit window. On the ridge is a flagpole as a finial, placed within a metal basket. To the right of the tower-like building volume is the six-window-unit wide eastern (two-storey) side wing. This is lower and longer than the western and austere in design. The window unit on the ground floor, to the right of centre, is blind. Here is an embedded natural stone letterbox which recalls the period when the post office was located in the eastern section. In front of it are two stone steps, flanked by two small walls of different sizes with thick natural stone ornamental blocks.

The facade is closed on the east side by a gable with a door with French balcony on the upper floor to the left and a round window on the attic storey. This facade belongs to a two-storey composite building mass connecting perpendicularly to the main wing, with its ridge direction parallel to Burgemeester de Bruinelaan. A single-storey cross wing with the same ridge direction abuts against the southern end facade of this. The side facade on the square side has from left to right one door, two windows, one door and one window. The left door is a semi-circular wooden door with a narrow sidelight under a semi-circular arch. The right is in a slightly projecting section, under a broad overhanging natural stone lintel. The rectangular panelled door flanked by ornamental blocks has two narrow sidelights. The door is accessible via a natural stone step, the width of the projection, consisting of two treads with heavy corner blocks. The southern gable has a three-part window section on the ground floor. At the side facade on the street side, the entrance to the former post office on the right is accentuated by a pointed gable with shoulders, which pierces the gutter line. Below a broad natural stone lintel is a panelled door with two narrow sidelights. The lintel is topped by a stretcher course with a naturalstone stylised coat of arms in the middle above which a semi-circular arch of header red bricks is laid. The door, accessible via a renewed step, is flanked by heavy natural stone ornamental blocks of varying sizes. To the left of this are three windows. The side facade of the higher building volume consists on the street side of a section two window-units wide with a narrower section on the right with lower ridge and gutter height, in which on the ground floor and upper floor are two small windows. Adjoining this building volume along Burgemeester de Bruinelaan, is a single-storey extension at right angles to the rear facade of the eastern side wing under a gabled roof. Against the gable on the street side a new extension has been placed, which like the polygonal extension against the western gable is excluded from protection. For the rest, the rear facade of the eastern side wing has on the ground floor an elongated row of windows and on the upper floor five windows. The rear roof section of the eastern side wing runs behind the tower-like building volume. In this facade section, which projects forward from the western side wing, there were originally three round leaded-glass windows from the staircase, two of which have disappeared because of a connecting element to the new building. In the western gable of the projecting section is one semi-circular leaded-glass window. The tower-like building volume has below the gutter line an almost continuous row of windows.

The western side wing consists at the level of the basement and principal floor of a series of single windows and on the upper floor of two pairs of elongated leaded-glass windows (at the council chamber). Against the western gable is a chimney projecting above the ridge with a buttress and a slightly recessed top with ornamental blocks. The two-storey extension under a gabled roof placed parallel to the side wing with lower ridge height has on the right, under an overhanging lintel, a wooden entrance door with two narrow sidelights and a narrow rectangular fanlight. This is the entrance to the public gallery. Also in this facade are two basement and staircase windows and on the second floor a round leaded-glass window. To the right against this extension is an extension under a catslide roof, which at basement level over the full facade width has a four-part window section. Above this is in the gable at floor level a round leaded-glass window.

Internally, the service rooms in the tower-like building volume and the western representative section have remained reasonably well preserved and recognisable. This is particularly true for the entrance hall with staircase and the council and marriage room. Notable is the use of natural stone, such as black marble for top plates and window sills. Floors, wainscots of corridors, (entrance) hall and staircase are tiled with quartzite, partly also with travertine, while the horizontal elements (top plates, window sills) are executed in black marble/granite. Various doors retain their original broad door surrounds with a flat, projecting main frame, above which in brass letters the function of the space behind is indicated. Various rooms retain the original moulding with plastered plinth and surround.

The vestibule leads to a spacious hall with the porter's lodge on the right. On the left, three steps lead to an elongated waiting hall, where on the square side are the offices of the municipal government, including the mayor's office. On the extended north side is an L-shaped staircase with landings and steel tube railings. On the upper floor opposite the staircase are two double doors leading to the marriage room and the council chamber. The latter space is at the west end of the corridor and has low wooden wainscoting. It is a large open rectangular room with a heavily constructed open wooden roof truss.

On the west side, behind a balcony with parapet, is the public gallery. On a lintel spanning the full width of the wall is the text in capitals: 'NO FEAR BUT COURAGE/DETERMINES THE MEASURE OF YOUR POLICY". On the square side is a semi-circular door to the balcony of the speaker's platform.

Valuation

The town hall is of general interest for its cultural-historical value as a recognisable typology as a bearer of administrative developments in the Netherlands at local level from the 1930s of the 20th century.

The town hall is of general interest for its architectural-historical value as a well-preserved and characteristic example of Traditionalism/the Delft School, one of the defining styles from the period 1850-1940, of which Granpré Molière is the founder. The town hall holds a special place (first public building) within the oeuvre of the architectural practice Granpré Molière, Verhagen & Kok.

The structural components are well-preserved in principal form, material use and detailing, as regards the exterior. As regards the interior, it is especially the representative spaces that are well-preserved.

The town hall is of general interest for its urban planning value as part of an urban planning concept designed as a single whole and the way in which it is situated within this as the closure of the square, which forms part of a broad and extensive green area.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map