Rijksmonumentenregister · Netherlands
O.L. Vrouw ten Hemelopneming
Doetinchem, Gelderland, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Kerk en kerkonderdeel
- Function
- Kerk
- Category
- onroerend gebouwd
- Built
- 1934
- Address
- Prins Hendrikstraat 36, 7001 GL Doetinchem (and others)
- Place
- Doetinchem
- Province
- Gelderland
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 51.96172, 6.29638
- Monument number
- 513135
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
University Library, Vrije Universiteit AmsterdamUniversity Library, Vrije Universiteit Amsterdam
2 historical maps cover this location, the earliest the 1928 map "Bl. 20 Zutphen, 1928" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
De ROOMS KATHOLIEKE KERK O.L. VROUW TEN HEMELOPNEMING met PASTORIE, gelegen ten oosten van de Prins Hendrikstraat, is in 1934 gebouwd naar ontwerp van de architect H.W. VALK (1886-1973) uit `s-Hertogenbosch. De kerk is gebouwd tijdens de ambtsperiode van pastoor W.F. Amse (1933-1965) en diende ter vervanging van de oude kerk aan de Waterstraat (inmiddels gesloopt) die te klein geworden was. De oude kerk beschikte over 331 zitplaatsen terwijl zich in Doetinchem 2000 kerkgangers bevonden. Er was dus dringend behoefte aan een nieuw kerkgebouw. Deze werd gepland ter plaatse van de stadsuitbreiding in zuidoostelijke richting waardoor de kerk meer in het centrum van de parochie kwam te staan. De nieuwe 'christo-centrische' kerk (met het altaar als middelpunt van de kerk, waar de aandacht van de gelovigen naar getrokken moet worden) vertoont elementen die zijn ontleend aan de Romaanse en gotische kerkenbouw. Naast de kerk is een pastorie gebouwd die door middel van een gang met de kerk in verbinding staat. Rechts van de kerk kwam het zusterhuis van de hand van de Doetinchemse architect G.J. Graafsma.
De pastorie vertoont invloeden van de Delftse school, die hier tot uitdrukking komen in het gebruik van baksteen, de grote dakvlakken en de invloeden van de eenvoudige landelijke bouwkunst. De kerk en de pastorie zijn nog steeds als zodanig in gebruik. Het zusterhuis is nu in gebruik door het Graafschap College en is van binnen sterk verbouwd waardoor het zusterhuis niet meer voor bescherming in aanmerking komt.
Omschrijving
De KERK is opgetrokken uit handgevormde bakstenen (roodbruin) waarvan de afmetingen herinneren aan de vroeg-middeleeuwse kloostermoppen. Het overstekende dak met mastgoot rust op een geprofileerde bakstenen lijst. De vensters van de kerk, dikwijls bezet met glas-in-lood, bezitten een bakstenen raamtracering binnen een omlijsting van hol- en kraalprofielen. Het met Romaanse pannen gedekte bouwwerk is vrijwel symmetrisch gebouwd. De plattegrond heeft de vorm van een Latijns kruis: het schip met zijbeuken en half ingebouwde toren, de transepten met zijbeuken en het koor met vijfzijdige koorsluiting. In de oksels van de dwarsarmen zijn aanbouwen opgetrokken en aan de zuidoostzijde van de kerk is een dagkapel gebouwd. Een diagonaal geplaatste gang verbindt het noordelijk transept van de kerk met de pastorie. De TOREN, opgebouwd uit vier geledingen, is afgesloten door een tentdak waar op de top een kruis met een haan is geplaatst. De toren is halverwege het schip ingebouwd en de zijbeuken zijn gedeeltelijk langs de toren doorgetrokken. De overhoeks geplaatste steunberen verjongen bij de geledingen. De oostzijde van de toren steekt met twee geledingen boven het zadeldak van het schip uit. Halverwege de eerste geleding, die veel hoger is dan de overige drie geledingen, verjongt de steunbeer eveneens halverwege. In deze geleding bevindt zich de ingangspartij bestaande uit een hoog gedrukt spitsboogvenster met bakstenen traceringen en hol- en kraalprofielen. Een dubbele houten opgeklampte deur met smeedijzeren nagels heeft aan de bovenzijde de vorm van een segmentboog. Tussen het hoge venster en de deur bevindt zich een vierdelig boogfries met onder de middelste twee bogen een venster. De middelste twee geledingen zijn identiek. De steunberen bevatten hier aan drie zijden blindnissen. Twee blindnissen doorbreken alle zijden van de toren. De vierde geleding, die lager is dan de overige geledingen, bevat aan alle zijden twee galmgaten.
Het SCHIP telt vijf traveeën die bij de lichtbeuken geleed worden door steunberen met ezelsruggen. De zijbeuken tellen vier traveeën; de drie oostelijke traveeën met driedelige spitsboogvensters zijn gelijk aan elkaar, de westelijke travee steekt voor het schip uit en bevat een enkel spitsboogvenster. De traveeën zijn gescheiden door steunberen met zowel aan de bovenkant als halverwege een afzaat. Boven de zijbeuken zijn vijf gedeelde spitsboogvensters zichtbaar.
De TRANSEPTEN met zadeldak en zijbeuken zijn in de oksels met het koor en het schip vergroot met aanbouwen. Aan de westzijde van beide transepten zijn twee aanbouwen in elkaar verweven. Aan de oostzijde van de beide transepten steekt een aanbouw met een enkel spitsboogvenster zowel naar boven als naar het oosten toe uit. De transepten, opgebouwd uit twee gelijke traveeën in het midden, een vrijwel gelijke maar blinde travee aan het uiteinde en een bredere travee bij het schip, zijn bij de lichtbeuken onderverdeeld door steunberen met een afzaat en een ezelsrug. Bij de steunberen van de zijbeuken bevindt zich zowel aan de bovenkant als halverwege een afzaat. De westzijde van de zijbeuken van de transepten bevat slechts één driedelig spitsboogvenster. In de lichtbeuken zijn aan de westzijde twee gedeelde- en bij het schip één driedelig gedrukt spitsboogvenster aangebracht. De oostzijde van de lichtbeuk van het noordelijk transept telt twee gedeelde vensters; bij het zuidelijk transept is ten gevolge van de aanbouwen geen lichtbeuk aanwezig. De eindgevels van de transepten bevatten twee tweedelige gedrukte spitsboogvensters met aan weerszijden een blindnis. Onder deze vensters loopt een waterlijst; langs het dak een bakstenen sierrand. In de top bevindt zich een klein venster.
Het vijfzijdig gesloten KOOR, waarvan de hoeken zijn geaccentueerd door overhoeks geplaatste steunberen, is afgesloten door een vijfzijdig tentdak. Het koor bevat tweedelige gedrukte spitsboogvensters met bakstenen tracering die rusten op een waterlijst. De VIERINGTOREN met tentdak bevat aan alle zijden twee driedelige spitsboogvensters die een kleiner tweedelig venster flankeren. De DAGKAPEL in de zuidoosthoek van het zuidelijk transept is asymmetrisch opgebouwd; het zadeldak is aan de zuidzijde aangekapt. De oostgevel bevat op de begane grond twee maal twee gekoppelde spitsboogvensters met glas-in-lood waartussen asymmetrisch een enkel venster is geplaatst. De vensters zijn omlijnd door een bakstenen kraalprofiel. In de top bevindt zich een Romaans venster met glas-in-lood. Op de hoeken komen natuurstenen blokken voor.
De zuidgevel bevat twee maal twee gekoppelde spitsboogvensters met glas-in-lood. De houten opgeklampte deur met gesmede spijkers, die zich links van deze vensters aan de zijde van het zuidelijk transept bevindt, kent aan de bovenzijde een segmentboog die rust op natuurstenen blokken.
De noordgevel is voor het grootste deel aan het zicht onttrokken door een houten lessenaarsdak. Hier zijn een zestal enkele spitsboogvensters waarneembaar.
Op de noordwesthoek van het noordelijk transept sluit diagonaal een GANG aan (niet in verband met de kerk gemetseld) die de pastorie met de kerk verbindt. De gang telt zes traveeën die zijn geleed door steunberen met een verjonging op een derde van de hoogte en afgesloten door een afzaat. De tweede travee gerekend vanaf de kerk bevat een dubbele houten opgeklampte deur met smeedijzeren nagels. De overige vier ijzeren rondboogvensters bevatten 15-ruits glas-in-lood vensters. De gang wordt afgesloten door een blokgoot op een geprofileerde bakstenen lijst.
Via het hoofdportaal komt men door een hal in de kerk. Het zwaartepunt van het INTERIEUR ligt op het snijpunt van de kruisbalken en wordt geaccentureerd door de vieringstoren en door de plaatsing van het altaar onder de vieringstoren. In de kerk bevinden zich diverse muurschilderingen, glas-in-lood ramen en de kruiswegstaties. De muurschilderingen zijn van de hand van Jac. Ydema. Deze zijn in 1948 aangebracht, rechtstreeks op de ruwe baksteen. In de boogzwikken links en rechts van het middenschip zijn de 4 evangelisten en de apostelen afgebeeld. In de hoofd en zijbeuken bevinden zich de kruiswegstaties. De glas in lood ramen in het middenschip staan in het teken van de eucharistie en zijn een geschenk van Marie Vriezelaar die als enige van haar familie de oorlog overleefd heeft.
De kerkbanken met fraai gebeeldhouwde staanders zijn afkomstig uit het Houtbedrijf Doetinchem. Op het zijpaneel op de achtste bank rechts van achteren heeft de architect Valk zijn signatuur geplaatst: een uitgesneden vliegende valk boven de afbeelding van de kerk.
De PASTORIE is gelegen ten oosten van de Prins Hendrikstraat en is door middel van de boven beschreven gang met het noorder transept van de kerk verbonden. Het pand is opgetrokken van dezelfde roodbruine baksteen als de kerk: handgevormde bakstenen waarvan de afmetingen zijn ontleend aan de middeleeuwse kloostermoppen. De zadeldaken zijn gedekt met Romaanse pannen die eveneens identiek zijn aan die van de kerk. De plattegrond bestaat uit een groot rechthoekig bouwdeel waarop haaks een kleiner, doch even hoog rechthoekig deel is gebouwd. Vrijwel alle vensters van de pastorie hebben geprofileerde houten luiken die ter hoogte van het bovenlicht persienne-achtige vakken bevatten.
Haaks op de asymmetrische VOORGEVEL (westgevel) staat een even hoge, maar kleiner bouwelement met zadeldak. De gevel links hiervan heeft rechts, op de begane grond een houten geprofileerde deur onder een afdak waarboven een 2-ruits bovenlicht. De deur is geflankeerd door twee 6-ruits vensters met 2-ruits bovenlicht. Het linkerdeel van de gevel wordt doorbroken door een 4-ruits venster met 2-ruits bovenlicht. Alle vensters zijn afgesloten door een rondbogige ontlastingsboog gecombineerd met een strek. De kap is aan de voorzijde lager doorgetrokken dan aan de achterzijde. Twee dakkapellen met twee 6-ruits vensters in de linker en één 6-ruits venster in de rechterdakkapel, zakken door de dakgoot heen en zijn voorzien van een lessenaarsdak. Rechts van het haaks aangebouwde deel bevindt zich op de verdieping, boven een erker met lessenaarsdak, een 6-ruits venster met 2-ruits bovenlicht, afgesloten door een strek. De erker geeft toegang tot de gang die de pastorie verbindt met de kerk.
Het haaks aangebouwde kleinere bouwdeel met aan de linkerzijde een aangekapt stuk, bevat links op de begane grond van de noordgevel een 6-ruits venster met 2-ruits bovenlicht. Op de verdieping onder het aangekapte gedeelte bevinden zich vier 4-ruits vensters, waarvan twee gekoppeld zijn.
De westzijde bevat aan de linkerkant in het aangekapte deel een smal 3-ruits venster. Rechts hiervan twee 6-ruits vensters met 2-ruits bovenlicht waarboven centraal een 4-ruits venster met 2-ruits bovenlicht. In de top een klein 4-ruits venster afgesloten door een strek. Boven de overige vensters bevinden zich rondbogige ontlastingsbogen gecombineerd met een strek.
De zuidzijde bevat boven een later aangebouwde erker een 6-ruits venster met 2-ruits bovenlicht. Rechts hiervan twee gelijke vensters. De vensters zijn afgesloten door een strek. Boven de erker is een rondboog zichtbaar die blijkbaar bij een voormalig venster behoorde.
De LINKER ZIJGEVEL (noordgevel) met schouderstukken bevat centraal een geprofileerde voordeur bestaande uit een onder- en bovendeur met daarboven een 3-ruits bovenlicht. Links van de deur bevindt zich een 6-ruits venster met 2-ruits bovenlicht. Rechts in de gevel bevindt zich nog een houten geprofileerde deur waarnaast links een klein 2-ruits (toilet)venster de muur doorbreekt. Op de verdieping bevindt zich centraal boven de deur een halfrond afgesloten loggia met een iets uitkragend gemetseld balkon dat op een driedelige gecementeerde uitkraging rust. Twee 4-ruits vensters met 2-ruits bovenlicht flankeren de loggia. Een klein 4-ruits venster doorbreekt de top. Boven de kleine vensters en de centrale deur bevinden zich strekken, de overige muuropeningen zijn afgesloten door rondbogige ontlastingsbogen gecombineerd met een strek.
De ACHTERGEVEL (oostgevel) bestaat uit twee delen die zich ongeveer verhouden als 2:3. Het bredere linkerdeel bevat op de begane grond drie asymmetrisch geplaatste 6-ruits vensters met 2-ruits bovenlicht, bezet met glas-in-lood. Boven de vensters een boogvormige ontlastingsboog gecombineerd met een strek. Op de verdieping bevinden zich drie symmetrisch geplaatste 6-ruits vensters met 2-ruits bovenlicht, afgesloten door een strek. Het rechterdeel van de oostgevel springt terug en is iets lager opgetrokken waardoor de nokas (met schoorsteen) en de goot verspringen ten opzichte van het linkerdeel. Op de begane grond bevindt zich in een soort aanbouw die in het verlengde van het linkerdeel loopt, een 8-ruits deur geflankeerd door smalle 2-ruits vensters. Boven deze aanbouw met lessenaarsdak bevinden zich op de verdieping drie smalle vensters. Rechts van de aanbouw bevinden zich zowel op de begane grond als op de verdieping twee gekoppelde 6-ruits vensters met tweeruits bovenlicht.
De RECHTER ZIJGEVEL (zuidgevel) topgevel met schouderstukken telt op de begane grond twee en in het midden hiervan op de verdieping één 6-ruits venster met 2-ruits bovenlicht. Boven de vensters bevinden zich rondbogige ontlastingsbogen gecombineerd met een strek. In de topgevel bevindt zich een klein 4-ruits venster, afgesloten door een strek. Alle topgevels zijn afgesloten door een geprofileerde gemetselde rand waar de eindpannen overheen steken. Het INTERIEUR van de pastorie redelijk gaaf en de indeling is nog oorspronkelijk. De pastorie is geheel onderkelderd. Op de begane grond bevinden zich aan de achterzijde drie kamers die nog oorspronkelijk zijn. De vergaderzaal op de begane grond bezit een negentiende eeuws aandoende houten schouw, een houten vloer en een moer- en kinderbalkenplafond.
Waardering
ROOMS KATHOLIEKE KERK O.L. VROUW TEN HEMELOPNEMING met PASTORIE.
- Van architectuurhistorische waarde als goed en uitzonderlijk voorbeeld van een R.K. kerk met pastorie uit de eerste helft van de twintigste eeuw. Het object valt op door de esthetische kwaliteiten, de evenwichtige verhoudingen en het bijzondere ontwerp 'christo-centrische' ontwerp voor de kerk. Het object vertoont elementen die zijn ontleend aan de Romaanse en gotische kerkenbouw. De kerk bezit een architectonisch vrijwel gaaf en rijk interieur met een expressief, kleurrijk gebruik van baksteen en glas-in-lood.
- Van stedenbouwkundige waarde vanwege de bijzondere betekenis van het object dat bewust geplaats is in de nieuwe stadsuitbreiding in zuidoostelijke richting waardoor de kerk meer in het centrum van de parochie kwam te staan. De kerk met pastorie heeft een sterk beeldbepalende waarde doordat zij van alle kanten goed zichtbaar is.
- Van cultuurhistorische waarde daar de kerk nauw verbonden is met de geschiedenis van de katholieke bevolking van Nederland.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
The ROMAN CATHOLIC CHURCH OF OUR LADY'S ASSUMPTION WITH RECTORY, situated to the east of the Prins Hendrikstraat, was built in 1934 after a design by architect H.W. VALK (1886-1973) from 's-Hertogenbosch. The church was built during the tenure of pastor W.F. Amse (1933-1965) and served as a replacement for the old church on the Waterstraat (since demolished) which had become too small. The old church had 331 seats while Doetinchem had 2000 churchgoers. There was thus an urgent need for a new church building. This was planned at the site of urban expansion in the south-easterly direction, which brought the church more to the centre of the parish. The new 'Christo-centric' church (with the altar as the focal point of the church, where the attention of the faithful is meant to be drawn) displays elements borrowed from Romanesque and Gothic church architecture. Next to the church a rectory was built which is connected to the church by means of a corridor. To the right of the church was built the sisters' house, designed by Doetinchem architect G.J. Graafsma.
The rectory shows influences of the Delft school, which are expressed here in the use of brick, the large roof planes and influences of simple rural architecture. The church and rectory are still in use as such. The sisters' house is now in use by the Graafschap College and has been substantially remodeled internally, as a result of which the sisters' house no longer qualifies for protection.
Description
The CHURCH is constructed of hand-formed bricks (reddish-brown) whose dimensions recall early medieval monastic bricks. The overhanging roof with mast gutter rests on a profiled brick moulding. The church windows, often fitted with stained glass, have brick tracery within a frame of hollow and bead mouldings. The building, covered with Romanesque tiles, is constructed almost symmetrically. The floor plan takes the form of a Latin cross: the nave with side aisles and semi-integrated tower, the transepts with side aisles and the choir with pentagonal choir closure. Extensions are built in the corners of the cross-arms and a chapel is built on the south-east side of the church. A diagonally placed corridor connects the north transept of the church to the rectory. The TOWER, constructed of four storeys, is closed off by a tent roof with a cross and weathervane on top. The tower is built halfway into the nave and the side aisles are partially continued alongside the tower. The diagonally placed buttresses taper at the storeys. The east side of the tower projects with two storeys above the gabled roof of the nave. Halfway up the first storey, which is much taller than the other three storeys, the buttress also tapers halfway up. In this storey is the entrance section consisting of a tall compressed pointed-arch window with brick tracery and hollow and bead mouldings. A double wooden clamped door with wrought-iron nails has the form of a segmental arch at the top. Between the tall window and the door is a four-part arch frieze with a window beneath the middle two arches. The middle two storeys are identical. The buttresses here contain blind recesses on three sides. Two blind recesses break through all sides of the tower. The fourth storey, which is lower than the other storeys, contains two louver openings on all sides.
The NAVE has five bays which are articulated at the clerestory windows by buttresses with saddle backs. The side aisles have four bays; the three eastern bays with three-part pointed-arch windows are identical to each other, the western bay projects beyond the nave and contains a single pointed-arch window. The bays are separated by buttresses each with both a setoff at the top and halfway up. Above the side aisles five divided pointed-arch windows are visible.
The TRANSEPTS with gabled roof and side aisles are enlarged in the corners with the choir and nave by extensions. On the west side of both transepts two extensions are interwoven. On the east side of both transepts an extension with a single pointed-arch window projects both upwards and eastwards. The transepts, constructed of two equal bays in the middle, an almost equal but blind bay at the end and a wider bay at the nave, are subdivided at the clerestory windows by buttresses with a setoff and saddle back. At the buttresses of the side aisles there is both a setoff at the top and halfway up. The west side of the side aisles of the transepts contains only one three-part pointed-arch window. In the clerestory windows two divided windows are placed on the west side and one three-part compressed pointed-arch window at the nave. The east side of the clerestory window of the north transept has two divided windows; at the south transept there is no clerestory window due to the extensions. The end walls of the transepts contain two two-part compressed pointed-arch windows with a blind recess on each side. Below these windows runs a drip moulding; along the roof a brick decorative band. At the top there is a small window.
The pentagonally closed CHOIR, whose corners are accentuated by diagonally placed buttresses, is closed off by a pentagonal tent roof. The choir contains two-part compressed pointed-arch windows with brick tracery resting on a drip moulding. The CROSSING TOWER with tent roof contains two three-part pointed-arch windows on all sides flanking a smaller two-part window. The CHAPEL in the south-east corner of the south transept is built asymmetrically; the gabled roof is buttressed on the south side. The east wall contains on the ground floor two sets of two coupled pointed-arch windows with stained glass with a single window asymmetrically placed between them. The windows are framed by a brick bead moulding. At the top there is a Romanesque window with stained glass. Natural stone blocks appear at the corners.
The south wall contains two sets of two coupled pointed-arch windows with stained glass. The wooden clamped door with forged nails, which is located to the left of these windows on the side of the south transept, has a segmental arch at the top resting on natural stone blocks.
The north wall is largely hidden from view by a wooden lean-to roof. Here half a dozen single pointed-arch windows are visible.
On the north-west corner of the north transept a CORRIDOR (not laid in bond with the church) joins diagonally, connecting the rectory to the church. The corridor has six bays which are articulated by buttresses with a tapering at one third of the height and closed off by a setoff. The second bay counted from the church contains a double wooden clamped door with wrought-iron nails. The remaining four iron round-arch windows contain 15-pane stained glass windows. The corridor is closed off by a block gutter on a profiled brick moulding.
Via the main portal one enters the church through a hall. The focus of the INTERIOR lies at the intersection of the cross-arms and is accentuated by the crossing tower and by the placement of the altar beneath the crossing tower. In the church there are various wall paintings, stained glass windows and the stations of the cross. The wall paintings are by Jac. Ydema. These were applied in 1948, directly on the rough brickwork. In the spandrels to the left and right of the central nave are depicted the 4 evangelists and the apostles. In the central and side aisles are the stations of the cross. The stained glass windows in the central nave are dedicated to the Eucharist and are a gift from Marie Vriezelaar who was the only member of her family to survive the war.
The church pews with finely carved supports come from the Houtbedrijf Doetinchem. On the side panel of the eighth pew on the right at the back, architect Valk placed his signature: a carved flying falcon above the image of the church.
The RECTORY is situated to the east of the Prins Hendrikstraat and is connected by means of the corridor described above to the north transept of the church. The building is constructed of the same reddish-brown brick as the church: hand-formed bricks whose dimensions are derived from medieval monastic bricks. The gabled roofs are covered with Romanesque tiles which are also identical to those of the church. The floor plan consists of a large rectangular building element onto which a smaller but equally high rectangular section has been built at right angles. Almost all windows of the rectory have profiled wooden shutters which at the height of the fanlight contain Venetian-blind-like panels.
At right angles to the asymmetrical FRONT FACADE (west wall) stands an equally high but smaller building element with gabled roof. The wall to the left of this has on the right, on the ground floor a profiled wooden door under a canopy above which a 2-pane fanlight. The door is flanked by two 6-pane windows with 2-pane fanlight. The left part of the wall is pierced by a 4-pane window with 2-pane fanlight. All windows are closed off by a round-arch relieving arch combined with a lintel. The roof at the front is brought down lower than at the rear. Two roof dormers with two 6-pane windows in the left and one 6-pane window in the right roof dormer, penetrate through the roof gutter and are provided with a lean-to roof. To the right of the right-angled built-on section, on the upper floor, above a bay with lean-to roof, is a 6-pane window with 2-pane fanlight, closed off by a lintel. The bay gives access to the corridor connecting the rectory to the church.
The right-angled built-on smaller building element with an annexe on the left side, contains on the left on the ground floor of the north wall a 6-pane window with 2-pane fanlight. On the upper floor under the annexed section are four 4-pane windows, two of which are coupled.
The west side contains on the left in the annexed part a narrow 3-pane window. To the right of this two 6-pane windows with 2-pane fanlight above which centrally a 4-pane window with 2-pane fanlight. At the top a small 4-pane window closed off by a lintel. Above the remaining windows are round-arch relieving arches combined with a lintel.
The south side contains above a later built-on bay a 6-pane window with 2-pane fanlight. To the right of this two identical windows. The windows are closed off by a lintel. Above the bay an arch is visible which apparently belonged to a former window.
The LEFT SIDE WALL (north wall) with shoulder pieces contains centrally a profiled front door consisting of a lower and upper door with above it a 3-pane fanlight. To the left of the door is a 6-pane window with 2-pane fanlight. On the right in the wall is another profiled wooden door next to which on the left a small 2-pane (toilet) window pierces the wall. On the upper floor there is centrally above the door a semi-circular closed loggia with a slightly projecting masonry balcony resting on a three-part cemented cantilever. Two 4-pane windows with 2-pane fanlight flank the loggia. A small 4-pane window pierces the top. Above the small windows and the central door are lintels, the remaining wall openings are closed off by round-arch relieving arches combined with a lintel.
The REAR WALL (east wall) consists of two sections which relate approximately as 2:3. The wider left section contains on the ground floor three asymmetrically placed 6-pane windows with 2-pane fanlight, fitted with stained glass. Above the windows an arch-shaped relieving arch combined with a lintel. On the upper floor there are three symmetrically placed 6-pane windows with 2-pane fanlight, closed off by a lintel. The right section of the east wall steps back and is built slightly lower causing the roof ridge (with chimney) and the gutter to offset relative to the left section. On the ground floor there is in a kind of extension which runs in line with the left section an 8-pane door flanked by narrow 2-pane windows. Above this extension with lean-to roof there are on the upper floor three narrow windows. To the right of the extension there are on both the ground floor and the upper floor two coupled 6-pane windows with two-pane fanlight.
The RIGHT SIDE WALL (south wall) gabled wall with shoulder pieces has on the ground floor two and in the middle of these on the upper floor one 6-pane window with 2-pane fanlight. Above the windows are round-arch relieving arches combined with a lintel. In the gabled section there is a small 4-pane window, closed off by a lintel. All gabled walls are closed off by a profiled masonry band over which the end tiles project. The INTERIOR of the rectory is reasonably intact and the layout is still original. The rectory is entirely basemiented. On the ground floor there are three rooms at the rear which are still original. The meeting room on the ground floor has a nineteenth-century-style wooden fireplace, a wooden floor and a principal and secondary beam ceiling.
Valuation
ROMAN CATHOLIC CHURCH OF OUR LADY'S ASSUMPTION WITH RECTORY.
- Of architectural historical value as a good and exceptional example of a Roman Catholic church with rectory from the first half of the twentieth century. The object stands out for its aesthetic qualities, balanced proportions and the special 'Christo-centric' design for the church. The object displays elements borrowed from Romanesque and Gothic church architecture. The church possesses an architecturally virtually intact and rich interior with an expressive, colourful use of brick and stained glass.
- Of urban planning value because of the special significance of the object which was deliberately placed in the new urban expansion in the south-easterly direction, bringing the church more to the centre of the parish. The church with rectory has a strong image-forming value in that it is clearly visible from all sides.
- Of cultural historical value as the church is closely connected to the history of the Catholic population of the Netherlands.
Nearby in the register
- Molen, IJsselkade 30Industrie- en poldermolenunder 1 mi
- Overheidsgebouw, Nieuwstad 76Overheidsgebouwunder 1 mi
- Kerk, Gasthuissteeg 2Kerk en kerkonderdeelunder 1 mi
- Kerk, Simonsplein 25Kerk en kerkonderdeelunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.