TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Gemeentehuis, Stationsweg 1

Grou, Fryslân, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Bestuursgebouw en onderdl
Function
Gemeentehuis
Category
onroerend gebouwd
Built
1941 - 1942
Address
Stationsweg 1, 9001 ED Grou (Leeuwarden 21) (and others)
Place
Grou
Municipality
Leeuwarden
Province
Fryslân
Country
Netherlands
Coordinates
53.09389, 5.83431
Part of complex
514857
Monument number
514858

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

TU Delft Library

2 historical maps cover this location, the earliest the 1937 map "North west Europe 1:250,000" (Stanford Libraries).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding

De bouw van het GEMEENTEHUIS, lokaal bekend als het raadhuis, van de voormalige gemeente Idaarderadeel te Grou werd aangevangen in 1941 en voltooid in 1942 naar ontwerp van A.J. Kropholler uit Wassenaar in de stijl van de Delftse School. Aannemer was R. de Jong uit Grou. H. de Hoop van het architectenbureau hield toezicht op het werk. Het geglazuurde tegelwerk werd geleverd door de steenfabriek Ouderzorg te Leiderdorp. De natuursteen werd geleverd door de firma J. Rinse te Amsterdam; het beeldhouwwerk is van de uit Workum afkomstige beeldhouwer Tjipke Visser. Het hang- en sluitwerk kwam van A. de Wildt te Rotterdam, en naar verluidt gesmeed door K. Wedman, smid te Grou; de Artilux-goten zijn van de firma Kool en Wildeboer te Amsterdam. De gesmede ijzeren lantaarn boven de hoofdingang werd uitgevoerd door de Volkshogeschool 'Allardsoog' bij Bakkeveen. Het glas-in-lood met geslepen voorstellingen in gedoubleerd- en geëtst glas werd geleverd door A.C. Boedijn. Het meubilair is eveneens ontworpen door A.J. Kropholler De bijbehorende tuin met vijver, naar ontwerp van T. Versteeg uit Naarden, werd in 1960 opgeofferd aan het parkeerterrein.

Omschrijving

Het gemeentehuis heeft een rechthoekige plattegrond en is opgetrokken in drie bouwlagen: souterrain, bel étage en verdieping. Het geheel wordt afgesloten door een zadeldak, belegd met Hollandse pannen, tussen topgevels met schoorstenen op de nokhoeken; op de betonnen dekplaten van de schoormonden sier-smeedwerk en op de meest westelijke een windroos en windvaan in de vorm van een zeilschouw. De gebruikte handvormbakstenen zijn van een groot formaat, zat en vol gemetseld en niet nagevoegd, in halfsteensverband met spouw. De natuurstenen goot op klossen vormt de horizontale afsluiting van de gevel. De korte gevels hebben uitkragende schouders met een natuurstenen aanzetsteen en een geknikte waterlijst. De lichtopeningen zijn overwegend uitgevoerd in staal en onder een anderhalfsteens streklaag.

Het gebouw staat met de nok parallel aan het voorplein; de voorgevel is symmetrisch ingedeeld waarbij het middendeel is geaccentueerd door een dubbele trap met bordes naar de hoofdingang. De gemetselde balustrade van de trap is afgedekt met natuursteen; onder de borstwering van het bordes is een rand tegels versierd met waterleliebladen. Bij de aantrede en aan weerszijden van het bordes is de balustrade verdikt tot kolommen en voorzien van beeldhouwwerk, respectievelijk voorstellend baarzen en heraldische leeuwen met de wapens van Nederland en Friesland. De getoogde toegang ligt in een rondboognis met sprong. De rondboog is op de geboorten versterkt met natuursteen. De geverniste deuren zijn versierd met gesmeed, zwaar deurbeslag. De deuromlijsting van baksteen en natuurstenen blokken is aan de bovenzijde afgesloten door een rechte streklaag. Daar boven een lunet met rondboogvenster en aan beide zijden tegeltableaux met een zeilschouw en een zwaan, waarvan de contourlijnen in diep-reliëf. Boven de portaalnis een smeedijzeren lantaarn; een gedeeltelijk geglazuurd keramisch tableau met in reliëf het gekroonde wapenschild van Idaarderadeel op lauwertakken; daar boven een gedenksteen met het jaartal 1942.

In het souterrain twee vierruits-vensters met traliewerk, onder anderhalfsteens streklaag. Op de hoeken van de bel étage zijn grote negenruits-vensters en ter hoogte van de trappen aan elke zijde twee rondboogvensters onder een rollaag. Op de verdieping gepaarde vensters: op de hoeken vier-ruits- en boven de entree enkelruits met glas-in-lood. Op de voet van het dakschild, in het midden, is een bakstenen dakkapel met uitkragende schouders en een natuurstenen waterlijst geplaatst. Deze wordt bekroond met een eenvoudig beeldhouwwerk in reliëf, voorstellend een vereenvoudigde boom. In de dakkapel zijn twee zolderluiken.

In de oostelijke zijgevel in het souterrain zijn een dienstingang met een vierruits-zijraam en traliewerk en twee vierruitsvensters: alle onder een anderhalfsteens streklaag. Als decoratief element zijn de strop en schieter van een anker in kolossale afmetingen aangebracht. In de geveltop twee houten vierruits-vensters. Op de bel étage en de verdieping drie gepaarde zesruits-vensters en lichtsleuven.

De achtergevel is horizontaal in drieën verdeeld: in het rechter gedeelte in het souterrain twee rondboog porte brisées van ongelijke breedte; op de muurdam een buitenlantaarn; op de hoek een eenmaal versneden steunbeer. De deuren hebben gesmeed, zwaar hang- en sluitwerk; op de verdieping drie zesruits-vensters; in het gevelvlak erboven twee smalle verticale vensters. Het middendeel heeft over alle drie bouwlagen vier lichtopeningen: van onder naar boven vierruits-, zesruits- en drieruits- vensters met horizontale roedeverdeling en glas-in-lood. Het middendeel wordt benadrukt door een houten dakkapel in het dakschild, voorzien van een vierruits-venster en bekroond door een uilenbord. In het linker gedeelte van de gevel in het souterrain vier vierruits-vensters, op de bel étage twee kleine ramen en een zesruits-venster en op de verdieping twee smalle tweeruits-vensters.

De achtergevel is afgesloten door een eenvoudige houten gootlijst op de muur.

In de westelijke zijgevel heeft het souterrain twee vierruits-vensters met traliewerk, twee zesruits-vensters en een deur in een rondboogportiek, waarboven een gesmede lantaarn met het opschrift POLITIE: De gevel van de bel étage is doorbroken met een lager geplaatst vierruits-venster en twee gepaarde zesruits-vensters. In de gevel van de verdieping zijn drie gepaarde zesruits-vensters met een natuurstenen wisseldorpel. In de geveltop twee houten vierruits-vensters.

Het INTERIEUR van het gemeentehuis heeft nog de oorspronkelijke indeling en gedeeltelijk oorspronkelijk meubilair. Het interieur is opgetrokken in schoon metselwerk van een lichtbruine baksteen en de lambrizeringen in bruin geglazuurde baksteen. Alle ruimten zijn te bereiken via de centrale verkeersruimte: de traphal. De hal ontvangt natuurlijk licht door de glas-in-lood vensters aan beide zijden. Aan de zuidzijde zijn dierenriemtekens in rood glas en aan de noordzijde symbolen uit de flora en fauna van de vier jaargetijden in blauw glas. Tot de waardevolle onderdelen behoren onder andere het tochtportaal, de bodekamer, de hal met rood marmeren vloer, kolommen en bordestrap, de loketten voor de verschillende afdelingen en de sanitaire ruimten; op de verdieping in de hal het beeldhouwwerk van wolfshonden door Tj. Visser, en de voormalige raadzaal. In de hal en boven de deuren van de zalen zijn tegeltableaux met Friese zegswijzen, Latijnse spreuken en symbolische voorstellingen. Een deel van de voormalige raadzaal is door een arcade afgescheiden van de publieke tribune; op de achterwand de dertien heraldische wapens van de grietmansgeslachten van Idaarderadeel. Tot de waardevolle meubilering behoren onder andere de lampen in de hal, de kroonluchter in de voormalige raadzaal, de zitbanken voor de bezoekers en de tapijten voor de raad- en trouwzaal. Het meubilair in de voormalige raadzaal is gedeeltelijk afkomstig uit de trouwzaal en versierd met gegutste, symbolische voorstellingen. De raadzaal heeft een houten lambrizering en een kroonluchter met uit koper geslagen voorstellingen van zeilschouwen.

Waardering

Het gemeentehuis te Grou, gebouwd in 1941 en voltooid in 1942 naar ontwerp van A.J. Kropholler uit Wassenaar in de stijl van de Delftse School, is van algemeen cultuurhistorisch en architectuurhistorisch belang:

- als bijzonder object voor de geschiedenis van de architectuur, in het bijzonder voor de verspreiding van de Delftse School-stijl, waarvan Kropholler indertijd een belangrijke vertolker was,

- vanwege de zeer hoge mate van esthetische kwaliteit van het ontwerp,

- als schoolvoorbeeld voor het oeuvre van de architect,

- vanwege de bijzondere samenhang tussen exterieur en interieur, namelijk het herleiden van de functies aan de detaillering van het exterieur,

- vanwege de bijzondere betekenis van het object voor de verdere ontwikkeling van de dorpsuitbreiding,

- als beeldbepalend element voor het aanzicht van het dorp,

- vanwege de zeer hoge mate van gaafheid van het exterieur, het interieur en interieuronderdelen,

- vanwege de hoge mate van architectuurhistorische zeldzaamheid in Friesland.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction

Construction of the TOWN HALL, locally known as the raadhuis, of the former municipality of Idaarderadeel in Grou was commenced in 1941 and completed in 1942 to a design by A.J. Kropholler from Wassenaar in the style of the Delft School. The contractor was R. de Jong from Grou. H. de Hoop from the architectural office supervised the work. The glazed tilework was supplied by the steenfabriek Ouderzorg in Leiderdorp. The natural stone was supplied by the firm J. Rinse in Amsterdam; the sculptural work is by the sculptor Tjipke Visser from Workum. The hanging and closing hardware came from A. de Wildt in Rotterdam, and according to reports was forged by K. Wedman, blacksmith in Grou; the Artilux gutters are from the firm Kool and Wildeboer in Amsterdam. The wrought iron lantern above the main entrance was executed by the Volkshogeschool 'Allardsoog' near Bakkeveen. The leaded glass with engraved representations in doubled and etched glass was supplied by A.C. Boedijn. The furniture was also designed by A.J. Kropholler. The associated garden with pond, designed by T. Versteeg from Naarden, was sacrificed for the car park in 1960.

Description

The town hall has a rectangular footprint and is constructed in three storeys: basement, principal floor and first floor. The whole is closed off by a gabled roof, covered with Dutch tiles, between stepped gables with chimneys on the ridge corners; on the concrete caps of the chimney mouths ornamental ironwork and on the most westerly one a compass rose and wind vane in the form of a sailing barge. The hand-moulded bricks used are of large format, densely and fully laid and not pointed after, in half-brick bond with cavity. The natural stone gutter on corbels forms the horizontal termination of the facade. The short gables have projecting shoulders with a natural stone setting stone and a chamfered drip moulding. The window openings are predominantly executed in steel and under a one-and-a-half brick stretcher course.

The building stands with the ridge parallel to the forecourt; the front facade is symmetrically arranged with the central section emphasised by a double staircase with landing leading to the main entrance. The mortared balustrade of the staircase is capped with natural stone; under the parapet of the landing is a row of tiles decorated with water lily leaves. At the approach and on either side of the landing the balustrade is thickened into columns and provided with sculptural work, respectively representing pike and heraldic lions with the coats of arms of the Netherlands and Friesland. The arched entrance lies in a round-arched niche with projection. The round arch is reinforced on the imposts with natural stone. The varnished doors are decorated with wrought, heavy door hardware. The door surround of brick and natural stone blocks is closed at the top by a straight stretcher course. Above it a lunette with round-arched window and on both sides tile tableaux with a sailing barge and a swan, of which the contour lines are in deep relief. Above the portal niche a wrought iron lantern; a partially glazed ceramic tableau with in relief the crowned shield of Idaarderadeel on laurel branches; above it a commemorative stone with the date 1942.

In the basement two four-pane windows with grille work, under one-and-a-half brick stretcher course. On the corners of the principal floor are large nine-pane windows and at the height of the staircases on each side two round-arched windows under a roll moulding. On the first floor paired windows: on the corners four-pane and above the entrance single-pane with leaded glass. On the foot of the roof section, in the centre, a brick dormer with projecting shoulders and a natural stone drip moulding has been placed. This is crowned with simple sculptural work in relief, representing a simplified tree. In the dormer are two loft hatches.

In the eastern side facade in the basement are a service entrance with a four-pane side window and grille work and two four-pane windows: all under one-and-a-half brick stretcher course. As a decorative element the ring and shackle of an anchor in colossal dimensions have been applied. In the gable top two wooden four-pane windows. On the principal floor and the first floor three paired six-pane windows and light slots.

The rear facade is horizontally divided into three sections: in the right section in the basement two unequal-width round-arched folding doors; on the wall-base an external lantern; on the corner a once cut buttress. The doors have wrought, heavy hanging and closing hardware; on the first floor three six-pane windows; in the wall plane above two narrow vertical windows. The central section has four window openings over all three storeys: from bottom to top four-pane, six-pane and three-pane windows with horizontal glazing bars and leaded glass. The central section is emphasised by a wooden dormer in the roof section, provided with a four-pane window and crowned by an owl board. In the left section of the facade in the basement four four-pane windows, on the principal floor two small windows and a six-pane window and on the first floor two narrow two-pane windows.

The rear facade is closed off by a simple wooden gutter moulding on the wall.

In the western side facade the basement has two four-pane windows with grille work, two six-pane windows and a door in a round-arched porch, above which a wrought lantern with the inscription POLITIE. The facade of the principal floor is broken up with a lower-placed four-pane window and two paired six-pane windows. In the facade of the first floor are three paired six-pane windows with a natural stone alternating mullion. In the gable top two wooden four-pane windows.

The INTERIOR of the town hall retains the original layout and partially original furniture. The interior is constructed in exposed brickwork of light brown brick and the wainscots in brown glazed brick. All rooms are accessible via the central circulation space: the stair hall. The hall receives natural light through the leaded glass windows on both sides. On the south side are zodiac signs in red glass and on the north side symbols from the flora and fauna of the four seasons in blue glass. Among the valuable components are among others the draught porch, the supply chamber, the hall with red marble floor, columns and stone staircase, the counters for the various departments and the sanitary facilities; on the first floor in the hall the sculptural work of wolf hounds by Tj. Visser, and the former council chamber. In the hall and above the doors of the rooms are tile tableaux with Frisian sayings, Latin maxims and symbolic representations. Part of the former council chamber is separated from the public gallery by an arcade; on the back wall the thirteen heraldic coats of arms of the grietman families of Idaarderadeel. Among the valuable furnishings are among others the lamps in the hall, the chandelier in the former council chamber, the benches for visitors and the carpets for the council and wedding room. The furniture in the former council chamber is partly from the wedding room and decorated with gutted symbolic representations. The council chamber has wooden wainscoting and a chandelier with representations of sailing barges beaten out of copper.

Valuation

The town hall in Grou, built in 1941 and completed in 1942 to a design by A.J. Kropholler from Wassenaar in the style of the Delft School, is of general cultural-historical and architectural-historical significance:

- as a remarkable object for the history of architecture, in particular for the dissemination of the Delft School style, of which Kropholler was an important exponent at that time,

- on account of the very high degree of aesthetic quality of the design,

- as a textbook example of the work of the architect,

- on account of the particular coherence between exterior and interior, namely the reduction of the functions to the detailing of the exterior,

- on account of the particular significance of the object for the further development of the village expansion,

- as a character-defining element for the appearance of the village,

- on account of the very high degree of integrity of the exterior, the interior and interior components,

- on account of the high degree of architectural-historical rarity in Friesland.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map